ALRMAARSCHE COURANT II. B ijjenzestigsie Jaargang Zondag i&tfti. 15 Maart. Bij j deze Courant behoort een Bijblad. ©fliciccl 05ebccltc. brandweer. Politiek ©uerzigt. /AW Deze Courant wordt wekelijks uitgegeven en is verkrijg baar op Zondag morgentusschen 8 en 9 ure. Prijs per jaar 3,40, enkele Nos. 7 Cents, franco per post/4,—. Brieven franco aan de Uitgevers. EE HM*. COSTER ZOON. De COMMISSARIS des KONINGS in de provincie N^?emn,eTS aïioriteiten en een ieder die daarbij belang der wet van den 5 October 1841 (Staatsblad No 40). be treffende de verevening van schuldvorderingen ten jasje van het Rijk met aanneming om zoodanige schuldvorderingen zoo spoedig mogelijk, immers vóór den eersten Juli) aanstaande intedienen aangezien aan die wetsbepalingen zoo nu. als m vervolg stiptelijk de hand zal worden gehouden. Haarlem 1de Commissaris des Kontngs voorn. den 10 Maart 1863. ROëLL. LOTING. BURGEMEESTER en WETHOUDERS van ALKMAAR, Gelet on art. 3, 5* lid, der verordening van den Gemeen teraad dato 28 Maart 1860 (Gemeenteblad No. 34 2' serie). Breuken ter kennis van de belanghebbenden dat de lo ting der in January j.l. voor de brandweer alhier ingeschre ven personen, benevens van lien die in het vorige jaar tot de reserve zijn aangewezen zal plaats hebben m het open baar. in de Prinsenzaal ten raadhuize alhierop üingsdag den 24 Maart aanstaande des voormiddags ten 10, ure. Alkmaar, Burgemeester en Wethouders voornoemd den 11 Feb. 1863. A. MACLAINE PONT. De Secretaris, SPANJ AARDT. KIEZERSLIJSTEN. BURGEMEESTER en WETHOUDERS van ALKMAAR brengen mits deze ter kennis van de ingezetenen: Dat de lijsten der kiesgeregtigden voor de leden van de Tweede Kamer der Staten Gene.aal, van de Provinciale Staten en van den Gemeenteraad, voor de dienst des loopen den jaars, benevens de lijst dergenen, welke van de lijsten des vorigen jaars zijn geschraptop heden door hen zijn vastgesteld gedurende 14 dagen m het portaal van he raadhuis aangeplakt en dagelijks (Zou- en feestdagen uitge zonderd). van 10 tot 2 ure, ter Secretarie der gemeente ter inzage zullen liggen. AlkmaarBurgemeester en ^etjimders voornoemd, den 14 Maart 1863. A. MACLAINE PONT. De Secretaris SPANJAARDT. BURGEMEESTER en WETHOUDERS van ALKMAAR: Gezien art. 150 der wet. van 19 Augustus 1862 (Stbl. No. 2). Brengen ter openbare kennis Dat gedurende de maand Maart dezes jaars de gelegen heid is 'opengesteld voor lotelingeu van de nationale militie, die nog niet zijn ingelijfd, om bij het gemeentebestuur aan vra"e te doen om bij de zeemilitie te dienen. Burcemeester en Wethouders voornoemd hebben het noo dig -eoordeeld om, tot toelichting, het volgende mede te deelenen vermeld in de navolgende artikelen der opge noemde wet, als: Art 152 De zeemilitie wordt bestemd tot bemannmB van de verdedigings vaartuigen voor de binnenlandsche dienst en langs de kusten. Zij wordt niet naar de koloniën en bezittingen van het Rijk in andere werelddeelen gezondentenzijingeval van zeer buitengewone omstandigheden, eene nadere wet daartoe magtiging verleene. Art. 153. De manschappen der zeemilitie worden, tot eerste oefeninggedurende het geheele eerste jaar van hun diensttijd in werkelijke dienst gehouden, tenzij Wij (de Koning) zulks niet noodig achten. Ingeval van oorlog of andere buitengewone omstandig heden kan de zeemilitiehetzij geheelhetzij ten deele door Óns (den Koning) buitengewoon worden bijeengeroepen. Art 154. Aan de manschappen der zeemilitiedie ver langen na volbragten oefeningstijdin werkelijke dienst te blijven'of te komen, zonder zich als vrijwilliger te verbin den wordt zulks vergund. Art 156. De manschappen der zeemilitiedie zich met verlof bevinden mogen zichzonder toestemming van den Minister van marineniet langer dan gedurende vier weken buiten 's lands begeven. Hun wordt in gewone tijden vergunning: tot uitoefening van de buitenlandsche zeevaart en visscherij verleend. Zonder die vergunning worden zij niet tot eene verbindtenis j-ol uitoefening -ysm de buitenlandscne zeevaart toegelaten. Art. 158. Elk bij de zeemilitie ingelijfde ontvangt vier jaren na den dag zijner inlijving een bewijs van ontslag uit de dienst. Heeft hij echter in zijn diensttijd achtereen of opvolgend gevangenisstraf gedurende zes maanden of langer ondergaan, dan ontvangt hij dat, bewijs zooveel later als zijne gevan genhouding heeft geduurd. Art. 159. Aan liemdie, na volbragten diensttijd, uit, de zeemilitie is ontslagen en daarbij een bewijs van goed gedrag heeft, bekomen, wordt, wanneer hij binnen een )aar na zijn ontslag eene vrijwillige verbindtenis bij de vaste j zeemagt aangaat, voor den graad waarin hij is aangenomen, eene premie toegekend, de helft liooger dan die, \oor de gewone vrijwilligers nepaald. Art. 160. De loteling, dis zijn diensttijd hij de zeemilitie heeft volbragt en een behoorlijk paspoort heeft, bekomen is in tijd vein trede van de dienst bij de Schutterijen vrij gesteld. j Burqctoeester en Wethouders voornoemd A. MACLAINE PONT. De Advcrtentiün kosten van 1—5 regels 0,75, voor elke regel meer 15 Cents, behalve 35 Cents zegelregt voor elke plaatsing. Zij worden uiterlijk aangenomen tot Zaturdag namiddag 1 ureingezonden berigten een dag vroeger. Alkmaar, den 14 Maart 1863. De Secretaris, SPANJAARDT. JAGT- en VISSCHERIJ. De BURGEMEESTER van ALKMAAR brengt ter kennis van de belanghebbenden: Dat, de blanco aanvragen, ter bekoming van JAG1- en VISCHAKTEN voor het jaar 1863/64, ter Secretarie der gemeente verkrijgbaar zijn gesteld. Alkmaar. Fe Burgemeester voornoemd den 11 Maart 1863. A. MACLAINE PONI. KENNISGEVING. Het HOOFD van het Plaatselijk Bestuur te ALKMAAR I brengt ten gevolge van art. 1 der wet van 22 Mei 1845 (Staatsblad N°. 22), bij deze ter kennis van de ingezetenen I der gemeente, dat het kohier van het Patentregt over liet 3de kwartaal 18», op den 3 Maart 1863 door den Heer Com- Lissaris des Konings in de Provincie Noord-Holland execu toir verklaard, op heden aan den Heer Ontvanger der dl- recte belastingen binnen deze gemeente ter invordering is overgegeven. Ieder ingezeten die daarbij belang heeft, wordt vermaand op de voldoening van zijnen aanslag behoorlijk acht te geven ten einde alle geregtelijke vervolgingenwelke uit nalatigheid zouden voortvioeijente ontgaan. Jipmn„r Het Hoofd van het Bestuur voorn. den 11 Maart 1863. A. MACLAINE PONT. VERGADERING van den RAAD der Gemeente ALK MAAR, op Woensdag, den 18 Maart 1863 des middags ten 12 ure. Namens den Voorzitter van den Raad, De Secretaris SPANJAARDT. In het Volksblad van 5 Maart LI. lezen wij onder de «Tijdsbescliouwingen" het volgende //De Poolsehe opstand is begonnen met pogingen tot ver cifti"in" met moordaanslagen, enz.; zulk een opstand heelt Snze sympathie niet. - Maar stelt u eens voor, dat gy zeiven Polen waartWij stellen het ons liever met voor, wat wij gebrekkige mensehen zouden doen, maar liever wat wij niet en wel behoorden te doen. tin dan luidt het antwoord niet, twijfelachtig. Van vergiftiging en moord is Gods zegen niet te verwachten, maar wel van standvastigheid, van goede trouw, van eerlijkheid De wijze waarop de Polen de handhaving hunner regteu kunnen ver- krij^en is geen ander, dan dat zij bewijzen geven waardig te zijn een vrij volk te wezen. Van het «ogenblik af dat de Polen inderdaad bewijzen geven van edele volksdeugden zal voor hen onze sympathie geboren worden. Men vergeet te ligt bij het oordeelvellen over de gebeurtenissen van heden hetgeen voor enkele dagen en weken en maanden is geschied Maar stelt, u eens voor. dat gij zelven Polen waart' Ziedaar een uitdrukking, die wij letterlijk terug vinden in ons //Politiek Oerzigt" in het nummer van i Maart 1 1 Wij zien daarom in de aangehaalde woorden van het' Volksblad een kleine teregt,wijzing wegens onze war me bijvalsbetuigingen voor den Poolschen opstand edoch wij zijn nog niet, van dwaling overtuigd en volharden by onze ingenomenheid met de Poolsehe zaak. Het ^IkMad wijst op de pogingen tot vergiftiging en de moordaanslagen, die den Poolschen opstand zijn voorafgegaan. Doch toen wii zeiden «Stelt u eens voor. dat gij zelven Polen waart, geschiedde dit niet om moordaanslagen en pogingen tot vergiftiging te verdedigenhet was een antwoord aan die zeer wijze en zeer bezadigde mannen, die steeds van do Polen eischendat zij geduld moeten hebben, en zich voor 's hands moeten vergenoegen met eenige nuttige hervormin gen eu enkele naauw merkbare sporen van Keizerlijke toe gevendheid, dat zij vertrouwen moeten stellen in de «waar lijk edele en welwillende gezindheid van den Keizei, dat, zij overdreven eischen doen dat de herstelling van een on afhankelijk Koninkrijk Polen een ijdel droombeeld is dat zij moesten begrijpen, dat het Europeescli evenwigt - die groote zondenbok! zoo iets niet, gedoogt. Deze lie den herinnerden wij aan de nachtelijke hgt.mg van rekruten, en voegden hun toe: stelt u eens voor. dat gij zelven Po leu waart. i Het is een zeventigtal jaren geleden, dat het 1 oolsone Koninkrijk van de wereldkaart, verdween «een voorbeel deloos verschijnsel in de geschiedenis der nieuwere tijden zegt te revt een vaderlajidsch geschiedschrijver Wanneer nu de onderdanen van den Keizer van Oostenrijk m Galieie van den Koning van Pruissen in Posen en van den Keizer van Rusland in het voormalige Groot-Hertogdom Warschau tot op den huidigen dag Polen zijn gebleven dan hebben zij daardoor getoond, dat geen volk wordt vernietigd dooi de verdeeling van zijn grondgebied onder vreemdendooi de uitwisscliing van zijn naam uit de rijen der natiën. Wanneer na een zeventigtal jaren van veideehng en over- lieerscliing door verschillende naburen geen enkel deel dos volks zijne nationaliteit heeft, verloren noch zich heeft op gelost iii den overheerschenden staat, maar de geheele natie blijft gelooven aan de herstelling barer onafhankelijkheid dan heeft zij naar onze meening een voldoend bewijs gegeven van onsterfelijkheid, van onuitputtelijke levenskracht; eu elk. die aan de volken liet onvervreemdbare regt. toekent op onat- hankelijkheid en een nationale regering naar eigen keuze zal zulk een volk liet genot van dat, regt, volkomen waardig keuren Het Poolsehe volk lieett getoond, dat het nier. vernietigd zou kunnen worden dan door geheele mtroeijinp Geheel Europa en de vreemde overlirerschers niet her, „linst ziet voelt en tastdat liet bestaatdat liet ziu h'ijven bestaan; en met de erkenning, dat het Poolsehe volk 110" altijd bestaat, is de heerschappij van Rusland, Pruissen en Oostenrijk te gelijk veroordeeld als vreemde ovevheersching. Wij meenen te mogen aannemen, dat het yolksblad aan elk volk het regt zal toekennen om de wapenen op te vatten [go-en eiken vreemden overweldiger, zelfs al is diens bestuur geen onderdrukking te noemen. Dit regt heeft dus ook liet Poolsehe volk. Het Volksblad ontkent het niet. maar «de Poolsehe opstand is begonnen nier pogingen tot vergif- timing met moordaanslagenenz.; zulk een opstand heeft, onze sympathie niet." daarop «is Gods zegen met te ver wachten Voorzeker, wanneer wij vragen wat de Polen, en wij in hunnen toestand, behoorden te doen, dan zullen po"ino-en tot vergiftiging en moordaanslagen steeds moeten worden afgekeurd; maar om hoevele onregtvaardigen in zijn midden zal het Volksblad een geheel volk veroordee- len? Toch niet alle Polen hebben zich aan die misdaden schuldi" gemaakt, ook niet de meerderheid; wat hun van dien aard ten laste gelegd wordt bestond toch alleen m enkel# op zich zelven staande feiten't waren geen han delingen in massa, en. ofschoon misdrijven van Polen, geen misdrijven van het Poolsehe volk. En daarom nog eens om hoevele moordenaars en giftmengers zult gij een veroor- deelend vonnis uitspreken over een geheel volk Wanneer een volk tot opstand geregtigd dat regt kan verliezen, of zelfs maar onze sympathie kan verbeuren door sommige daden van geweldlaagheid of wreedheid door opstandelingen gepleegd, o dan vreezen wij over e ke volksbe- weo-in" den staf te moeten breken dan kan het Volksblad geen vrijmoedigheid hebben om onzen eigen opstand tegen Spanje te roemen, dan hebben Lumey eu Sonoy alles voorgoed be dorven dan is het vergeefs te wijzen op liet lyden des volks, op de kloekheid waarmee het vervolging en dood verdroeg, on de vele blijken van zelfopoffering, van echte vaderlands liefde van edelen heldenmoed Lumeij en Sonoy hebben alles bedorven. Laat ons toch aan de schurken zooveel invloed niet toekennen. Zulke argumenten zijn goed voor de heeren Alberdingk Thijm, Nuijens en hunne geestverwan ten' laat ons het knabbelen voor de tanden der ratten over laten en niet om een paar dozijn schurken of dweepers de verheffin" van een geheel volk veroordeelen. Maar het, Volksblad eischt standvastigheidgoede trouw eerlijkheid. Zijn die deugden dan vreemd gebleven aan het Poolsehe volk. Wanneer is zijne standvastigheid bezweken in de lan°-e beproeving, wien heeft het misleid, waar was het oneerlijk Altijd heeft het zijne vrijheid, zijne onaf- hankelijkheid geëischt, nooit in de overheerschmg bewilligd. In dien eiseh was het standvastig, te goeder trouw, eerlijk. Geen opgedrongen constitutie kou de Polen bevredigen Mr A. IC. Engelen. Aleemeene geschiedenis der wereld if

Kranten Regionaal Archief Alkmaar

Alkmaarsche Courant | 1863 | | pagina 1