No. 47. Zevenenzeventigste Jaargang. 1875. ZONDAG 21 NOVEMBER. Indische zaken. ©fftctcel CSebeelte. 0Süc{(cHjk0c{te Berichten. Binnenland. A I, k H A A i! S i G 0 fJ ANT. Deze Courant wordt wekelijks uitgegeven en is verkrijgbaar op Zaterdag avond te 7 uren. Prjjs per kwartaal O,OS, franco per post f 0,8O, afzonderlijke nommers S Cents. Brieven franco aan de Uitgevers HERM1. COSTER ZOON. De Advertentiën kosten van 15 regels f 0,75, voor elke regel meer 15 Cents; groote letters naar plaatsruimte. Bij inzending tot Zaterdag namiddag 1 uur, wordt voor de plaatsing in het eerstvolgend nommer ingestaan; ingezonden berichten een dag vroeger. Bij deze Courant behoort een Bijvoegsel. BURGEMEESTER en WETHOUDERS van ALKMAAR brengen ter kennis van belanghebbendendat de laatste Kaas- en Graanmarkt dit jaar gehouden wordt op Vrijdag 24 December 1875, en dat tengevolge van het invallen van den eersten Kersdag op Zaturdag 25 December 1875 en van den Nieuwjaarsdag op den daaraanvolgenden Zaturdagde gewone Zatur- dagsche markten zullen gehouden worden op Woensdag 22 December 1875 en Vrijdag 31 December 1875. Burgemeester en W ethouders voornoemd, Alkmaar, A. MACLAINE PONT. 16 Nov. 1875. De Secretaris, NUHOUT van der VEEN. BURGEMEESTER en WETHOUDERS van ALKMAAR brengen ter algemeene kennisdat van Maandag 22 Novem ber 1875, tot latere aankondigingde passage voor rij tuigen langs den toegangsweg naar het station van den Staatsspoorwegaan de zijde van den Bergerweg, tengevolge van de herstelling van dien wegzal zijn gesloten. Burgemeester en W ethouders voornoemd, Alkmaar, A. MACLAINE PONT. 16 Nov. 1875. De Secretaris, NUHOUT van der VEEN. BURGEMEESTER en WETHOUDERS van ALKMAAR brengen ter algemeene kennis, dat op 15 November 1875 in werking is getreden het bij raadsbesluit van 28 Julij 1875 vastgestelde art. la der politieverordening op de buitenpleinen en toegangswegen tot het Station van den Staatsspoorweg, luidendeHet is verboden langs de toegangswegen naar het Stationsplein te rijden op de klinkertstraatdie tot voetpad dientmet paarden ezels rijtuigenvelocipcdcn, hand-, krui- of andere wagens. Zij noodigen een ieder uitzich stipt dienovereenkomstig te gedragenter voorkoming der toepassing van de op de overtreding van dat verbod gestelde strafbepalingen. Burgemeester en Wethouders voornoemd Alkmaar, A. MACLAINE PONT. 16 Nov. 1875. De Secretaris, NUHOUT van der VEEN. VERGADERING van den RAA.D der gemeente ALK MAAR, op Woensdag den 21 November 1875, des middags ten 12 ure. Namens den Voorzitter van den Raad, De Secretaris NUHOUT VAN DER VEEN. POSTER IJ EN. Er wordt ter kennisse van het publiek gebrachtdat de heer H. J. Jansen, kruidenier aan de Berger-barrière, is aangewezen tot Rijks-depóthouder voor den verkoop van postzegels enz. De Directeur van het Postkantoor te Alkmaar, GOUWE. Lijst van brieven, waarvan de geadresseerden onbekend zijn, verzonden gedurende de 2*. helft der maand October 1875. Mej. T. DreesmanAmsterdam; A. de Ruiter, Buiksloot, E. KroonJ. A. van Breemen H. Wijnand (2 stuks), Am sterdam H. SmitArnhemC. H. van Ophemde, Deventer, A. Luken Haarloo H. Beugelink Oterleek. Van de hulpkantoren Rustenburg: Jb. Nieuwland, Amsterdam. SchermerhornP. Schreuder, Haarlemmermeer. P O L I C I E. Ter terugbekoming aan het Commissariaat van Policie voorhanden het navolgende gevondene, als: een metalen kruis, acht zakken gerst, een zwart merrinos boezelaar. Verder zijn aldaar inlichtingen te bekomen omtrent een vrouwenzakinhoudende eene schaar, een vingerhoed en 40 cents. De heer des Amorie van der Hoeven heeft onlangs bij de behandeling der begrooting van Nederlandsch Indië voor het dienstjaar 1876 in de Tweede Kamer, gemeend op kolo niaal gebied drie hoofdrichtingen te mogen aannemen. De een tochzeide hijzal in de eerste plaats vragenwat vordert het belang van de Nederlandsche schatkist een ander zal in de eerste plaats letten op de belangen van han del en nijverheid, en een derde zal vóór alles acht geven op de belangen der Indische bevolking. De spreker ontkende nietdat er harmonie tusschen die belangen bestaaten twijfelde er niet aan of geen der drie partijen zou één dezer drie belangen geheel uit het oog verliezenmaar schier in stinctmatig zou tochnaar zijne meeningbij elk die zich met Indische zaken bemoeit, één dezer drie groote belangen op den voorgrond treden. De juistheid dezer onderscheiding van drie hoofdrichtingen op koloniaal gebied werd niet be twist en inderdaad zal zij bij de beoordeeling van Indische zaken door verschillende personen zich spoedig openbaren. De drie belangen bestaan in werkelijkheid. Hoe is bij de begrooting van Indië voor het volgend jaar voor elk daar van gezorgd. Wij kunnen niet nalaten in de eerste plaats te letten op de belangen der Indische bevolkingen dan vragen wjj vóór alles: hoe staat het met de afschaffing der slavernij in die gedeelten van Insulinde waar zijin strijd met hetgeen om trent haar afschaffing was bepaaldnog is blijven bestaan Verrassend noemde de Minister van Koloniën de uitkomst van het onderzoek omtrent hetgeen noodig zou zijn om tot een volkomen afschaffing te geraken vau de slavernij die nog onder verschillende vormen op Sumatra's Westkust wordt gevonden. En verrassend is die uitkomst inderdaad. Na een onderzoek omtrent den aard der slavernij en het aantal slaven in de verschillende deelen van dit gebiedzjjn de maatregelen tot afschaffing met de hoofden der bevolking besproken en is men tot zoodanige overeenstemming geko men, dat op deze begrooting een half millioen kon worden uitgetrokkenonder de bepaalde verzekeringdat met deze som de afschaffing van alle soorten van dienstplichtigheid de totale afschaffing alzoo der slavernijhaar beslag zal krij gen. Als alles in Indië zoo vlug ging, zou het aantal klach ten over vele zaken even snel verminderen als weldra het aantal slaven op .Sumatra's Westkust. Geen wonder, dat de regeering thans bezig is met een onderzoek op Celebes en onderhoorighedenten einde ook in deze buitenbezitting ie slavernij te doen verdwijnen. Ook daar worden de inlanders verplicht binnen een bepaalden termijn opgaven te doen van het aantal hunner slavende opgegeven slaven worden vcor de ambtenaren gebracht die met dit werk belast zijn, ei, na onderzoek omtrent de wettigheid van iederen slaaf in 't bijzonder, worden de slaven, die blijken overeenkomstig de tot nog toe geldende rechten en gebruiken inderdaad als sla ven beschouwd te moeten wordenin daartoe bestemde re gisters ingeschreven. Alle slaven die niet zijn ingeschreven en alle kinderen van slavinnenna dien tijd geborenzïn vrij en de ingeschreven slaven mogen niet worden verkocht. Daarna zullen onmiddelijk maatregelen worden genomen on ook deze slaven tegen schadeloosstelling aan hun tegenwoor dige eigenaars in vrijheid te stellen. Endaarna zal eindelijk de slavernij in die landen van den Indisehen archipel, die rechtstreeks onder ons bestuur staan geheel zijn afgeschaft. Maar er zijn ook landen die onder het bestuur hunner eigene vorsten zijn gebleven, wier rechten door onze regeering zijn erkend. Daar biedt de af schaffing der slavernij grooter moeilijkheden aanen moeten ten invloed en overreding aangewend worden om tot het be geerde doel te komen. Bij alle nieuwe overeenkomsten en wijzigingen in de bestaande, bij alle acten van erkenning of bevestiging van gezag zal onze regeering op de bereiking van dit doe! bedacht moeten zijn. Blijft zij het bij alle on derhandelingen bij al haar doen en laten met onwrikbare beslistheid in het oog houdendan kan de uitkomst op dit gebied wellicht even verrassend zijn, als zij op de Westkust van Sumatra is geweest. Op omstreeks de geheele bevolking van Java en Madura rustgelijk bekend isde verplichting om persoonlijke dien sten te bewijzenzoowel ten behoeve van het gouvernement, tot het aanleggen eh onderhouden van wegen, bruggen enz., als ten behoeve van de inlandsche hoofden (pantjèndiensten). Er is een voorstel gedaan om deze laatste soort van heeren diensten geheel af te schaden en te gelijk de inlandsche hoof den schadeloos te stellen door verhooging van bezoldiging waartegen dan van de heerendienstpliohtige bevolking een hoofdgeld zou worden geheven. Dit voorstel is in Indië in onderzoeken daaraan is het ongetwijfeld te wijtendat bij de behandeling der Indische begrooting over de heerendien sten nagenoeg is gezwegen. Daarenboven wordt beweerd dat de pantjèndiensten niet zoo drukkend zijn als de heeren diensten ten behoeve van het gouvernement. Voorstanders van de afschaffing der pantjèndiensten zijn van meening, dat die afschaffing niet kan geschieden zonder tevens de overige heerendiensten te regelenen zoo strekt het onderzoeken Indië zich dan ook uit over het vaststellen van grondslagen zoowel voor een belasting, die bij vermindering of afschaf fing van heerendiensten daarvoor in de plaats zou komen als voor den heerendienstplicht zelf, on de vraag te beslis sen of die voortaan zal rusten op den persoon of op het bezit van den grond. Zoo nadert ook deze kwestie haar beslissingen zal de heerendienstplichtigheid waarschijnlijk in haar geheel worden geregeld, ongetwijfeld op een wijze die tot afschaffing leiden zal. Dat de inlander zich gaarne van de heerendienst vrijkoopt, kan niet meer worden betwist, nu de regeeringsverslagen ons verzekeren, dat van de bevoegd heid om zich door anderen te doen vervangen veelvuldig ge bruik gemaakten voor de remplafanten gewoonlijk de voor Indië niet onbelangrijke som van 20 tot 50 centen voor elke opkomst betaald wordt. Yoegt men daarbij eene andere ver klaring uit het laatste koloniaal verslagdan wordt inder daad de hoop levendig, dat de dagen der heerendiensten geteld zijn. Of wat kan er nog veel voor een stelsel gezegd wordenwaarvan de Regeering verklaart„Omtrent den arbeid der heerendienstplichtigen worden dezelfde ongunstige berichten gegeven als in vorige jaren. Hunne luiheid en onverschilligheid leidt soms tot zooveel vertraging, dat daar door schade voor de werken ontstaatzoodat men berekent, dat het dikwijls finaneiëel voordeeliger zou zijn geweest om vrije werklieden te bezigen"? Voor uitbreiding van het onderwijs onder de inlanders schijnt de ijver bij de ambtenaren in Indië zelf tot nog toe niet groot geweest te zijn. De volgende woorden van den Minister van Koloniën geven daaromtrent een treurige getui genis „De ondergeteekende mag niet verbergen" schreef de Minister „dat hij teleurstelling ondervond in zijne ten vorigen jare uitgesproken verwachtingdat meerdere voort varendheid zou worden betracht in de oprichting van nieuwe scholen, bepaaldelijk op Java. Meermalen, en met telkens klimmenden aandrangheeft hij de Indische Regeering ge wezen op haren plicht om spoedig het doel te verwezenlijken, waarvan reeds in het vorig jaar melding werd gemaakt, tot vestiging van minstens ééne gouvernements inlandsche school in elk distriet van Java, zonder dat het hem zelfs mocht gelukken de redenen te vernemenwaarom de oprichting van nieuwe scholen op onverklaarbare wijze werd nagelaten." De vertraging moet volgens den Minister hoofdzakelijk worden toegeschreven aan gemis aan samenwerking tussehen het de partement van onderwijs, dat het personeel, en het departe ment van openbare werken, dat de schoolgebouwen moest leveren. Maar ook in dit opzicht schijnt een betere tijd aan gebroken. De nieuwe directeur van onderwijs in Indië schijnt meer voortvarendheid aan den dag te leggen dan zijn voor ganger. Gebrek aan onderwijzend personeel is volgens zijn berichten de oorzaak van de trage uitbreiding van het on derwijs voor de inlanders. Het vooruitzicht wordt echter gunstiger, als men bedenkt, dat tegen het einde van 1876 de kweekscholen op Java 300, en die op de Buitenbezittingen 225 kweekelingen zullen tellen maar zelfs onder die gun stige vooruitzichten zou er nog een twaalftal jaren moeten verloopeneer in elk der 481 districten van Java, ééne in landsche school geopend en van toereikend onderwijzend personeel voorzien kon wezen. In 1873 waren er op Java en Madura in 't geheel niet meer dan 93 gouvernements- scholen. Daarom zijn maatregelen genomen om ook buiten de kweekscholen in de behoefte aan onderwijzend personeel zoo spoedig mogelijk te voorzien. Onzijdigheid op godsdienstig gebied is op de gouverne- mentsscholen tegenover de Mohammedaansche bevolking van Java het eenig mogelijke stelsel. De Regeering en de groote meerderheid der Staten-Generaal begrijpen te recht, dat de Nederlandsche Staat, zich op dit standpunt plaatsende, ook alleen aan die particuliere scholen geldelijken steun kan ver- leenenwaarop evenzeer deze neutraliteit wordt in acht genomen. Door de Maatschappij tot Nut van den Javaan is een po ging gedaan om gelden bijeen te brengen tot oprichting eener kweekschool voor onderwijzers op Java, waar een meer een voudiger vormende en ontwikkelende methode zou worden gevolgdom een onderwijs te kunnen geven meer beantwoor dende aan de eerste behoeften van den Javaandan het on derwijs in lezenschrijvenrekenen enz., dat op de gouver- nementsscholen wordt gegeven. Die maatschappij is niet in staat de noodige gelden voor de verwezenlijking van dit plan bijeen te brengen. Thans heeft echter de Regeering mede- deeling gevraagd van de wijze waarop het onderwijs aan de kweekscholen gegeven wordten van de verkregen uitkom sten en daarbij inlichtingen verzocht omtrent de vraag in hoeverre het stelsel van den heer Neurdenburgdoor de Maatschappij tot Nut van den Javaan aangenomen, gevolgd, en de door hem aanbevolen leermiddelen gebruikt zouden kannen wordenzoowel op de kweekscholen voor inlandsche onderwijzers als bij het voorbereidend onderwijs op de in landsche scholen zeiven. De Koning is den 19 op het Loo aangekomen. Verkiezingen. De Koning heeft het beroep van den gemeenteraad van Eist tegen de resolutie van Ged. Staten van Gelderland, waarbij de toelating van 4 gekozen raadsleden bevolen werdongegrond verklaardop grond, dat de raad, die de verkozenen niet toeliet wegens het frauduleus maken van kiezers, in gebreke gebleven is bewijs te leveren voor de door hem tegen de innerlijke waarde dier verkiezing aan gevoerde bezwaren, en dat ook het ingestelde onderzoek zoo danig bewijs niet heeft opgeleverd. Staten-Generaal. De 2«. Kamer heeft den 17bij de behandeling der indische begrootinghet regeeringsvoorstel betreffende den aanleg eener haven te Tandjong Priok hij Batavia (verleening van 3 ton voor de eerste kosten), met 56 tegen 11 st. aangenomen. Mede is 2,300,000 bewilligd voor den verderen aanleg van den Staatsspoorweg in Oost-Java. Den 18 is een amendement aangenomen van den heer v. d. Puttetot weglating van 1 ton als eerste termijn voor de kosten van verplaatsing van den vuurtoren van Banka, en daarna hoofdstuk II (uitgaven in Indie) met 59 tegen 2 st. gelijk vervolgens hoofdstuk I (uitgaven in Nederland) met alg. st. goedgekenrd. Den 19 zijn de hoofdstukken III en IV (middelen in Ne derland en in Indie) met 55 tegen 1 st. aangenomen. Ingekomen zijn wetsontwerpen 1°. houdende nadere bepa lingen omtrent het tarief van in- en uitvoer en omtrent de leges en emolumenten der belasting-ambtenaren; 2°. houdende nadere bepalingen omtrent den accijns en de invoerrechten op het gedestilleerd3°. tot invoering van een accijns op tabak; en 4°. tot afschaffing van den accijns op het geslacht. Belastingen. De haagsohe vereeniging „Handel en Nij verheid" heeft den 10 bij acclamatie aangenomen het voorstel van Mullapatior, om in alle gemeenten sub-commissiën te vormen, en vervolgens eene monsterbeweging, een algemeen petitionnement tegen de patentwet te organiseeren. Stoomvaart. De Maatschappij „Zeeland" heeft weder eene ramp ondergaan door het springen van den cilinder der stoom boot Stad Middelburg, waardoor eene schade van ongeveer f 20000 moet zijn veroorzaakt. De directeur heeft bekend gemaakt, dat, aangezien 2 der stoomschepen thans in repa ratie zijn, de dagelijksche dienst tussehen Vlissingen en Londen vooreerst wordt geschorsten wel tot de voltooiing der wer ken te Queensboroughdewijl de inrichtingen te Sheerness, waar tot heden de overladingen voorloopig plaats vonden, in dit saizoen voor de reizigers veel te wenschen overlaten. Volgens het Utr. Dagblad heeft prins Hendrik aangeboden de door de Maatschappij geleden schade voor zijne rekening te nemenmaar de directie dat aanbod niet aangenomen. Kanalisatie. De Prov. Staten van Friesland hebben den 11 besloten aan het Rijkwegens de verbinding van de friesehe met de drentsche waterenwaarvan de kosten ge raamd zijn op 180.928 eene bijdrage toe te staan van f 20000. Uitvinding. De firma Batenburg 8p Ciete Rotterdam, is door de rotterdamsche afdeeling der Maatschappij van Nijverheid bekroond met eene zilveren medalje en 100 voor de uitvinding eener peterolielampwelke zonder gevaar van brand (zelfs niet bij het omvallen in brandbare stoffen) in werkplaatsen kan gebezigd worden. Kerkelijke zaken. Ds. v. Bemmel Swyck te Keppel heeft bedankt voor het beroep naar Zuid-Schermer en Driehuizen. Den 17 heeft in de kerk van S. S. Laurentius en Magda- lenain den Oppert te Rotterdamde wijding plaats gehad van msgr. Diependaal tot (oud-catholiek) bisschop van De venter. De plechtigheid werd verricht door msgr. Beykamp, aartsbisschop van Utrechtbijgestaan door msgr. Rinkel, bis schop van Haarlemen msgr. Reinkensoud-catholiek bis schop in Duitschland. Kunst. Op de auctie te 's Gravenhage der schilderijen verzameling van wijlen mr. v. Walchren v. Wadenoijen is een „storm op zee" van Gudin aangekocht voor het muzeüm te Dordrechtvoor f 4125 en „weelde en ellende" van D. Bles voor Teylers muzeüm te Haarlemvoor 5200. Stukken van Calame golden 8100 en f 4650, van B. C. Koekkoek f 6000, var Israels 4500. De geheele collectie van 190 stukken heeft 167,000 opgebracht. Nijverheid. Onder directie van den heer J. v. Raalte te 's Gravenhage is opgericht eene naamlooze vennootschap, de Maatschappij „de Schelde," met een kapitaal van 6 ton ten doel hebbende het vestigen en exploiteeren te Vlissingen van inrichtingen tot het bouwen en herstellen van schepen en tot het maken en herstellen van stoomwerktuigen, en het bevorderen der scheepvaart op en van Vlissingen. Onderwijs. Bij den gemeenteraad van Leeuwarden is ingekomen een verzoek van den heer mr. Boratius Albarda c.s. om van gemeentewege op te richten eene theoretische en praetische ambachtsschoolvoor de stichting waarvan eene bijdrage van f 35000 wordt aangeboden, benevens eene jaar- lijksche subsidie gedurende de eerste 10 jaren. De gemeenteraad van Arnhem heeft besloten zich tot den minister van binn. zaken te richten om eene Rijks-subsidie van 3500 voor de middelbare school voor meisjes. De gemeenteraad van Amsterdam heeft den 17overeen komstig het voorstel van B. en W., besloten tot oprichting eener kweekschool tot kostelooze opleiding van hulp- en hoofd onderwijzers en onderwijzeressen bij het lager onderwijs, tevens toegankelijk voor hen die zich in één of meer vakken van het m. u. 1. o. wenschen te bekwamen. De directeur zal eene jaarwedde genieten van 4000, benevens vrije woning. Kermis. De gemeenteraad van Nieuwendam heeft de kermis aldaar en te Zunderdorp afgeschaft. Aanbestedingen. Den 17, te Rotterdamhet afbreken en herbouwen van de vleeschhalminste inschr. M. Geverding, voor 30.800. De gemeenteraad van Zaandam heeft een adres aan den Koning gerichthoudende bezwaren tegen de plaatsing van een kruitmagazijn in die gemeente. Het locaal Odéon te Amsterdam is voor f 53000 uit de hand verkocht en zal voortaan slechts gebezigd worden tot het houden van vergaderingen der vrijmetselaars-loges. Gieten. Wijlen mevr. de wedF. J. FisierScholten heeft aan de diaconie der ev. luth. gemeente te Amsterdam/1000 vermaakt. Voor het Kindergeschenk aan den Koning is met de interesten ontvangen 32.688.30. Uitgekeerd is aan het kinder-ziekenhuis en het weduwen- en weezenfonds van Arti et Amicitiae te Amsterdam elk f 287,47% wegens netto opbrengst der tentoonstelling voorloopig f 22000 aan het fonds voor verminkte krijgslieden en ruim f 8000 voor ver schillende uitgavenblijvende tot na de plaatsing van het monument f 2241,31% in kas. Rampen. In de herv. kerk te Soest zijn den 14 twee overdekte banken en een daarboven hangend wapenbord ver brand de predikstoelhet orgelhet plafond enz. zeer be schadigd vermoedelijk ten gevolge van het omvallen van eene stoof bij het eindigen der godsdienstoefening. Den 13 zijn buiten eene der poorten te Amsterdamten gevolge van den hevigen wind5 werkliedendie zich op een steiger bevonden, met de stelling naar beneden geslagen;

Kranten Regionaal Archief Alkmaar

Alkmaarsche Courant | 1875 | | pagina 1