SAL YATO R, E. FEUILLETON. No. 76. Een en Negentigste Jaargang. 1889. V HI J D A G 28 JUNI. Prijs der gewone Advertentiën: (SftHciitl (Bcbeeltc. SCHUTTERIJ. SniUttlAttb. BELGIE. De regeering zal een krediet van f 5.000.000 aanvragen voor den aanleg van den Congo- spoorweg. DUITSCHL AND. Te Muhlhausen had een stu dent uit Bazel, die met Pinksteren een uitstapje gemaakt had en geen plaats kon krijgen in den trein, waarmede bij wilde terugkeeren, in zijne ontevredenheid daarover uitgeroepenLeve Frankrijk Daarvoor is hij tot 3 maanden gevangenisstra? veroordeeld. Hij heeft een verzoek om kwijtscheiding dier straf ingediend. Roman van ERNST ECKSTEIN. 1) ENGELAND. De Times vindt het kenmerkend, dat de russische kroonprins op zijne reis van Petersburg naar Stuttgart ter bijwoning van het feest van den Koning van Wurtemberg zich te Berlijn niet heeft opgehouden en zelfs door geen duitscb ambtenaar be- groet is. Volgens datzelfde blad beschouwt men te Belgrado Servie's hoofdstad de toespraak van den Keizer van Oostenrijk tot de delegaties als een antwoord op den toost, door den Keizer van Rusland op. den vorst van Montenegro uitgebracht. Lagerhuis. Eene motie van den heer Labouchère, om de jaarwedde van den hertog van Cambridge als opperbevelhebber van het leger van f 72000 tot f 54000 te verminderenwelk bedrag bij zeer voldoende oor deelde, is den 21 verworpen met 211 tegen 108 stemmen. In diezelfde zitting werd door een lid der oppositie sterk afgekeurd, dat de adjudant-generaal Woleeley, oen hoog staatsambtenaar, in redevoeringen buiten bet parlement allerlei partijzaken op vrij heftige wijze be sprak en zich zelfs met minachting over het Lagerhuis uitliet. De minister van oorlog antwoordde dat bij het ook niet wenschehjk achtte, dat mannen, in hooge rangen geplaatst, in het openbaar buiten bet parlement deelnamen aan den partijstrijd. TeveDs achtte hij bet niet wenscbelijk dat een staats-ambtenaar zich in het openbaar uitliet over zaken, beboorende tot het depar tement, waaraan hij als ambtenaar werkzaam was. De minister verklaarde zich- ten slotte tegen invoering van het conscriptie-stelsel. OOSTENRIJK-HONGARLJE. Graaf Kalnoky ALKMAARSCHE COURANT Deze Courant wordt Din8dag-, Donderdag-en Zaterdagavond uitgegeven. Abonnementsprijs per 3 maanden voor Alkmaar f 0,80; franco door het geheele rijk f 1, De 3 nummers f 0,06. Per regel f 0,15. Groote letters naar plaatsruimte. Brieven franco aan de Uitgevers HEEM». COS- TEE ZOON. BURGEMEESTER en WETHOUDERS van ALKMAAR brengen ter algemeene kennisdat aan hen vergunning is ge vraagd door JACOB RIJSHOUWER, winkelier en tapper, wonende te Alkmaar, tot het voortzetten van den verkoop van sterken drank in het klein in het perceel aan de gedempte Nieuwesloot, wijk B No. 59, welke vergunning thans ten name staat van ERANCISCUS JOHANNES QUAX. Burgemeester en Wethouders voornoemd, Alkmaar, A. MACLA1NE PONT. 26 Juni 1889. De Secretaris, NUHOUT VAN DER VEEN. BURGEMEESTER en WETHOUDERS van ALKMAAR brengen ter algemeene kennis, dat de commissie voor de schut- terij op Dinsdag, den 9 Juli aanstaande, 's namiddags te 6 uren preciesten raadhuize dezer gemeente zitting zal houden tot het beoordeelen der lichaamsgebreken en verdere reclames tegen den dienst bij de schutterijonder opmer king dat alleen bij p e r s o o n 1 ij k e opkomst vrijstelling van dien dienst kan verleend worden, terwijl, wanneer vrijstelling voor broederdienst verlangd wordt, bovendien schriftelijke be wijzen, ter gemeente-secretarie aan te vragen, gevorderd worden. Burgemeester en Wethouders voornoemd Alkmaar, A. MACLAINE PONT. 27 Juni 1889. De Secretaris, NUHOUT VAN DER VEEN. Lijst van brieven, waarvan de geadresseerden onbekend zijn» verzonden gedurende de 2e helft der maand Mei 1889 V. H. Haarma Zn., H. E. Vet, Amsterdamj A. G. Wint- holtEpe. Van Egmond aan Zee: E. Tol, 's Gravenhage. Van Schoorldam: J. van der Aarde, Helder. Briefkaarten: C. van Kentel, Amsterdam; K. KenjesHasselt. De Nordd. Zeitung geelt een geschiedkundig overzicht van de ontwikkeling van Zwitserlands onzijdigheid sedert het Weener Congres, dat zij besluit met deze woorden dia onzijdigheid geeft Zwitserland niet alleen rechten, maar stelt ook zijne verplichtingen vast. Indien het staatsrechtelijke beginsel, dat geen Staat in zijn gebied handelingen tegen de veiligheid van een anderen Staat mag duiden, voor iemand geldt, dan zeker in de eerste plaats voor een Staat, wiens onzijdigheid, onaf hankelijk- beid en onschendbaarheid gewaarborgd zijn. Duldt of Naar het Hoogduitsch. Hoofdstuk I. Het was eene schoone herfstdag in het jaar 182*. Aan de haven van het eiland Capri heerschte groote drukte. Het marktschip uit Napels doorkliefde met volle zeilen de golf en was nog slechts eenige honderden ellen verwijderd van de plaats, waar het gewoon was aan te leggen. „Wel, Zingarella", zoo wendde zich een oude visscher met een spierwitten baard tot het slankste en mooiste der jonge meisjes, die zóó dicht aan den kant stonden, dat de kabbelende golfjes telkens hare sierlijke voetjes kwamen kussen, „gij kijkt niets vroolijk volstrekt niet als eene verloofde, die haar minnaar verwaoht Of b.ijtt, uw^Salvatore nog uit tot het einde van de maand? „Neen", sntwoordde het jonge meisje, „hij komt." i*j be8r9P ik niet,... Wat beteekent dan die rimpel daar tusschen uwe wenkbrauwen Juich dan toch, Zingarella, wees vroolijk, zooals gij vroeger waart..." „Ik heet Maria", viel zij hem vrij barsch in derede, „en ot ik nu hier in tegenwoordigheid van al die menschen vroolijk ben en lach of nietdaarover behoeft gy u toch het harnas niet aan te trekken." „Welwel welbromde de visscher. „Ik heb al .ang hooren vertellen dat de mooie Maria zich beter acht dan alle anderen wijl de trotsche Apuliër haar tot zijne ecbtgenoote begeert. Eene groote eer Dus, bevordert een onzijdige Staat dergelijke handelingen tegen andere Staten, dan maakt hij inbreuk op de hem toegestane voorrechten, en dit is in nog hoogere mate het geval indien hij partij trekt voor tegen de veilig heid van een naburigen Staat gerichte handelingen en zijne ambtenaren noopt den naburigen Staat in zijne maatregelen tot afweer der tegen hem gerichte aan slagen te belemmeren. Wurtemberg. Den 25 is te Cannstatt eene groote parade gehouden voor den Koning en zijne vorstelijke gastenwaarover de Keizer zijne groote tevredenheid betuigde. Daarop volgde een gala-maal tijd waaraan de Koning een dronk instelde op den Keizer en de Keizerin en de overige aanwezige vorste- ï-i lyke personen. De Keizer antwoordde met de innigste gelukwenschen aan de vereenigde bloedverwanten. Het waszeide hijeen voorrecht van het duitsche volk dat de duitsche stammen met hunne Vorsten in vreugde eu leed verbonden waren, hetgeen nu in Zwaben weder bleek. „God behoede Uwe Majesteit", zoo eindigde de Keizer, „en late u nog vele jaren over uwe trouwe Zwaben regeeren Leve de Koning en de Koningin Daarop stelde de Koning een toost in op de legers der aanwezige en vertegenwoordigde Souvereinen in het bijzonder op het Wurtembergsche. FRANKRIJK. De onderhandelingen met Italië over den invoer van italiaan6ch vee hebben eene wij mogen u niet meer „Zingarella" noemen? Nu, even goede vrienden, Maria 1 Uw onvergetelijke vader heeft u anders zelf dien bijnaam gegeven, wijl gij er als kind, met uwe ravenzwarte haren en uw door de zon ver brand gezichtje, als een echt zigeunerkind uitzaagt. Sedert zyt gij heel wat veranderd dat is waarde verwarde haren worden met zorg gekamd en gevlochten en met bloemen versierd en uw gezichtje is blanker en mooier geworden maar in uw hart zijt gij toch nog dezelfde weerspannige Zingarella. Het is toch al te dwaas, dat ik, een zeventiger, en nog wel uw bloedver want, niet eens het recht zou hebben u toe te spreken, zooals het mij voor den mond komt, en u naar dingen te vragen, die die „Nu, die.,.?" herhaalde zij op uitdagenden toon. „Die iedereen veel te denken geven Ja, ja, kijk mij maar aan alsof ik in den grond moest verdwijnen Nu het toch ter sprake is gekomenmoogt gy het hooren ook: uwe verkeering met dien Apuliër heeft kwaad bloed gezet op het eiland. Voor eene visschers- doobter past zulk een vreemde klerk niet, die op eerlijke lieden zooals wij uit de hoogte neerzietofschoon niemand hier weetwat hij eigenlijk is of doet. Veel bijzonders zal het wel niet zijn anders had hij zeker al lang aanstalten gemaakt voor de bruiloft. Aan zijne verliefdheid ligt het niet Maar dat zyn de gevolgen, wanneer men van die ketters in zijn huis baalt. Sedert die Eagelschman u lezen en schrijven geleerd en u boeken gegeven beeftwaarin allerlei onzin staat van het leven in de groote wereld en van de geschiedenis der volken sedert dat oogenblik hebt gij opgehouden eene echte dochter van Capri te zijn. En toen nu de Apuliër kwam „Genoeg Silvio Met dezen uitroep stuitte Maria zijn woordenvloed. „Als meD niet wist, waarom gij u zoo warm maakt, zou men meenen dat ik u en alle Capriërs verraden bad. Ik ban echter uw zin niet doen uw brave Alberto is geen man voor mij od bij moet zich maar trachten te troosten." overeenstemming opgeleverd. Het italiaansche vee zal worden toegelaten na onderzoek. In het departement Creuse zijn bij een zwaar onweder vier van de zes personen die bezig waren aardappelen te rooien door den bliksem gedood een jongman zijne moedernog een jongman en een jong meisje. De twee anderen waren verlamd. De regeering heeft den officier van justitie te Au- goulême gelast in hooger beroep te komen van de uitspraak der rechtbank in zake Laguerre c.s. Kamer. Den 25 werd langdurig beraadslaagd over een verzoek van den heer Laguerre aan de regeering om iDlichtiugeD te vragen over de verkrachting der par lementaire onschendbaarheid naar aanleiding van het rechtsgeding te Angoulême. Op een gegeven oogenblik schold een lid der rech terzijde Lejeune den heer Madier Montjan uit voor „canaille" waarop de geheele linkerzijde oprees en er een vreeselijk geweld ontstond. Er ontstond ten slotte zulk een gekijfdat de kamerboden de twistenden moesten scheiden. De heer Lejeune erkende daarop zich van eene onparlementaire uitdrukking te hebben bediend waarop weder een geweldig rumoer ontstoud, daar uit het centrum de kreet: g ij z ij t een lafaard! gehoord werd. De heer Lejeune betuigde zijn leedwezen over de door bem gebezigde uitdrukking, doch dat nam niet weg, dat de censuur op bem werd toegepast, met tijdelijk verbod om de zittingen bij te wonen. De heer Lejeune verwijderde zich daarop. Met 302 tegen 231 stemmen werd vervolgens besloten, de interpellatie van den heer Laguerre te houden tot na de behandeling der begrooting. Bij de behandeling der begrooting van openbare werken heeft de heer Provost de Launaij aan de re geering inlichtingen gevraagd over eene in 1884 door de ministers begane onregelmatigheid. Het betrof eene schadeloosstelling van ongeveer f 4200, die tot 1887 jaarlijks aan het Senaatslid Béral betaald werd voor eene zending tot onderzoek der wetgeving op het mijnwezen in het buitenland. Na eenige beraadslaging werd eene motie om over te gaan tot de orde van den dag, die door de regeering aangenomen was, verworpen met 319 tegen 174 stemmen. De begrooting van oorlog is aangenomen. SOüRRit. Den 24 werden de voor de oorlogsbavens aangevraagde kredieten behandeld. De aanvrageu voor Cherbourg werden met nadruk bestreden; men beweerde, dat de voor die haven verlangde werken iu geval van oorlog haar toeb niet veiliger zouden maken. Ten slotte werd bet door de Kamer goedgekeurde krediet van 21 000.000 tot ruim f 8 500.000 verminderd en dat voor Brest van 12.000,000 tot 8.000.000. Het kre diet voor Toulon werd onveranderd goedgekeurd en daarna het geheele gewijzigde ontwerp met 248 tegen stemmen. „Geen man voor u En waarom niet? Wat mij betreft gij kunt het gelooven, Zingarella ik ben er vol strekt niet boos om Ik zou zulk een hartstoch telijk, onstandvastig meisje niet gaarne als mijne schoon dochter in huis hebben dat zou voor mij, ouden man, een hel op aarde wezen Maar, als gij beweert, dat hij uwer niet waardig is hij, voor den duivel, zeg mij dan toch eens door welke voortreflelijkheden die Apuliër boven bem uitmunt Hoogstens door allerlei dwaze ideëa door fantastische plannen en invallen die hem nog naar het gekkenhuis zullen brengen U beeft hij ook reeds aangestoken met zjjne vreemdsoortige wijze van doen Ja, ja, Maria, wij weten het welOverigens mijn Alberto is ook flink uit de kluiten gewassen, een knappe jongen, zoo goed als hij en daarenboven een hart van goud en een eerlijkmanskind terwijl uw Salvatore „Laat mij met vrede zeide Maria beleedigd. „Een vondelinglacbte Silvio. „En dan zulk een ongeloofelijke trots zulk eene bespottelijke eerzucht Kom Maria gij voelt u zelve ook niet op uw gemak bij deze comedie gij begint in te zien dat hij u met zijne gladde tong van alles beeft voorgepraat, dat hjj nimmer zal vervullen daarom kijkt gjj zoo somber, terwijl het schip dat hem bij u brengtin de onmid dellijke nabijheid is." „Wat begrijpt gij mij nog weinig 1" antwoordde zij op medelijdenden toon. „Maar, Silvio, gij moest u schamen!" mengde zich nu een der jonge meisjes in het gesprek. „Hoe is het mogelijk, zoo achter den rag van Alberto voor hem te pleiten alsof hjj iemand waredie dat noodig heeft. Hij kan er aan iedereu vinger éóne krijgen En wat die sombere blikken en dat gerimpelde voorhoofd van Zingarella betreft, gij weet toch zoo goed als iemand, dat dit van jongs af hare gewoonte is geweest, wanneer baar iets gewichtigs voor de deur staat. Zij bemint baar Salvatore vuriger en inniger dan ooit; en juist wijl zij zoo met hem vervuld is, juist daarom is zij zoo

Kranten Regionaal Archief Alkmaar

Alkmaarsche Courant | 1889 | | pagina 1