SALVATOBE. FEUILLETON. No. 79. Een en Negentigste Jaargang. 1889. Hongersnood op Curasao. V R IJ D A G 5 JULI. NATIONALE MILITIE. Prijs der gewone Advertentiën: (Dffieiëel (Bcbceltc. Oproeping* V"erlofgang-ers. Roman van ERNST ECKSTEIN. £uit«alant>. DUITSCHLAND. In het regeeringsblad van Wur- temberg wordt van wege den opperbevelhebber gelo genstraft het dagblad bericht betreffende de russisehe officieren, die geweigerd zouden hebben te drinken op het duitsobe leger. Dit voorval heeft niet plaats gehad en de officieren hebben zich voortdurend deftig en kameraadschappelijk gedragen. ENGELAND. De Schaeh van Perzië is te Lon den aangekomen. Hij zal drie weken in Engeland verblijven. FRANKRIJK. De tentoonstelling te Parijs is van 5 Mei tot 30 Juni bezocht door 5.994.000 beta lende personen tegen 3.343 C00 in gelijk tijdvak van 1878. ILKMAARSCHE COURANT. Deze Coarant wordt Dinsdag-, Donderdag-en Zaterdagavond uitgegeven. Abonnementsprijs per 3 maanden voor Alkmaar f 0,80; franco door het geheele rijk f 1, De 3 nummers f 0,06. Per regel f 0,15. Groote letters naar plaatsruimte. Brieven franco aan de Uitgevers HERM». COS- TEE ZOON. BURGEMEESTER en WETHOUDERS van ALKMAAR roepen mits deze op CORNELIS DE JONG, loteling van de gemeente Alkmaar, lichting 1885, van het 4 regiment infan terie, om zich op Woensdag den 17 Juli 1889, des voormid dags te 10 uren, te laten vinden in het portaal van het raad huis alhierom aldaar door of van wege den Militie-Commis saris te worden onderzochtgekleed in uniform en voorzien van al de door hem van het korps medegebrachte kleeding- en equipementstukkenbenevens zakboekje en verlof- pas bij gebreke waarvan op hem zullen worden toegepast de straffendeswege bij de wet gesteld. Burgemeester en Wethouders voornoemd, Alkmaar, A. MACLAINE PONT. 3 Juli 1889. De Secretaris, NUHOUT VAN DER VEEN. Gedurende ruim een jaar is op Curasao geen regen van eenige beteekenis gevallen, Gedurende vijftien maanden beeft de tropische zon h;er alles verschroeid zonder dat de droge landerijen door eenige frissche buien zijn verkwikt. Tengevolge dezer buitengewoon langdurige droogte is de oogst geheel mislukt en verkeert een groot ge deelte der arme bevolking van dit eiland in een zeer erbarmeiijken toestand. De zoogenaamde arbeidende standdie in andere jaren althans wat maïs bad om het leven te rekken is na broodeloos en heeft nu letterlijk niets. Wegens gebrek aan werk, kan er door het grootste gedeelte van de bewoners der districten buiten de stad geen cent verdiend worden, zoodat men niet in staat is levensbehoeften te koopen. Er wordt dan ook niet alleen groote armoede, maar ook honger geleden. Honger! Verschrikkelijk woord! Gelukkig zij, die er geen ondervinding van hebben Diep beklagenswaardig daarentegen de ongelukkigen die meermalen te vergeefs naar eene bete broods uitzien Een gevolg van bet gebrek aan het boogstnoodige voedsel ia, dat bier vele gevallen van scheurbuik onder het volk voorkomen. Seeds zijn lijders daaraan bezweken. Hoe er geleden wordt, dat kan niet in woorden worden gebracht. Men kan bet slechts aanschouwen, cm bet nimmer te vergeten. Er is eene commissie benoemd, om liefdegaven voor onze noodlijdende en zieke medemenschen in te zamelen en hen van levensmiddelen te voorzien. Die commissie, waarvan de ondergeteekenden leden zijn beeft van de gegoede ingezetenen van Curayao eeDe vrij aanzienlijke som ontvangen. Eeeds werd sedert bet begin van Pebrnari 1.1. elke week aaD een groot aantal behoeftigen, onverschillig van welken godsdienst, een bedrag uitgedeeld, voldoende voor Naar het Hoogdnitscb. 4) Dat was te vee! Was hij daarom tusscben de woeste rotskloven gevlucht opdat de wreede Zingarella hem zon komen opzoeken, om hem baar geluk te toonen en hem iu tegenwoordigheid van den medeminnaar wellicht te bespotten Of wat wilde zij anders, de ondankbare die hoe langer hoe mooier werd, naarmate de wonde, die zij in zijn hart geslagen hadheviger begon te bloeden. Maar zij verkeerde in eene dwaling als zij den knaap meende te vinden dien hare overmoedige kinderhand eens op bet oog had geslagen Indien bet dan niet anders kon, indien men hem den strijd en de wraak opdrong, welnu, dan zouden zij oogsten wat zij gezaaid hadden. Bliksemsnel zou hij den Apuliër kunnen aangrijpen hem in den afgrond slingeren waar de rotswand zich loodrecht uit de branding verhief en ,ann,og, éénmaal geroepen: „Maria, u alleen heb ik liefgehad tot in den dooden den Apuliër gevolgdr Deze gedachte spookte hem gedurende een oogenblik door het brein. Onwillekeurig Epanden zich zijne spiereD. Daar klonk hem baar groet in de ooren en alle woede en haat waren verdwenen. Deze stem had eene overweldigende macht, zij betooverde hem zóó geheel, dat de herinnering aan het verleden werd uitgewischt, dat hy zelfs voor den Apuliër geen zweem meer over bad van den uitdagendea blik waarmede hij hem had willen opwachten. hun levensonderhoud; en bovendien worden gedurende de laatste weken nog ruim 200 lijders aau scheurbuik geregeld van voldoend dagelijkscb voedsel voorzien. De ondergeteekenden fcebben persoonlijk,dagen achter elkander, de buitendistricten van dit eiland bezocht en zich in tal van woningen begeven om zich volkomen op de hoogte te stellen van den deerni-waardigen toestand en de behoeften der ongelukkige lijders. Geene hut, waarin zich een zieke bevond werd door de onderge teekenden overgeslagen. Aangezien onder de gunstigste omstandigheden hier eerst in Maart of April van het volgende jaar op eenigen oogst kan worden gerekenden het dus te voorzien is dat de nood vooreerst meer en meer zal toenemen zullen de middelen waarover genoemde Commissie te beschikken heelt, weldra geheel uitgeput zijn, zoodat dan de noodige bijstand niet meer verleend en in de dringende behoeften der armen niet meer voorzien zal kunnen worden. Daarom veroorlooven ondergeteekenden zich de vrij heid een beroep te doen op uw welwillend humam- teitsgevoel, met beleefd verzoek, om het initiatief te willen nemen tot het vormen van plaatselijke Comités met het doel giften te collecteeren ten behoeve der gebrek lijdende bewoaers van deze nederlandsche kolonie. Er behoeft niet te worden gezegd datnu ouze eigene krachten te kort schieten, men hier het oog op het wegens zijne menschlievendheid zoo bekende moe derland gericht houdt. De ondergeteekenden houden z;ch overtuigd dat deze bede om hulp niet te vergeefs zal zijn terwijl zij zicb met de hoop vleien, dat zij spoedig in staat zullen worden gesteld, het begonnen liefdewerk voort te zetten. Spoedige hulp is dubbele hulp. Elke gave, hoe gering ook, die men ter leniging der hier beerschende armoede wil afzonderen, zal dankbaar in ontvangst worden genomen en in bet belang der behoeftigen zonder onderscheid van geloofworden aangewend. De ingezamelde gelden kunnen aan een der onder geteekenden per postwissel «orden gezonden; of anders gelieve men aan een hunner te berichten voor welk bedrag een wissel kan worden getrokken. Namens de voormelde Commissie, J. B. VAN DER LINDE SCHOTBORGH, Grondeigenaar, Curafae. J. H. WATERS GRAVEN HORST, Gepens. W. I. Hoofdambtenaar, Cnrafao. R. M. RIBBIÜS Lid van het Hof van Justitie, Cura9ao. Geneei instemmende met de strekking van boven staande circulaire, verklaren wij, met een dringend beroep op de offervaardigheid onzer lezers, ons gaarne tot bet in ontvang nemen van giften, boe klein ook, bereid. Zjj zullen geregeld in ons blad worden .verantwoord. De Uitgevers HERMs. COSTER ZOON »Zyt gij hetMaria vroeg hij bijna deemoedig, „Wat voert u hierheen? Wien hebt gij daar bij u „Salvatore Padovanino mijn verloofde", antwoordde Maria. „Hij komt uit Napels om van de zee te ge meten. Wilt gij ons uwe bark leenen ik zal roeien." ïjGegroet sprak Salvatore, op Alberto toetredende. „Zingarella heeft mij veel van u verteld. Gij rijt haar neef en zoo God wil zult gij ook spoedig de mijDe zyn. Zie hier, mijne hand I" Alberto aarzelde, msar Zingarella keek hem zóó vriendelijk en tevens zóó gebiedend aan dat hij zijne ergernis bedwong. Met een ingehouden, zwaren zucht reikte hij den Apuliër zijne rechterhand. „Waar ligt de bark vroeg Salvatore. Alberto wees zwijgend naar een kleine bocht, die men langs eene trap kon bereiken en waar boven den smallen oeverrand een paal uitstak. „Ginds, achter het boschje", antwoordde Maria, „gij hebt er toch geen nadeel bij, goede Alberto? Van"de zijde van de stad zie ik niemand aankomen en van Anacapri komt zelden een vreemdeling. Gij weet ging zij blozend voort „de apostel zegtgeld ot soed heb ik niet1" Alberto maakte eene beweging om aan te duiden dat zij eene dwaasheid gezegd bad; het iag toch voor de hand, dat hij van baar, de speelgenoote zijner jeugd, geen betaling zou aannemen. De Apuliër echter beet zich op de lippen. Een donkere blos overtoog zijn gelaathet schaamtegevoel van den armedie zich vernederd acht. Inderdaad bezat hij nog maar juist genoegom de terugreis naar Napels te bekostigen. Ais iemandwien de grond onder de voeten brandt vroeg bij op onzekeren toon of de ketting, waaraan de bark lag, met een slot gesloten was, en op Alberto's ontkennend antwoord, snelde hij haastig de trappen af, terwijl hij zijne verloofde met een wenk te kennen gaf, dat zij hem zon volgen, Zingarella bleef echter rog eenige cogenblikken bij baar neef. Den 2 is te Dortmnnd uitspraak gedaan in het proces van den opstand welke geruimen tijd geleden in de mijn „Sehleswig" onder de arbeiders ontstond. Van de aanvoerders zijn veroordeeld Bernhard Trautmann tot 5 Phal en Seiwied tot 4% Otto Trautmann en Wowreis tot 4 jaren tuchthuisstraf; Doringbof tot 3 Generot*.ky en Schnattmeijer tot 1%, Kristenbreek tot 2f jaren gevangenisstraf. Het rechtsgeding tegen de leveranciers voor het leger Wollank en Hagemann, wegens omkooperij van betaalmeesters odz., is den 3 geëindigd met de veroor deeling van Hagemann tot 5 jaren en van Wollank tot 1^ jaar gevangenisstraf; eerstgenoemde bovendien tot verlies zijner burgerrechten voor den tijd van 5 jaren. Het verzoekschrift aan het parlement ten gunste van een wetsontwerp tot sluiting der herbergen op Zondag is in de vorige week iDgediend. Zes man waren noodig, om dit door 465000 personen onderteekende stuk binnen te dragen. Te Marseille bebbeu de bakkersknechts bet werk gestaakt. De verkiezingen voor de algemeene raden zijn od den 18 bepaald. Den 1 is te Parijs de verkooping aangevangen van de beroemde sehilderijenverzameling van den heer Seerétan, gewezen directeur der onlangs te niet gegane maat schappij der metalen. Dien dag beliep de opbrengst reeds meer dan f 1,750 000; den 2 beliep de opbrengst ruim 900.000. Een Prans Hals bracht f 55000een ander f 45000, een hollandscb binnenhuis vau Pieter de Hoogbe f 138.000 en een Rubens f 65000 op. Den 3 heeft tweemaal eene ontploffing plaats gehad in de mijn Verhilleux, behoorende aan de steenkolen- maatschappij van St. Etienne, toen 300 werklieden zich in de gangen bevonden. Het aantal geredden was nog zeer gering. Te Aubervilliers, nabij Parijs, is de vuurwerkfabriek van den heer Ruggieri, waar eene groote voorraad vuurwerk lag, in de lucht gesprongen. Op het oogen blik van het springen der fabriek waren er 18 personen aan het werkwaarvan reeds zes lijken gevonden zijn. „Weet gij wel Alberto", sprak zij, „dat ik het u kwalijk neem Ik moet n hier in de eenzaamheid op zoeken om n met Salvatore in kennis te brengen terwijl hij reeds vier malen op Capri geweest is. Wat hebt gij toch? Wij waren eertijds vrienden, Alberto; ja, ik geloof dat op het geheele eiland, buiten de trouwe Bartolda het niemand zoo eerlijk met mij meent als gij. Zou dat dan alles voorbij zijn Gij zijt zoo goed, en meer dan eén meisje zou zich gelukkig achten indien gij haar een blik waardig keurdet. Giulietta bijvoorbeeldGeniet wat meer van het leven en geef mij open en eerlijk de hand niet zoo bang en aar zelend als gij baar zoo even mijn Apuliër gereikt hebt, maar zoo van ganscher harte! Gij zult wel weer vroolijk worden indien het ai waar is wat uw vader vertelt." „O Hoe heeft hij dat kunnen doen „Heeft hij zich misschien vergist Zooveel te beter voor u De eerste maal reeds heb ik rondweg ten antwoord gegeven, dat hij zeker gedroomd bad; als dat waarheid was, zon ik het toch in al die jaren wel eens hebben moeten opmerken. Maar zooals hij nu eenmaal is hij hield het vol." „Hij heeft de waarheid gesproken zuchtte Alberto. „Ja..gij. gjj..." Hij wendde zich naar den ingang van de hut. Zijn hart klopte met dubbele slagen er kwam een floers vcor zijne oogen; hij voelde, dat hij niet meer in staat was zich in te houden. Eéne seconde nog en hy zou voor de wreede Zingarella op de knieën zijn gevallen en zijn met tranen overstroomd gelaat tegen den zoom van baar kleed hebben gedrukt. Hij ging de but binnen. Maria volgde hem. „Alberto sprak zy vriendelijk, „wees niet boos, omdat het noodlot ons scheidt. Of neen wat spreek ik van scheidingWij zullen bij elkander blijven zij bet ook anders dan uw hart bad gehoopt. Geef my de band Alberto Beloof mij dat gij altijd van mij zult houden als een vriend als een broeder en dat gij ter wille van mij uwe jaloezie zult overwinnen. Zie"

Kranten Regionaal Archief Alkmaar

Alkmaarsche Courant | 1889 | | pagina 1