PARIJSCHE BRIEVEN. betoog zat zoo goed in elkaar, dat er weinig tegen in te brengen was. Merkwaardig is 't te zien, met welke snelheid het goed recht der vrouwen-beweging zich heeft baan ge broken. Gesteund door voorlichting van eminente per sonen heeft zij thans een vorm aangenomen, die de man nen dwingt om mee te gaan, willen zij niet in verden king komen van geslagen te zijn in de boeien van het starre conservatisme. Met de voorloopsters, de zooge naamde ♦Vrije Vrouwen" was spotten tot vóór eenige jaren geoorloofd en zij gaven daartoe dan ook ruimschoots aanleiding. Maar sedert is de zaak ter hand genomen door andere vrouwen, minder strijdlustig maar meer toe gerust met degelijke argumenten en zij treden zoo ernstig op, dat alle spotlust verstomt en nadenken daarvoor in plaats treedt. Dames als mevrouw Drucker staan lang niet meer in de eerste rijen. Op elk gebied treedt de vrouw naar voren dat leerde ons dezer dagen nog weer de anders zoo dorre Staatscourant. Dnarin werden opgenomen de statuten der naamlooze vennootschap Woning-Maatschappij Oud- Amsterdam", waarvan mej. E. J. ter Menlen directrice is, terwijl van de 17 aandeelhouders er 11 van het vrou welijk geslacht zijn. Een schoon doel wordt door haar beoogdde verbetering der volkshnisvesting. Zij wil dit bereiken1 door het aankoopen of op andere wijze verkrijgen van bestaande woningen2°. door het aan koopen of op andere wijze verkrijgen van bestaande niet aan de eischen voldoende woningen om die te ver bouwen te veranderen te verbeteren of te vernieuwen; 3". door het aankoopen of op andere wijze verkrijgen van terreinen met of zonder opstal en, waar deze be staan door het af breken en sloopen van de daarop aan wezige gebouwen en met of zonder stichting van wo ningen verbreeding van te nauwe toegangswegen en daardoor bevordering van ruimere luchtverversching te vorkrijgendit alles tegen een voldoend aequivalent 4°. door het administreeren en onderhonden van arbei derswoningen op economische wijze die voor zoo billijk mogelijken prijs te kunnen verhuren. De winstdeeling is zoo ingerichtdat van de zuivere winst aan de aandeelhouders hoogstens 3 pet. over het bedrag van hun aandeelen mag worden uitgekeerd het overschot wordt voor de helft gebruikt tot afschrijving op do onroerende goederen en voor de andere helft tot vorming van een reservefonds. Vroeger stelde men de vrouw zich zoo gaarne voor als helende en verzachtende de wonden op het slagveld of als vriendelijke engel aan het ziekbed. Wie zal er echter niet dankbaar voor wezen, dat zij nn haar arbeids veld heeft uitgebreid en ook balsem wil gieten in schrij nende sociale wonden Zoo blijft het goede hart bestaan bij alle emancipatie. XXVII. Parijs, 14 November 1898. Natuurlijk houdt men zich te Parijs nog steeds met de zaak-Dreyfus bezig, doch men is veel kalmer geworden, en men hoort er veel minder over spreken dan eeni- gen tyd geleden. Het is toch wel alsof de groote menigte gevoelt, dat thans het recht zijn loop zal heb ben, en men rustig moet afwachten wat het onderzoek, door het hoogste gerechtshof ingesteld zal aan den dag brengen. Intusschen zitten voor-en tegenstanders van den veroordeelde niet geheel stil, thans verkoopt men zelfs cents-prenten, getiteld »de geschiedenis van een onschul dige" en een ganzenbord»de zaak Dreyfus en de waarheid." De eerste is een echte kinderprent met zestien plaat jes, welke in het kort de geschiedenis weergeven van de veroordeeling van Dreyfus, zijn verblijf op het Duivels eiland, het proces Zola, den dood van Henry, de vlucht van Esterhazy en eindelijk de apotheose van den terug gekeerden onschuldige. Deze prent wordt op straat rond gevent voor 1 sou. De andere plaat is het bekende ganzenbord of ♦Jeu de l'Oie" doch waarin de gansjes hier vervangen worden door »vérités" of waarheden in Eva's costuum. De eerste waarheid staat dus op no. 6, de tweede op no. 14 en zoo sedert heb ik haar als mijn eigen dochter behandeld. Zij is het zonnestraaltje in mijn huis een zacht aardig vriendelijkvroolijk wezen, dat met talent mijne huishouding bestuurt. Zij is als 't ware mijne rechter hand en slechts in ééne zaak heeft zij tegen mijn wensch in gehandeld. Twee keer heeft mijn zoon haar n.l. ten huweljjk gevraagdwant hij houdt zielsveel van haar en beide keeren heeft zij hem afgewezen. En toch geloof ikdat zij de eenige isdie hem goed zou hebben kunnen leiden. Nu weet gijMr. Holmes, welke menschen er zoo al onder mijn dak leven en zal ik met mijn treurige geschiedenis voortgaan. Toen wij dien avond na het diner in het salon koffie dronken vertelde ik Arthur en Mary van mijn voor naam bezoek en het kostbare kleinood, dat ik tijdelijk in bewaring had gekregen alleen verzweeg ik den naam van mijn cliënt. Lucy Parr die de koffie had binnen gebracht had reeds de kamer verlatendaar ben ik zeker van maar ik zou er geen eed op durven doen dat de deur gesloten was. Mary en Arthur stelden veel belang in mijn verhaal en wenschten allebei het vermaarde kroontje te ziendoch ik wilde dit niet toestaan." »Waar hebt gij het neergezet vroeg Arthur. »In mijn eigen bureau." ♦Nu dan hoop ik dat er van nacht niet bij ons inge broken wordtzeide hij. »Het is goed achter slot geborgen," gaf ik ten antwoord. »0, er zal wel een of ander oude sleutel op uw bureau passen. Als jongen heb ik het dikwijls geopend met den sleutel van het buffet." Hij praatte dikwijls zoo lichtzinnig, zoodat ik er weinig over nadacht. Toen ik mij dien avond echter naar mijne kamer begaf, volgde hij mij met zeer ern- stigen b ik. »Hoor eens, papa," zeide hij, ♦kunt ge mij aan twee honderd pond helpen »Neen, dat kan ik niet," gaf ik bits ten antwoord. »Ik ben in geldzaken al veel te goed voor je geweest." vervolgens tot no. 63. No. 4 is de heer Scheurer- Kestner, no. 7 Zola, no. 13 de president Delegorgue, hier Bellegorge geheeten no. 17 de schriftkundigen, no. 28 de Uhlaan no. 29, het borderel, no. 31 de Mont- Valérien no. 33 de advocaat Labori, no. 35 het dag blad ♦l'Aurore", no. 38 het Duivelseiland, no. 48 kolonel Picqnart, no. 52 de gevangenis van Cherche-Midi, no. 55 Clémeneeau, no. 62 advocaat Demange enz. enz.; wij wijzen slechts op enkele der hoofdnummers. Dat men heden deze prenten langs de straat en aan de kiosken verkoopt is wel een bewijs dat de affaire in de publieke meening een geheel ander karakter heeft aange nomen als voorheen het geval was. Intusschen vloeien uit dit groote proces vele kleine pro cessen voort, het is als eene rivier, welke buiten hare oevers treedt, en overal kleine beekjes vormt. Af en toe hebben wij ook eens een duelen ziet men daarna hoe laag sommigen zijn gezonken. Denkt eens, een advocaat duel leert met een journalistde eerste wordt gewond, en wat schrijft thans het blad van dien journalist Gij zoudt het nooit gelooven, doch het blad »Le Jour" bevat de volgende woorden Wij hebben het genoegen te vernemen dat de wond, ontvangen door den heer M advocaat, ernstiger is dan men meent. Geholpen door eene leelijke ziekte, is ♦er alle reden te hopen dat deze wonde gevolgen zal medebrengen." Hoe het mogelijk is, dat iemand zulk een lage gedachte durfde nederschrijven, is ons een raadsel. Nog nooit heeft men zich na een duel openljjk vroolijk gemaakt over de verwonding van de tegenpartij, en het is voorzeker de eerste hopen wij ook de laatste maaldat wij zoo iets leeljjks in eene courant lezen. Aan ♦affiches" ontbreekt het ook niet. Van wie het, uitgaat is ons niet bepaald bekend, doch overal ziet men eene plaat geplakt met de borstbeelden der laatste vijf ministers van oorlog, en in groote letters staat daarbij gedrukt: ♦Dreyfus is een verrader." Ook de camelots maken nog steeds met de couranten goede zaken, enkelen trachten zelfs de fortuin een handje te helpen, en wan neer 's avonds laat de schouwburgen uitgaan, roepen zij de vreeselijkste nieuwstijdingen. Zoo schreeuwden zij ♦De moord van de koningin van Engeland", en dit stond zelfs op de bladen met reuzenletters gedrukt, maar de lezer, die zulk een courant kocht, zocht tevergeefs naar de bevestiging van dit sensatie-bericht. Die camelots heb ben eenvoudig een timbreertoestel met groote en kleine letters, en kunnen dus op de couranten drukken wat zij willen. De Siècle, het dagblad van Yves Guyot, een Dreyfusard, gaf deze week een bijvoegsel waarin de af beeldsels voor kwamen van vele caricaturen uit andere landen, alle handelende over de ♦affaire". Op de eerste bladzijde waren verscheidene Nederlandsche spotplaten. Toch moet men in den vreemde niet vergeten, dat eene vergissing op rechtskundig gebied overal kan voorkomen, en dat men misschien in geen ander land zoovele moedige man nen zon, vinden die hun eigen rust en belangen ten offer zouden brengen voor eene goede zaak. De eerste Dreyfusards hebben vreeselijk te kampen gehad, zij wer den bedreigd in eer en leven, maar reeds meer dan een jaar lang houden zij dag aan dag moedig stand, en thans winnen zij veld. Dreyfus zelf moet nu weten dat zijn proces voor herziening vatbaar is, hij zal worden onder vraagd, zal zich dus mogen verdedigen. Dat die ♦affaire" hier overigens van groot nadeel geweest is in alle opzichten, valt niet te ontkennen. Het geheele land is er door in beroering gebracht, goede oude vrienden zijn volslagen vijanden geworden en bij velen is de haat tegen de Joden tot het uiterste gedreven. Met de boeken en brochures welke bij den uitgever Stoch het licht zagen over deze zaak, zou men eene bibliotheek kunnen vullen. Ook de kolonel Picquart zit wel nog altijd gevangen, doch thans mag hij zijnen verdediger zien. De hemel geve nu maar, dat wij niet eene affaire-Picquart krijgen, want wij hebben waarlijk aan de Dreyfuszaak genoeg. Aangenamer was bet te vernemen, dat president Felix Faure werd opgenomen in de Orde van het Gulden Vlies van Spanje. In deze onderscheiding kunnen alle Franschen zich verheugen het is altijd gelukkig wanneer eene ♦Maar ik moet dat geld volstrekt gebruiken, anders durf ik mij nooit weer op de club laten zien." Dat zou juist een groot geluk voor je wezen," riep ik. Alles heel goed, maar ge zult toch niet wenschen, dat ik ze als een eerloos man verlaat. Ik moet vol strekt het g eld hebben en als ge het mij niet wilt ver schaffen, dan moet ik het op eene andere manier zien te krijgen," Ik was zeer driftig geworden, want dit was nu de derde maal in den loop van eene maand, dat hij mij om geld vroeg. ♦Ge krijgt geen farthing van mij riep ik, waarop hij boog en de kamer verliet, zonder een woord te zeggen. Toen hij vertrokken wasopende ik mijn bureau, zocht een veilig plaatsje voor den mij toevertrouwden schat op en sloot het toen weer. Nu ging ik rondzien, of alle deuren wel goed gesloten waren, wat ik gewoonlijk aan Mary overlietmaar dat ik dezen keer zelf eens deed. Beneden komende, zag ik, dat Mary juist bezig was, een zijvenster van het voorhuis dicht te doen en met een stevig Ink te sluiten. Zeg eenspapa," zeide zij, mij naar het mij voor kwam een weinig ontsteld aanziende, ♦hebt gij Lucy ver lof gegeven, van avond uit te gaan ♦Zeker niet." Zij kwam nu juist door de achterdeur binnen. Ik denk, dat zij even naar een van de zijdeuren is geweest, om iemand te spreken, maar zoo iets is toch minder vertrouwd en moest niet meer gebeuren." Je moet haar er morgen vroeg maar eens over onder houden, of, als je het verkiest, wil ik het ook wel doen. Zijn alle deuren en vensters goed gesloten ♦Alles is in oide, papa." Ik kuste haar goeden nacht en ging de trap op naar mijne slaapkamer. Ik vertel u alles uitvoerig, mr. Hol mes, wat met deze gebeurtenissen in eenig verband kan Een farthing is het vierde van een penny of ongeveer 1 cent. bevriende natie eene hooge onderscheiding toekent aan het hoofd van den staat. Het wordt kouder dit is ook een gelukwant de parijsche bladen hebben een dwaze gewoonte. Wanneer het eens een of twee winters heel boud is, dan weten zij u zeer wijselijk te vertellen, dat de temperatuur op onzen aardbol gestadig aan het afnemen is, en er een tijd zal komen, dat wij niets als ijs en sneeuw zullen zien. Dan veranderen zij ons reeds bij voorbaat in Eskimo's en Laplanders. Doch komt er dan maar één zachte Decem bermaand, voorafgegaan door een warmen zomer en zachten herfst, ja, dan maken diezelfde bladen ons het tegendeel wijs. Dan komen er geen winters meer. Een aardig volk de Franschen, doch zij vervallen snel van het eene uiterste in het andere. J. M. T. Bescherming van vogels. Ook in Frankrijk zint men sedert eenigen tijd, en niet zonder ernstige redenen, op de zoo noodige be scherming der kleine vogels. Bij de Kamer van Afgevaardigden is reeds een wets ontwerp ingediend, t welk deze bescherming op het oog heeft en dat vergezeld gaat van een reeks beweeggronden, die do tusschenkomst van den Staat in deze aangele genheid in ruime mate wettigen. Graaf du Périer de Larsan, die het ontwerp indiende, verklaart, dat zijn arrondissement van September tot Februari zoo goed als bedekt is met paar de hare a strikken en daar werkelijk alles, wat de lucht doorklieft, wordt gevangen. Volgens eene sta tistiek, opgemaakt in het uit woeste gronden bestaande deel van het departement der Gironde, zijn daar in een enkel seizoen 25.000 kilo kleine vogels afgezonden en vervoerd. Stelt men het gemiddeld gewicht van zulk een vogeltje op 33 gram, dan zijn alleen in die streek binnen en kele maanden 750.000 kleine vogels gedood. Wanneer men nu, gelijk het ♦Bulletin de la Sociétó d'Acclimation' opmerkt, in aanmerking neemt, dat de entomologen het aantal larven, insecten, rupsen, pop pen, enz. die per dag door een kleinen vogel verslonden worden, op tweehonderd stuks schatten, dan komt men tot de uitkomst, dat die arme gedoode vogeltjes het aardrijk in een jaar hadden kunnen bevrijden van 55 milliarden insecten Zelis de musch, als graandief zoo gevreesd, bewijst in de lente, wanneer hij insecten-eter is, gewichtige dien sten. De heer Pelicot zegtaannemende, dat er 50 millioen musschen in Frankrijk zijn, die ieder 4 pond graan verbruiken, tegen 22 frank per 100 kilodan beloopt de schade, die zij per jaar veroorzaken, 22 mil lioen frank. Hier staat tegenover, dat elke musch per week vernietigtminstens 1680 rupsen, alsmede (in 12 dagen en per nest) 360 kevers dat maakt voor heel Frankrijk het niet te versmaden aantal van 84 billioen rupsen per week en 16 billioen kevers in 12 dagen. Dit zijn diensten, die voorzeker niet te duur betaald worden. Italië, Oostenrijk, Duitschland en Zwitserland zijn het omtrent de bescherming der kleine vogels reeds onder ling eens geworden. In Frankrijk hoopt men, dat de Staat de wenschen verhooren mocht van het ornitholo gisch congres, dat sedert zijne oprichting te Parijs in 1895 de krachtigste pogingen doet, om zoowel bij open bare machten als bijzondere personen belangstelling voor deze levensvraag op te wekken. (♦N. v. d. D.") Ontploffing. In een restaurant aan de Place de la Bou. se te Parijs heeft den 20 een ontploffing plaats gehad waarbij twee personen zijn gedood en acht gewond. Men vreesde oorspronkelijk voor een anarchistischon aanslag, later bleek evenwel dat een petroleumlamp in den kelder was gesprongen en de brandende petroleum een vat alcohol deed ontploffen. Botsing. Op don London and Western Spoorweg is bij Ore we een ledige trein gereden op een wachtende locomotief. De geheele trein bestaande uit veertig waggons is ver brijzeld. De machinist werd gedoodde stoker en de machinist van de wachtende locomotief zijn zwaar gewond. 1-^TWTTTniifTTirmiiriHiTiimrirMiiBiiiiii iiTiiifiiifMÉirnaii-iiMiiiBMiiTiririfiïii-WiiHiimTiigBgiiHBiMMiiiiii staan en verzoek u, wanneer u een of auder niet vol komen helder is, mij te ondervragen." Uw verhaal is bijzonder duidelijk." ♦Ik wenschte, dat ik dit ook kon zeggen van wat ik u verder ga vertellen. Gewoonlijk slaap ik niet zeer vast en de zorg voor de veiligheid van het mij toevertrouwde kroonjuweel maakte mijn slaap nog minder vast dan anders. Om streeks twee uur in den ochtend werd ik door een vreemd geluid in huis gewekt. Het had opgehouden, voor ik geheel wakker was, maar het liet bij mij den indruk achter, alsof ergens in huis zachtjes een ven ster geopend werd. Ik luisterde aandachtig. Plotseling hoorde ik duidelijk het gerucht van voetstappen in de aangrenzende kamerik liet mij uit mijn bed glijden met van angst kloppend hart en keek om den hoek der deur van mijn kleedkamer. Arthur! dief! schurk!" gilde ik, ♦hoe durf je het wagen het kroontje aan te raken Het gaslicht brandde laag en mijn ongelukkige zoon, slechts in hemd en broek-gekleed, bezag bij de gasvlam het kroontje. Hij scheen er met alle kracht iets aan te verdraaien en te verbuigen. Toen bij mijne Btem hoorde, liet hij het vallen en ging doodsbleek achteruit, ik raapte het op en bezag het nauwkeurig. Er ontbrak een van de gouden hoeken met drie kostbaie berillen aan. Deugniet schreeuwde ik buiten mijzelf van woede. Je hebt het vernield Je hebt mij voor altijd mijn eer ontuomen Waar zijn de juweelen, die je hebt gestolen Gestolen riep hij. Ja, gestolen! ellendige dief!" raasde ik, hem bij den schouder grijpende en heen en weer schuddende. Er ontbreekt geen enkele aan. Er kan geen enkele aan ontbreken," zeide hij. Er ontbreken er drie. En jij weet waar zij zijn. Moet ik je een leugenaar, of een dief noemen Zag ik niet, dat je er nog een anderen steen wildet afrukken (Wordt vervolgd.) Druk v. Herms. Coster Zoon, Alkmaar.

Kranten Regionaal Archief Alkmaar

Alkmaarsche Courant | 1898 | | pagina 6