No. 284. DAGBLAD VOOR AT,Of AAR EN OMSTREKEN. Voorbereidend militair onderricht. Honderd en achtste jaargang. 190<>. Drie levens. MAANDAG 3 DECEMBER. B I N N E N lTN DT FEUILLETON. Deze Courant wordt eiken avondbehalve op Zon- en Feestdagenuitgegeven. Abonnementsprijs per 3 maanden voor Alkmaar f 0,80 franco door het geheele Kijk f I, Afzonderlijke nummers 3 Cents. Telefoonnummer 3. Prijs der gewone advertentifin Per regel f 0,10. Bij groote contracten rabat, Groote letters naar plaatsruimte. Brieven franco aan de N.|V. Boek- en Handelsdrukkerij v|h. HKRMs. COSTER ZOON Voordam O 9. Hinderwet. ALKMAAR COURANT. l)e BURGEMEESTER der gemeente ALKMAAR brengt, naar aanleiding van een desbetreffende circulaire van den heer Commissaris der Koningin in deze pro vincie, ter kennis van belanghebbenden, dat het onder zoek naar de geoefendheid van lo. lotelingen die dingen naar het bewijs, hetzij voor militaire bekwaamheid, hetzjj voor lichamelqke ge oefendheid, dan wel voor beide, lo. jongeliedendie dingen naar het militair getuigschrift, vereischt tot het aangaan eener verbintenis bij het reservekader, hetzjj der Infanterie of der Vesting ar tillerie, dan wel der Genie, zal plaats vinden in het tjjdvak van en met 3 toe en met 15 Januri 1907 dat het onderzoek voor eiken deelnemer in één dag afloopt en voor lotelingen en jongelieden, woonachtig of verbljjthoudende in de gemeente Alkmaar, zal worden gehouden te Helder dat tot het onderzoek uitsluitend worden toegelaten a. zjj, die hebben deelgenomen aan de loting voor de lichting 1907; b. de lotelingen der lichting 1 906, die, ingevolge het bepaalde bij de 2e zinsnede van art. 99 der Mihtiewet 1901, in 190 7 worden ingelijfd c. de reeds ingelijfde lotelingen, in het genot van uitstel van eerste oefening, die, om in aanmerking te kunnen komen voor verlenging van uitstel in verband met de bepaling van het op twee na laatste lid van art. 92 van het K. B. van 2 December 1901 (Staatsblad No. 230), zooals dit artikel gewijzigd is bjj K. B. van 17 October 1904 (Staatsblad No. 234), hun bewjjs van voorgeoefendheid wenschen te vernieuwen (X. jongelieden, adspiranten tnijwiUiger voor het reservekader der Infanterie, vesting-artillerie of genie. Belanghebbenden die zich niet vóór of op den lOen December 1906 ter gemeente secretarie tot deelneming aan het onderricht hebben aangemeld, worden niet tot dat onder zoek toegelaten. Alkmaar, De Burgemeester voornoemd, 30 Nov. 1906. G. R I P P 1N G. BURGEMEESTER en WETHOUDERS van Alkmaak brengen, ingevolge art. 8 der Hinderwet, ter algemeene keonis, dat zjj bjj besluiten van 1 December 1.1. voor w ardeljjk vergunning hebben verleend aan: lo. J. BOSSEi.iT, Handelende onder de firma F. J. THEISSLING, aldaar, tot het opr chten van een gas motor van 4 P. K., ter vervanging van een stoommachine, ten behoeve van zjjn koffiestroopbrandjrjj in het perceel Spanjaardstraat, C no. 21; 2r. J. 0. LEVERT, aldaar, tot het uitbreiden van zjjae beretelplaats voor rjjwelen door net op io'iten van een gasmotor van 2 P. K., dienende tot he*; in beweging brengen van een draaibank en sljjpsteenen, in het obter- gedeelte van het poroeel Hekelstraat, 0 no. 18. Burgemeester en Wethouders voo noeuid, Alkmaar, G RIPPING, Voorzittir. 3 Deo. 1906. DONATH, Secretaris. Tweede Kamer. By de algemeene beschouwingen over de Staatsbe groting komt de heer De Visser op de quaestie der kweeksoholen terug bij Hoofdstuk V. Verder con stateerde spr. dat zijn zakelijk betoog omtrent de antithese met geen enkel zakelijk argument is weer legd en verduidelijkte nader zijne bedoeling] ten aanzien van de antithese en Zondagsrust. Spr. ontkende dat de Voor gravis II RU a H ETA BFNtK. (Henriëtte van Meerheinsb.) 1) In het hotel du Lac te Sf. Moritz luidde de klok voor het tweede ontbjjt. En niet lang daarna verschenen de gasten in de gioote, fraaie eetzaal. Zjj waren niet vol tallig want vele maakten uitstapjes en zouden eerst tegen het avondeten hongerig en vermoeid maar opge togen terugkeeren. Behalve de lange tafel stonden er andere kleinere gedekt iu de zaal voor de doortrekkende gasten of voor families, die gaarne afgezonderd bleven van het overige gezelschap. Een van deze tafels, die in de diepe vensternis stond, werd bjjzonder met de opmerkzaamheid van de aan wezigen begunstigd. De gasten aan de lange tafel keken voortdurend met nieuwsgierige blikken daarheen, de kellners bedienden deze tafel het eerst, de mand met bloemen die diar s oud was met meer zorg geschikt dan de overige. In elk kunstig gevouwen servet prijkten eenige geurige rozen, die uit Ragaz moesten komen in groote manden, want in de hooge lucht van St. Moritz bloeit slechts de alpenflora. Tot ontevredenheid van de overige gasten en tot geheime onrust van den keukenchef en de keLners, bleef deze tafel heden eenigen tjjd ongebruikt. Aan de hoofd tafel was men reeds aan het tweede gerecht, toen de berbiedig buigende ober-kellner de deur van de biljart zaal daarnaast wjjd opende. Twee zeer eenvoudig ge kleede jonge dames met korte donkere rokken van lodenstof en witte hemdblouses, gevolgd door twee slanke heeren in gemakkeljjk r< iscostuum, traden vlug naar binnen. heer Vermeulen zich verklaard heeft tegen de theolo gischo faculteit in den zin als door den heer Tydema" werd aangegeven. Komende tot den heer De Beaufort betuigt spr. zijne verwondering dat deze zich beriep op Alexander Vinet wiens radicale staatsopvatting toch zeker bij den beer De Beaufort geen sympathie kan vinden. Ten aanzien van het inroepen van Gods zegen op den arbeid in de Troonrede van 1869 heeft spr. zich in den vorm vergist. Bij de beraadslaging van het concept antwoord is van liberale zjjde het voornemen uitgesproken het vorpleogde verzuim om te zetten in bewuste daden. In den vorm moge spr. zich dus ver gist hebben het zakelijk element blijft bestaan. De heer Troeistra zeide, dat de heer De Visser mot zijn rede een wanhopige poging heeft gedaan om althans buiten de Kamer den indruk te vestigen dat er althans nog zoo iets van de antithese bestaat. Tegenover den heer Kolkman zei spr. het op te geven om langer te strijden tegen de bewering welke men steeds en steeds, weer ingang tracht te doen vinden alsof de sooiaal-deraooraten strijden tegen God. Dat er tussohen anti-clerioaal en anti-godsdienstig een groot verschil bestaat behoeft spr. zeker niet nader in het licht te stellen. Thans >ve'gaande tot het kiesrecht zeide spreker dat de hoeren er zich hebben trachten uit te redden, de een op aardige wijze, de ander minder aa-dig. Intus- schec, dit valt te eonstateeren, dat er vooruitgang is waar te nemen. Dit wil spr. er nog bijvoegen, dat de hoer Talma in Patrimonium verwaohtingen omtrent het kiesrecht opwekt en in vergaderingen van anti- revolutionnairen het kiesreohtvraagstuk van de baan tracht te schuiven. Gesohiedde zoo iets bij de soo -dem. dan zou men spreken van verraad en gpr. zou dit niet kunnen bestrijden. Eindeljjk de houding der so:.-dem. tegenover deze Regeering. De minister van Financ ën zeide gister wjj zjjn u dankbaar voor uw steun in zake het bljjvende gedeelte, maar aan nw theoretischen steun van den minister van Oorlog hebben wjj niets. De soc.-dem. zien echter in dezen minister van Oorlog niet den man oie ernstig bezuinigen wil. De soc.-democraten kunnen niet op één punt bljjven staan, zjj nemen de zaak in haar geheel. Spr. zei dus tot den minister van Finan ciën wjj kunnen uw raad om voor de oorlogsbegrooting te stemmen niet opvolgen. Het punt der invaliditeit zal in de soc.-dem. partij opnieuw aan de orde worden gesteld en worden on derzocht. Waar de heer Talma gisteren zeide de inva liditeitsverzekering zal zooveel duurder worden voor den arbeider, daar vraagt sprekerzou dat niet een reden kunnen zjjn om de ouderdomsverzekering ten koste van den staat te brengen. In geen geval meende spr., dat het standpunt kan gehandhaafd worden dat de Staat voor de invaliditeits verzekering niets zal hebben te betalen dan de admi nistratiekosten. De heer Tydeman heeft goede nota genomen van 's ministers toezegging in zake het export van kaas. Minder bevredigend vond hij 's ministers antwoord in zake belasting der goederen in de doods hand. Volgens gegevens van anderen zou die b lasting wel 3 millioen kunnen opbrengen. De minister van Financiën antwoor 'de dat het denkbeeld van den heer Troeistra om den jurist die de rechtspositie der ambtenaren zal voorbereiden overlag te doen plegen met de vakvereenigingen hem wel toelacht. Hjj erkende dat het blanco artikel geen regeling is, doch het zal de staketsels tegen kiesrechs- uitbreiding wegnemen. Het vorig ontwerp invaliditeitsverzekering is niet ingetrokken op grond van onjuiste cjjfers, maar omdat het onvolledig was. Eeu kennersoog slechts bemerkt de verborgen sier Ijjkheid van de damesrokken, hoe goed ze hingen, met de plooien van grove stof over ruischende zjjde, en zag slechts het goede snit van de heeren colberts en het elegant model van de verlakte schoenen aan ue smalle voeten. De kleinste der dames had een sierljjk figuurtje en vlugge bewegingen en droeg haar randen matrozen- fa ted ver uaar achteren. Zy zag met haar helder blauwe oogen vergenoegd naar de gezichten aan de lange tatel, voor dat zjj zich nederzette op den stoel, dien de kellner gedienstig aanschoof. De heeren namen rechts en links van haar plaats en de andere dame ging tegenover haar zittten. «Wie is nu eigenljjk de kroonprinses?» vroeg de echtgenoote van den handelsraad Schneider uit Berljjn aan haar buurman. Zjj keek met onbescheiden nieuws gierigheid voortdurend naar de tafel in de vensternis waar de vier interessante vreemdelingen in levendig gesprek waren en den voortrelleljjken spjjzen alle eer aandeden. «De kleine blonde dame is de kroonprinses van G iickstadt,* antwoordde de oude heer zacht. »'t Is niet mogeljjk 1 Wat ziet zjj er onbeteekenend uit. De andere is veel grooter en mooier.» «Dat is haar hofdame, freule Sitta von Uohenlhal. Lo heer, <lie zoo druk met haar spreekt is de kroonprins, Albrecht von Gliickstadt en die slanke bruine heer met het kortgeknipte haar, d e juist aan zijn buurdame de compè'e toereikt is ritmeester Hans Hennmg von Krö .hert, de adjudant van den prins.» «Maar van dat alles staat er niets op de vreemdelin- genljjst I» »Neen. De vorsten noemen z.ch graat en gravin Freudcnberg, naar een van hun kasteelun. Alsof hier toch niet binnen vier en twintig uur iedereen zou weten wie zjj waren en men ze daarom minder zcu aangapen De vrouw van den handelsraad legde een weinig be schaamd haar lorgnet neer. «De hofdame is werkeljjk beeldschoon,» zeide zjj fluisterend. De geheimraad knikte. »Dat schjjnen de heeren daar ook te vinden.» Dadeljjk werd de onmisbare lorgnet weer ter hand genomen. De minister verschilt met den heer Van Karnebeek van gevoelen dat de militaire lasten niet zwaarder drukken dan vroeger. Het blijvend gedeelte geniet eigenljjk geen militaire opleiding maar dient voor corveeën, wachten enz. en daarom meeat de minister van Oorlog dat het bljjvend gedeelte kan verminderd worden, zonder js lands belang te schaden waar omtrent de minister van Oorlog de Kamer nader zal inlichten. Mocht de minister van Oorlog het pleit verliezen dan zullen zijn ambtgenooten zorgvuldig overwegen welke beteekenis dan aan het votum der Kamer is te hechten en zorgvuldig overwegen wat hun te doen staat daarbij alleen rekening houdende op s lands belang. De algemeene beschouwingen worden gesloten en hoofdstuk I wordt aangenomen z. h. s. Aan de orde is Hoofdstuk II (Hooge Collegiën). Analystisch Verslag der Kamer (kosten f 40.000). De heer Rood huyzenzal zich niet kunnen vereeni gen met den voorgestelden post. Van het voordragen van dien post maakte spr. der Regeering geen verwjjt. Het geschiedde op het verlangen van de Kamer. Hat korte verslag heeft alleen rede van bestaan, wanneer de Pers haar taak zóó vervult dat ingrjjpen der Regeering noodig is. En is dat nu hot geval Spr. heeft met de heerea van de Pers niet dan medeljjden, waar de Pers tribune niet anders is dan een gruwelkamer. En wie zal dat analytisch verslag moeten schrjjven Daarvoor zal men een bekwaam ervaren journalist moeten hebben en wie zal zich voor dat schrjjven van dat stelloos werk la'en vinden. De schjjn van partijdig heid zal toch bljjven bestaan, want de man, die dit veislag moet schrjjven, zal natuurlijk den een al eens beter maken dan den ander. En als dat analytisch verslag er komt, nog eens wie 'al men er voor vinden. Men zal natuurljjk moeten aankloppen bjj een van die «on bekwame» journalisten op de Perstribune. Spr. is dus tegen het verkort verslag en hoopt, dat de Kamer den post met groote meerderheid zal verwerpen, lettende ook op hetgeen België on3 leert met dat korte verslag Hen verbond tusschen Nederland en België. Zaterdagavond spiak in de afdeeltug Utrecht en om streken van het Algemeen Nederlandsen Verbond de heer dr. M Rndelsheim uit Antwerpen over een verbond tnsscheo Nederland en België. Het vraagstuk van het tot stand komen van een verbond tusschen Nederland en België is all's behalve niou», teide sprokar. Zonder te gewagen van de weinige ogenblikken in dc geschiedenis, dat de beide deelen van de Nederlanden onder eme regeering stond-n en van de pogingen dii in vorige eeuwen werden aangewend om een Rjjk der Nederlanden te vestigen, zien wjj in de afgeloopen eeuw meer dan eens plannen opduiken om een verbond tusschen de beide helften der oude Neder landen te vestigen, nadat eerst verschillende keeren be proefd was België nu eens in een inniger economische verhouding tot Fraukrjjt, dan weer in nauwer verband tot het Zollvereio te brengen, wat echter steeds op het verzet van die mogendheden, welke zoo een aansluiting T e>sd-.B, afstuitte. In 1812 was er zelfs sprake van een FransenH >1).B dg. verbond. Wieden j»ar kwam de heer Bais met ijjn b'kend plan voor den dag, en h't is van be'ang te onde'zoeken waaraan dit zjjn ontstaan te danken bad. S ellig be antwoordde hot voorstel niet aan een levensbehoefte van de beide volken en al de redenen die werden opgegeven om er hst ontstaan van te verklaren berustte vooral op veronderstellingen. De ware oorzaak ligt in de vrees van Frankryk on Engeland, dat Nederland en België de prooi zonden kunnen wo den van Duitschiani, dat nu reeds zoo een groot economisch overwicht in die twee landen heeft verk egen, waarv.n dan ook een politiek overwicht misschien wel een inly ving het gevolg zou kunnen zjjn. «Meent u dat? Dat zou toch treurig zjjn! De kroon prinses is toch nog zoo jong! Zjj zal nog niet lang getrouwd zjjn l» «Nauweljjks twee jaar. Toch kan de kronnprins daarom de hofdame wel mooier vinden dan zjjn vrouw en dat moet hjj wel, als hjj zjjn oogen gebruikt.» Bjj een ondeugende opmerking van de prinses keerde Sitta von Hohenthal juist haar gezicht tameljjk onver schillig naar het gezelschap aan de laage tafel. De vrouw van den handelsraad had geljjk, zjj was schoon verschil van smaak was hier buiten gesloten zjj had een schoonheid, die een onvergeteljjken indruk maakte een eenigszins klassieke schoonheid zooals l en somtjjds ziet op oude schilderjjen. Fjjnbesneden gelaatstrekken, als voor een kopje op een 'camee, glapzend zwart golvend haar, dat geen hoog voorhoofd vrjjliet, donkerblauwe oogen, met lange wimpers onder rechte fijne wenkbrauwen, een zacht bleekroode mond waarvan de hoeken een weinig naar boven gingen en haar glimlach onweers aanhaar lieleljjk maakten. De bijna al te slanke, teeder gebouwde gestalte overtrof die van de kroonprinses aanmerkeljjk in lengte. Ook de erfprins Albrecht, biond, groot van gestalte met regelmatige trekken en schitterende oogen onde een geniaal voorhoofd was een opvallend interessante verschjjniDghij was druk bezie met een perzik volgens alle regelen der kunst te ontleden en keek eerst op na een al te luid uitgesproken opmerking van zjjn vrouw. «Wat is er nu weder, Elisabeth vroeg hjj. Prinses Elisabeth stikte bjjna van het lachen. «Kjjk toch eens naar die dikke dame in die rood zjjden blouse, die aldoor hierheen ziet door haar lorgnet I Ljjkt zjj niet sprekend op een marsepeinen varkentje En dan die oude isegnm naast haar, die maar steeds over zjjn grauwen haard strjjktl» «Als je zoo hard spreekt dat allen je moeten hooien, dan eten wjj morgen in onze salon I» dreigde prins Albrecht. C «Neen, alsjeblieft niet!» smookte (le prinses. «Ik amuseer mjj hier kostelijk En wat kjjken ze allen naar ons, of wjj wilde dieren waien I Zou ik mjjn tong niet eens durven uitsteken Eeo eigenaardig fnit is hot, dat Vlamon zoowel ala Walen bet vnorges'elde verbond met wantrouwen be groeten; de Walen omdat zjj ar een uitbreiding van het „Flamingantisme» door vreezen. Beschouwt men na één voor één de hoofdpunten van bet plan, dan zal men tot het beslait komen dat groote moeiljjkbrden hier ve*wezeljjking in den we«taan. Wat ren toUeibond betreft, moet men rekening honden met •te omstandigheid, dat H">U«nd ren vrjjhandelsg'z nd, Bel.''8 een protectionistisch land is en dat bet niet maar zoo aangaat die toestanden volgers verkiezen te wjjzigen. E«n van de redenen van de Belgische omwenteling was jaist het verschil tn°sob«n"fle handels- rn] nijverheidsbe langen van Nnrd rn Zaid en vöo- 1830 heeft men zelfs een paar voorstellen tot tolsplitsinv. De to-standen zjjn na nog nagenoeg dezelfde, alhoewel wat de njjverheid betreft. Holland heel wat vooruit is'gegaan sedert 1830 en ^allerlei vragen ïjjzen^hierbjj op. Wat Vlaanderen betreft, is het vooral in inlelleotaeel opzicht dat! het 'da grootst. movaljjke'Roenadrringjitot Holland va langt, indien de andere pnnten van het programma verwezenlijkt kannen worden, dan zal het daarbjj natanrljjkjook wel zjjn voordeel inden. Ilagiyde vnn sfooniichepen. De correspondent van do Tel. te IJmaiden sohrgft: Zjjn we goed ingelioht, dan worden reeds pogingen in bet werk gesteld, om voor Nederland, in navolging van Engeland, een wit te verkrfgen, regelende bet vervoer van deklasten. In ieder geval is de wenscbeljjkbeid ervan reeds in verschil'ende corporaties betoogd.* Wie b-den- oorg'n getaige was geweest hoe het s.s. Ingrid Hom. geladen met hont, komende van Borga, met bestemming naar Ziandam, binnenkwam, zon begrjjpen, hoe noodig, hoe dringend noodig, een dergeljjke wettelijke regeling is. Zien we h:er d s zomers veel hoatbooten met slngzjjde binnenkomen, en wordt er dientengevolge (veel hont verloren, zooals hedenmorgen de Ingrid Horn met slag- zjjde binnenkwam is ongelooflijk en dat met vliegend stormweer. Aan het -chtersohip sloegen de golven lastig tegeu den deklast, doordien de steven stuurboordzijde geheel onder water lag. Aan den kop kwam bjj nog even boven water. Geen wonder, dat er evn ongewoon aantal belang stellenden was en dat er schande van gesproken werd. Ds groote font zit hierin, dat de gezagvoerders procenten genieten van den inbond en daarom deklasten vervoeren, die somtjjds boven de brng uitsteken. Zoolang nn van den kolenvoorraad niet gebrnikt wordt, bljjft het soh.p in evenwicht, en verlaat het oogenschjjnljjk goed de plaats van herkomst. Doch nauweljjks zjjn een paar dagen stoomens voorbjj, of het evenwicht ts verbroken, het zwaartepunt verplaatst en] het s.s. gaat hoe langer zoo meer overhellen. Hoe groot het gevaar voor de bemanning is, vooral indien de deklast nit ongezaagd hont (d.i. balken) bestaat, daarmede wordt geen rekening gehouden, omdat er proenten op staan. Ter voorkoming van zee rampen en persoonljjke ongelukken, wordt 't boog tjjd, dat tan het vervoeren van overmatige deklasten pa»l en pork wordt gesteld. tiencraal Vna l.filien Bels. Di generaal-majoor der artillerie Van Söben Seis, die bjj tjjoe bevordering tot zjjn tegenwoordigen rang ter beschikking werd gesteld van den minister van Oorlog, zal, m zjjn herkiezing tot lid der EeritejK imar, ee at- daags weder op non-acti*ifeit worden geplaatst. ■Exploitatie von spoorwegen. Het departement Arnhem der Maatschappij van Njj verheid heeft Zaterdag besloten aan het hoofdbestuur in overweging te geven een congres bjjeen le roepen, ter bespreking van het vraagstuk Exploitatie van spoorwegen door den staat of door particuliere u aatschappjjen. «Maar uwe Hoogheid I» Het teedere Cameeëngezicht van de hofdame werd geheel rose van schrik. «ElisabethIk verzoek je vriendeljjk Prins Albrecht trok zijn stoel naar voren om het lachende gezicht van zjjn jonge vrouw voor de blikken van de aanwezigen te verbergen. «Maar Uwe Hoogheid I Maar Elisabeth l» sprak de prinses hen na. «Zoo ging 't in Glückstad altjjd eu hier houdt 't niet op. Ik ben naar St. Moritz gekomen om mjj te amu seeren, niet om mij de les te laten lezen Heb ik geen geljjk, mjjnheer von Kröchert?» De jonge officier lachte. «Was het niet om bronwater te drinken en te baden Uwe Hoogheid «Ook gjj, Brutus, mijn zoon citeerde de vorstin met pa ho". Daarna legde zij laar hand op den arm van haar man. »L;eve A brechtl» De prins zag met em vluchiigen blik naar het kinder - Ijjke gez chije, dBt hem niet teeder toelachte. Al de zomersproeten bij het wipneusje vielen hem op dagelijks kwamen er meer. Niettegenstaande den jjs- kouden luchtstroom van de gletchers brandde de zon hier boven dan ook geducht. Op freuie von Hohenthal cheen dat echter met van invloed te zjjn. De door zichtige tint v«n het knappe gelaat blett onveranderd. Hoe duidelyk waien de blauwe aderen te zfen onder da fijne huid aan de slapen «Ik zou in het vervolg gaarne in die gezellige zaal beneden zitten l« verzoeht prinses Elisabeth. «Weet je, waar gerookt mag worden. Ik zie graag menschen Prins Albrecht bemerkte duidelyk, dat dit Sitta niet beviel. Hjj fchudde het hoofd. «Daar is veel te veel rook voor, freule von Hohenthal. Je weet, dat zjj een beetje hoest.» «Dat doet er mol toe, Uwe Hoogheid I» zeide Sitta haastig, «maar Wordt vervolgd.)

Kranten Regionaal Archief Alkmaar

Alkmaarsche Courant | 1906 | | pagina 1