DAGBLAD VOOR ALKMAAR EN OMSTREKEN. De Wiskottens No. 74 Honderd en twaalfde Jaargang. !9!Ö. Oeze Courant wordt eiken avond,, behulve op Zon- en feestdagen, uitgegeven. Abonnementsprijs per 3 maanden voor P iknsaar f franco door het geheeie Rijk f 1, M ynderlijke nummers 3 Cents. Prijg der gewone advertentiëns Per regel f 0,10. Bij groote contracten rabat Oroote letters naar plaatsruimte. Brieven franco aan de N. V. Boek- en Handelsdrukkerij v/h. HERMs. COSTER ZOON, Voordam C 9. WOENSDAG o 30 MAART. eene Onderwijzeres^ FEUILLETON. BINNENLAND. ?de!e®caüBBsaa* 8. f Aan de MFJSJESSCHOOL te Akrnaar (Hoofd Mej. J. 11. PRUIM) wordt UEVKAMiD in het bezit der akten voor de Duitpche en Fransche laai en tevens bevoegd tot bet geven van onderwijs in vak k. De aanvangsjaarwedde bedraagt 1 925, die wegens periodieke verboogingen kan stijgen tot 1 1225. Voor bet bezit jder hoofdakte wordt 1 100 en voor elk der genoemde taaiakten M.O. t 50 meer toegekend. Hoofdakte, hoewel niet verehcht, zal tot aan beveling strekken. Stukken in te zenden aan het Gemeentebestuur vóór 12 Apri' a.8. ALKMAARSCHE COURANT ALKMAAR, 30 Maart. In Duitschland zijn feestdagen dikwijls eetdagen. Miinchen schijnt tot gewoonte te hebben, dat men daar tijdens de Paaschdagen reusachtige hoeveelheden Paaschhammen eet. Wij wisten deze bijzonderheid niet. maar danken deze wetenschap aan een arti kel, waarboven geschreven staat „het verlangen naar ontwikkeling." We kunnen ons voorstellen, dat de lezer het verband tusschen ham en ontwikkeling, in geestelijken zin, niet direct snapt. Toch is het ver band niet onaardig aangebracht. De schrijver consta teert uit het feit, dat er in de week van 20 tot 28 Maart 54 groote wetenschappelijke voordrachten in Berlijn zijn gehouden, dat er honger naar wetenschap is en dat dit een gunstig teeken is voor een stevige constitutie, wijl een goede geestesmaag noodzakelijk is om zooveel voordrachten te kunnen verteren. Maar, zegt hij verder, niet altijd kan het aanbod de vraag bijhouden. Als de honger naar ontwikkeling zoo snel toeneemt, verslindt hij ook -minderwaardige waar, als- Naar de vijf en veertigste Duitsche uitgave door RUDOLF HERZOG. 14) „De arbeid illumineert", zeide Paul Wiskotten. „Daarbij brandt zelfs het kleinste lichtje nog eens zoo helder." „Paul, Paull Wat voor menschen!" „Dappere menschen", zei Paul Wiskotten. Ze arbei den op werkdagen in het zweet huns aanschijns voor hun brood, voor vrouw en kinderen, om zich dubbel en dwars op hun Zondagslicht te verheugen, dat hun de moeilijkste weken feestelijk illumineert. Ik heb ach ting voor de menschen „Huismusschen, huismusschen", spotte de broer. „Geen moed bezitten jullie! Het nest uit en de we reld in! Al moest ik er als ambachtsjongen op uit trekken." „Daarvoor heb je eene te goede opvoeding gehad, jongen." „Ik schaf me eene slechte aan, als het zijn moet. Slechts weg uit deze ouwe kast! Buiten is de zon!" „Als je ^dan volstrekt geen theoloog wilt worden, wordt dan fabrikant. Dat zal moeder ten laatste wel goed vinden. Lach niet zoo kinderachtig. Een fabri kant is ook een soort kunstenaar." „Met een Zondagslicht!" spotte de overmoedige jongen en lachte uitgelaten van den berg het dal in. Dit lag door dichtende guirlanden omkranst, met fon kelende sterren in den schoot. De uitrustende arbeid met de Zondagsgedachten in het hoofd. of deze de lekkerste Paaschham was. Dat weten de leveranciers en zij houden er rekening mee. Wat vroeger een goede ham zou worden, moest eerst in den schoorsteen. Daar liet het dan kalm het lang durige proces van het gerookt worden over zich heen gaan en nam daarvoor den tijd. Werd eindelijk de ham naar beneden gehaald, dan was het een stevig, krachtig voedsel, dat kon duren en niet gauw bedierf. Met de ontwikkeling was het hetzelfde: een tamelijk langdurig proces, maar er kwam dan ook wat voor den dag, dat voor den duur was en duren kon. Toen de vraag grooter werd, kwam de ham niet meer in den schoorsteen, maar en masse in de rookerij. Daar gingen ze bij honderden in een gesloten, een wei nig dtif, vertrek, vol rook, hun bestemming tegemoet. Wie eenmaal in zulk een groot rookvertrek een kijkje heeft genomen, dien valt het niet bijzonder moeielijk, in onze hoogere scholen de rookvertrekken voor de zo nen der ontwikkelde standen terug te vinden. Onze dochters worden er nu ook reeds in opgehangen. Maar ook deze rookvertrekken kunnen niet meer aan de be hoefte voldoen. De populariseering van de wetenschap begon. Op zich zelf natuurlijk een lofwaardig ver schijnsel. Wij zijn niet ondankbaar en weten heel goed hoeveel wij daaraan te danken hebben. Dat de mannen van de wetenschap hun weten populariseerden telt tot een van de grootste beschavingsdaden van on zen tijd. Maar helaas populariseeren niet alleen de mannen der wetenschap in onzen tijd' hun weten, maar ieder, die slechts eens in zoo'n rookvertrek geroken heeft, meent zich geroepen, het een of het ander en wat soms niette populariseeren. Daar nu langzamerhand de concurrentie op dit ge bied reusachtig groot geworden is, wordt thans vóór alles het sexneele vraagstuk gepopulariseerd. Daarvoor worden steeds afnemers gevonden. De populariseering van dit vraagstuk in openbare voordrachten en in voor iedereen voor een paar centen te koopen brochures is langzamerhand een grove onbetamelijkheid geworden, die noch met de wetenschap noch met de ontwikkeling- iets te maken heeft. Vroeger behandelde men zulke vraagstukken slechts bijna uitsluitend in vakbladen, thans behandelt men ze te driest overal. Men schrijft bijv. niet meer over hygiëne, maar over sexueele mo raal en hygiëne. Zoo wordt de wetenschap gepopulari seerd, terwijl men haar erotiseert. Freutschheid is ze ker iets belachelijks en oiTgezonds, maar schaamteloos heid is ook niet juist een ideaal toestand, zelfs niet wanneer zij onder de vlag van wetenschappelijkheid zeilt. Bij de voordrachten komt hetzelfde voor. Bij zulke voordrachten zitten dan stipt de jonge meisjes en la ten zich inlichten, dat het een aard heeft. Ik zou wel eens willen weten of er voor zoo'n jong ding, dat aan dergelijke onbetamelijkheden meedoet, op de we reld nog wel iets is, dat niet een sexueel probleem is. Als aan het verlangen naar ontwikkeling dat zoo overmachtig geworden is, nog lang deze goedkoope kost voorgezet wordt, dan zal het resultaat vermoede- HOOEDSTUK IV. Dominee Schirrmacher had zijn middagpijpje ge rookt. Hij klopte zorgvuldig' den porceleinen kop uit, liet den langen steel leeg loopen, onderzocht slangetje en mondstuk en hing haar eindelijk, goed schoon ge maakt, in het pijpenrek. Toen verwisselde hij zijn huisjasje tegen de lange g-ekleede jas, nam hoed en overjas, opende de vensters van zijne studeerkamer en ging, nadat hij zijne huishoudster eenige hevelen gege ven had, uit. „Ik ga naar opzichter Kölsch," had hij gezegd. Hij trof den opzichter niet thuis. Hij had het op een werk dag ook niet anders verwacht. Eene uitnoodiging van diens dochter om binnen te komen, nam hij aan als iemand die het volste recht had zich in de huizen zij ner gemeentenaren thuis te voelen. „Je houdt den boel maar prachtig' in orde, kind," begon hij verheugd en keek onderzoekend van het eenvoudige meubilair, dat als gloriestuk een hooge mahoniehouten boekenkast vertoonde, naar het frissche meisje. Hij was het gewend, zijne vroegere aannemc- lingen hun geheeie verder leven met jou en jij aan te spreken. „Vader is daar op gesteld, dominee. Alles moet pre cies zijn zooals het bij moeder was." Anna Kölsch keek over den dominee heen, die in vaders leunstoel plaats genomen had, naar een portret tegen den wand, hot portret eener bleeke, afgetobde vrouw. Ze leken op elkander, moeder en dochter. De zelfde slanke gestalte, slechts bij de dochter recht en buigzaam, hetzelfde zware blonde haar, hoewel het bij de dochter in dikke vlechten om het hooge voorhoofd gewonden was. En hetgeen daar afmatting door den arbeid was, was hier verlangen om te werken. „Hoe lang is het nu geleden, dat ik je bevestigd heb? Wacht met Paschcn vier jaar. Dus moet je nu reeds achttien zijn. Dus eene maagd die ongetwijfeld reeds aan haar uitzet naait. „Och neen, dominee." ..Dat zeggen jullie allemaal. En als de eerste zijn aanzoek doet, zijn alle kasten vol linnengoed, gestikt lijk in kwaliteit niet veel meer waard zijn dan een moderne goedkoope Paaschham. Dat is namelijk hee- le-maal geen goeie ham meer, maar heel gewoon var- kensvleesch, dat met behulp van een bijtende vloeistof (houtazijn) op een ham gelijkend wordt gemaakt. Wat deze vloeistof voor de moderne ham is, is het sexueele vraagstuk voor de moderne half-ontwikkeling. Als beleefde menschen constateeren wij slechts, zoo eindigt de schrijver, dat beiden op den duur onmoge lijk goed kunnen bekomen. KONINKLIJK BEZOEK AAN AMSTERDAM. Nu de tijd van het Koninklijk bezoek aan de hoofd stad ongeveer vaststaat, heeft het comité voor de sportbetooging wederom de hand aan het werk gesla gen. Haar plan omvat het samenbrengen van alle tak ken van sport in een optocht, een uitvoering op een geschikt terrein en een vaartocht door Amsterdams grachten. Enkele sub-commissies zijn reeds flink ge vorderd met haar plannen, andere moeten nog een be gin maken. Dezer dagen verzond het comité zooals wij reeds, mededeelden een oproep aan de deelnemende sport-, muziek- en zangvereenigingen, om Donderdag a.s. te. 8 uur in Krasnapolsky bijeen te komen tot het nader vaststellen der plannen. Het comité verzoekt ons op deze vergadering de aandacht te willen vestigen; een vereeniging, die door een of ander verzuim misschien geen oproep ontving, zal niettemin zeer welkom zijn, indien zij met het denkbeeld instemt. De kosten zijn geen bezwaar: zij zullen niet meer dan 5 per veree niging bedragen. VERHEFFING VAN HET JODENDOM. Naar aanleiding van den oproep van den heer S. A. Kudelsheim, opperrabijn van Friesland, is te Amster dam opgericht een centrale organisatie tot religieuse en moreele verheffing in traditionneelen zin van het Jodendom in Nederland. Het doel is de kennis der Joodsche wetten en hun ethiek te brengen aan de Jo den uit alle kringen der maatschappij en te trachten ze religieus en moreel op te heffen. Besloten is zich te wenden tot alle Joodsche vereenigingen op religieusen grondslag in den lande, opdat zij zich bij de organisa tie aansluiten. to van Alkmaar, eene uitvoering in café „Hildebrand" van den heer N. Weijers alhier. Dé muzieknummers die wij te hooren kregen, getuigden van den ijver, waarmede door de leden wordt gestudeerd, terwijl de bijna onberispelijke uitvoering getuigt- dat de leiding aan niet betere handen kan worden toevertrouwd. Het puikje van den avond was het strijkkwartet van den heer Otto c. s. Het samenspel was verrukke lijk en aan Alkmaarsch strijkkwartet komt voor de door haar verleende medewerking een warm woord van lof toe. Ook een kluchtspel, dat opgevoerd werd, voldeed zeer goed. Jammer dat de zaal niet beter bezet was. I Oudergewoonte werd deze avond met een gezellig bal besloten. Het geheel had een ordelijk verloop. R. KA TH. VAC ANTIEKOLONIES. Bovenstaande vereeniging ontving op Witte Don derdag een gift van j 500, onder de eenige uitdrukke lijke voorwaarde, dat de naam van den schenker onbe kend moest blijven. EEN GEMEENE STREEK, i In de gemeente Achtkarspelen moest Zaterdag een onderwijzeres of onderwijzer benoemd worden aan de school te Surhuisterveen. Mej. De Jong te Drachten stond als no. 1 op de voordracht en dacht benoemd te worden. Ze werd niet benoemd. Ter raadsvergadering werd een schrijven gelezen, waarin ze zich terugtrekt, j Het blijkt nu, dat juffrouw De J. van dat schrijven j niets afweet. De brief is gestempeld te Drachten. De politie heeft de zaak in handen. CHRISTIAN1SEER1NG VAN DE OPENBARE SCHOOL. De af deeling Leiden van {le Vereen, v. Chr. Onder wijzers in Nederland en de Overzeesche bezittingen heeft de navolgende motie aan de Hoofdvereen. voor gesteld: „De Vereen., waardeerende de bedoeling van hen, die de Ohristianiseering der openbare school voorstaan; lettende op het zeer gemengd karakter van ons volk op godsdienstig terrein en op de geschiedenis van ons Chr. Onderwijs, spreekt als haar overtuiging uit, dat op 't oogenblik geen betere weg te bewandelen is om de kinderen onzes volks onder beademing van Gods Woord te brengen, dan met kracht op den ingeslagen weg voort te gaan, om hoe eer hoe beter te komen tot verwezenlijking van het beginsel van het Unie-rap port: „de Vrije School voor heel de natie." G E Jl E 7,1! i K U W H. UIT BERGEN. Maandagavond gaf Bergen's Fanfare, onder leiding van haren zeer bekwamen directeur, de heer J. M. Ot- en gezoomd. Laat me je eens goed aankijken. Zie je wel, nu kleur je." „Ik kleur omdat u zulke dingen zegt, dominee," lachte het meisje en liet hare handen door de zijne vasthouden. „Ik Ja, waarom zou ik niet Dat zijn toch heili ge zaken." „Ik bedoel maar," zeide ze aarzelend, „omdat om dat „Omdat „Omdat u immers zelf vrijgezel gebleven bent," flapte ze er uit en werd vuurrood. Dominee Schirrmacher hoestte. Zijne oogen sloten zich. Toen had hij zijne gelaatstrekken weer in zijne macht. „Stel, dat ik te kieschkeurig geweest en daarvoor gestraft ben. Men moet niet al te lang kiezen." „Ik heb nog allen tijd," bracht het meisje schuchter in het midden. „Men moet den voorbereidingstijd benutten, mijn kind. Denk maar eens aan de gelijkenis der wijze en hva'zc maagden. Toen de bruidegom kwam gingen zij, .ie bereid waren, met hem ter bruiloft, en de deur w- rd gesloten." „Maar ik denk heusch nog niet aan trouwon, domi nee. Niemand heeft zin in mij. En al ware dat zoo. „En al ware dat zoo Dus toch een op den achter grond." „Dat was maar bij manier van spreken, dominee." „Nou, nou! Ken ik hem soms? Ik neem aan dat hij een ernstige, christelijk gezinde man is en niet een der onverschilligen in het dal. Laat mij eens raden." ..Dominee, ik loop weg." „Ziet ge, daar gaat het geweten al spreken." „Zeker niet," betuigde ze. „Maar u maakt me zoo verlegen." „Dat is het beste teeken. Ken je hem reeds lang? Van je kindsheid af?" „Maar ik weet volstrekt niet „Laat eens zien, wie zou er alzoo in aanmerking kunnen komen? ilmDe vrienden van je broer Ernst de V iskottens?" PAASCHDKUKTE. De gemeentetram te Amsterdam vervoerde len Paaschdag 169.711 en 2en Paaschdag 191.135 passa giers, tegen respect. 161.005 en 202.169 in 1909. Het aantal plaatskaarten, op het centraalstation in gezameld, bedroeg niet minder dan ongeveer 27.000, terwijl ongeveer een zelfde aantal kaarten verkocht werd. In het geheel werd het station door ongeveer vijftig a zestigduizend reizigers bezocht, of tiendui zend meer dan verleden jaar. De Bloemententoonstelling te Haarlem heeft zich in de laatste dagen mogen verheugen in groote belang stelling, het aantal bezoekers bedroeg Vrijdag 2802, Zaterdag 2244, lst-en Paaschdag 6023, waaronder 4500 betalend'en. 2den Paaschdag 18200 betalenden en niet-betalen- den. De drjikte in de zalen was nu en dan zóó groot, dat de deuren moesten worden gesloten en de bezoekers dicht opeengedrongen slechts zeer langzaam verder konden gaan. TE SNEL RIJDEN. Volgens verordening- van den Raad der gemeente Haarlemmerliedc en Spaarnwoude, mag in de kommen der dorpen in die gemeenten, rn-et geene grootere snel heid dan 12 K.M. gereden worden. Maakte de politie te Halfweg de jongste weken meerdere processen-ver baal op wegens overtreding dier verordening, tijdens de Paaschdagen werd een twaalftal automobilisten be keurd. MILDE GIFTEN. Het diaconiehestuur der Ned. Herv. kerk te Slie- drecht heeft de vorige week van de familie V. aldaar een gift van 25.000 ontvangen. Een gelijke som ontving de afdeeling van het Groene Kruis ten be hoeve van haar Ziekenhuis en ook het Oude Man-nen- „De Wiskottens?" riep het meisje bedremmeld uit. „Dat is toch geen reden om te schrikken. Volstrekt niet, lieve kind. Ik keur je keus goed. Ik zelf zon geen beteren man voor je weten dan August Wiskot ten." „Mijnheer August?" En nu barstte ze in zulk een vroolijk gelach uit, dat de kanarievogel in zijne kooi dit geluid als een signaal opvatte en jubelend met haar instemde. Dominee Schirrmacher trok zijne wenkbrauwen hoog op. Op dit resultaat zijner diplomatie was hij niet voorbereid. Hetgeen hij verwacht had, was een geluk zalige verrassing, eene schuwe, ongeloovige tegenkan ting van het meisje, als voelde ze zich dezen man niet waardig, en een dankbaar, hoopvol voor zich uit tas ten, of de boodschap waar was. En in plaats daarvan: een uitgelaten, kinderachtig lachen! Dominee Schirr macher voelde, dat zijne kennis van een meisjeshart op zwakken grondslag berustte, dat de vermaning om den hemelsehen bruidegom der ziel te zoeken nog iets anders was dan het werven voor een vrijiustige uit het Wupperdal. De ouwe vrijer werd boos. Afkeurend schraapte hij zich de keel. „Das is niet juist de goede manier, om het aanzoek van een ernstigen man op te nemen", zeide hij be straffend. Toen hield het lachen op, alsof het middendoor ge broken was. In de stilte kraakte een stoel.... Toen herhaalde Anna Kölsch langzaam: „Het aanzoek?" Dominee Schirrmacher kreeg het onder den blik der heldere meisjesoogen benauwd. Eene kinderlijke ver legenheid maakte zich van hem meester. Hij was ze ker te ver gegaan? Hij had August Wiskotten Zondag- na de kerk slechts beloofd, het terrein eens voor hem te zullen verkennen. En nu had hij zich door zijne ergernis over het verstandige ding te ver laten voe ren. Dat was hem meer dan pijnlijk. Hij dacht aan zijn armen en zieken, die raad en hulp van hem ver lang,len. Hier verlangde men geen van beiden. Ti o: i

Kranten Regionaal Archief Alkmaar

Alkmaarsche Courant | 1910 | | pagina 1