DAGBLAD VOOR ALKMAAR EN OMSTREKEN. No.1156 Honderd en twaalfde (aargang. WOENSDAG 6 JULI. FEUILLETON. Het nest van den sperwer. BINNENLAND. Deze Courant wordt eiken avond, behalve op Zon- en Feestdagen, uitgegeven. Abonnementsprijs per 3 maanden voor Alkmaar f0,80; franco door het geheele Rijk fl, Afzonderlijke nummers 3 Cents. Sh iaA/B Telefoonnummer 3. --Ö Prijs der gewone advertentiën Per regel f 0,10. Bij groote contracten rabat. Oroote letters naar plaatsruimte. Brieven franco aan de N. V. Boek- en Handelsdrukkerij v/h. HERMs. COSTER ZOON, Voordam C 9. r HOOFDSTUK IV. GRIJNZENDE ARMOE. t r, fc... AAKSC COURANT. HIHTDERWET. BURGEMEESTER en WETHOUDERS van ALK MAAR; Gelet op artikel 8, alinea 2 der Hinderwet; Overwegende, dat eene beslissing op het adres van den heer H. J. B. Peet, aldaar, om zijne koffiebrande rij, waarin een gasmotor van 3 P.K., uit te breiden in het perceel Fnidsen, wijk O. No. 61, niet binnen den in het eerste lid van bovengenoemd! wet^hrtikel be paalden tijd kan genomen worden, omdat hun nog niet bekend is of de inrichting zal voldoen aan de eischen, krachtens artikel 6 der Veiligheidswet gesteld; BESLUITEN: •de bedoelde beslissing te verdagen. Burgemeester en Wethouders voornoemd, G. RIPPING, Voorzitter. DONATII, Secretaris. Alkmaar, 2 Juli 1910. ALKMAAR, 6 Juli. De nieuwe Pruisische minister van buitenlandsehe zaken, de heer von Kiderlen-Wachter, levert aan de pers nog steeds stof. Men vertelt bijzonderheden uit zijn leven, hoe hij met een huishoudster woont en deze steeds in de hooge wereld, waarin hij verkeert, heeft willen brengen, hoe hij door een scherts eens een hooggeplaatst en invloedrijk persoon gekwetst heeft en daardoor werd overgeplaatst van Kopenhagen naai den onbelangrijken post te Boekarest. Ook geniet hij een zekere bekendheid door zijn overvloedige maaltij den, zijn avondfeestjes en zijn bieravonden. Wat zal men echter als minister aan hem hebben? Hij heeft zich zelf eens genoemd „een goede, ronde kerel," maar de bladen oordeelen eenigszins anders over hem. Vooral in Rusland heeft men hem met wantrouwen zien komen en daar heeft hij het tegen deel van wat mlen gemeenlijk noemt „een goede pers." EEN ROMANTISCH VERHAAL UIT DEN TIJD VAN DE PURITEINEN DER 17de EEUW. door BARONES ORCZY, Schrijfster van: De Roode Pimpernel, Ik zal ver gelden, Een zoon van het Volk, etc. 6) „Om u de waarheid te zeggen", hernam Sir Mar- maduke, die aldoor scherp zijn pupil had' gadegesla gen, „ik weet even weinig van die personage, Me vrouw, als u.... Koning Lodewijk verbande hem om staatkundige reden, zoo vertelde hij aan vrouw Lar- bert, bij wie hij nog altijd woont. Naar ik echter hoor de slaapt hij maar hoogst zelden in haar hut. Ook vertoont hij zich maar af en toe, en altijd slechts voor enkele oogenblikken. Hoe hij de dagen doorbrengt, weet men niet. En dat is nu alles wat ik weet", besloot hij met onverschillig schouderophalen. „Net een roman!" zeide Mevrouw Pyncheon droog. „II moest eens met dien man spreken, waarde Sir Marmaduke!" zeide Vrouwe Harrison zeer nadrukke lijk. „U is er toe bevoegd, ja, het is uw plicht, want de man staat nu onder uwe jurisdictie. U behoort meer te weten van hem en zijn antecedenten." Dat op zijn minst, Mevrouw!" antwoordde Sir Marmaduke. U begrijpt.ik heb een jonge pupil, die volgens besluit der hooge regeering in mijn huis moet verblijven, tot ze straks meerderjarig isZij is zeer rijk, en. naar ik vrees ook zeer romaneske. Jk. zal mijn best doen, om den man hier vandaan te krijgen, maar zoolang dat geen feit is, wenseh ik lie ver niet over hem te spreken." „Dat is zeer verstandig, goede Sir Marmaduke!" zeide Mevrouw Pyncheon, een zucht van opluchting slakende. Een zelfde gevoel van tevrenheid vervulde ook velen De Nowoje Wremje bijv. oordeelt in zeer onvriendelij- gen geest over hem: „Zijn verstand, zijn vast karak ter, het vurige nationalisme en d v zelfs sums ruwe en ongebreidelde manieren herinneren aan Bisftnark." Een ander Russisch blad, de Swet, gaat nog verder dcor te zeggen, dat de heer Kiderlèn Wachter zoowel in zijn nationalisme als in zijn manieren Bismark over treft. Het blad vreest dan ook, dat de buitenlandse)ie politiek in Duitschland, onder den invloed van dezen chauvinist en man van het alduitscha verbond een nieuwen koers zal inslaan en herinnert er aan, dat' de minister niet vriendelijk gezind is, gelijk hij in 1908 moet hobben getoond. Een derde courant te St. Pe tersburg sluit zich hierbij aan, maar zij heeft haar hoop gevestigd op Keizer Wilhelm, die de pangerma- nistische plannen van den nieuwen minister" wel zal weten te beteugelen. „De Keizer heeft reeds zeer dui delijk den wensch te kennen gegeven," dat hij de be trekkingen tot Frankrijk niet wil verslechteren, door in- plaats van prins Radolin den in Parijs zeer gezienen heer v. Schoen tot gezant te- benoemen. Men- moet ook aannemen, dat den heer Kiderlen- —Wachter met betrekking tot Rusland wel geen volk vrijheid van handelen zal worden gegeven-" v Ook in Frankrijk begroet men den nii uwen minister niet met groote ingenomenheid. De Figaro bijv. zegt, dat hij'wel Eransch kan spreken en schrijven als een Franschman, maar geen Franschen-vrie id is, doch voor alles een „goed Duitsch patriot." Een oud-diplo maat meent, dat de heer Von Kiderlen Wachter als minister van buitenlandsehe zaken gehe '1 onder den invloed van den Keizer zal staan, zoodat Wilhelm II meer dan ooit zijn eigen mjinister van buitenlandsehe zaken zal wezen. In hetzehfde blad1 Wordt echter door een ander diplomaat, die 'den nieuwen minister te Boekarest gekend heeft, verzekerd dat de heer Von Kiderlen Wachter voor de eerste maal siuds langen tijd een staatsman met eigen denkbeelden is en geens zins de man, om zijn ideeën ondergeschikt te maken aan die van anderen. In Duitschland zelf weet men ook nog niet precies wat men aan den nieuwen, staatsman heefl. Een deel van de pers meent, dat hij meer temperament heeft dan zijn voorganger, maats dat er overigens geeio. ver schil tusschen beider optreden zal zijn; hem wordt een groot aandeel toegeschreven in de verbetering van de betrekkingen met Frankrijk en in de cordate houding aan de zijde van Oostenrijk in de Balkan spanning kortom hij wordt voor zijn nieuwe betrekking bijzonder geschikt geacht. Maar een ander deel der Duitsche pers verkondigt, dat de heer v. Kiderlen Wachter zich zal richten naar den wil des Keizers, dat de Novem berdagen geen leering hebben gebracht en dat het persoonlijk régime weer sterker zal worden dan ooit te voren. De toekomst zal moeten leeren, welke opvatting- de juiste is. Dat velen haar ongepust tegemoet ga^n is intusschen een feit. i i der aanwezigen. „Wij kennen die vreemde avonturiers", zeide Sir Marmaduke tot besluit, met goedige ironie - „met hun prinselijke kronen en verbeurde aanspraken. met zes millioen zou men ongetwijfeld) de eerste terugkoo- pen en met nog zes al hun -aanspraken kunnen in orde brengen." Van zijn tuinstoel opstaande, terwijl hij nog sprak, tartte hij tevens onbeschaamd een paar toornige ver achtende meisjesoog-en, die onversaagd hem aanstaar den. d, „Zullen we naar binnen, gaan!" zeide hij tot zijne gasten, hooghartig zelfs gebiedend, aan zijn jonge pupil haar blik teruggevende? „een dronk hangop zal smaken na de vermoeienis van ons kegelen. Wilt gij mijn arme woning de eer aandoen, Mevrouw? En u. Madame? Heer an, gij zult heit onder elkaar moeten uitmaken, wie het voorrecht zal hebben Lady Sue te geleiden, en is zij op dezen prachtigen zomer-n amid- dag wellicht wat moeielijk i;n hare keuze, wil u dan herinneren wat het spreekwoord zegt: Nooit wint de lafaard' het hart van een echte Lady, óm dat geen ves ting het stormen waard "is, indien zij vrijwillig zich overgeeft." Het vooruitzicht van den ve rfrisschendt-n hangop, zoo geliefd in die dagen, herga 1 allen den vroolijken moed. Mevrouw de Chav esse, dite dien namiddag- zeer gedrukt en minder spraakzaam dan ooit was geweest, ging vlug voor haar zwagers gasten uit, ongetwijfeld om nog- een onderzoekenden blik te laten gaan over de schikking op de tafel, die zij aan het dienend per soneel had overgelaten. Sir Marmaduke volgde op eenigen afstand met de oudere dames, kennelijk zijn best do.ende, om zijn prikkelbaarheid niet- weer te laten uitkomen, maar vroolijkheid te mengen in zijn conversatie. Achter hem aan volgde een rumoerig drietal, zich om strijd beijverend om de jonge Lady" welgevallig te zijn, onderwijl zij zwijgend, in gedachjten verzonken, bedaard doorliep, zonder acht te slaan ,op den strijd harer aanbidders,, zenuwachtig- de teera blaadjes van de eikels scheurende,, waarna zij ze wild' en woë^t weg- PROVINCIALE STATEN VAN NOORD-HOL LAND. De zomerzitting der Staten werd gisterochtend te llV« uur door den commissaris der Koningin, mr. G. van Ti( nhoven, op de gebruikelijke wijze met gebed geopend. Aan de orde werd gesteld liet onderzoek der geloofs brieven van de herkozen en nieuw gekozen leden der Staten. Zij werden gesteld in handen van twee commissies en goedgekeurd. De voorzitter deed mededeeling van tal van goedge keurde hesluiten en stelde toen aan de ordte de voor drachten door Ged. Staten aangeboden, die commisso riaal gemaakt werden. De aanvraag om subsidie voor de restauratie St. Bavo werd in handen gesteld van een commissie. Aan de Staten is verzocht, den zuivelconsulent in de provincie, vanwege de provincie aan te stellen en te salarieeien. Heder. om 10V2 uur verkiezing van Ged. Staten, va catures mr. J. A. Sillem, R. W. J. C. v. d. Wall Bake. xxiv. W. baron Röell, jhr. G. S. Boreel en mr. H. J. C. v&n Tienen. GENERAAL SABRON. Het Ii-aagsche Oorrespondentiebureau meldt: In tegenspraak met de dezer dagen openbaar ge mankte geruchten als zoude de luit-,generaal Sabron als chef van den generalen staf zijn afgetreden wegens gemis aan overeenstemming tusschen den minister v.iii oorlog, en genoemden opper-officier, worden wij gemachtigd mede te deelen, dat de door den lieer Sa- bron ingediende ontslagaanvrage alleen gegrond was .op zijn gezondheidstoestand. Tegelijkertijd met zijn ontslagverzoek heeft hij aan de onder hem dienende officieren van den staf schrif telijk' dotn weten, dat zijn physiek hem niet in staat stelde z(in taak als chef van den generalen staf langer naar behooren te vervullen, en hij daarom de betrek king neei-Jt/gde. Rechtszaken. ARRONDISSEMENTS-RECHTBANK te ALKMAAR Zitting van Dinsdag- 5 Juli. DE INBRAAK TE CASTRICÜM. Johannes Cornells A. en Nicolaas Johannes C., kooplieden te Haarlem was ten laste gelegd, dat zij in den nacht van 22 op 23 April te Oastricum gepoogd hadden goederen weg te nemen, welke zich zouden be vonden hebben in de woning van den lieer Yan der Voert, boekhouder van het krankzinnigengesticht „Duin en Bosch." Beide beklaagden ontkennen en zeggen onschuldig to zijn. Van de 12 getuigen werd eerst gehoord Adriaan yan der Voort, te Castricuun'. Hij verklaart, dat in boven- geooom-.len nacht zijn vnonw hem om kwart over twee wakker maakte. Getuigje zag toen op de slaapkamer een man, die een bruine jas aan had, staan, dicht bij het bed over een tafeltje: gebogen. Getuige sprong overeitriï:, stak een kaars aan en liep den man, die het hazenpad koos, achterna. Beneden in het portaal' vond getuige' een pet. In de kamer ge komen zag hij de warande-chmren, die geforceerd wa ren, openstaan; hij ging nog" naar buiten maar zag niets meer. Aan een klein raanipje zag getuige even eens sporen van inbraak. Buiten ontdekte hij voetspo ren buiten het pad. Te oordeeleii naar het uiterlijk van de beklaagden, zou de man, die »°P' de kamer was, wierp. En haar oogen zochten de grenzen van Marma- drake's landerijen, waar koornvelden en het jjuchtruim en de zee in de zomerscliemering samensmolten ln een gloeiend verschiet van smaragd en purper en got/1'- Het was ongeveer een uur later. De gastien van Sir Ma»rmaduke waren vertrokken. Mevrouw Harri son in haar door-luchtige koets. Mevrouw Pync,'he°n in haar sjees, en Squire Boatfield rijdende op zijn welbekenden ouden ruin. Iedereen Had hangop gedronken, van de zoogenaam- de Tmnksche pasteien (ragout waf-waf en miauw) ge geten, en genoten van de velerlei vruchten. De Hoe ren hadden hun best gedaan om1 dé erfgename te- be hagen, de oudert' dames om heur protégés aan te moe digen. De heer Marmaduke had getracht jegens allen gelijkelijk vriendelijk te zijn en tegen niemand in het bijzonder. Het was niet populair in het Zuidelijk deel van Kent, en hij wist het; niets doende wat kon op wegen tegen den onaangenamen indruk, dien hij al tijd maakte door zijn bitse manier van uitvallen en zijn opvliegend karakter. Mevrouw Atmelia Editha <le Chavasse was nu alleen, met haar zwager, in de pover gemeubileerde zaal van het slot. Lady Sue was naar haar kamer gegaan, on der voorgeven v"an hoofdpijn, en de jonge Lambert was voor dien avond' vrijgesteld' van allen arbeid, zoodat. ook hij zich verwijderen kon. „Ge zijt bijzo ader goed voor dat jongmensch, Mar maduke" zei do Mevrouw de Chavasse, toen zij rij pelijk nagedacht- had, en de triestige figuur van den jongen man op de trap was verdwenen. Zij zat op een armstoel met hooge rug-leuning, en liet haar hoofd tegen het snijwerk rusten. Haar een voudig geplooi'dle japon sloot keurig om haar welge vormde figuur, .Inderdaad wast zij eene vrouw, die er nog goed uitzag, -ofschoon de jvroolijke dagen harer Nicolaas Johannes C. kunnen geweest zijn. Oatharina Sparenberg, huisvrouw van den vorige getuige zag, toen zij dien nacht wakker werd een man met een bruine jas aan en een pet op, op de slaapka mer staan. Zij maakte haar man wakker, die het bed uitging. Een oogenblik later hoorde zij iemandl van de trap vallen en buiten iemand een schreeuw geven. Beneden gekomen zag zij, dat de man op de parapluie- bak was gevallen en dat er in de gang een vreemde pet lag. Getuige had 's avonds zelf alle deuren en ramen gesloten. Ook volgens deze getuige zou de man op de slaap kamer beklaagde O. kunnen zijn. Verder deelt zij me de, dat drie weken voor den inbraak haar hond) plotse ling gestorven was en een week later de hondi van d# buren. De rijksveldwachter Ariën Gorter had een onderzoek in deze zaak ingesteld in de woning waarin de inbraak gepleegd is, en die ligt aan den weg die naar „Duin en Bosch" leidt- Aan het raam waren sporen van een beitel, die later bij A. is gevonden. De voetsporen heeft getuige opgemeten. Beklaagde A. zegt niet gedacht te hebben, dat het breekijzer, dat hij „toevallig" bij zich had) hem in zoo'n onlegenheid zou brengen. Hij kon den naam van den maker niet noemen, daar de man zeker ontslagen zou worden, als zijn baas het hoorde. Dr. F. A. Melchior uit Oastricum was den volgenden morgen in het huis geweest, waar de inbraak 's nachts geschied was, daar mevrouw erg geschrokken was. Ge tuige acht het best mogelijk dat de inbreker van de trap is gevallen met de beenen naar voren, dus meer gegleden, en dat hij zich daardoor niet bezeerd heeft toen hij met zijn voeten op de parapluiebak terecht kwam. Albertus van Keulen, rijksveldwachter, had' den 9en Mei een onderzoek ingesteld met het breekijzer, dat bij beklaagde was gevonden. Het ijzer paste in de indrukken, die in het raam waren. Pieter de Vries, agent van politie te Haarlem ont moette met een collega den 5en Mei beklaagden op den Koppersingel. Het* kwam hem voor, dat beklaag den zich verdacht gedroegen en er verdacht uitzagen. Hij vroeg hun eens met hem naar het politiebureau te gaan. Daar gekomen zeide beklaagde A. juist op wég naar het bureau te zijn geweest, daar hij een bos sleu tels en een breekijzer gevonden had'. Hij haalde ze Uit zijn zak en deponeerde ze als gevonden voorwerpen. Bij fouilleering werd bij den anderen beklaagde o.a. een revolver en messen gevonden. De volgende getuige was de hoofdinspecteur van politie te Haarlem, die een onderzoek ingesteld' heeft naar de herkomst der petten, die beklaagden droegen. Deze bleken in Haarlem gekocht te zijn. Petrus Cleeff, conducteur van de stoomtram Haar lems-Alkmaar verklaart, dat hij beklaagden den 22en April niet -de tram naar Castricum heeft vervoerd. Beiden hadden toen een pet op. Ook Springers, parkwachter bij „Duin en Bosch" had beklaagden dien dag gezien, n.l. nabij de woning van den boekhouder. Beklaagden blijven ontkennen op den weg naar het gesticht te zijn geweest. Beklaagde C. zegt: „Ik wist niet eens, dat er een gekkenhuis op Oastricum is en ook niet, dat ik in Oastricum was, ik dacht, dat dat boven Alkmaar lag." Andries Numan, een kennis van beklaagde A„ ver klaart, dat deze met een anderen man in den nacht van 22 op 23 April, 0111 12 uur ongeveer, even bij hem is geweest. Franciscus Dyonisius Huisman, kunstschilder te Haarlem had op verzoek van den rechter-commissaris jeugd en bekoorlijkheid voorbij waren. De schemering van den avond, in de kamer versterkt door de diep liggende vensters en kleine ruiten, deed de scherpte harer trekken en de koude uitdrukking harer groote donkere oogen te minder uitkomen. Door een klein hoekvenster, waarvan menige ge broken ruit met papier overplakt was, tuurde zij naar buiten in den tuin en de ruimte daarachter, waar de see, hoewel niet te zien, toch moest liggen. Sir Marmaduke zat, met zijn rug naar het licht, schrijlings op een lagen stoel, ongeduldig met zijn eenen yoet op den grond tikkende, terwijl hij zenuw achtig met zijn afhangende hand een driftig- taptoe trommelde. „Lambert zou verhongeren, als ik niet voor hem zorgde", zeide hij grimlachend. „Zijn broer, Adam, ^ou niets voor hem kunnen doen: die is zoo arm als 'ssnl kerkmuis, armer zelfs dan ik, maar wat bomt het 1Twe/>' viel hij uit met een geweldigen vloek. „La teiiTe Zeggen, dat ik gek ben, met er een secretaris op 11a te 'Lijfden, a's ik te nauwernood het loon van een dienstmeisje1 kan betalen „Hef zon beter zijn, de bedienden het loon te geven, Marmad#^". antwoordde zij scherp, „ze waren zoo«ven erg' jbnitaal tegen me Waarom be taalt ge het achterstallige niet nu nog?" Waarom reik ik mét- Apt aan de maan, waaide Editha, en pluk daar ,watgoudstukken", zeide hij, de breede schoudera Ophalen-clt-. „Ik heb geen duit meer „De Graaf van Nort&siUertonkanrtoch niet eeuwig leven!" „Ik geloof, dat hij er een eed op gedaap heeft te zullen blijven loven, om mij niet te laten erven. En- tegen den tijd -dat hij eindelijk bezwijkt, zal die. ver vloekte republil teinsche regeering wel alle titels afge schaft en alle bezittingen genaast hebben/ „Bedaar toch,. Marmaduke! zeide zij, schichtig rondkijkende. „Er zijn misschien -spionnen in de buurt!" j|[ 'b '-(Wordt vervolgdL

Kranten Regionaal Archief Alkmaar

Alkmaarsche Courant | 1910 | | pagina 1