DAGBLAD VOOR ALKMAAR EN OMSTREKEN. BLOOKERS CACAO DAALDERS Honderd en twaaFde Jaargang. VRIJDAG 23 SEPTEMBER. FEUILLETON. Het nest van den sperwer. BINNENLAND. No. 224 1910 Deze Courant wordt eiken avond, behalve op Zon- en Feestdagenuitgegeven. Abonnementsprijs per 3 maanden voor Alkmaar f0,80; franco door het geheele Rijk fl,— Afzonderlijke nummers 3 Cents. Telefoonnummer 3. Prijs der gewone advertentiën Per regel f 0,10. Bij groote contracten rabat. Oroote letters naar plaatsruimte. Brieven franco aan de N. V. Boek- en Handelsdrukkerij v/h. HERMs. COSTER ZOON, Voordam C 9. AL&MAARSCHE COURANT Zij «lie /.it'll met 1 October op «Ut blad abomieereiiontvangen de tot dien datnin verschijnende nummers franco en gratis. 1) e U i[t g e]v e r s. I KOFFIE is duurder geworden, doch kost nog steeds f 1.50 per bus van 1 KÜO (2 pond). Kleinere bussen naar verhouding. ALKMAAR, 23 September. Hij blijft, hij blijft niet, hij blijft, hij. Aan het oude knoopen- of bloembladerenspelletje doen de telegrammen denken, welke uit Zuid-Afrika worden geseind! over Botlia's toekomstplan. Niet al leen spreken' de verschillende persberichten elkaar te gen, maar ook bevatten zij kennelijke onjuistheden. Zij doen dan ook terugdenken aan den oorlogstijd, toen door de Engelsehe correspondenten en correspon dentschappen ook steeds onbetrouwbare en leugenach tige berichten naar Europa werden gekabeld. Met dat al is het niet gemakkelijk een beeld van den stand van zaken te krijgen. Men weet wat de verkiezingen voor liet eerste parlement, tegen des heeren Botha's wil een zuiveren nationaliteitenstrijd hebben opgeleverd. On der de nieuwe namen unionisten en nationalen is de oude Strijd tusschen Brit en Boer voortgezet. De ver kiezingen hebben een voordeel opgeleverd voor den "heer Botha, die, den strijd in dusdanigen vorm niet ge wild heeft maar hem heeft moeten aanvaarden. Alleen de heer Botha, het hoofd der regeering, en de heer IIull, de minister van financiën der Unie leden per soonlijk een nederlaag, doordat zij niet gekozen wer den. Dat kwaad was natuurlijk gemakkelijk te ver helpen als de beide heeren wilden, waren er wel ge kozenen bereid ter wille, van hen afstand van hun ze tel te doen. De kneep zit blijkbaar ergens anders. De heer Huil wenscht een dergelijk aanbod niet te aan- vaarden waarom niet, is tot dusver onbekend ge bleven. Hij is een Engelschman en' een uiterst be kwaam financier. Als zoodanig is hij uiterst moeielijk te vervangen. Eigenlijk is'er maar een geschikt op volger: de heer John Xavier Merriman, die in de Kaapkolonie een uitstekenden naam heeft verworven en na Jameson in 1908 eenste minister van de kaapko- EEN ROMANTISCH VERHAAL UIT DEN TIJD VAN DE PURITEINEN DER 17de EEUW. door BARONES OROZY, Schrijfster vanDe Roode Pimpernel, Ik zal ver gelden, Een zoon van het Volk, etc. 74) „Zwijg! Bezoedel dat heilige woord niet, met het over uwe lippen te laten gaan. Vrouwen zooals gij, ontheiligen den moedrnaamUw eigen moeder begreep dat, toen zij de kinderen van u nam en u vloekte op haar sterfbed, voor uwe zonden en schaam teloos gedrag. Uwe zonen zijn eerbare mannen gewor den, godvreezende mannen, maar niet door uwe lei ding. Gij hebt schande gebracht over den naam van hun vader, gij hebt bittere ellende doen komen over uwe kinderen, die u niet kenden." Hier hield de oude vrouw een oogenblik op, maar hare holle bleeke oogen fonkelden nu van toorn en wrok. Zij en hare overledene vriendin, zij hadden saamgespannen met hunne geloofsgenooten, in haat voor de vrouw, die ondanks hare Puriteinsche opvoe ding, haar moeder en hare beteren had verlaten, om zich te werpen in een maalstroom van genot, dien haar moeeder verfoeide als schandelijk en zondig. Ie zamen hadden zij, als echte renegaten-haters, zich verblijd over hare steeds diepere vernedering, haar pijnlijk vergeefs zoeken naar de kinderen! Nu was het uur der wraak voor de Quakeres en hare v menden gekomen, die afgesproken hadden haar te straffen en wraak te zullen nemen. Editha stond, vol schaamte en ton prooi der diepste ellende, zelfs haar zoon niet durvende naderen of een blik van toegenegenheid te bedelen het hoofd deemoedig gebogen, de handen gevouwen, als een schuldbewuste den stroom beleedigingen aanvaarden- lc nic werd. Maar de lieer Merriman wil niet onder den heer Botha staan, maar zelf eerste minister we zen zoo werd steeds gezegd. Aan den anderen kant kan men zich wel begrijpen, dat de heer Botha geen lust hoeft in een kabinet-Merriman zitting te nemen. Zoo staan dus thans de zaken. Er wordt 111 verband hiermede druk onderhandeld. Het ministerie verga dert veel en het laatste bericht zegt, dat de heer Bur ton, ook een Kapenaar, naar den heer Merriman is 0111 te overleggen en dezen te polsen, over de houding- die hij tegenover den heer Botha en het ministerie zal aannemen. Het Engelsehe jingo-blad de Times, dat over het geval een artikel heeft, schrjjft o. a.: „Generaal Botha's tegenwoordigheid aan het roer is meer dan ooit onmisbaar voor de belangen, waar voor hij gestreden heeft. Daar een ministerie van „de besten" uit de verschillende partijen [naar Jamesons wensch] in den tegen woo-rdigen staat der Zuidafri- kaansche politiek blijkbaar onbereikbaar is, zou hij naar onze meening niet kunnen aftreden, zonder van den aanvang van 't nieuwe Parlement af de rasver- deeldheden .te verscherpen, welke hij en al de Zuidafri kanen van ruimer opvatting het vurigst verlangen' te voorkomen. Zijne nederlaag te Pretoria, ofschoon 'die alleszins billijk het prestige zijner tegenstanders lieet't verhoogd, heeft, wij zijn er zeker van, in geenen deele bet zijne geschaad. Hij blijft één der twee Zuidafri- kaansche staatslieden, die naar 't algemeen gevoelen de grootste kanis hebben van den steun der verschil lende provinciën te behouden en de rasachterdochtig- hedeu te stillen. Wat ook van zijne aftreding het ge volg zou kunnen zijn, zij zou dr. Jameson niet in staat kunnen stellen om in het tegenwoordige - Parlement een ministerie te vormen. Ja, zij zou alleen invloeden kun-nftn versterken, tegenover welke hijzelf en dr. Ja- meson gelijkelijk het beste bolwerk zijn van de nieuwe staatsregeling. „Generaal Botha's moed is in 't verledene zoo schit terend gestaafd, dat wij geen geloof zullen hechten aan de geruchten, welke hem zulk eene handelwijze toeschrijven. Hoe grooter de verschillen in zijne par tij zijn, hoe noodzakelijker dat hij de meer bekrompen geesten onder haar belette, in dit nieuwe hoofdstuk van Zuid-Afrika's leven de oude strijdvonnen te be stendigen. Hoe grooter die noodzaak, hoe zekerder, onderstel len we, zijn vastberadenheid om daaraan, zoo hij kan, het hoofd te bieden." De heer Botha gaat ver met zijn verzoeningsgezind heid te toonen volgens sommigen veel te ver de partijen moeten elkaar helpen, maar of hij onder gegeven omstandigheden zal willen aanblijven wagen het te betwijfelen. PEINS HENDRIK OP METTRAY. Gistel middag heeft Prins Hendrik, vergezeld van zijn adjudant jhr. Hooft Graafland, een bezoek gebracht aan het nieuw gebouwde Prins~Heridrikhuis. De Prins werd bij zijn aankomst ontvangen door eenige leden van de hoofdcommissie en alle commis sarissen. i De heer Schuilei1 tot Peursum sprak Zijne Konin klijke Hoogheid toe. - De Prins bedankte, waarna het nieuwe gebouw werd bezichtigd. Te ongeveer halfvier is de Prins vertrokken. EERSTE KAMER. Gisteren vergaderde de Eerste Kamer. De voorzitter deelde mede, dat de commissie van re dactie een adres van antwoord! heeft samengesteld, en dat dit thans naar de afd'eelilngen zou worden gezon den. Het zal heden in het openbaar worden behan deld. De vergadering' werd verdaagd! tot heden 11 uur. Dan komen aan de orde het adres en de ontwerpen, die voor behandeling gereed zijn. ARBEIDSWET. Het centraal bestuur van den Nederla ndschen Brood-, Koek- en Banketbakkers-bond heeft een adres aan de Tweede Kamer gezonden, waarin adhaesie be tuigd wordt aan het verzoek in het adres der Veree- niging van Nederla ndsehe Werkgevers, waarbij de Tweede Kamer wordt uitgenoodigd! voorloopi-g slechts de wegens de conventie van Bem noodzakelijke wijzi ging te handhaven en de overige voo-rloopig terug te nemen, opdat belanghebbenden de gelegenheid hebben zich daaromtrent te beraden en daarna huinne opmer kingen aan de Kamer kenbaar te maken. WIJZIGING GEMEENTEWET. Men schrijft aan de N. R. Ct. De geruchten, dat de regeering voornemens zou zijn het aanhangig ontwerp van wet tot wijziging van de gemeentewet (uitbreiding van het belastinggebied der gemeenten) in te trekken, kunnen beslist worden te gengesproken. De regeering handhaaft haar ontwerp, maar zal alleen ten aanzien van de belasting', van forensen te j heffen, die wijzigingen aanbrengen, welke haar wen- schelijk bleken uit de adressen van verscheidene ge meenten. erwacht wordt, dat voor 19!t2 de gemeenten zullen kunnen rekening houden met de alsdan gewijzigde gemeentewet. de wij de, welke de hartstochtelijke haat dei' oude vrouw over haar uitstortte. Die smaadlvolle woordevloed wilde Squire Boatfield keeren. Ilij had de onderscheidene documenten de bewijzen van wat Martha had gezegd door-gezien, en wist nu, dat het verschrikkelijke verhaal, dat van onvergelijkelijke wreedheid getuigde, geen verdichtsel was. Niet de godvreezendheid, maar de overdreven vroomheid der Vrienden, had inderdaad de gedrochte lijke misdaad gepleegd va-n eene opzettelijke ontvoe ring' der kinderen aan de moeder. De gedachte kwam bij hem op, of hij als- magistraat die kinderverduistering niet zou moeten straffen. En do oogen, waarmede hij nu de oude Quakeres aanzag', verrieden zeer zeker weinig- vriendelijke gezindheid. A rouw Lambert was intusschen naar Editha ge gaan. Zij vatte de. hand der nog jonge ongelukkige vrouw, en bracht haar de lijkkist. --Daar ligt. een uwer kinderen", zeide zij met die zelfde nadrukleggende onbarmhartigheid, „uw oudste zoon, die uw trots had moeten zijn, vermoord en ge schonden in een donkeren hoek door een sluipmoorde naar. Vervloekt zijt gijVervloekt zeg ik!., zooals uw moeder op haar sterfbed' deed! Vervloekt, nu deze vergelding u treft!" Haar woorden stierven weg' als een echo tegen de gepleisterde wanden. In dat oogenblik stond! zij daar als eene wraakgo din, dreigend 0111 met haar opgekropten haat nog scherper te wonden. Bij haar stond! de verslagene vrouw, een toonbeeld van ellende en! smart. De klank der vervloeking was nog niet vergaan, of men hoorde een vastberaden mannenstap op den planken vloer der kamer, en.... Michel Richard de Ohavasse knielde bij zijne moeder en kuste.... en kuste haar ijskoude liaud. Een hartbrekende snik kwam over hare lippen. Zij neeg en drukte met bevende- lippen een kus op het ge bogen hoofd van den jongen man, die niet alleen barmhartigheid oefende, maar daarmee eerbiedenis vroeg voor die zijne moeder was. E11 zonder een woord, zonder een blik voor hare It e c 1» t z a keu. ARRONDISSEMENTS-RECHTBANK TE ALKMAAR. Zitting van Dinsdag 20 September 1910. MEINEED. Dieuwei-tje K. van Zijdewind was hedenmorgen de eerste beklaagde. ITaar wasi ten laste gelegd, dat zij zich den 30en Juni aan meineed had schuldig ge maakt, toen zij 11. 1. iu een civiele zaak een eed had afgelegd, waarbij ze verklaarde, dat liet niet waar was, dat ze van Wouter Kuiper te Noord-Scharwoude J 300 had ontvangen ter vereffening van den huur voor koolland. Getuige Kuiper verklaarde, dat hij 010 zou beta len voor den huur van het land. Daar de opbrengst evenwel niet meeviel, werd overeengekomen, dat hij maar 300 zou betalen. Zoo g-ezegd, zoo gedaan. Den wreede vijandin) of de stille getuigen van dit ver schrikkelijke drama, wendde zij zich om en ging ijlings de kamer uit, naar buiten, om daar zich te bui gen voor den rechtvaardigen en barmhartigen God. Met een diepen zucht van strijdensmoeheid en vol doening-, viel vrouw Martha Lambert op de knieën, en zakte ineen op den grond. Het oude hart, dat zoo overvloeiend was-van liefde, maar ook van haat, zoo vol zelfopoffering en wraak, had opgehouden te kloppen, nu des werkers werk was gedaan. HOOFDSTUK XL1I. NAAR HET SPERWERSNEST. Reeds lang' had Courage Tongoed de hoop opgege ven, dat mevrouw de Chavasse mee naar Acol Court zou gaan. Hij had herhaaldelijk op de deur der dorps woning geklopt, waar hij achter de massive paneelen, naar hij meende, opgewonden en driftige stemmen had gehoord, die hij echter niet goed verstond of kou begrijpen. Op zijn kloppen was geen antwoord gekomen, en niet in zijn humeur door den) voor hem vervelenden dag, bovendien niet gerust bij de gedachte, dat hij misschien heelemaal alleen naar Acol Court zou moe ten gaan, vond hij het verkieselijker, zich te verbeel den dat hij misschien wel neen, zeker! Sir Mar- inaduke verkeerd moest verstaan hebben, of dat deze zich vergist ha-d, toen hij veronderstelde dat mevrouw naar het dorp was teruggegaan. Die niet onaanneembare veronderstelling kwam Courage zeer aannemelijk voor, en dat te meer, daar hij niet precies courageus was, al heette hij Courage. Met zijn lantaarn zwaaiende, en om er den moed iu te houden, zingende, ging hij zonder vragen naar huis. De geheele landstreek scheen vol geheimzinnigheid. De gebeurtenissen van den dag hadden zich afge drukt in den November-avond. De verzuchtingen van -den zeewind waren mysteri euzer dan ooit. Ten December bracht hij dit bedrag' en ontving' van beklaagde wel een quitantie, maar een, waarop ver meld stond, dat met de 300 een gedeelte van de schuld betaald was-. Zij zeide niets van de onderhan deling af te weten. Dat liadi haar man) gedaan, die onder cuvateele -staat. Kuiper verklaart evenwel, dat beklaagde er wel de gelijk van wist en dat haar man bij de onderhandeling' nog' niet onder curateele stond. Ook de vrouw va-n Kuiper, Grietje Steen en Johan nes Bakker vani Noord-Scharwoude, weten zeker, dat beklaagde bij de onderhandeling' tegenwoordig' was en zich ini het gesprek mengde. Helenus Adrianus de Mann, te Alkmaar, vroeger in dienst van wijlen notaris Backx verklaart, dat be klaagde bij den notaris is- geweest 0111 advies in deze zaak in te winnen. Cornells Stam te Harenkarspel zegt de quitantie te hebben geschreven op verzoek van Bakker en er daar na op aanvraag van beklaagde „in mindering" te heb ben bijgevoegd. Tevens had ze hem- gevraagd bij de betaling- tegenwoordig te zijn, daar Kuiper er wel niet mee accoord zou gaan. Jan Bakker, beklaagde's echtgenoot, herinnert zich Kuiper gevraagd te hebben een kwitantie te schrijven en hem gezegd te hebben, dat Kuiper wel met een grooter bedrag kou komen. Ten slotte verklaarde de zuster vau beklaagde dat ook zij mee naar Kuiper is geweest, maar geen aan dacht aan de onderhandeling heeft geschonken. De getuige ii décharge, mr. K. A. Cohen Stuart weet dat notaris- Backx beklaagde prees 0111 haar eer lijkheid. Beklaagde had in vroegere gesprekken steeds geloofd, dat haar onschuld als bewezen mocht worden geacht. Beklaagde bleef volhouden geen valschen eed te heb ben afgelegd. De Officier van justitie achtte het bedrag vau be klaagde zeer immoreel en het staat voor spr. vast, dat beklaagde van de onderhandeling' af wist. Hij acht het ten laste gelegde bewezen en eischte tegen be klaagde een gevangenisstraf van 1 jaar. Mr. Prins, verdediger, wijst er op, dat beklaagde, toen haar man onder curateele werd gesteld, den fi- nantieeleü chaos in orde moest brengen. De schulde naars dachten met haar evenals met haar man te kun nen omspringen en ook Kuiper probeerde dat. Het is pl. niet duidelijk, waarom Kuiper, als hij geen genoe gen nam met de quitantie, waarop „in mindering" stond, deze dan toch heeft aangenomen, en zijn geld niet heeft teruggevraagd. Een veroordeeling zal slechts kunnen volgen, als juridisch vaststaat, dat beklaagde wist, dat de verklaring valsch was. Dat beklaagde eerlijk was blijkt 0. a. uit de verklaring van mr. Stuart. Ten slotte concludeert pleiter vrijspraak. VERNIELING. Adrianus S., van Wervershoof, had zich te verant woorden wegen-s vernieling. Hij had n.l. eerst de rij tuig-lantaarn van C. Neefjes uit Westwoud! ingesla gen, wat deze een schade berokkende van 2.50, en daarna die van Petrus van Diepen uit Westwoud. Beiden vertellen, hoe de zaak zich heeft toegedragen. Klaas Hoogland uit Enkhuizen was- dien bewu-sten avond eeu kermisavond o. a. uit met beklaagde, wiens hand hij, nadat de rijtuigen hen gepasseerd' wa ren, zag bloeden. Ook uit verklaringen van andere getuigen blijkt, dat beklaagde zich dien avond zonderling gedroeg. Beklaagde ontken-de het hem ten laste gelegde. De Officier van Justitie achtte het bewijs evenwel geleverd en eischte tegen' beklaagde, die al eens meer veroordeeld is, 3 weken gevangenisstraf. Pieter B., te Grootebroek, arbeider hij de H. IJ. S. M., had den 20sten Juni een d^l- wissels verkeerd om geworpen, met het gevolg, dat een paar wagons be- De boonien met hun landwaarts gerichte takken, waren spookfi'guren die de magere armen uitstrekten naar de geen antwoord gevende verre verte. Courage deed zijn best om niet te denken aan gees ten, noch aan heksen en kabouters, die volgens de ver halen, er een ondeugend plezier in hadden, om bange menschen te laten sdurikken. Bang was hij nu wel niet, maar. Weinig scheelde het of vriend Courage had een gil gegeven en was in de modder op zijni knieën gevallen, want een donker onkenbaar iets doemde plotseling voor hem op. Toch was het maar de grootsche figuur vau Pyot, den kleinen Constabel, die juist de wacht betrok bij de woning, waarin nu twee lijken) waren. Hij moest lachen om de bloohartigheid van den jonlgen man, dien hij opgemerkt had. Maar terstond knoopte hij een gesprek met hem aan. Wie kan er ook iets tegen doen, als het schrikdui'veltje voor de grap plotseling van den buurman op uw rug overwipt! Nu, Courage had altijd iets te vertellen. Hij had iet-s overgenomen van Busy's welsprekendheid, in zake ontdekking van geheimen, en het mysterie van den moord! was veel be langrijker geworden door hetgeen de oude Quakeres meegedeeld had. De groote belangstelling', die Pyot in zijn verhaal toonde, maakte dat Courage des te sterker zijn ver beelding liet Werken, dat hij te liever -deed, toen de kleine Pyot natuurlijk onwillekeurig' zijn gang naar den gang van Courage regelde en den weg naar Acol Court met hem opging. Courage vertelde zijn aandachtigen toehoorder alles van Busy's veronderstellingen en diens voornemen om de geheimen van' den my-sterieusen moord te ont sluieren, die om der waarheid getrouw te blijven reeds lang- te voren door den waardigen keldermeester waren vermoed, nu hij een tegenzin gekregen had in dat spio-nneeren van uit den boom bij het paviljoen, waar hij zoo kleverig afgekomen was. (Wordt vervolgd.) j

Kranten Regionaal Archief Alkmaar

Alkmaarsche Courant | 1910 | | pagina 1