DAGBLAD VOOR ALKMAAR EN OMSTREKEN. Groote Veemarkt Paardenmarkt No. 247 Honderd en twaalfde laargang. 1910 DONDERDAG 20 OCTOBER. BINNENLAND te Alkma&r, op Maandag 7 Novemberas, te Alkmaar», op Woensdag 9 Novemberas Jaarlijksche Schouw, over Deze Courant wordt eiken avond, behalve op Zon- en Feestdagen, uitgegeven. Abonnementsprijs per 3 maanden voor Alkmaar f0,80; franco door het geheele Rijk fl,— Afzondei lijke nummers 3 Cents. Telefoonnummer 3. Prijs der gewone advertentiën Per regel f 0,10. Bij groote contracten rabat. Oroote letters naar plaatsruimte. Brieven franco aan de N. V. Boek- en Handelsdrukkerij v/h. HERMs. COSTER ZOON, Voordam C 9. ALKMAARSCHE COURANT. $Ï2B7a7v?T HINDERWET. BURGEMEESTER en WETHOUDERS van ALK MAAR brengen ter algemeene kennis, dat heden op de gemeente-secretarie ter visie is gelegd het aan hen ingediende verzoek met bijlagen van K. BOS, aldaar, om vergunning tot het oprichten van een GRAAN- MALERIJ, waarin een PETROLEUM-MOTOR van pl. m. 12 P.K. in het perceel Moaterdsteeg Wijk C No. 15, Bezwaren tegen deze oprichting kunnen worden ingediend ten raadhuize dezer gemeente, mondeling op WOENSDAG 2 NOVEMBER e.k., 's-voonniddags te elf uur en schriftelijk vóór of op dien tijd. Gedu rende drie dagen vóór gemelden dag kan de verzoeker en hij, die bezwaren heeft ingebracht, op de secretarie dezer gemeente van de terzake ingekomen schrifturen kennis nemen. Alkmaar, 19 October 1910. Burgemeester en Wethouders voornoemd, G. RIPPING, Voorzitter. DONATH, Secretaris. HOOFDELIJKE OMSLAG. BURGEMEESTER en WETHOUDERS van ALK MAAR brengen ter algemeene kennis, dat het eerste suppletoir kohier van den hoofdelijken omslag, dienst 1910, den 5en October j.l. door den Gemeenteraad1 vast gesteld en hij besluit van 12 October d. a. v. door de Gedeputeerde Staten van Noord-Holland' goedgekeurd, op heden aan den gemeente-ontvanger ter invordering is uitgereikt, terwijl een afschrift daarvan gedurende vijf maanden ter gemeente-secretarie voor een ieder ter inzage is nedergelegd. Bezwaren tegen de aanslagen kunnen op ongezegeld papier bij den gemeenteraad worden ingediend binnen drie maanden na den dag der uitreiking van de aan slagbiljetten. Burgemeester en Wethouders voornoemd, G. RIPPING, Voorzitter. DÖNATH, Secretaris, Alkmaar, f7 Oct. 1910. BURGEMEESTER en WETHOUDERS der gemeente ALKMAAR brengen bij deze ter kennis van be langhebbenden, dat op Woensdag 26 October dezes jaars, door den opzichter over den Hout en de Plantsoenen zal worden gehouden de De oude Zandersloot, beginnende bij het bruggetje in den Kennemersingel, vervolgens de slooten loo- pende van den Kennemersingel af tot de Verlaatjes bruggen De sloot langs Egelenbnrgerlaan en Ropjeskuil tot 4en weg naar de begraafplaats. De ringsloot om de Cadettenschool, De Bleekersloot loopende van den Nieuwlandersingel af en de nieuwe Zandersloot, beide tot aan de ban- scheiding van Heiloo De sloot loopende van liet Baanpad af achter langs de baanhuizen, tot het pad van Overdie. De sloot langs en van liet Baanpad af ten Zuiden van de huizen aan de Overdiestraat tot het Kanaal. De sloot loopende ten Zuiden van het weiland van Mevr. van Wensen en verder tot het Kanaal. De slooten loopende langs de Zuidzijde van den Schermerweg en langs de Noordzijde van het jaag pad aldaar. Wordende alle eigenaars of gebruikers van percee- len, ftan en langs die slooten liggende, aangemaand om van de gezegde slooten, en wel ieder voor zooverre zjjn eigendom zich daar langs uitstrekt, de kanten af te maaien, bet kroos en afgemaaide op te lialen, als mede die slooten uit te diepep en liet zand benevens dep mpdder, te hunnen ko^te, ter weerszijden daaruit op te halen, aUai op zoodanige diepte en on der die boete en strafbepalingo als bij rio bestaande verordeningen zijn vastgo teld. Burgemeester en Wethouders voornoemd, G. RIPPING, Voorzitter. DONATH, Secretaris. Alkmaar, den 12en October 1910. TWEEDE KAMER. Om 10 minuten over elven liet de voorzitter Dins dag de namen der aanwezige ledpn voorlezen. Er wa ren er slechts weinig aanwezig. De vergadering zou tfaaroap eerst te 12 upr worden geopend. Op dit uur was het vereischte aantal leden tegenwoordig. Aan de orde was de suppletoire marine-begrooting et rekkelijk het toekennen van voedinggeld aan ge- ■heoger 0nderoffieierea met dei1 r011# van sergeant ep D. laeei Ilugenholtz betoogde, dat dit wetsontwerp minder, ja, geheel iets anders geeft dan de in Decem ber aangenomen motie-Duymaer van Twist, waarbij de wenschelijkheid1 werd uitgesproken om gehuwde onderofficieren, ,en zoo mogelijk ook gehuwde mindere schepelingen in de gelegenheid te stellen thuis hun middagmaal te gebruiken. Met deze motie houdt de minister echter geen rekening. Integendeel, hij splitst de onderofficieren en geeft aan één categorie geen vergoeding, maar als :t ware een toeslag; want hij geeft, behalve scheepskost, tevens eene vergoeding aan deze gehuwde onderofficieren. Het is dus een salaris-verhooging langs een omweg. Dit bevoordee- len van de categorie gehuwde onderofficieren moet ontevredenheid! veroorzaken; het is een officieel© be- looning voor gehuwd-zijn, en gehuwd-zijn kan toch geen dienstbelang in zich sluiten; te minder, wijl vroeger het verloop onder het korps daaraan werd toe geschreven. Hoewel echter, in tegenstelling met den minister, overtuigd, dat gehuwde mindere schepelin gen alleszins, een toeslag noodig' hebben, drong spreker er niet op aan. De eenige uitweg is salarisverhooging langs de geheele linie, dus voor gehuwde en ongehuw de schepelingen. Toch verklaarde spreker vóór het ontwerp te zullen stemmen. De minister van marine, de heer Wentholt, ontkende te hebben gehandeld in strijd met de aangenomen mo tie. Na nog eenige gedachtenwisseling is het ontwerp a a nge nomen. Vervolgens was aan de orde de Suppletoire Oorlogs- begrooting voor 1910, betrekkelijk verschillende onder werpen. De heer Duymaer van Twist bestreed 's ministers voorstel ten opzichte van de militaire muziekkorpsen, hetwelk neerkomt op handhaving van de bestaande or ganisatie,^ met vervanging van het subsidie-stelsel door soldijregeling. Daartegen had_ spreker bedenking; de tegenwoordi ge militaire muziek is een luxe-artikel; niet zoozeer voor het leger als wel voor de burgerij. Spreker wilde hebben eenvoudige fanfare-korpsen, gevormd uit tam boers en hoornblazers bij de compagnie infanterie. De heer Ter Laan meende, dat de verbetering, die thans in de positie van de muzikanten zal worden ge bracht, nog onvoldoende is. De heer Marchant is niet tegen het voorstel, doch dringt niettemin aan op zoo spoedig mogelijke opheffing der muziekcorpsen en ver vanging door fanfare-corpsen. Beide sprekers gewagen van de oneerlijke concurrentie, die de militaire corpsen aan (Ie burger muzikanten aandoen. Hierna komt de minister aan het woord. Hij zet uiteen, dat vervanging van de muziekcorpsen1 door eenvoudige fanfare-corpsen aan velerlei bezwaren zou onderhevig zijn. Daarenboven meent hij, dat de kos ten grooter zouden zijn, dan de heer Van Twist zich voorstelde. Hij rekent voor wat er alzoo aam vast zou de zitten. Hij dringt daarom op aanneming van zijn voorstel, waardoor de muzikanten toch op beteren ba sis zouden komen te staan en minder van bijverdien sten afhankelijk zullen worden, aan. Vrijstelling van Zondagsdienst te verleenen aan wie daartegen bezwaar hebben, acht de minister niet wel doenlijk. olgen re- en duplieken, waarbij de minister van oorlog te kennen geeft, een geleidelijke vervanging van de muziekkorpsen door fanfarekorpsen te willen overwegen. Maar de heer Duymaer van Twist acht „overwe ging onvoldoende. Hij wil een pertinente bereidver klaring. De heer Marchant stelt nu een motie voor, waarbij de Kamer uitspreekt, dat de militaire muziek behoort te bestaan uit fanfarekorpsen, op eenvoudigen voet. De motie komt dadelijk in behandeling. De heer Ter Laan stelt een andere motie voor, waarbij de Kamer uitspreekt, dat, bij behoud van het bestaande stelsel, verdere verhooging van de soldij voor de militaire muzikanten noodig is. De minister blijft zijn standpunt handhaven. Na. eenig debat over de wijze van stemming wordt dan de motie-Marchant aangenomen met 39 tegen 24 stemmen. Het artikel wordt zonder hoofdelijke stemming aan genomen. De heer Ter Laan wil nu zijn motie intrekken, maai de voorzitter acht dit, volgens het reglement van orde, niet mogelijk. De motie-Ter Laan wordt daarna verworpen met o3 tegen 8 stemmen. Daarna komt in bespreking het artikel (172), hou dende de reorganisatie van het korps marechaussee, lij bepleit voorts verbetering van de financieele po sitie van de officieren der marechaussee, n^vergadering wordt daarna verdaagd tot heden Rechtzakeu. ARRONDISSEMENTS-RECHTBANK TE ALKMAAR. Zitting van Dinsdag 18 October. MISHANDELING. Allereerst werd hedenmorgen hervat de zaak tegen Mannes O., te Noord-Scharwoude, die in Augustus geschorst was. Beklaagde was mishandeling ten laste gelegd, hij had n.l. in den nacht van 19 op 20 Juni Adam Mijts mishandeld, Mijts, arbeider to Noord-Scharwoude, vertelt om standig hoe de zaak zich heeft toegedragen en hoe be klaagde hem met een of ander voorwerp een bloedende wond toebracht. Getuige Zegt, daf er hoegenaamd geen aanleiding voor wa§. Beklaagde verklaart, dat alles wat getuige Mijts zegt, van het begin, tot het eind onwaarheid' is. ek aagde zegt zich bij een vechtpartij wel verde digd te hebben en daarbij Mijts waarschijnlijk ook ge raakt te hebben met een halven steen, die hij In zijn handen had. Beklaagde beweert, dat er eerst met steenen tegen zijn huis werd gegooid. De president wijst beklaagde en getuige er op dat zij beiden maar de halve waarheid spreken. Klaas Jes, de volgende getuige, ontmoette Mijts, toen deze reeds een wond had, die bloedde. Hij ging f met hem naar huis en kwam daarbij langs 't huis van beklaagde, die volgens Mijts hem zoo had toegetakeld. Zij begonnen daar met steenen te gooien met de be- I doeling beklaagde uit zijn woning te lokken. Toen dit gebeurde, ontstond er een vechtpartij. Beklaagde zegt,, dat bij die vechtpartij Mijts en j Jan Jes beiden zijn vrouw hebben geslagen. j Jan Jes, arbeider te Noord-Scharwoude, en Jacob Wijn, visscher te Obdam, vertellen daarna van de zaak, wat zij er van kwijt willen zijn. Wijn verklaart gezien te hebben dat Mijts en een der Jess-en beklaag de tegen den grond sloegen. Deze verdedigde zich daarna en sloeg er ook op. Do officier van justitie is van meening, dat er in deze zaak gelogen moet worden, want de verklaringen van de getuigen kloppen niet eens met elkaar, 't On derscheidingsvermogen van de verschillende personen was z. i. gedaald, daar er rijkelijk gebruik was ge maakt van sterken drank dien avond. Z. E. A. acht het evenwel recht na alles wat er geschied is, dat be klaagde veroordeeld wordt en eischt tegen beklaagde 2 maanden gevangenisstraf. VERDUISTERING EN VALSCHHEID IN GESCHRIFTE, Leonardus N., postbode te Schoorl, was ten laste ge legd, dat hij omstreeks den 15den Augustus iu dienst der Koninklijke .Ned. Posterijen 129 had verduis terd, den lsten September opzettelijk een briefkaart had weggemaakt en den 17den Augustus een regu had vervalscht en van dit vervalschte stuk had gebruik ge maakt. Beklaagde, die den lsten October 1909 als postbode in dienst is getreden, bekent den 15den Augustus 129 van de echtgenoot© van Oost-Indië te hebben gekregen om te verzenden. In plaats daarvan be hield hij het. Daar hij verplicht was een bewijs van storting te geven, gaf hij dit 2 dagen daarna; hij ver valschte daartoe een regu van 0.25. Hij haalde de 25 cents door en schreef er op 129. Een paar dagen later gaf Oost-Indië er zijn bevreemding over te ken nen, dat hij er geen quitantie van had gekregen. Den lsten September kwam er aan 't postkantoor te Schoorl een briefkaart voor Oost-Indië, waarop-stond, dat t bedrag nog niet ontvangen was. Beklaagde, die deze moest bezorgen, deed' dit niet Hij schreef daarna aan dengene, die het geld ontvangen moest, een briefkaart, dat het wel spoedig zou komen. Hij had t evenwel niet meer, maar 100 opgemaakt op de Alkmaarsche kermis. Zijn vader gaf hem daarom 't ontbrekende bedrag, nadat de inspecteur er was ge weest. Als eerste getuige werd in deze zaak gehoord Klaas Oost-lndie, te Schoorl, die verklaart twee dagen na dat het geld gestort was, en dat verzonden moest worden aan Jacob Hoogwoud, brandstoffenhandelaar te Amsterdam een regu te hebben ontvangen van be klaagde. Daar de quitantie niet kwam, ging hij eens ïniormeeeren en bleek het bedrag nog niet verzonden te zijn. Hij heeft daarna beklaagde een briefkaart la ten schrijven met de mededeeling, dat het lag aan een abuis van den postbode en het geld nu gauw zou ko men. Den 5den September schreef Hoogwoud nog eens. Elisabeth Snip, huisvrouw van Klaas Oost-Indië, bevestigt da verklaringen van haar man; zij stelde be' klaagde het geld ter hand den 15den< Augustus. Jacobus Hoogwoud, brandstoffenhandelaar te Am sterdam, verklaart, dat hij zich verwonderde over het nellt van Oost-Indië, dat deze het geld per post ver zenden en hij het niet ontvangen had. Daarom schreef luj nog eens en bleek het, dat de bode het niet verzonden had. I" rans Stenneberg, brievengaarder te Schoorl, her innert zich, dat er den lsten September een brief kaart van Hoogwoud is gekomen, betrekking hebbende op het bedrag. Daarna bleek, dat het bedrag niet af gedragen was. hristiaan van der Kolk, brievengaarder te Schoorl- uam, verklaart, dat beklaagde een regu heeft ontvan gen van een bedrag van 0.25, dat hij gestort had. l)e Otficier^ acht het wettig en overtuigend bewijs geleverd en eischt tegen beklaagde 2 jaar gevange nisstraf. Mr. Verdam, verdediger, is van meening, dat be klaagde niet in dienstbetrekking het hem ten laste ge legde pleegde. In zijn instructie is hem niet opgedra gen geld mee te nemen en aan het postkantoor te ver zenden. Hij heeft niet het geld als ambtenaar onder zich gehouden, 't Was een vriendendienst, dien hij zou bewijzen. Achtereenvolgens nagaande, de be- klaagde ten laste gelegde feiten, vraagt pleiter ten slotte vermindering der straf. LANDLQOPEKIJ. Steven O., gebcgen te Uitgeest, thans gedetineerd in het Huis van Bewaring alhier, had den 20sten Sep tember zonder middel van bestaan rondgezworven. Dirk Schouten, gemeente-veldwachter te Uitgeest, die dien avond surveilleerde en beklaagde daar zwer vende vond, hield hem aam Beklaagde zeide reeds 12 jaai in rijks werkinrichtingen te hebben doorgebracht, Wel te willen werken, maar geen werk te kunnen vin den. Tegen hem werd 3 dagen hechtenis en plaatsing' in een rijks werkinrichting voor den tijd van 3 jaar ge- eischt. MELKVERVALSOHING. Johannes Z., slager te Rustenburg, was ten laste gelegd, dat hij aan de West-Frieseh» melkfabriek te Hoorn vervalschte melk had geleverd. Aan den heer H. J. F. Wannaj alhier, was opgedra gen de melk te onderzoeken, waarbij bleek, dat aan 100 deelen melk 11.2 deel water was toegevoegd. Jan ILaaksman, opzichter aan de melkfabriek te Hoorn, had de monsters van de melk genomen. Beklaagde bekende de vervalsching te hebben ge pleegd. Als hij niet genoeg melk naar zijn zin kon le veren, deed hij er maar wat water bij. De Officier, die het wettig en overtuigend bewijs geleverd achtte, eischte 3 weken gevangenisstraf. WEDERSPANNTGHEID. Dirk Sch., metselaar te Zijpe, had zich te Barsin- gerhorn den 15den Augustus aan wederspannigheid schuldig gemaakt. Hij bevond] zich dien avond zon der entree te betalen in de herberg van Nan de Jong, waar een uitvoering gegeven werd door een rederij kerskamer. Hij weigerde op verzoek daar te vertrekken, waarop de hulp van den sterken arm werd ingeroepen. Hé veldwachters Pieter Strooker en Smit wilden hem uit de herberg brengen, waartegen hij zich krachtdadig verzette en o. a. Smit in de hand beet. Getuige Pieter Strooker te 't Zand verklaart, dat hij op verzoek van de Jong beklaagde heeft aangegre pen. Deze verzette zich hevig en was erg lastig. Ook Dirk Smit te St. Maartensbrug, oom van be klaagde, verhaalt hoe wederspannig beklaagde rich betoonde en hem o. a. in de hand beet. Nan de Jong, beurtschipper en café-houder te Bar- soingerhorn, deelt mede, dat de Rederijkerskamer er was op zijn kosten, dat ieder die in de zaal wilde, waar de voorstelling gegeven werd, 0.50 entree moest betalen. Beklaagde wilde niet betalen en was toch naar binnen gegaan. Hij wilde de zaal niet ver laten, waarom getuige de politie riep. Beklaagde hoorde voor zijn wederspannigheid, waar van hij zich niets herinnert, daar hij in dronkenschap handelde, een maand gevangenisstraf tegen zich ei- schen. Johannes K. en Pieter St. waren- niet verschenen. Zij hadden zich te Valkoog aan wederspannigheid schuldig gemaakt. Beklaagden, die uit Schagen ko men, hielden zich in den nacht van 29 op 30 Augustus in de herberg van Gerrit van Bodegraven op, waar zij de orde verstoorden. In verband daarmede verzoekt de caféhouder hun de herberg te verlaten. Zij wilden ciit evenwel niet. Later verzetten zij zich tegen den veldwachter 1 an der Meijden. Deze, als getuige ge hoord, verklaart, dat hij beklaagden wel 7 maal gelast had de herberg te verlaten en hen daarna had aange grepen, om hen er uit te zetten. Zij toonden zich daarbij zeer wederspannig. Gerrit van Bodegraven deelt mede, dat beklaagden z«;( rumoerig waren en hij ze daarom verzocht zijn cafe te verlaten, aan welk verzoek zij niet wilden vol doen. Daarna riep hij de hulp van den veldwachter in. legen beklaagden werd wegens huisvredebreuk en wederspannigheid een maand gevangenisstraf geëiseht. BELEEDIGING. Jacob van T. was ook niet verschenen. Hem was beleediging ten laste gelegd, daar hij den commies 2e klasse der belastingen te Uitgeest meermalen: „Rooié hond" had toegevoegd. De commies Klaas van dhr Sluis, kwam den 20sten Augustus de slachtplaats van beklaagde'» vader visi- teeren, bij welke gelegenheid! de beleediging plaat* vond. Dp Gfficier wijst er op, dat beklaagde wegens Isra- ëlitischen feestdag niet kon komen en dat beklaagde hem had medegedeeld, dat z n zaak in consternatie was, daar er juist een sterfgeval in de familie had plaats gehad. Beklaagde was van meening, dat de commies hem „zocht" en daaro-m juist op dien dag kwam. Z. E. A. is van meening, dat „rooie hond" hier als beleediging was bedoeld, weshalve hij tegen fcekl. 25 boete subs. 25 dagen hechtenis eischt. Klaas L., landbouwer te Ursem, had den 31sten Au gustus den veldwachter Pieter Saai een lange rij be- leedlgende woorden toegevoegd. De veldwachter, die beklaagde vond in een heftige woordenwisseling met een ander, gepaard gaande met ferme vloeken, riep hem tot de orde, waarop bekl. zich tot hem keerde én hem uitschold. De eisch luidde 2 weken gevangenisstraf. Klaas D., werkman te Alkmaar, bevond1 zich den 29sten Augustus aldaar op den openbaren weg, het Kweerenpad, in staat van dronkenschap. De agent van politie Arnoldus Jacobus van Roijen wilde hem met 't oog op de openbare veiligheid naar 't arrestan tenlokaal overbrengen. Beklaagde, die niet eens op eigen beenen kon staan, verzette zich hiertegen en achold bovendien den agent uit. Wegens beleediging van een ambtenaar en weder spannigheid werd1 tegen beklaagde 3 weken gevange nisstraf geëischt. MISHANDELING. De laatste beklaagden waren Adam en Johannes de tuinlieden te de Rijp. Zij hadden zich te verant woorden wegens mishandeling op G. Zwerver, den 16en Juli gepleegd. Johanues Gerardus Zwerver, landbouwer- werkman te de Rijp, verklaart deu 18en Juli te kwart over 7 te de Rijp gevaren te hebben. Hij werd gelijk geschut met beklaagden. Een eindje voorbij de sluis1 kwam de boot van beklaagden tusschen den zuidwal en de schuit van getuige. Zij braken bij die gelegenheid den boom van getuige'» schuit. Hij was van plan hen een klap te geven, maar voordat hij dit kon doen, kreeg hij een geweldigen slag* met een roeiriem door een der in zittenden van de boot van beklaagden. Getuige werd kwaad, sloeg en raakte Adam de V. Beklaagd»*

Kranten Regionaal Archief Alkmaar

Alkmaarsche Courant | 1910 | | pagina 5