limit kit. Honderd een en twintigste Jaargang. Zaterdag- 1 Novembor. Parijsclie brieven. Boekaankondiging. Stad siiieuws. Provinciaal Nieuws. 1 BROODKAARTEN. De DIRECTEUR van het DISTRIBUTIE BEDRIJF deelt mede, dat WITTEBROOD uilsluitend verkrijgbaar wordt gesteld op de GROEN GEKLEURDE BROODKAARTEN, waarop geen tijdvak is vermeld en welke GELDlü ZIJN VAN 3 NOVEMBER TOT EN MET 11 NOVEMBER 1919. ROGGEBROOD en BRUINBROOD wordt verstrekt op de gewone Roggebrood- en BrulnTfroodkaarten. te Directeur van het Distributie bedrijf, C. H. SCHNEIDERS. NORMAAL-MARGARINE. Belanghebbenden worden er nogmaals aan herinnerd, dat zij, die in aanmerking wen- echen te komen voor NÖRMAAL-MARüA- R1NEKAART1. N, dit alsnog heden schrifte lijk kunnen aanvragen aan net Distributiebe drijf, PAARDENMARKT, ouder vermelding van naam, woonplaas, legitimatienummer cn de groot! van het gezin, inwonendcn mede- gerekend De Directeur van het Distributie bedrijf, C. H. SCHNEIDERS. maximum-prijzen BOTER. De Minister van Landbouw, Nijverheid en Handel heeft goedgevonden, met ingang van NOVEMBER 1919 voor BOTER vast te ste 1 ten een maximum-kleinhandelprijs van f 3,70 per K.O. RIJKSSUJKERKAART. De Minister van Landbouw, Nijverheid en Handel brengt ter aigemeene kennis, dat in het tijdvak van MAANDAG 3 NOVEMBER tot en met ZONDAG 9 NOVEMBER a.s, geldig zijn bons 4 en 5 van de Rijkstuiker- kaart. De Directeur van het Distributie bedrijf, C. H. SCHNEIDERS. Ter aigemeene kennis wordt gebracht, dat, behoudens verhindering, de waarnemend- Burgemeester IEDEREN WERKDAG, des namiddags van 2 tot 3 uur, en de Wethou ders van Onderwijs en Publieke Werken des MAANDAGS, van 4 tot 5 uur, zullen te spre ken zijn ten Stadhuize. Alkmaar, 1 November 1919. (Van onzen Parijschen correspondent). Parijs, 27 October 1919. Nadruk verboden.) liet Parijsche uitgaansleven. Duidelijker dan welke stad ook elders toont Parijs uat een geratliueerde eenvoud net ken- merk is van üe werkelijk bescnaaiüe menscn- heid. Eu üeze eenvoud heelt na den oorlog een karakter aangenomen zoo sterk omiijua dat de brug tusscmm'üet rijk der Distinctie en dat der Poeuignetd meer uan ooit een vrijwel onbegaanoaar „vlondertje" over een feite al- grona schijnt. bcnaive oij zéér o'flicieele recepties worden hier tegenwoordig door den jongeman van goeden muze hooge hoed en jaquet thuis ge laten. De ontvangdagen in zijn tanig bezoekt hij in zwart veston met gestreepte pantalon en mj iaat zijn cuampiau-ueion, zijn stok en zwarten overjas m de antichambre achter, zijn iicht-castor handschoenen alleen meene mend, die hij naar oud-Panjschen trant som tijds aanhoudt. Zijn tradmoneele handkus voor de gastvrouw is eenvoudig en zonder pretentie. Van die aanwezigen die hij met kent worden hem slechts zijn naaste buren voorgesteld met een kleine bijvoeging van hun kwaliteit of algemeen levensinteresse opdat hij onmiddellijk een onderwerp 'van gesprek zal hebben. Uitnoodigingen voor intieme een voudige dejeuners en diners zijn talrijk en al evenzeer zonder pretentie, als men eenmaal opgenomen is in een zekeren goeden Parij- scnen kring. Bij deze diners is smoking d e kleedij, even als bij de kleine „dancings"-aan-huis of bui tenshuis, voor de concerten en die enkele, wei nige theaterbezoeken waaraan de oude Parij- zenaar zich tegenwoordig nog bezondigt. Het vrouwelijk toilet voor den avond, gedecolle teerd en veelal zwart, bezit vrijwel den exac- ten hoofdvorm der mode, zonder zooals van zelf spreekt door extravagances ontsierd te worden. De avond-juweelen, bijna uitsluitend smal le parelcolliers, zijn even simpel als het ge heel. Nu alles na den oorlog zich herstelt, komen langzamerhand in deze kringen ook weer te rug de grootere avondrecepties, waarvan Pa rijs liet geheim bezit; waar kamermuziek ge geven wordt door professionals en.... goede dilettanten en.... waar men zich niet ver veelt Deze wereld dan is die van ambtenaars- adel, haute-bourgeoisie, gestudeerden, offi cieren, hautfonctionaires, haute finance en koopmanskringen van beproefden huize. Het intellect en de kunstwereld hierbij gevoegd (voor zoover die al niet rijkelijk in de andere figuren vertegenwoordigd worden)en gij uit begrijpen dat het oud-Parijsch leven nog wel kiemen tot herleving toont te bezitten. In dezen kring wordt door de jongelui ver ier met mate gebridged en gedanst. „Boston, foxtrot, soms: tango en jazz." Daar de goede schouwburgen om zöo te 'eggen tot nu toe niets nieuws brachten en de eomerten (vooral die van Pasdeloup onder Rene Bathon) zeer superieur zijn, bezitten de ze laatste verreweg het beste publiek. Vrijwel apart hiervan staat die bijzondere iioderne wereldthe Paris high life, waarvan de naam alleen al het meer-Engelsche cachet kenschetst. Dit is hier de wereld van den niet- werkenden adel, der internationale niet al te recente groote fortuinen, de wereld van de pesage des courses", van de mondaine bad plaatsen en van de „grandssperts" in het al gemeen. Deze wereld, die meer van buiten zichtbaar s dan de vorengenoemde, vindt natuurlijk zijn Imitators in ös nouveau-rich'es, Üe O.-W.-ers, die hier helaas nog veel talrijker zijn percentsgewijze dan in Holland. Het meerendeel dezer lieden, die zich nog niet op smaakvolle wijze en met nobel verstand in hun nieuwen materieelen staat wisten thuis te vinden, kenmerkt zich door een tentoonsprei den van „auto-de-luxe-pracht", fourages, ju- weelen, waarbij het „teveel" kenteekenend is. Onjuiste kleedij, onjuist optreden in plaat sen van publieke vermakelijkheid, onontwik kelde zin voor distinctie. Waar echter dit con- tingrgit verreweg het overheerschende is in de milieu's van music-hall's, publieke „dan cings", théatre de coté", grands-restaurants, courses, nachtleven etc., waar deze kring ge- heele het enorme uiterlijke luxeleven van Pa rijs beheerscht, beneemt ze voor den vreem deling, die hier een kort seizoen smaakt, zeef veel van de oude graclelijk-sobere Parijesche charme. De kring der eerstvermelde Parijsche in- tellectueele uitgaanswereld leeft daarom meer teruggetrokken nog dan te voren. Zij is dus voor den vreemdeling welhaast niet meer al leen zoo goed als ontoegankelijk, doch zelfs verborgen. Hebt gij er echter als vreemdeling een Introductie toe, dan zult gij vinden: een omgeving van ongewoon intelligente en pre- tentielooze, zeer verlichte groote stads men schen, dan zult gij vinden den ouden „esprit Parisien" als die u iets te zeggen heeft, dan vindt gij een milieu van waarachtige distinc tie en schoone verlichte tradities, en dat van banaal snobbisme volkomen vrij is, omdat het daar terecht een verkapten vorm van opge vijzelde burgerlijkheid in ziet. Deze week biedt niet veel nieuws. Ongewo ne schaarschte aan zilvergeld dat versmolten wordt, 'mdat de waarde aan zilver den koers verre .ertreft. Een vrijwel officieus .bezoekje van den mctvollen Spaanschen koning, waar bij de wenschelijkheid van goede verstandhou ding tusschen Spanje en Frankrijk vele door 't hoofd speelde. Verder weinig waardeerende afscheidsgroe ten van de Pers aan de Kamer.... en Parijs gaat zoo allengs den winter inzonder ko len. STéFAN. HET MASKER. door RINKE TOLMAN. Nadruk verboden. Op 't fabriek, een half uur vóór schattijd, hadden ze het hem plompverloren gezeid, dat zijn zoontje door een vrachtwagen doodgereje was. D'r was geen voorbereiding geweest; in z'n gewone werkdoen kwam liet bericht als een slag, die hem stom maakte. Hij kon niet schreden, niet gillen: het leed overrompelde hem en dreef alleen de kleur uit zijn gezicht. Anders, zoo van buiten, voor anderen, was-t ie gewoon, was d'r niks vreemds aan hem te zien. En de menschen op straat keken 'm niet an; want wel allemachies; wie kijk d'r nou naar een bleeken man in een stad, waar zóó veel bleeke mannen zijn. Z'n kleeren, of 't er niks gebeurd was, of z'h kind, z'n jongen niet dóóa, dóód, voor al tijd wég was, 1 ad-de in der haast bijeenge- bundeld, werktuigelijk, en hij liep langs de grachten, net als een gewoon werkman, die, toevallig wat vroeger dan de anderen, naar huis ging, naar zijn vrouw, zijn kind, zijn pot. En wat deed de stad ook gewoon: d'r wa ren jongens, •'die hadden een schuit losge maakt en daar waren ze nou lekker mee aan 't varenen d'r voer nog 'n schuit en nóg één. En bij den brug stond de bruggetrekker en hij sloeg z'n haak in de karren en hij trok de vracliies den hoogen, hellenden bruggerug op* en als de kar d'r was, hield hij z'n hand op en ie kreeg een cent of een halleyie of een vierduitstuk. De hééle gracht deed gewoon: niks geen bizonders. D'r liep een oud vrouwtje met een karrebiesje en broodbons in de hand. Een venter riep naar de ramen en een telegram besteller rinkelde met de bel van zijn vlug ge fiets. En 't was zomer en héél licht bij de ol men, waar een houtduif zat te dutten; en op de steenen lag zwart kantwerk van schaduw, dat op en neer deinde, als cr wat wind door de zijstegen kwam gedribbeld1. De man van 't fabriek deed als een gewone i eeke man; hij liep de winkels voorbij en hij trapte op het zwarte kantwerk en bij een zij- steeg hield hij zijn pet vast, omdat die an ders af zou kunnen waaien. Hij liep niet langzaam, hij liep niet hard en hij had alleen maar geen kleur. Hij ging naar zijn middagpot, zijn vrouw, zijn kind.... Zijn kind! Hij herinnerde zich; er kwam even trilling in de starheid van zijn dénken en voelen en een weeheid doorvoer hem, dat het hem dui zelde en het licht van den groeten zomer rondom hem als héél gekke sterretjes en pijl tjes ging dansen en heen en weer schieten. En hij zag weer de man naar zich toekomen, die hem zei, dat zijn kind doodgereden was. Dood, dood, dood! Het werd hem nu vreemdklaar, dat hij geen levende jongen meer had, die naast hem zat te eten en die kattekwaad uithaalde en, net als de andere jongens, de schuiten losmaakte om d'r mee uit varen te gaan. Wat werden zijn becnen loom en wat draaide het in zijn 'kop en hij wist haast geeneens dat ie op een blauw koel stoepie gauw ging zitten om niet neer te vallen. Hij nam z'n hoofd in de handen, z'n hoofd, dat voelde, alsof het niet gebroken, maar heel, héél erg gekneusd was. Maar schreien kon-d-ie nog niet en hij kon ook nog niet gillen om het ongeluk. Zóó zat ie op het koele stoepje, maar de menschen keken niet naar hein; want wel al lemachies: wie kijkt er nou naar een man, in een stad waar 's middags om twaalf uur zoo vaak, en vooral als 't zomer Is, een man met z'n hoofd in de handen slaperig zit te soe zen. Maar er holden twee jongetjes den steilen bruggerug af en zijzwenkten naar de gracht. En 't was Hartjesdag en zij hadden maskers voor. Hun neuzen waren lang en dik en krom en groen en hun wenkbrauwen waren voor de helft pikzwart en vuurrood en hun wangen waren bleek als meel en zij droegen een snor en een baard. Ze zagen den man zitten op het stoepje en toen ging de een vóór hein staan en zei par mantig: „Ch'effle, vil je 'i lecfie?" En de ander grijnsde ook met zijn meel- blecke masker en vroeg ook: „Wil je 's lache?" Maar de man antwoordde niet en bewoog zich niet en steunde stom zijn hoofd met de handen. En omdat die bleeke luie kerel toch geen asem gaf, holden de twee maskers de gracht toen verder af en de man bleef zitten. Maar zijn gekneusd hoofd brak en het plots feller weten van zijn leed doorviaagde al zijn denken en voelen. Een onrust door woelde en doorwroette hem en hij keek in 't gelaat van het martelend verdriet. Hij vloog van de stoep en als 'n gedrevene, een vervolgde holde hij langs de vrachtkar ren en hij zag de onbewogenheid' der onver schillige stad niet. ,Zljn beenen waren niet langer moe en hij drong zich door het volk om thuis te ko men, om zijn woning te bereiken, waar hij zijn kind zou zien, dat dood was, dóód, dóód, dóód.... Hij stormde het portaaltje in en drong de deur open en op het bed lag zijn jongen, rus tig gestrekt, vredig en roerloos. En de bleeke man viel voor het bed, waai de jongen lag en snikte en klaagde en bad, dat het leven weer mocht keeren. Hij streelde de koude handen en hij keek naar het gezicht van zijn kind. De wenk brauwen waren, waar de wagen het hoofd hhd geraakt, rood vanb loed en de wangen waren bleek als meel. En in zijn verbeelding herzag hij de twee jongens, die den bruggerug waren komen afhollen en vlak vóór hem stil waren blijven staan en dachten, dat ie zat te dutten. Hij herzag hun tooi van hartjesdag en het was, of het masker van zijn dooden jongen mede vroeg: „Wil je 's lache?" DE UITGEVERS-MAATSCHAPPIJ VAN OEBRS. KLUITMAN TE ALKMAAR. Goede wijn behoeft geen krans en een goed boek vindt zijn weg ook zonder verder aanbe veling. En in het bijzonder geldt dit voor de kin derboeken, voor de boeken met platen en ver halen die de jeugd in alle steden zoo gaarne tot haar meest waardevolle bezittingen rekent. De N.V. Gebr. Kluitman'! uitgevermaat schappij en kunstdrukkerij is een Alkmaar - sche vennootschap, wier naam in vrijwel alle werelddeelen een bekenden en goeden klank heeft. Wie de Tesselschadestraat inkomt vindt aan zijn linkerhand onmiddellijk een groot modern gebouw dat wij het paradijs van het kind zouden kunnen noemen. Want wat is er heerlijker voor een kind, van welken leeftijd dan ook, dan te mogen bladeren in mooie pren te-boeken,dart te mogen genieten van spannende verhalen oi voorge lezen te worden uit schattige verzenboekles, die bij elk versje de plaatjes van de in kinder- oogeu zoo gewichtige gebeurtenissen geeft Maar laten wij allereerst even vertellen van de groote vlucht, die deze uitgeverszaak voornamelijk in de laatste jaren het geno men, van de elkaar opvolgende werbouwin gen en uitbreidingen in de jaren 1904, 1906 en 1907 en van de groote verbouwing die nu weer plaats had en waaraan schilder en timmerfnan thans nog de laatste hand leg gen. Bewijzen deze uitbreidingen niet dat het de Gebr. Kluitman in alle opzichten goed gaat, dat, danik zij hun vakkennis en energie, hun kinderboeken een vooraanstaande plaats innemen Dat is voor een groot deel zeer zeker ook wel hieraan te danken, dat dyze uitgevers op bijzonder economische wijze arbeiden. Zij doen namelijk alles zelf, zij betrekken het papier en het karton evengoed als zij het manuscript en de daarbij behoorende teeke- ningen koopen. En een personeel van zestig man dat een groot aantal du' meest moderne machines be dient, bouw* daaruit de hooge onafzienbaren lange rijen prachtbanden op, die in de maga zijnen en op de zolders in eindelooze ver scheidenheid ter verzending gereed liggen Hierzoo heeft een der directeuren op hei gezellige privé-kantoor ons medegedeeld zijn de uitgaven die het laatste jaar van onze maatschappij het licht zagen. En hij toonde ons een tafel welker blad be dekt was met een schat van prachtbanden in velerlei kleur cn vorm. Dat'zijn de uitgaven van het laatste jaar, de nieuwelingen onder de kinderboeken, die weer de etalagekasten van de boekhandelaars tot in de uithoeken van Nederland zullen vullen. En niet alleen in Nederland zijn de kin derboeken van Gebr. Kluitman de gewont geschenken, ook Indië vormt een belangrijk afzetgebied en wanneer men weet dat voor Kaapstad een bijzondere catalogus is ge maakt waarop tal van in het Zuid-Afri- kaansch vertaalde kinderboeken een plaatsje vinden, krijgt men eenigszins een indruk van de groote vlucht die deze uitgevers-maat schappij in de laatste jaren heeft genomen. Het geheim zat hierin, dat slechts de beste manuscripten worden aangenomen, dat de meest bekende onzer teekenaars voor de ilu- straties aan het werk worden gezet en dat geen kosten gespaard worden om het werk een zoo aantrekkelijk mogelijk uiterlijk te ge ven. En daarbij komt naast de zakenkennis en routine der firmanten, de factor van liet eco nomisch werken door het gebruik maken der meest moderne machines. Voldoet een machine niet meer of is er een andere, die het werk vlugger en beter doet, de uitgeveVs zullen, ondanks de hooge kos ten, geen oogenblik aarzelen, op het beste be slag te leggen. Het begrip kinderboek is een ruim begrip. Het loopt van het eenvoudige linnen prente- boekje tot kostbaar geïllustreerde aan de hand van archieven opgebouwde werken als: „Na poleon" van overste Chappuis of artistiek uit gevoerde bundels als de sprookjes van Ander sen. Wie herinnert zich uit zijn jeugd niet de spannende maar bloedige Indianenhalen van Oustave Armand. De Oebr. Kluitman brengen dergelijke ver tellingen opnieuw onder onze jongens maar zij dragen er zorg voor, dat de hedendaag- sche Indianenverhalen het bloedige en wree- de karakter van vroeger missea, Oeen drie moorden meer op één bladzijde maar een spannend verhaal, dat naast de be langstelling voor di intrige ook de noodige leerstof brengt eu belangstelling vraagt voor de omgeving wafcrin de geschiedenis zich af speelt. De boeken Yan Gebr. Kluitman kunnen den toets der critiek doorstaan om de een voudige rede, dat zij 'de censuur van bekende firmanten gepasseeid zijn. En deze censuur is de vrucht van studie en langharige ondervinding. Laten wij ten slotte nog iets over het be drijf zelf melden. Het privé-kantoor der beide directeuren geeft aan alle zijden uitkijk en daardoor con trole op alle afdeelingen dezer bloeiende on derneming. In de groote werkplaats rijen zich de meeat moderne machines, Amerikaansche drukper sen met inlegapparaat, boek- naai- en boek- bindmachines, snij- en persmachines, machi nes voor het bedrukken der prachtbanden, vouwmachines, machines om ronde boekrug gen of inkeepingen te maken, enz. In deze werkplaats waar liet geluid der di verse machines de gezellige indruk van volle bedrijvigheid geeft, worden boeken bij hon derdtallen tegelijk geboren. Hier loopt men van de dames, die de zet machines bedienen en dus liet zetsel voor de allereerste bladzijde leveren tot den werk man, die de laatste hand aan den afgewerk- ten prachtband legt. En daaromheen toonen de expeditiekamers en zolders den overgrooten voorraad van grondstoffen en afgewerkte artikelen. Dat het zestig man sterk personeel der gebroeders Kluitman behoefte aan de snelst- werkende machines heelt, bewijst hoe de vraag naar goede kinderhoeken een onafge broken stroom van ojxlrachten doet binnenko men. Aan den uitgever hulde voor hun hooghou den van Alkmaar'! naam in de rij van Neêr- lands meest bekende ondernemingen. Wo. '5S. 1#1». DE MULTATULIEAVOND. Gisteravond gat' mevr, Betty Holtrup van Gulder in een door de afd. Alkmaar van „De Dageraad" georganiseerde avond, voordraoh- ten uit Multatulic's werken. De grouto zaal van d'e Harmonie was slechts voor tweederde bezet. Voor de pauze gaf de kunstenares „De dadels van Haissaa', waarin de mensoh zoo uitnemend geteekend wordt, Wat in liassan van het Oosten leeft, is ook in ons menschen van het Westen aanwezig en verouderd dus nooit. De geniale artiste deed Hassan, de vogel en dó üot'wis voor ons leven. Iiierna droeg zij de ontroerende geschiede nis van Baidjab on Adinda voor. Hoe strie- meuds is Multatuli's aanklacht tegen de wijze waarop het gezag gevoerd wordt in Indië. Hoe doet hij zich iu deze geschiedenis, an derzijds kennen als een hoogstaand1 dichter, die de lilde va® Suidjah zoo subliem weet te schetsen en bovendien, de natuur zoo wonder mooi weet te beschrijven. Mót een roerloozen .aandacht volgden de aanwezigen het diepgaande verhaal, dat naar het heette eentoonig was, inaur inderdaad al ien ontroerdb en in spanning hield. Menige traan wt rd' in wiilie weggepinkt en zelf» de kunstenares was er zoo in, dat de tranen in haar oogeu blonken. Toen zij geëindigd was, volgdo na eenige seconden van een door letterlijk niets ge stoorde atilte, een meermalen herhaald dank baar applaus. De heer Klomp bood mevr. Holtrup van Gelder, namens het pub'lidk, oen bouquet aan. Spr. bracht haar dank voor de wijze waarop zij Multatuii alt*; kunstenaar bij het volk bekend maakte en ■u-klaarde zich over tuigd dat .Multatuii ju., c als kunstenaar on sterfelijk vvas. Voor spr. waa Multatuii als strijder voor het recht un als wijsgeer denker nog van hooger waarde. Hij bracht daarom de aid. van „De Daigtmaul" dank, dut zij nu in Februari e s. Multatuii'» 100 «te geboor tedag herdacht zal werden, dozen avond had georganiseerd. Spr. betreurde het, dat do heer Loc ven», die in Alkmaar de 1ste was ge weest, die gepoogd had Multatuii op zijn 100ste geboortedag to huldigen, niot aanwezig was om daarover een en ander te zeggen. Spr. oordeelde dat men vuor Alkmaar in de ze met den avond niet kon volstaan. De vereeniging „Met Multatuii Museum" te Amsterdam 'had' het plan naar voren ge bracht om Multatulie's 100ste geboortedag te herdenken, ton len door het oprichten van een gedtenkteekenten 2en te komen tot de totstandkoming van een uitgave in Neder- landsek-Indië van 'het Mkileiseh en in het J'ava.ans'ch vertaalde werken van Mutlatuli; ten 3e de uitgave in Nederland te bezorgen van eenige van' Multatuli's voornaamste werken met toelichting. Spr. oordeelde deze huld'igimgswijze zeer sympathiek en was daarom van meenirug dat ook Alkmaar het hare moest bijdragen om deze plannen te verwezenlijken. Sipr. verzocht hen, die daarvoor een bijdrage wenschten af te dragen, dit te doen aan d'e bestuursleden van „D'e Dageraad" en aan den heer Loevens en verklaarde zich zelve ook bereid om 'bij dragen in ontvangst te nemen. Om een begin te maken beval hij een te houden oo.llecte ten zeerste aan. Dat de zaal niet geheel gevuld was noem de spr. een Bchande voor Alkma.ar. Wanneer de radicale bourgeois, di© iu de d'agen van Multatuii genoot van zijn voordrachten, was weggebleven omdat „De Dageraad" den avond georganiseerd 'had, dan wenschte spr. te constateer"®, dat zij thans niets meer was d'an eou soort droogstoppels. Voor velen gold waarschijnlijk echter als verontschuldiging „De Beethoven-avond" In de Unie en de Hervormingsdag. II oe het ook zij, d'e vrijdenkenderg arbei ders zouden, ook in deze tijden van wereld- onrecht Multatuli's ais de strijder voor het recht blijven huldigen. Het ideaal was nog steeds „Recht voor Allen." (Applaus.) Na de pauze droeg mevrouw Holtropvan Q'elder „ïhu Gelér" voor. Al voren daarme- d'e aan te vangen verklaarde zij dat zij zich aansloot bij het betoog van den 'heer Klomp en ook gaarne Multatuii als strijder voor recht wenschte te huldigen. Vooral de vrouw had 'h. i. bijzondere reden dit te doen, aan gezien Multatuii in zijn tijd, toen dit heel wat moeilijker w«a ais than», de rechten van da vrouw vsrr'dedïg'da. In T'hu Ga tér (melkster) kwam wel uft welik een achting hij de vrouw toedroeg, daar hij do vader daarin "tot zijn zoons laat zeggen dat 'dj hen wdl, maar haar niet kan missen. De vader laat tenvlott» zijn zoon» de wereld ingaan, nadat hij 'het aannemelijk had ge oordeeld, dat Thu Gatêr wel zoo blijven ais haar gezegd werd', dal hetgeen voor dé man geoorloofd wa», voor de vrouw zonde moest hoeten. Dat zij zou blijven omdat zij durn was, verwierp hij met i vertuiiging, want Thu Ga tér, d'e dochter, was niot dom. Ooilc van dezen voordracht werd genoten. 'Hierna droeg de artiste uit het le bedrijf van „Vorstenschool" voor, en met dit mees terlijke werk, waarin Sterk uitkomt, dat de midddlmatigheid aan hen, die leiding moeten geven en regeeren niet past, werd de genot- vollen kunstavond geëindigd'. De collecte voor de huldiging van Multa tuii op zijn lOOsten geboortedag bracht 41.87 op. ALKMAARiSfOH BIOSiCOÖP-T'HéATER. Met voel genoegen zal men deze week het programma bijwonen in bovengenoemd the ater. Niet aloen het hoofdnummer maar ook de kleine nummers zijn werkelijk heel goed. Het hoofdnummer i „De Stern des bloed's" ie een zeer mooie en uuannende film, waarin men kan kennis mak met het fijne, sobere spel van den beroemden Engelse hen acteur Sir Herbert Tree, dl de rol van John Ou- burn zoo zuiver vertolkt. Eten echte moeder geeft Josephine Ore well. De zoon is een aardige sympathieke figuur. Lief is het buur meisje Marjorie. De rol van d'e avonturierster Lucille Young wordt ec'ht, levenswaar ge speeld. „Vergeefs opgeofferd" is een eenvoudige dramatische eenacter met heel goed spel. Leuk zijn de kluchten. Als natuuropname gaat „Valkenburg" van de Tloliaudinfabriek, ter wijl Willy Mullens heeft gezorgd' voor „De opening van de Staten-Generaal." BlOfei 'o'lTIHATER „NOVUM." Een zeer boeiende en artistiek uitgcHelde Messterfilm in 4 aoten is het deze week in Novum ep het filmdoek^ gebrachte hoofdL nummer. ITet geslacht der Rin'gwa'ls bestaat nog uit zuster en broeder, dia hun leven eenzaam op het afgelegen landgoed' der familie door brengen. ITun vader heeft in een aanval van razernij, zijn vrouw, die hij geheel ten on rechte van ontrouw verdacht, om het leven gebracht en misdaad in eenzaamheid1 geboet. Ook zijn kinderen heeft hij tot die ofzonde- ï-ing edoemd maar de jonge broeder die dit eentooni'ge leven moe, trekt ondank® d'e smeekbeden zijner moeder de wereld'. Hij kan het nog kan het nog niet ver gebracht hebben, maar toen reeds verloor hij het leven iu twist, als gevolg van zijn opbruiso'hên'de natuuT. Zijn lijk wordt het kasteel binnenge bracht en zijn zuster zweert wraak aan den moordenaar. De voogd van het meisje, die op haar verliefd' is, belooft den moordenaar te zullen zoeken, maar vraagt als belooning haar hand. Inge stemt toe en de voogd trekt op onderzoek uit. Ondertussciien wordt im de nabijheid van het kasteel een uitgeputte to enot gevonden, die gastvrij wordt opgeno men en door Inge liefderijk verpleegd. De jongelieden vatten liefde voor elkaar oip maar nu komt de voogd^ die intussehen tot de wetenschap is gekomen, dat luge's eliefde J moordenaar van haar broeder 1st tusacheu beiden.cn openbaart Inge dat noodlottig ge heim. Haar minnaar weet. ovenwel zijn on schuld te bewijzen. De voogd wordt zelf liet slachtoffer van zijn bemoeiingen, de beide geliefden blijven verenigd en aan de wereld in Qïn daar geluk eu levensblijheid te zoeken. De hoofdrol wordt door do geliefde film- artiste, Ileuny Porten, met het haar eigene dramatisch talent vertolkt. De geschiedenis speelt in een pittoreske omgeving, te midden van de 'hooge hergen, met wintersneeuw be dekt. Het is een bezienswaardige film met meoie romantiek. Een van d'e Biteeds spannende wildwest films is eveneens een nummer dat het pu bliek zul pakken; men zal ziob een bezoek aan Novum voorzeker niet hóklagen. UIT SCHERMERHORN. In de Donderdag gehouden vergadering van den Raad deelde de Voorzitter mede, naar aanleiding van de in de vorige vergadering door den heer Bakker gedane opmerking, dut het hoofd der school dikwijls zijn klas verlaat, dat door B. en W. dienaangaande een onder» zoek is ingesteld en dat het medegedeelde daaromtrent niet juist ls. De heer Westerhof verklaarde dat de heer van der Meer een actief onderwijzer is, wat door den heer do Groot werd ondersteund. Van den heer B. Roselaar was ingekomen een dankbetuiging voor de verhooging van zijne jaarwedde. Van de Bouwvereeniging een verzoek tot aankoop van een deel grond van den Ooster» tuin voor woningbouw. Na bespreking verklaarde men zich alge» meen voor den verkoop. De heer de Groot stelde voor als koopprijs 40 ets. per vierk. M., welk voorstel algemeen werd aangenomen. Aan de orde kwam daarop de behandeling van de begrooting 1920. B. en W. hadden de jaarwedde van den se» cretarie»ambtenaar verhoogd van f 540 tot 800. Goedgevonden werd met aigemeene stem» men dit salaris te handhaven, zoolang de se» cretaris nog in functie is. Deze verklaarde om gezondheidsredenen in het volgende jaar ont» slng te zullen aanvragen. B. en W. hadden het salaris van den gemeen» te»veldwachter van f 900.gebracht op 1200. Algemeen goedgevonden. De heer Bakker stelde nog voor de vergoe» ding voor kleeding en rijwiel, welke door B. eu W. was gebracht van 110 op 120, te ver» hoogen tot 150. Verworpen met 4 tegen 3 stemmen (Bakker, Oostwouder en Groot). Ook stelde de heer Bakker voor den Gem.» veldwachter vrije woning te verleenen. Ver' worpen met 5 tegen 2 st. (Bakker en Oostwou» der). De heer Groot stelde voor de huur van het woonhuis te verlagen van 3.per week tot het oorspronkelijke bedrag van 2.40. Met aigemeene stemmen aangenomen. De heer Bakker stelde nog voor de ver» hoogde jaarwedde van den veldwachter te doen ingaan 1 Jan. 1919. Aangenomen met 5 tegen 1 ztem (Westerhof).

Kranten Regionaal Archief Alkmaar

Alkmaarsche Courant | 1919 | | pagina 9