NEDERLANDSE TOURPLOEG kwam
gehalveerd" in Parijs aan
Suykerbuyk -pech vogel - viel
in voorlaatste etappe nog uit
JAN NOLTEN was onze
beste man
H
De Tour is voorbij
TOUR DE FRANCE
RANGSCHIKKING VAN DAG TOT DAG
Portret van de winnaar
Nederland vierde in
ploegenklassement
sprintjes
PABÜS
TROYES
BESANqON
LYON
N«
ATX LES BAINS"
Eindklassementen
toasted american
Erelijst van
landgenoten
Pasina 4
Maandag 2 Augustus 1954
(Advertentie)
(Van onze speciale verslaggever)
PARIJS, Zondagavond (Tel.) Het
Pare des Princes eivol met juichende
Franse wielerenthousiasten en eveneens
duizenden buitenlanders heeft Zondag
middag Louison Bobet de hulde gebraeht,
die hem voor ogen gestaan moet hebben
op de stormachtige middag, dat hij de
Izoard beklom. Zeker, de spanning van
het urenlange wachten ontlaadde zieli in
een hevig applaus, toen het vijftal uit
lopers van de laatste etappe van de Tour
de France 1954, waarbij ook Henk Faan-
hof, door de wijdgeopende poort op de
haan verscheen. Maar de eigenlijke uit
barsting van geestdrift, een ovatie, waar
aan geen einde seheen te komen, ver
wekte pas het binnentreden van Bobet in
het groot peleton. Voor de tweede maal
zegevierde Frankrijks wielerkoning in de
roemrijkste van alle wegwedstrijden, op
nieuw had hij zich de beste, de sterkste
en de regelmatigste renner getoond van
het convooi, dat 8 Juli in Amsterdam de
grote toeht aanvaardde.
PARUS, Zondagavond De Tour is voorbij, de caravaniers die
ruim drie weken als zigeuners door Frankrijk hebben getrokken,
altijd gejaagd, voortdurend gespannen, zijn weer gewone mensen
geworden. Vanavond bij het verlaten van het Pare des Princes,
hebben we allemaal de rode Tour perskaart, aan het plastic bandje
uit het knoopsgat verwijderd. Een gebaar dat symbolisch was, we
deden vrijwillig afstand van de voorrechten die we in het convooi
van J. Goddet genoten hebben.
De Fransen, voor wie de Tour het sportieve hoogtepunt is van het
jaar, zagen hun liefste wens vervuld. Twee dagen, langs de wegen
tussen Nancy en de hoofdstad hebben zij Bobet in een „Marche
Triomphale" zien passeren, nu waren hij en de hele karavaan aan
de voltooiing van het werkstuk toe. Toen de laatste renner de laatste
mete* van de vele honderdduizenden had afgelegd en de Tour
triomfator in het gele gewaad zijn ereronde deed, rolde een donder
van toejuichingen over het Prinsenpark tot ver over de westelijke
randen van de Ville Lumière. Het was de verdiende apotheose voor
een met glans volbrachte taak.
In de orkaan van geestdrift trof
de Nederlanders sterk het verschil
met een jaar geleden, toen Pelle-
naars aan het hoofd van zijn equipe
fier en gelukkig over het rose ce
ment mocht rijden. Deze keer viel
de eer te beurt aan de Zwitsers.
Ondanks het uitvallen van hun
sterkste troef, „le beau Hugo" Ko-
blet; hadden de Helveten met de
energieke Ferdi Kiibler( met de
vechtjas Fritz Schaer, met de de
gelijke Carlo Clerici en met de
voortdurend actieve Emilio Croci-
Torti, de prijs voor de beste ploeg
behaald. En dat niet alleen, want
de lichtgroene trui voor de renner,
die de regelmatigste was in de 23
daguitslagen, rustte op de schou
ders van Kübler.
BAHAMONTES SNELLER.
Dat dit nu nog even moest gebeu
ren tijdens die rit naar Epinal: één
van de toeschouwers wilde van Bree-
nen een perzik aanreiken om de jon
gen wat op te monteren. Bahamontes
zag het, maakte een echt tussen-
sprintje.... en griste vlak voor hem de
sappige vrucht weg. Tarzan liet dat
niet op zich zitten. Hij haalde de
Spanjaard in en diende hem van re
pliek met zijn fietspomp
ONGEBROKEN.
Verheugt u vriénden. Eén record is
overeind gebleven. Wat zouden wij
juichen om. een record, dat gebroken
wordt er is al zoveel om te lijmen.
Maar wat André Rosseel in 1947 heeft
gepresteerd, heeft sindsdien niemand
meer gefixt. André won in die tour
vier étappes. Kom daar tegenwoordig
„es" om!
NAMEN.
We houden niet van bijnamen, want
die waren vroeger op de kostschool,
waarop wij vertoefden streng verbo
den. In de Tour gaat 'dat allemaal wat
gemakkelijker. Misschien is 't waard
het volgende rijtje te onthouden:
„mooie" Hugo, „dolle" Ferdi, „loco
motief" van Est, de „muis" Marinelli,
„tarzan" van Breenen. „haantje"
Robic, „brik" van Est, „klipgeit" Ba
hamontes.
LAATSTE ETAPPE (1).
Dat de laatste étappe van de Tour
het toppunt van verveling vormt, is
algemeen bekend. Een Frans blad
merkte terzake op: de laatste étappe
van de Tour is even nutteloos als de
eerste trede van een trap. Alleen
de eerste trede van een trap kunt ge
gemakkelijk overslaan.
LAATSTE ETAPPE (2).
En als we u voor het allerlaatst nog
een goede raad mogen geven: denkt
u bij gelegenheid eens na over het
probleem: hoe maken we een Tour,
waarvan de beslissing niet in de ber
gen, maar in de laatste étappes valt.
Met dien verstande, dat de bergen,
blijven liggen, waar ze zijn en de
Tour toch in Parijs arriveert. Wie een
goed antwoord weet, mag het aan
Goddet schrijven. Hij krijgt een ver
schrikkelijke grote premie. Als u
geen oplossing weet, is helt toch een
aardig spel voor de winter, en omdat
die al bezig is, kunt u vandaag nog
met de puzzle beginnen.
Vergeleken bij dit dubbele suc
ces voor de manschappen van
ploegleider Alex Burting ligt het
Nederlandse resultaat, zeker gezien
tegenover de verrassende krachts
ontplooiing van 1953, aan de mati
ge kant. Neen, geen sprake yan
degradatie der „witte - compagnie"
tot tweede-rangs ploeg. De drie
étappe-overwinningen uit de eer
ste helf van de ronde, de talrijke
ereplaatsen in vrijwel elke rit en
het feit dat Wagtmans dagenlang
de „maillot jaune" heeft gedragen,
waarborgen de Nederlanders een
stevige plaats tussen de verdien
stelijke equipes. Maar men had na
het overrompelende succes van vo
rig jaar opnieuw een glorie-ronde
verwacht, het publiek had de Tour
koorts niet overwonnen en voor
menigeen betekent de uitslag van
dit jaar, zowel in het alg. klasse
ment als in de landenrangschik
king, een desillusie.
Toch mag men de renners van
Pellenaars, zowel de vijf uitvallers
(Suijkerbuijk's sleutelbeenbreuk in
de etappe van Zaterdag betekende
de halvering van de ploeg) als de
jongens, die de Tour voltooiden,
niet ervan beschuldigen dat zij hun
best niet hebben gedaan. Het te
gendeel is waar. Maar de omstan
digheden en het verloop van de
Tour zijn zo geheel anders geweest.
Verleden jaar konden de Neder
landers, doordat zij erg onderschat
werden, als vrijbuiter door de Tour
trekken en werden zij gediend door
het geluk, dat zich nu eenmaal al
tijd schaart aan de kant van de
besten. Maar toen in de nu beëin
digde Tour de grote bonzen vanaf
de eerste dag aan het duelleren
gingen, met het gevolg dat het pe
leton veel steviger was afgegren
deld, was het duidelijk dat de „wit
te rijders" lang niet zo gemakke
lijk onrust zouden kunnen zaaien.
Daar kwam bij, dat de Belgen,
veel actiever dan een jaar geleden,
zich min of meer ontpopten als
lijnrechte tegenstanders, zoals ik u
tijdens 'de Tour bij meer dan één
gelegenheid reeds heb gemeld. In
1953 waren de pupillen van Syl-
vere Maes nergens te bespeuren,
nu boekten ze vier etappe-overwin
ningen en hadden ze in de bergen
steeds twee troeven in handen:
Ockers en van Genechten. De Bel
gen reden veel zelfbewuster en de
ze houding leidde tot het lamleg-
gen van Nederlandse ontsnap
pingspogingen. Wim van Est en
Nolten hebben dat herhaaldelijk
ondervonden. Voeg bij dit alles de
val van Nolten, die daardoor juist,
op „zijn" terrein gehandicapt werd.
voor zich uit. Dat geval met die
eindsprint zat hem behoorlijk
dwars. Want evenals twee jaar ge
leden liet de Amsterdammer zich
een zege ontfutselen die voor elke
Tour-renner de waarde heeft van
twee gewone étappe-overwinnin
gen. De winnaar van Bordeau
vreesde in Parijs de sprintkracht
van de Belg de Bruijne, die Zater
dag in Troyes zijn derde étappe
zege had geboekt. Maar door zich
slechts in te stellen op de reacties
van de Belg, hield hij geen reke
ning met. Vernajo de ietwat wispel
turige Fransman die heel listig van
Faanhof's vergissing gebruik
maakte. Hij ging met de Nederlan
der aan het wiel de laatste bocht
in, stopte plotseling af om zijn te
genstander te misleiden en demar
reerde daarop plotseling zo sterk
dat Faanhof het gat niet meer
dicht kon krijgen en nog door De
bruijne werd voorbij gejaagd; deze
eind-sprint, uitgevochten even
voor het groot peloton (zonder de
losgeraakte Nolten) binnenkwam,
bracht overigens de enige emotie
in de sluitingsétappe. Het peloton
had immers bijna, 160 van de 180
km. afgelegd, alvorens er enige
beweging kwam in de bonte ben
de. Bobet had slechts links en
rechts gebogen naar de tiendui
zenden die de Tour-winnaar harts
tochtelijk toewuifden en voor het
overige hadden Fransen en Zwit
sers de course gecontroleerd en
aan de spits van het convooi een
barricade opgeworpen, waar geen
doorkomen aan was. Na 88 km.
echter leidde een sprong van Pia-
nezzi Teisseire onverwacht tot een
ontsnapping, die het drietal een
kleine twee minuten opleverde.
Maar een dagelijkse premie van 'n
horlogefabriek die in Melun (118
km. na de start) te verdienen viel
verwekte een jacht in het peleton
met als resultaat dat de vluchters
bij de kraag werden gegrepen en
Tèlotte de sprint won. In Corbeil,
de duikelingen, die van Est en
Faanhof maakten op de beslissen
de momenten, dan is de vierde
plaats, waar de vaderlandse Tour-
ploeg het deze keer mee moet stel
len al voor een zeer belangrijk deel
verklaard. In hoeverre dan'ook de
overladenheid van het voorseizoen
van invloed is geweest op de ver
richtingen der Nederlanders, is
moeilijk aan te tonen. Maar zelfs
fenomenen wikken en wegen bij
de indeling van hun seizoen....
Natuurlijk was er toch een ere
rondje voor de Nederlanders in het
uitgebreide slotceremonieel van de
Tour opgenomen. Na Bobet, Kübler
en de bezetters van de overige ere
plaatsen en na bergkoning Baha
montes, presenteerde elke équipe
zich voor de laatste maal aan de
massa die niet ophield de renners
toe te juichen. Voor de Fransen, in
het bijzonder voor Bobet, werd de
Marsailleise gespeeld. In de doodse
stilte, die over het stadion kwam
fluisterde van Breenen: „Vorig
jaar speelden ze het Wilhelmus
voor ons". Faanhof keek peinzend
En tegelijk eindigde onze plicht: eens vergissen en „toujours grou-
niet meer uitkijken naar rugnum
mers, niet meer speuren naar witte
truien met blauw-rode banden en
gedaan met het luisteren naar be
velen, die een hele ronde lang uit
tientallen luidsprekers op ons wer
den afgevuurd. Een telefoonge
sprek is nu voortaan weer een ge
sprek, geen bruipartij meer in het
genre van wijlen Hitier. Elke auto'
is weer een auto: de mooie plaat
die Goddet ons in Amsterdam
schonk, verliest haar geldigheid en
er zullen geen drie, vier agenten
tegelijk meer voor ons in de bres
springen om plaats te maken. De
Spaanse lijkkoets van de „Gaceta
del Norte" trekt weer de Pyre
neeën over en waarschijnlijk zal
de bruingebrande chauffeur die we
zo dikwijls verwenst hebben als
hij ëen smal pad blokkeerde, op
zijn weg huiswaarts nog heel wat
scheldpartijen moeten doorstaan,
want ook voor hem verliest de
blauwe plaat Tour de France 1954
haar geldigheid. De motoraccroba-
ten, die de karavaan elke dag in
opschudding brachten door op het
nippertje geslaagde ontsnappingen
na regelrecht doodsgevaar, rijden
nu weer als ordentelijke kerels
naar huis. Het circus heeft de
voorstelling beëindigd. Straks sla
pen we weer in ons eigen bed. De
nachtelijke tochten naar 60 tot 70
km gelegen hotels of de reis per
tandradbaan naar een berghut op
3000 meter hoogte bij Luchon zul
len hoogstens nog een rol spelen in
een benauwde Tourdroom. Mis-
pe" antwoorden of ,Ca, va, merci"
als onze buurman alleen maar
vraagt hoe de kippen of konijnen
het maken. Maar schrijven doen
we voortaan weer aan een opge
ruimd bureau en niet meer op de
rand van een trottoir zoals in St.
Brieuc, of in een danstent, zoals
in Milau, waar onze schrijfmachi
nes plus de nauwelijks te gebrui
ken telefoontoestellen ronddreven
in de champagne. Het zal allemaal
een beetje anders zijn, maar er is
niemand in de karavaan, die daar
rouwig om is, zelfs Jacques Goddet
niet. Alleen begrijpt geen mens
waar de Tourbaas de moed van
daan haalt om reeds deze Maan
dagmorgen met zijn staf te verga
deren over. de Tour de France
1955.
Op Zondagmiddag 1 Augus
tus is de Tour de France 1954
in het Pare des Princes te
Parijs geëindigd met opnieuw
een eindoverwinning voor de
Fransman Louison Bobet, die
ook vorig jaar met de eer ging
strijken. Op de tweede plaats
eindigde de Zwitser Ferdi
Kübler, die Bobet gedurende
de hele Tour verschillende
malen ernstig naar de kroon
heeft gestoken. Foto: De
beide renners keken er elkaar
daarom niet lefjjk op aan.
Bobet (rechts) wenste in het
Pare des Princes te Parijs
Kübler welgemeend geluk met
zijn tweede plaats.
nog 44 km. van de arrivee, zette
plotseling Bobet zelf resoluut aan
de kop, samen met de ijverige Ma-
hé, Kübler, die zich niet meer wou
neerleggen bij een mogelijke étap
pe-zege van de gele truidrager,
zette spoedig de jacht in, waarop
Bobet zich terug liet vallen, uil
zijn borstzakje zijn kam vatte en
alvast toilef maakte voor de in
tocht in Parijs. Maar zo rustig zou
de karavaan niet over de hoofd
stedelijke boulevards koersen.
Even verder koos Vivier het ha
zenpad en Faanhof wipte heel at
tent met hem mee. De Belgen be
grepen dat dit een uiterste poging
kon zijn om het ploegenklassement
een ander aanzien te geven en dus
zag men meteen ook Debruijne
naar voren springen. Het drietal
zonderde zich 20 sec. ver van de
hoofdmacht af. Vivier kreeg ech
ter een lekke band én moest zijn
twee gezellen laten gaan. Daaren
tegen kwamen Bobet en Kempf en
vervolgens Varnajo het Neder
landsBelgische duo gezelschap
houden, terwijl in het peloton van
Est weer hardnekkige pogingen
deed om de Nederlandse positie in
het stoottroepje te versterken. Het
mocht echter niet baten. Het enige
gevolg was, dat Bahamontes, die
een lekke band kreeg, samen met
de hele Spaanse ploeg achteruit
werd geslagen. De groep Faanhof
had een minuut voorsprong in to
taal! maar het hoofdpeloton ver
smalde deze kloof in een wilde
jacht door de Banlieu en over de
avenues van Sevre en Boulogne tot
minder dan veertig seconden.
Van de voorlaatste étappe, waar
bij generaal de Gaulle onderweg
toeschouwer was, is alleen het dra
ma Suijkerbuijk Vermeldenswaard,
want het voltallige convooi bleef
bijna 200 km. in wandelpas bijeen,
tot Debruijne en Groci-Torti 20
km. voor hpt einde de benen na
men en in deze volgorde de eerste
twee plaatsen zouden bemachtigen.
Suijkerbuijk ondervond in deze
étappe dat een ongeluk op een
klein plaatsje kan liggen. In de
stad Chaumont, die na 112 km.
werd bereikt, ontving de karavaan
het gebruikelijke rantsoen eten en
•drinken. Suijkerbuijk had echter
geen behoefte aan zijn portie,
daarom weerde hij Pellenaars af
die hem het bekende zakje toestak.
Deze manoeuvre werd de blonde
Bredanaar noodlottig, want hij
raakte uit balans en plofte met de
schouder op de keien. Met verbe
ten gezicht van de pijn stapte hij
weer op. maar een paar kilometer
verder, het peloton was reeds uit
het gezicht verdwenen, stapte hij
opnieuw af. „Ik kan niet meer
sturen', steunde hij. Pellenaars en
de Rode Kruis-verpleegsters wa
ren er aanstonds bij, maar mochten
slechts een flinke schaafwond con
stateren. Opnieuw stapte Suijker
buijk op, maar niet voor lang,
want 100 meter verder liet hij zich
weer naar de kant van de weg
zakken. „Ik kan niet, ik kan niet
meer van de pijn", zei hij. „Zo kan
ik onmogelijk verder rijden". Pel
lenaars moest hem dus toestem
ming geven om in de ambulance
wagen de étappe uit te rijden. Des
avonds werd een röntgenfoto ge
maakt en daarbij bleek dat een
sleutelbeen was gebroken. Suijker
buijk vond het vreselijk erg om
daags voor de finale nog te moeten
opgeven, maar het zou onverant
woordelijk zijn geweest om verder
te rijden.
Zo bereikte de Nederlandse ploeg
Troyes met slechts vijf man, van
wie van Est (wederom zwaar be
waakt door van Genechten en Hen-
drickx) de vierde plaats bemach
tigde. De overigen eindigden in het
peloton dat en massa en zolder
achterblijvers de lemen baan "van
Troyes bereikte. Een normale
sprint was hier onmogelijk, allen
hadden het karwei van Zaterdag
beschouwd als het eerste deel van
de zegetocht naar Parijs welke Van
middag haar bekroning vond.
Het algemeen eindklassement
luidt:
1. Bobet (Frankrijk) 140.06.05;
2. Kübler (Zwitserland) 140.
24.54 op 15.49; J>
3. Schaer (Zwitserland) 140.27.
51 op 21.46;
4. Dotto (Frankrijk Z.O.) 140.
34.26 op 28.21;
5. Mallejac (Frankrijk W.) 140.
37.43 op 31.38;
6. Ockers (België) 140.42.07 op
36.02;
7. Bergaud (Frankrijk Z.W.)
140.44.00 op 37.55;
8. Vitetta (Frankrijk Z.O.) 140.
47.19 op 41.14;
9. Brankart (België) 140.48.13
op 42.08;
10. Bauvin (Frankrijk N.O.C.)
140.48.26 op 42.21;
11. Lauredi (Frankrijk) 140:48.
47.
12. Clerici (Zwitserland) 141..
02.41;
13. Apo Lazarides (Frankrijk
Z.O.) 141.10.08
14. Nolten (Ned.) 141.10.20;
15. Mahe (Frankrijk W.) 141.
15.08;
16. van Est (Ned.) 141.15.28;
17. Voorting (Ned.) 141.16.15;
18. Ruiz (Spanje) 141.17.33;
19. Rolland (Frankrijk) 141.18.
25;
20. van Breenen (Ned.) 141.25.
15;
48. Faanhof (Ned.) 143.15.53.
Het eindklassement oir
ploegenprijs luidt:
11. Zwitserland 420.29.57;
de
2. Frankrijk 420.48.24;
3. België 421.02.16;
4. Nederland 421.38.57;
5. Frankrijk Zuid-Oost'421.43.34;
6. Spanje 422.56.05; «-
7. Frankrijk West 423.12.55;
8. Frankrijk N.O.C. 424.20.13;
9. Frankrijk Z.W. 424.38128;
10. Ile de France 424.57.49;
11. Luxemburg-Oostenrijk 430.
49.24.
Het punten-eindklassement
luidt:
1. Kübler (Zwits.) 215.5 pnt;
2. Ockers (Belg.) 284.5 pnt;
3. Schaer (Zwits.), 286.5 pnt;
4. van Est (Ned.) 502.5 pnt;
5. Bobet (Frankr.) 513 pnt;
12. Nolten (Ned.) 713.5 pnt.
Uitslag 22e etappe
De 22e etappe van Nancy naar
Troyes over 216 km werd gewon
nen door de Belg de Bruyne in
6 uur 35 min. 03 sec.
De verdere uitslag luidt:
2. Croci Torti <Zwitserland)
6.35.3;
3. Deledda (Frankrijk) 6.35.24;
4. van Est (Ned.) z.t.;
5. Pianezzi (Zwitserland) z.t.;
6. Hoorel'beke (Ile de Fr.) z.t.;
7. van Genechten (België) z.t.;
8. Hendrickx (België) z.t.;
9. Forlini (Ile de France) z.t.;
10. Guerinel (Frankrijk W.) z.t.;
11. Mahe (Frankr. W.) 6.35.38;
12. ex aequo een groot aantal
renners, waarbij Bobet (Frank
rijk), Faanhof (Nederl.), Nolten
(Nederl.), van Breenen (Ned.),
Voorting (Ned.), Bahamontes
(Spanje), allen 6.35.42. Suyker
buyk (Nejd.) staakte in deze etap
pe de strijd.
Uitslag 23e etappe
1. Varnajo (Frankrijk West)
5.09.23;
2. de Bruyne (België) z.t.;
3. Faanhof (Ned.) z.t.;
4. Kemp (Duxemb.-Oostenrijk)
z.t.;
5. Bober (Ille de France) z.t.;
6. Forlini (Ile de FT.) 5.10.02;
7. Hoorelbeke (Ile de France)
5.10.40.
8. Brankart (België) z.t.;
9. Rolland (Frankrijk) z.t.
10. Ockers (België) z.t.
11. Vitetta (Frankr. Z.O.) z.t.;
12. Bobet (Frankrijk) z.t.;
13. Schaer (Zwitserland) z.t.;
14. Darrigade (Frankrijk) z.t.;
15. Kübler (Zwitserland) z.t.;
16. van Est (Ned.) z.t.;
17. van Genechten (Belg.) z.t.;
18. De Smet (België) z.t.;
19. ex aequo: een groot aantal
renners waarbij Deledda (Frank
rijk), Forestier (Frankrijk), van
Breenen (Ned.), Voorting (Ned.),
Clerici (Zwitserland), Croci-Torti
(Zwitserland), Bauvin (Frankrijk
N.O.C.) allen dezelfde tijd als
Hoorelbeke 5.10.40;
57. Nolten (Ned.) 5.16.31.
De prijs voor de meest strijd-
lustigste renner werd toegekend
aan de Belg de Bruyne, terwijl
de Spanjaard Bahamontes de
prijs voor de renner met de
meeste pech werd toebedeeld.
OPMARS VAN BOBET
NAAR DE OVERWINNING
le etappe 1 min. 1 sec. aqhter
Wagtmans.
2e en 3eetappe 1 sec. achter
Wagtmans.
4e en 5e etappe leider met 35
sec. voorsprong op Wagtmans.
6e en 7e etappe leider met 17
sec. voorsprong op Koblet.
8e en 9e etappe 2e met 1 min.
achterstand op Wagtmans.
10e etappe, derde met 1 min.
2 sec. achterstand op Wagtmans,
39 seconden op Bauvin.
11e ejappe 3e met 1 min. 2 sec.
achterstand, op Wagtmans en 9
sec. op Bauvin.
12e eh 13e etappe, 2e met drie
minuten 52 sec. achterstand op
Bauvin.
14e en 15e etappe leider met 4
minuten 33 sec. voorsprong op
Bauvin.
16e etappe leider met, 10 minu
ten 18 sec. voorsprong op Schaer.
17e etappe leider met 9 min. 44
sec. voorsprong op Schaer.
18e, 19e en 20e etappe leider
met 12 min. 49 sec. voorsprong
op Kübler.
21e, 22e en 23e etappe leider
met 15 min-, en 49 sec. voorsprong
op Kübfer.
De Nederlanders behaalden in
de Tour de France de volgende
successen: étappe-overwinningen
van Wagtmans, Brasschaet; v. Est,
Caen en Faanhof, Bordeaux; twee
de plaatsen van Wagtmans te An
gers en Voorting te Le Puy; van
Breenen te Lyon en te Besancon;
derde plaatsen van Nolten te Caen,
van van Breenen te St. Brieuc en
van Faanhof te Parijs; vierde
plaatsen: Faanhof te Le Puy, Wagt
mans te Briancon en van Est te
Troyen; vijfde plaatsen: Wagtmans
te Rijssel, Nolten te Luchon en van
Est te Milau; zesde plaatsen: Nol
ten te Bayonnes en te Pau en van
Breenen te Grenoble; zevende
plaatsen: van Est te Vannes en
Nol ten te Bordeaux; achtste plaat
sen: Faanhof te Roueri, Wagtmans
te Pau en van Est te Le Puy; ne
gende plaatsen: Faanhof, Maenen,
Nolten, Suijkerbuijck, van Breenen
Nico van Est, Voorting en Wagt
mans, alle te Vannes, van Breenen
te Angers, Voorting te Bayonne en
van Est te Nancy; tiende plaatsen:
Voorting te Milau en Aix les Bains
en Nolten te Briancon.
Bij toekenning van tien punten
voor een eerste plaats, negen pun
ten voor een tweede, acht voor een
derde enz. komer^de Nederlanders
ieder aan het volgende aantal pun
ten:
Wagtmans 37, Hein van Breenen
35, van Est 32, Nolten 31, Faanhof
30, Voorting 15, Nico van Est en
Suijkerbuijk 2, Roks 0.
3/LHJLf
2/6KH
le et. 2e et. 3e et. 4e et. 5e et. 6e et.
7e et.
8e et.
9e et.
10e
11e
12e
13e
14e et.
15e
16e
17e
18e
19e
20e
21e
22e
23e
W. Wagtmans
1
1
1
1
2
6
7
1
1
1
1
5
5
5
5
13
15
12
17
W. van Est
16
7
8
7
6
8
9
10
10
11
8
21
21.
17
18
15
16
18
20
18
16
16
16
G Voorting
12
15
14
14
14
15
17
40
42
32
22
23
24
19
17
21
20
20
16
15
17
17
17
J. Nolten
26
34
30
28
26
27
30
54
34
22
11
7.
7
7
7
12
14
14
13
13
13
13
14
Nic. van Est
26
79
78
66
58
56
54
55
55
H. v. Breenen
26
82
78
74
61
66
63
74
46
43
33
30
29
29
28
22
18
17
21
19
20
20
20
H. Faanhof
26
98
90
81
72
88
82
82
65
60
58
54
52-
51
47
48
44
44
45
48
47
"9
48
J. Maenen
26
100
101
101
90
94
88
88
82
A. Suykerbuyck
26
101
91
82
95
57
55
45
86
83
79
78
75
71
65
66
59
57
63
59
59