ACTUALITEITEN
HET BEEST MET VIJF ROSE TENEN
Hélène Oosthoek
oModieuze
Vierhoekige parapluies
Dure Nyl
ons
Wol-tournée
I
IN DE
Een Nederlandse moeder en kunstenares
ziet het kind Amerika
A frikaantjes
ZATERDAG 21 AUGUSTUS 1954
Miss Rheinland toont hier een kanten parasolasymo-
trisch van lijn. Voor haar staat een vierhoekig exem
plaar, dat ook door het materiaal opvalt. Links een ge
woon model, uit effen stof vervaardigd, waarvan een
der banen een fraai geborduurd motief vertoont.
De Duitse modeTndustrie, die
na de oorlog vrijwel niet meer
bestond, heeft een groot deel van
haar vroegere terrein weer her»
overd. Er wordt in Duitsland weer
goede confectie gemaakt en er zijn
zelfs weer echte haute»couture hui*
zen, al zijn deze dan vaak onder»
gebracht in een gerestaureerd ge»
deelte van een eertijds trotse villa.
Ook op het gebied van accessoires
verrast dit land ons met allerlei
modieuze actualiteiten.
Deze keer is het de parapluie, die van
zich doet spreken. Dit attribuut
dient al lang niet meer alleen als practi-
sche bescherming tegen de regen, het is
een belangryk wapen der vrouwelijke
coquetterie geworden. Duitse paraplule-
fabrikanten hebben nu een uitgelezen
collectie bijeengebracht om er een tour
nee mee door hun land te maken. Tot
nu toe betrof de variatie op het ge
bied van de parapluie meestal het mate
riaal of de uitmonstering en de lengte
van de steel. Het scherm zelf kon wat
platter of boller zijn, maar opwindende
bijzonderheden merkten wij er niet aan
op. By de bovengenoemde parapluie-show
worden echter modellen getoond, die
niet-alledaags genoemd zouden kunnen
worden. Er zijn parapluie's en parasols
bij, die vierhoekig en zelfs asymetrisch
van vorm zyn, met of zonder versierin
gen en kant.
Wie zal de kat de bel aan binden? Dit modelletje is niet
bedoeld als carnavalsgrapje. Het is ernstig bedoeld als
practisch en geestig hoofddeksel voor jonge vrouwen.
Het was een der nieuwste creaties op de tentoonstelling,
die in Londen werd gehouden door de verenigde hoeden-
ontwerpers. Een harlekijns kapje uit beige-bruin en wit
vilt, compleet met belletjes.
Daa;- nylons nog altijd in het middel
punt der vrouweiyke belangstelling
staan, doen de kousenfabrikanten alle
moeite hun producten zo aantrekkelijk
mogelijk te maken. De laatste jaren vie
ren ze hun fantasie voornamelijk uit op
de hiel van de nylons. Een Duitse fabri
kant kwam uit met de hierbij afgebeel
de nylon, waarvan men gelooft, dat het
een populaire lijn zal worden. De hiel
vertoont kleine vetergaatjes, omgewerkt
met zwart nylon, waardoor een gouden
koordje is geregen, dat met een losse
knoop of strik wordt dichtgemaakt. Men
vertelde er we] direct by, dat dit zeer
dure nylons waren
Een groep Italiaanse mannequins zal gedurende
zes weken door Zuid-Afrika reizen om er de mo
dellen van Italiaanse ontwerpers te tonen. De
stoffen zijn in Italië vervaardigd. Met deze shows
wil de Zuid-Afrikaanse Wolraad de aandacht van
de Zuid-Afrikaanse ontwerpers vestigen op de
lichtgewichtstoffen en aantonen, wat er met deze
wollen stoffen wel bereikt kan worden.
"k hoop, dat ze dat beest op sterk
water gezet hebben,"' zei Koos.
,Welk beest?" vroeg Stan.
„Dat vreemde zeedier, dat op het
strand van het eiland Canvey gevonden
is. Een soort vis met starende ogen en
een grote mond. En het had twee vol»
maakte voeten met vijf rose tenen."
„Dan lijkt het wel wat op jou." zei
Stan, „vooral wat die ogen en die mond
betreft."
Koos begon al rood aan te lopen, maar gelukkig
leidde Froukje zijn aandacht af door te zeg
gen: „Ik geloof er niets van. Het is weer komkom
mertijd. Dan schrijven de kranten altijd over zee
slangen en andere monsters".
„Komkommertyd? Wat is dat?", vroeg Stan ver
baasd.
„Weet je dat niet eens!", riep Koos dadelijk.
„Daardoor kun je toch echt zien, dat je een bui
tenlander bent. De gewoonste Nederlandse uit
drukkingen snap je niet. Komkommertyd is de
slappe tijd in de krant, als je begrijpt, wat ik
bedoel."
„Ilc begrijp niet, wat je bedoelt", zei Stan.
„Het zijn de zomermaanden", legde Froukje ge
duldig uit. „Dus de tijd, dat wij komkommers
eten. En dan gebeurt er niet veel in de wereld,
want alle regeringen hebben vacantie. Maar de
kranten moeten toch érgens over schrijven, en
dan beweren ze maar, dat er ergens een zeeslang
gezien is, of een vliegende schotel
Maar toen vond ik het tyd om in te grijpen. Ik
laat de krant maar niet klakkeloos beledigen.
„Froukje", zei ik streng, „schei uit met die ba
kerpraatjes. Hetgeen jij vertelt kwam 100 jaar ge
leden misschien wel eens voor, maar tegenwoor
dig gebeurt er iedere dag zo veel in de wereld,
dat de krant ruimte te kort komt, om al het
nieuws af te drukken. Ze hebben heus geen ge
fantaseerde zeeslangen nodig. Dat beest met die
rose tenen, dat op Koos lijkt...."
„Heil", riep Koos.
„Ik bedoel, dat vreemde beest uit Canvey be
staat wel degelijk. En in Den Haag hebben tien
brandweerlieden op 2 Augustus vliegende scho
tels gezien, twee lichtgekleurde ovale voorwerpen,
die dèn weer snel naar voren schoten, dan stil
stonden, elkaar inhaalden of zich van elkaar ver
wijderden. Het was een fantastisch gezicht".
„Hè," zei Koos jaloers, „ik wou, dat wy die
schotels gezien hadden. Maar dat zal nu wel gauw
gebeuren. En let eens op: vandaag of morgen
daalt er zo'n ding en stapt er een vent van een
andere planeet uit. Nu, ik ga direct met hem mee,
dat beloof ik jullie, want op onze aardbol valt
maar weinig te beleven, vind ik!"
„Ha! ha! dus töch komkommertyd," zei Froukje,
die natuurlijk het laatste woord en geiyk wilde
hebben.
De vlieger ging niet op!
Sprong naar de vrijheid
Wie van jullie was in Oudehands Dierenpark,
toen de leeuw Max probeerde over de gracht
te springen?
Misschien dacht de oude Max: ik wil ook wel
eens wat méér van dat mooie park zien.
Misschien zag hij een bijzonder dikke Cockpitter
onder het publiek staan. Wie zal het zeggen. In
ieder geval slaakte hij een rauwe kreet, ging
enige stappen achteruit, en deed een sprong in
de richting van zijn oppasser, die zich aan de
overzyde van de gracht bevond. Nu is die gracht
natuuriyk zo gemaakt, dat een leeuw er niet
overheen kan, en Max plonste er dan ook midden
in. Oppasser Lubout en een van zijn helpers
schoten onmiddellijk te hulp. Zy begaven zich
moedig naar het leeuwenterras en staken Max een
ladder toe.. Eerst snapte de leeuw niet, wat hij
met dat vreemde ding moest doen, maar toen beet
hij zich stevig vast in de onderste sport en liet
zich zo uit het water trekken. De oppassers liepen
ruggelings naar de uitgang en hielden de ladder
voor zich uit als afweerwapen. Want Max had
waarschijnlijk een humeur als een stier na het
gekke figuur, dat hij geslagen had!
Verzen van Frederik
Als je een vos in een hokje opsluit,
Is hij er binnen twee dagen weer uit.
„Ik laat my niet kisten", zegt hy, en rent
vlug
Naar zyn bos en zyn hol en zyn moeder
terug.
Meneer Schraap was een van die mensen, die
er steeds op uit zijn alles voor niets te krij
gen. Toen hij op zekere dag even bij zijn buur
man aanwipte, zag hij daar een heerlijk gebraden
kippetje op tafel staan. Watertandend snoof hij
de lekkere geur op.
„Zeg, ouwe jongen", zei hij, ,,dat ziet er smake-
lyk uit. Eet jij dat helemaal alleen op?"
„Nee", zei de buurman, die zijn bezoeker kende,
droog. „Met appelmoes en aardappelen!"
Oplossingen raadsels vorige iveek
1. Venlo, Neer, Weert, Groenlo, Laren, Alkmaar,
Zandvoort.
2. Lijn - Ryn - Pyn - Mijn.
3. Omdat er een nacht tussen komt.
4. Van achteren naar voren!
Nieuwe raadsels
Een huis zonder deur,
Zonder dak, zonder raam.
Door zwartjes bewoond,
Heetzeg mij de naam!
Ik ben een viervoetig dier, geeft men mij aan
het eind nog een medeklinker, dan ben ik lekker
om te eten.
Welk soort goed, gezond brood kan geen bakker
bakken?
Gy hebt my wel eens in handen. Ik heb 21 ogen
en ben toch stekeblind.
Een huis, waar menig kind in is,
Dordt met een letter minder vis.
Er zijn twee steden in ons land. De eerste is be
roemd door iets drinkbaars, de tweede door iets
eetbaars. En de tweede stad is de laatste helft van
de eerste stad. Ra! Ra!
Terwijl ik dit tik, valt de regen by stralen uit de
lucht. Als dit zo door gaat, zullen we toch met
ons allen naar Afrika moeten verhuizen. Voelen
jullie er wat voor? PILOOT.
(Advertentie)
f. 1.25 per grote
gezinsflacon
Het laatste snufje: dichtgeregen nylons!
Deze week in de tuin
Veel gelegenheid hebben we tot dusver nog niet
gehad om van de zomerse bloei in de
tuin te profiteren. De voortdurende regenval
heeft de bloemen byna geen kans gegeven zich
ten volile te ontplooien, terwijl andere het er he
lemaal bij hebben laten zitten. Nee, de tuin is dit
jaar beslist niet geworden wat wij ons er van had
den voorgesteld. Het lage goed is er nog het best
aan toe en in sommige gevallen is het niet eens
zo dwaas om de mislukte hogere gewassen daar
door te vervangen. Heel bijzonder lenen zich daar
voor de Afrikaantjes, vooral omdat deze zich zo
gemakkelijk laten verplanten. Hun fleurige tinten
oranje of bruin en geel weten aan het som
berste plekje nog wel een levendig voorkomen te
geven. Afrikanen kunnen schaduw tamelijk goed
verdragen.
Om te zaaien is het natuuriyk al veel te laat,
maar met jonge plantjes, die nog rykelyk bij de
kweker voorhanden zijn, zullen velen hun voor
deel kunnen doen. Om er nog lang van te kunnen
profiteren moeten de bloemen na de bloei steeds
worden weggenomen. De planten blijven dan ook
beter in het model en zullen in het najaar de tuin
niet al te snel gaan ontsieren. ,-Itn.
VERBODEN ROOS
In Engeland is een Amerikaanse roos, genaamd
„Lilibet" verboden. De Britse nationale rozen-
vereniging meent, dat de naam onaangenaam zou
kunnen zijn voor koningin Elizabeth (die'als kind
door de koninklijke familie liefkozend „Lilibet"
werd genoemd), omdat de roos, naar verluidt, op
grote schaal in de Verenigde Staten wordt gead
verteerd als „bezittende al de charme en lieflijk
heid van Engeland's schone en jonge koningin".
Het verbod betekent, dat de Engelse kwekers
de „Lilibet" niet mogen importeren, tenzij de
naam voor de Britse markt wordt veranderd.
(Van een bijzondere medewerker)
NEW YORK, Augustus 1954. Op de tweede étage van het grote, lelijke
Metropolitan»museum wijst de thermometer 100 graden. In ieder gebouw van deze
stad wordt de lucht fris en zuiver gehouden door airconditioning, behalve hier,
tussen de schatten van de oude culturen. In de afdeling Griekse en Egyptische
kunst ontmoette ik een jonge, in het rood geklede vrouw met een tijgerhuid»hoedje
op de blonde, springerige haren. Ik kende haar van enkele vroegere ontmoetingen
en ik herkende haar van het televisiescherm. Het was Hélène Oosthoek, Nederlands
toneelspeelster, die enkele weken geleden een opmerkelijk succes heeft geboekt met
haar opvoering van de middeleeuwse moraliteit „Elckerlyc" in het „Katholieke Uur"
van de televisie. Het is dezelfde opvoering, die zij in Nederland voor de K.R.O.»
televisie heeft gegeven. Het succes hier is zo opmerkelijk, dat de hooghartige kunst»
redactie van de „New York Times" aan dit eerste televisie»optreden van onze land»
genote een bepaald geestdriftige recensie heeft gewijd.
ONS ALLER OPGAVE BLIJFT:
de wereld teruggeven aan God
„Elckerlyc" was meer vertoond in New-York. Lang geleden, in een van die kleine schouwburgjes, ver
van Broadway, die het aandurven hun publiek verfijnder menu's voor te zetten dan de grote theaters
van het officiële uitgaanscentrum. „Maar", zo schreef de man van de New-York Times, „een voorstel
ling door één actrice, die met behulp van maskers, meer dan een dozijn verschillende rollen speelt, is
naar ons weten, in dit land nog nooit gebracht". „It was a compelling and stunning performance",
een verbluffende voorstelling, die de toeschouwers in haar ban sloeg.
In het merkwaardige zelfbedienings-restaurant
van het Metropoliten-museum In New York,
hebben wij er over nagepraat. Hoe een jonge
vrouw, in 1944 als weduwe van een verzetsstrijder,
achtergebleven met een dochtertje van ruim een
jaar en in verwachting van een tweede baby, er
toe gekomen is om, dwars door een zee van tegen
werking en moeilijkheden heen, zichzelf te ont
wikkelen tot een kunstenares, die thans van inter
nationaal formaat is gebleken.
„Omdat ik moest. Omdat ik het als een roeping
vóel op mi.jn eigen wijze bij te dragen tot ons al-
der taak: de wereld terug te brengen tot God. O,
ik weet het wel, het is haast onbegonnen werk,
maar het is volgens mij deel van het streven naai
de volmaaktheid. Ieder beleeft dat streven op
eigen wijze en deze laatste verandert met de leef
tijd en de ervaring. Op dit ogenblik weet ik, dat
ik het moet doen door myn spel; later zal ik het
misschien nog eens doen, als schrijfster of als
verpleegster of als soldate en misschien ook al
leen maar als moeder en grootmoeder."
„Is een toneelloopbaan naar uw mening verenig
baar met de taak van een huisvrouw en moeder?"
„Zij zyn moeilijk te combineren, maar het kan
blijkens myn ervaring. Niet als de toneelspeelster
lid is van een gezelschap, dat dag en nacht beslag
op haar legt en haar dwingt tot tournées, die haar
dagen, soms weken van huis houden. Maar als
solo-toneelspeelster, vrij om je tijd zelf in te de
len en grotendeels vrij om zelf te bepalen waar en
wanneer je zult optreden, is het mogeiyk om ge
lijktijdig een goede moeder te zyn, al blijft het
een dubbele belasting. Na myn succesvol optreden
voor de televisie hier in New-York, op uitnodiging
van de National Council of Catholic Men (de Na
tionale Raad van Katholieken, waarvan mgr
Cushing, bisschop van Boston, de grote voorvech
ter is) liggen de kansen voor het grijpen. Ik heb
al uitnodigingen ontvangen voor tournées door
het hele gebied van de Ver. Staten. Toch laat ik
die kansen schieten en keer ik met de „Nieuw
Amsterdam" nog deze maand naar Nederland te
rug. Voornamelijk om de kinderen. Het is niet in
hun belang, na een halve Nederlandse opvoeding,,
en scholing, een halve Amerikaanse opvoeding en
scholing te krijgen. Ook het logeren bij familie
en in hotels is op de duur niet goed voor hen.
Zy hebben recht op een eigen huis met een eigen
sfeer. Dat heb ik voor hen in Nederland en in
Amerika niet. Het „Pauwennest", myn huis aan
de Pauwenlaan in Den Haag, staat op onze terug
keer te wachten".
Wat is uw mening over het Amerikaanse cul
turele leven? Veel bezoekers van de Ver.
Staten hebben daarover een nogal uitgesproken
oordeel; zwart: Amerika heeft geen eigen cul
tuur; öf wit: uit Amerika is alle heil te verwach
ten. V hebt niet, zoals de meeste Amerika-reizi-
gers, alleen van buiten af en passief tegen de
cultuurverschijnselen in dit land aangekeken,
maar u hebt deze van binnen uit gezien en er
door uw optreden actief aan deelgenomen."
„Ik heb daar veel over nagedacht. Het meest
kenmerkende in de Amerikaanse cultuur is de
drang naar effect. Als men de gebonden kunsten
Hélène Oosthoek
met het masker van Kennisse
beschouwt, architectuur, meubelkunst, boekver
sieringskunst, porcelein, portretkunst, enz., komt
men tot de slotsom dat de Amerikanen niet iets
moois maken omdat scheppingsdrang hen daar
toe dwingt. Neen, zij streven slechts naar effect,
maar dat doen zij met meesterschap, raffinement
en angstaanjagende directheid. Het halve Ameri
kaanse, of liever New-Yorkse leven is theater.
Daarom komen zoveel oppervlakkige en kortston
dige bezoekers totaal overbluft en diep onder de
indruk uit Amerika terug. Zy worden overrompeld
door de schitterende montage van het stuk, zou
men kunnen zeggen. Daarom wellicht ook voel ik
Biddende Elckerlyc
mij als actrice zo volkomen op mijn gemak in
New-York.
Maar om dezelfde reden voel ik er my ook uit
gehongerd en geïsoleerd en zit Ik zoveel mogeiyk
in musea, waar zoveel uitingen van de onaardse
schoonheid te vinden zyn.
Ik kan my in New-York zo goed uiten en ik heb
er zoveel ideeën, omdat ik het gevoel heb er rond
te lopen met een volle zak heerlykheden, waaruit
ik moet rondstrooien in hongerige, lege handen,
die beladen zijn met bonte ringen. Vandaag waren
de Griekse en Egyptische kunst in dit museum
de voorraadschuren, waaruit ik die zak opnieuw
heb gevuld.
Telkens als ik die klassieke kunstvormen zie,
treft het mij dat de mensheid in haar geheel ach
teruit gaat, hoe mooi ook sommige incidentele jon
gere kunstvoortbrengselen zijn. Sinds de Renais
sance, die als herhaling van Griekse wetten en
vormen, op zichzelf al een teken van onmacht was,
zijn wij aan het sukkelen. Ik ben blij dat ik my
vroeger al op Griekse en middeleeuwse litteratuur
heb geworpen. Déér ligt eeuwigheidswaarde in.
Mijn persoonlijke blijdschap geldt, na veel naden
ken, het feit, dat een masker als dat van „Ken
nisse" kon ontstaan (een van de allegorische figu
ren rond Elckerlyc, die Hélène Oosthoek uitbeeldt
door maskers). Dat masker heeft iets van wat ik
wil overdragen, van wat de Grieken te zeggen had
den en van wat de middeleeuwse onbekenden uit
spraken in de vensters van hun kathedralen.
Hoe critisch Iedere Europeaan ook staan moet
tegenover het gebrek aan cultuur en stijl in
Amerika zegt mevr. Oosthoek verder, aandoenlijk
is en blijft de bewondering, die de mensen hier,
ondanks zichzelf, aan de dag leggen voor Euro
pese kunstvormen en cultuuruitingen. De Ameri
kanen hebben, naar zijzelf zeggen, maar twee
cultuurvormen, die zij uit eigen kracht kunnen
beheersen en voortzetten: de jazz-muziek en de
verticale architectuurvormen, die door de Euro
peaan e,erder als anti-cultuur worden beschouwd."
„Hoe kan iemand als u, die zoveel behoefte
heeft aan schoonheid, in dit land leven zonder te
verkommeren?"
„Omdat de bron van myn inspiratie en vreugde
in my en niet buiten my is. En omdat ik weer
klank vind»bij velen, die behoren tot de geestelijk
arme massa. Wij komen er niet met misprijzend
onze schouders op te halen over de Amerikaanse
zucht naar snelheid, dimensie, reclame. Men moet
de Amerikaan niet zien als het genie, waar de
wereld haar redding van te verwachten heeft,
maar ook niet als de nul die in het getal der we
reldgeschiedenis niet meetelt. Juist daarom mag
geen enkele Europeaan, die cultuur èn moed heeft,
zich hooghartig afwenden van „het Kind Ameri
ka", dat rond jakkert in glimmende „cars" om de
te doden; „time killing" zegt men hier.
Alles in dit wonderlyke land gaat in superlatie
ven. Maar Amerika i's daarom nog geen superla
tief, evenmin in het slechte als in het goede. Het
is een belofte, waarin alle mogelijkheden beslo
ten liggen. Het kan deze zelf niet tot vervulling
brengen. Europa heeft de plicht tot helpen als het
daarvoor niet te moe en te arm is geworden. Euro
pa heeft latent nog zoveel waarden, maar het ver
nieuwt deze niet.
Alleen indien het levende Godsbesef en de lief
de in Europa opnieuw opbloeien en als een brand
uitslaan, zullen wy weer, zoals vroeger, andere
volkeren kunnen helpen.
Intussen moet ieder individueel doen wat hij
kan. Daarom ben ik blij deze reis gemaakt te heb
ben; daarom heb ik geprobeerd een ontroerende
en aanstekelijke „Elckerlyc" te spelen en daarom
zal ik blij terugreizen naar Europa om er my op
nieuw te bezinnen op mijn kracht en mijn zwakte
en aldus nog beter te kunnen doen wat ons aller
opgave blijft, de wereld terug ge,ven aan God"-