Nieuws De Twee Kleinzoons. is gehandeld. Elke week is .aan den minister c-en telegram gezonden, waarin het verloop dier week werd medgeedeeld. Eindelijk werd op 17 Febr jl. een commissie door den secretaris generaal ont vangen. Spr. bij het onderhoud aanwezig kreeg (Jen indruk, dat men verwachtte, dat er eén paar koolbouwertjes kwamen, die wel met gen kluitje in het riet konden worden gestuurd. De secretaris generaal maakte eenige aardigheidjes, doch was niet eens op de hoogte met het verzoek Spreker uit zijn verontwaardiging hierover en l-en ei- gewezen was op de ramp die zich zou voltrekken besloot tenslotte de secretaris generaal de com missie. Zaalberg er mede in kennis te stellen Eien uitkomst was het verzoek van burgemeester Slot om de.zaak aanhangig te maken bij de com missie Lovink. Door den secretaris generaal i< nog toegezegd, om meer kunstmest beschikbaar te stellen. Ofschoon door de commissie Lovink met grooten spoed eraan is gewerkt, moet het in de Tweede Kamer komen, want als het aan genomen wordt is een wetswijziging noodig Spr. laat het aan de vergadering over om te 'oor- deelen over de houding der regeering Alvorens den heer Jb. Kramer het woord te s erieenen, raadt de VOORETTliER hem in gemo* dc aan om kalm te blijven en zijn woorden o-oed te overdenken. De heer Jb. KRAMER verzekert zeer kalm te z ijn en vangt aan mét de vraag of het niet mogelijk is dat de Prov. comm. of het C|entr. Bu reau de leden van pootaardappelen kan voorzien onder oogstverband, daar velen'ze niet kunnen betalen. Voorts vraagt spreker waar de motie ven, die den burgemeester er toe hebben geleid om de tuinders niet te hooren inzake de zaatk ren- teloozc voorschotten of steun. Spreker noemt zulks een beleediging tegenover den geheelen tuinbouw. Als de Prov. Comm. niet wil weten en hooren wat er onder de leden omgaat, dan zijn zij op het; verkeerde pad. Steeds is door hem alsmede door den heer de Boer erop aangedrongen den organisatorischen weg te bewandelen. Schouder aan schouder staande zal er meer van de regeering worden verkregen als nu. S.preker hoopt dat burgemeester Slot zal recht zetten 1 DESCVOORZITTER zegt-aangaande de poot- aardappelen, dat in de laatste bestuursverga dering der L. G. O. de wensch is uitgesproken, 1 dat er meer wit-vleezige aardappelen worden ge teeld. Beschikbaar is thans een groote hoeveel- neid Wilde Duck, tegen fli, per 100 E.G. In- lichtingen zijn te verkrijgen bij den secretaris. Voorts vraagt spr. aan Burgemeester Slot of j hij wenseht te antwoorden op» het gesprokene van den heer Jb. Kramer. B-URGEMEESTER SLOT zegt niets te zeggen te hebben daar er niets scheef is. De heer JB. KRAMER, vraagt, wat er het vol gend jaar moet gebeuren als de producten op dezelfde condities weggaan als nu. Het is dan - toch wenschelijk de veiling te sluiten ,hetgeen 1 do regeering zal nopen om tot daden over te gaan. Spr. meent,, dat de regeering denkt, dat hier zoo'n zoodjekannibalen is en daarom moeten wij ons maar eens anders laten zien. Dikwijls wordt er over geklaagd, dat er zooveel voor den landbouw en zoo weinig voor den tuinbouw wordt gedaan. Volgens spr. komt dit omdat het groot grondbezit hier een rol speelt. Spr. is overtuigd, dat, de belanghebbenden de Pachtwet hebben ver pen en is het dus de belangenpoliti-ek. Of ran- cunemaatregelen, op zijn plaats zijn, weet spr. niet goed, doch moeten allen toch paraat blij- j ven, daar als het zoo doorgaat, niemand van ons j het hoofd boven water kan houden zonder staats bmeoeiing. De VOORZITTER acht het noodzakelijk dat van nu af aan getracht moet worden om toeslag te krijgen op verschillende hoofdproducten en meent dat in de campagne op de aardappelen een j'i.ik.stoeslag zal worden gegeven. Sluiting als vei-. Bng acht spreker zeer moeilijk. Burgemeester VAN BOOTEN' z-e^t met aan dacht naar de besprekingen 'te hebben geluisterd Groote waardeerng heeft Z.£. voor dc biding dezer v. -lering. Spr. 'zingt en - aan, lat cl leden zoo, I mogelijk liter hun bestuur blij ven, ofschou! lit niet a's kan Gen. doch.het schip heeft i,r. goede pi te in. !i dizen tip1, nu hei zoo moeilijk is o iets va t de rc ering gedaan te krijgen is het ten zeerste noodig om zich schouder aan schouder te scharen achter de organisatie. De lieer BALDER, bestuurslid, wil trachten te kom en in samenwerking met Vierbond en de Streek tot een regeling van minimumprijzen, voor aardappelen en kool met regeeringssteun. Cok acht spreker het gcwenseht, dat doorschot au behoorlijke kwaliteit kan worden uitgevoerd uitsluitend gecontroleerd door den marktbe-taal meester. Be heer P. HART is van meening, dat ter ver kkrijging vna een geregelden aanvoer meer con tact moet worden gezocht met den handel. Zoo kan een regeling worden getroffen, dat de eerstl drie dagen een bepaald soort, bv. van groot ge wicht en de laatste drie dagen die van klein ge wicht wordt aangevoerd. Hierdoor wordt tevens meereenheid in den aanvoer verkregen. Spreker is voorts van meening, dat het verloop der zaak van den regeeringssteun niet goed is geweest en achtihet gewenscht dat de practische tuinder in' de Prov. commissie zit. De VOORZITTER antwoordt, dat als een ie der wilde een regeling makkelijk uit te voeren is. De goede kool wordt veel te v-eel overgehouden. Er moet wat gebeuren, daarom is een distriDu- tieregeling het meest gewenschte. Wat betreft de er-edicten, herinnert spreker eraan, dat de al- gemeene vergadering zich hiervoor heeft uitge sproken, dus niet het bestuur der Prov. comm. De voorz. der Prov. comm. is dagelijksch paraat en staat eiken dag op de bras voor de tuinbou wers, al gaat het niet altijd naar den zin van allen. De heer HOOGLAND1 van Sint Paneras zegt dat het niet juist is. Op de algemeene vergadering waren er twee bestuursvoorstellen en wel ren- telooze voorschotten en gewijzigde handelspoli tiek. Door den heer Klant is toen voorgesteld rentelóoze credieten op langen termijn. De VOORZITTER merkt op, dat de algemeene vergadering steeds het recht heeft pm andere voorstellen te doen. Dan komt aan het woord de heer J. OOTJERlS voorzitter van den Noordermarktbond, die zegt met veel genoegen en veel belangstelling deze vergadering te hebben bijgewoond. De agenda lijk voorzien, duidde op een zware vergadering Spreker feliciteert den voorzitter met het ver loop dezer vergadering alsmede met den uitslag en de genomen besluiten. Spr. hoopt dat de ver gadering het volgend jaar in gunstiger en be tere omstandigheden zal worden gehouden en dat de samenwerking onder de verschillende af- deelingen in opbouwenden zin en van aangena- men aard zal zijn, denkende aan het spreekwoord „Eendrhcht maakt macht'' Het is van den voor zitter zeer goed gezien om all-e sprekers volop de gelegenheid te hebben gegeven om zich te kun nen uitspreken. De heer MADiDERQM wil sterken aandrang op de regeering uitoefenen ter voorkoming van een executorialen verkoop voor pachters, voor hypo theektuinders en boeren. Burgemeester SLOT, voorzitter der Prov. com- missie zegt, dat er aan 'de algemeene vergadering veel onaangenaams voor hem begint te kleven. Als men naar beste weten, aldus spreker, alles in het werk stelt om nog te bereiken wat te be reiken is, dan moet men toch tot den indruk komen, dat alles is en wordt gedaan in het be lang der tuinders en is het hard om zulke uitla tingen te moeten ontvangen want'er is niets scheef. Spreker hoopt, dat de vergadring zal aannemen dat ïn'onder de twee laatste jaren door spreker alles Is gedaan. Dat het niet altijd naar ieders zin ging, is ieder goed recht, maa.- er moet toch worden vast gehouden aan de rechte iijn. Spr. feliciteert „De West" dat zij haar voor: tel betreffende den vei lingleider heeft ingetrokken. Spr. betreurt het het het voorstel is gedaan, daar Z.E.A. den heer Da Boer zeer van nabij kent. Hij is een sympathiek man en door verschillende personen is zijne leiding als zeer juist genoemd. Als voorzitter heeft spreker bewondering voor de lijdzaamheid en lankmoedig heid om een ieder aan te hooren en ieder nog een woord te geven. Spreker feliciteert den voorzitter en hoopt, dat hij nog in lengte van tijd de belangen der L. G. C. zal mogen en kunen behartigen en dat in de toekomst betere tijden mogen aanbreken en voor veiling en voor tuinders. De VOORZITTER dankt voor de tot hem gelichte woorden en zegt op denzelfden weg als tot nu toe te zullen doorgaan en steeds te zullen trachten om de eenheid onder de lbden te bewaren, maar ook tusschen den handel en de tuinders. Voorts stelt spreker voor om uit deze vergade ring een telegram te zenden aan den Minister, waarin op spoed wordt aangedrongen met het verzoek betreffende den toeslag van 1 cent per 1 kilogram kool: Niets meer aan de orde zijnde sluit de voorzitter onder dank aan de leden, de gasten en de pers de vergadering. Aan den Beschrijvingsbrief was tevens toegevoegd een kort niettemin duidelijk overzicht der i n 1931 gevoerde reclame. Zoo wordt gememoreerd de gevoerde reclame in het buitenland, op tentoonstelling, in Tram en Cou ranten, op aanplakborden en zuilen, voorts door middel van film, recepten boekjes, papierzakken, proefzendingen, verpakkingsproeven enz. Hieruit blijkt ten duidelijkste dat op ruime schaal propaganda en reclame is gemaakt tot verdering van den afzet der producten. In totaal sctond voor de reclame een bedrag van f 70.000 beschikbaar. Nieuwstijdingen HEIDEBRANDEN TE HILVERSUM. De laatste weken breken wederom telkens heide branden uit, waarbij dikwijls mooie stukken van het Hilversumsch natuurschoon verloren gaan. Verleden week Maandag brandde ongeveer 300 M2. langs de spoorlijn Hilversum—Utrecht; Woensdag daaropvolgend was er een brand in de heide achter de Craailoosche brug, waarbij bijna vijf H.A. verlo ren ging en gistermorgen verbrandden wederom eenige honderden M2. heidegrond aan den Riebeek- weg, nabij het gemeentelijk sportpark. De oorzaak van deze branden is, zooals vrijwel altijd, onbekend. (Handelsblad i er op het oogenblik bij het pompstation van de gemeentewaterleiding te Winschoten een groote drukte die des morgens vroeg reeds begint. Tank wagens rijden af en aan uit alle dorpen uit den omtrek om van het thans zoo hoog op prijs ge-1 stelde water een vrachtje mede te nemen. Dit geschiedt niet alleen van particuliere zijde, maar ook van gemeentewege wordt de distributie van water ter hand genomen, zooals o.a. door de ge meenten Veendam, Oude Pekela, Finsterwolde. Nieuweschans e.a. Uit Bellingwolde wordt bericht, dat regen bakken, die voor vier maanden schoongemaakt zijn sindsdien geen druppeltje water meer bevat- teji. Zij die over oen Nortonpomp beschikken zooaE o.iii. een school uit G'adskanaal, helpen de geheele buurt aan water. Ook in Marum, Hoogkerk en in de dorpen op liet Hoogeland hel pen dc- mensehen zich op alle mogelijk - wijzen, doordat alle regenbakken, zelfs de grootste leeg zijn en men is aangewezen op de enkele pompen Op het platteland is dus wel „Leiden in last" Zeker is het, dat thans wel iedereen zal inzien, dat 'de binnenkort aan te leggen provinciale wa terleiding in een algemeene behoefte zal voor zie11. Handelsblad. WEER EEN PANTSERAUTO AANGEHOUDEN. Door zestien karabijnschoten tot stilstand gebracht. De inzittenden ontvlucht. In de omgeving van het grensdorp Walbeek bij Arcen hadden de Duitsche douanebeambten gisteren een goeden vangst. I Het schijnt, dat de douane verwittigd was van de komst van een smokkelauto, want toen een pant- serauto de grens bij Walbeek in razende vaart wilde passeeren, werd plotseling van het struikgewas langs den weg uit het halteslgnaal der douane gegeven. Onmiddellijk daarop werden van alle kanten schoten gelost uit karabijnen en revolvers. De auto was in een hinderlaag gevallen. Door de geweldige vaart van den grooten wagen wist deze echter door het cordon heen te breken. Daar de wagen door vele schoten zwaar getroffen was, werd poging tot ontvluchting opgegeven. De inzittenden wisten in het donker in het struikgewas te ontkomen met achterlating van den wagen en een rijke buit. Een lading koffie en tabak. De be ambten namen een en ander in beslag. (Handelsblad). ZONDERLING MOTORONGELUK. Onder een paard doorgereden. Te Maasland is een eigenaardig motorongeluk gebeurd, dat intussehen voor het slachtoffer ern stige gevolgen heeft gehad. Zekere M„ een jongeman, wilde even buiten het dorp een wagen, dien hij achterop reed, passeeren. Toen hij daartoe naar links uithaalde en achter de kar vandaan kwam, zag hij plotseling een van den tegenovergestelden kant komend paard met wagen voor zich en eer iemand begreep wat er gebeurde, schoot M. met zijn motor onder het paard door. Aan den anderen kant sloeg hij met een smak tegen deng rond, waar hij ernstig gewond bleef liggen. Het bleek, dat zijn borstkas ingedrukt en een been gebroken was, terwijl een der oogen vrijwel uit het hoofd was gerukt. In zorgvollen toestand is de ongelukkige naar zijn woninig vervoerd. Groot drink watergebrek. In de geheele provincie Groningen. Tengevolge van de lang durige droogte ontvangt men thans uit schier alle (plaatsen der provincie Groriingen doodbe richten over gebrek aan drinkwater. Zoo heCrscht Plaatselijk Biroek op Langend ijk. Met verwijzing naar de advertentie in dit nr., zal het Ghr. fanfarecorps ADVENDO Maandag den 2den Paaschdag des avonds kwart voor 8 in de Ned. Herv. Kerk een uitvoering geven on der leiding van zijn directeur, den heer G. van Kalker te Hoorn, terwijl tevens medewerking ver leenen de heeren K. Wagenaar op het kerkorgel en G. Grondsma van Alkmaar als declamator. De toegangsprijzen zijn zoodanig gesteld, dat een ieder in de gelegenheid wordt gesteld dezen kunstavond te bezoeken. Broek op Langend ijk. Bij den correspondent der gemeentelijke ar beidersbemiddeling staan de navolgenjde werk- looze arbeiders ingeschreven. 3 timmerlieden, 4 schippers, 1 schilder, 34 land arbeiders, 1 matroos en 1 monteur-chauffeur. jaarverslag van de fuiniioiiw-Vereen. „De Eendracht". FEUILLETON 6) In Heinrich Schwarz' trekken was geen bijzondere verandering te bespeuren bij het hooren van deze ontboezeming, slechts een licht rood kleurde zijn wangen en onmerkbaar trilden zijn lippen. Toen vroeg hij zoo ongedwongen mogelijk: „Wie was dan die doode?" „Het was de eerste gemaling van Graaf Anseim van Breitenbach," antwoordde de oude. „Dan kan U toch niet zoo stellig beweren vader, antwoordde zijn zoon, die op den ladder stond. „Ik zou er alles voor durven verwedden, dat zij zijn wettige vrouw vrouw was," zei op beslisten toon de grijsaard. Ik heb haar gekend, een engel was zij, ais vari den hemel ons geschonken. Zoo lang zij leefde, waren er in het dorp geen armen meer. Met milde hand deelde zij haar gaven uit; rnyn vader zaliger dankte aan haar zijn huis en zijn akker land, waardoor wij thans nog zonder zorgen ons leven kunnen slijten; en mij zelf heeft zij eens, toen ik zwaar ziek lag, met eigen hand verpleegd; dat zal ik nooit vergeten en daardoor kan ik t niet dulden, dat men haar durfde belasteren en aan haar rechtschapenheid en deugd twijfelde. Heiaas, moest zij maar al te spoedig deze aarde verlaten. De bediende was gaarne op den ouden man toe- geloopen, om hem voor die warme verdediging van den na haar dood zoo zeer beweende vrouw, de hand te drukken, maar hij beheerschte zich en vroeg ook niet verder naar haar, doch informeerde slechts: „Waar ligt het graf, dat, zooals u zooeven ver telde, op dit oogenblik weer geopend wordt. „Achter de kapel, de arbeiders hebben het nauwe lijks kunnen vinden; geen liefderijke hand heeft t ooit verzorgd. U is hier zeker vreemd? vroeg de grijsaard na een kleine pauze. - „Tot nog toe wel, maar ik hoop bier spoedig mee. bekend te worden, ik- ben de nieuwe bediende van den jongen Graaf Albert.'V» De oude zag hem eenigszins onthutst aam „De nieuwe bediende?" zeide hij, „ja, ja. hm. hm. Wari neer ik dat had geweten, zou ik mij wel tweemaal bedacht hebben, zoo openlijk met u over de gestoi vene te spreken." „Waarom heeft U 't ook gedaan, vader?" klonk 't van den ladder naar beneden, i Omdat mij dé herinnering steeds weer opnieuw overmeestert, wanneer ik het ledige graf hier aan schouw! „Maar, niet waar," zoo wendde de klazenmaker zich tot Heinrich, „U zal 't op het slot niet vertellen, zij zijn daar boven met betrekking tot deze ge- schiedenis zeer gevoelig en prikkelbaar en ik wilde niet graag hun gunst verliezen. Het heeft reeds velen berouwd een enkele vraag slechts in die rich ting gedaan te hebben en ook u, Jonge man, wil ik 1 den raad geven, namelijk wanneer gij uwe betrek- king wilt behouden, over deze geschiedenis met niemand een woord te reppen hoort U", tegenover 1 niemand!" „U kunt gerust zijn, beste man, ik zal van uwe openhartigheid aan niemand een woord verraden en ik dank U bovendien voor uw raad, dien ik streng zal opvolgen. Hoe is uw naam?" „Grauer, glazenmaker Grauer en de uwe?" „Heinrich Schwarz." „Het is mij aangenaam, kennis met u gemaakt te hebben. Wanneer U eens in het dorp mocht komen, ga dan 't woonhuis niet voorbij, het ligt onmiddel- j lijk naast de pastorie". i „Vriendelijk dank, ik hoop van uwe uitnoodiging I gebruik te kunnen maken." i „U wilde misschien het graf wel eens zien, komt U dan maar mede, dan zal ik er u heenbrengen." De oude en Heinrich verlieten het musoleum, nadat de laatste nog een langen blik op het graf van Graaf Anseim had geworpen en traden naar buiten, liepen rechts om de jonge dennebeplanting heen en bereikten na weinige schreden te hebben gedaan de plaats waar vier arbeiders bezig waren een zerk, aan twee lissen verbonden, naar boven te trekken „Wel, wat moet u hier doen, Grauwer?" klonk plotseling in de onmiddellijke nabijheid de stem van Graaf Roderich von Breitenbach, die op dit oogenblik achter een oude beuk te voorschijn trad. De oude glazenmaker nam de muts van het hoofd en antwoordde op nederigen toon: Wil mij verontschuldigen, mijnheer de Graaf, mijn zoon vervangt in de kapel de gebroken ruit door een nieuwe." En nu wordt gij wederom door uw oude dweep zucht gedreven om het graf van uw vroegere aange bedene nog eenmaal te zien!" zei met een hatelijk lachje de jonge graaf. De oude beet zich op de lippen, doch zweeg. Heinrich Schwarz stond achter een jonge beuk, niet zoo onzichtbaar dat hij onopgemerkt kon blij ven. „En wie is u?" vroeg thans Graaf Roderich, zijn kleine oogen op hem richtende. De toegesprokene, die door de oneerbiedige woor den van den Graaf bleek was geworden, had zich snel weten te herstellen; hij trad een schrede naar voren, met den hoed in de hand en zeide op be scheiden toon: „Wil mij verontschuldigen," hij gebruikte dezelfde woorden als de oude Grauwer, „ik ben de nieuwe bediende van den jongen Graaf Heinrich Schwarz." „En daar loopt gij zoo in het bosch te dwalen?" „Ik moet wel om uwe toegevendheid verzoeken, uwe Hoogheid, „ik zag van den weg af die mooie kapel, ik had nog nooit een familiegraf van zulk een voornaam geslacht gezien de deuren stonden open en ik had het bevel ontvangen mij niet eerder dan om twaalf uur op het slot aan te mel den. De Graaf zag den spreker met een zeldzamen blik van onder tot boven aan en wendde zich zonder nog verder een woord te zeggen tot de arbeiders, die met het omhoog halen van de kist thans gereed waren en deze op den grond naast de groeve hadden neergezet. „De Gravin verlangt, dat die kist heden avond, als het donder is geworden, naar het kerkhof zal worden gebracht, haalt een kleed uit het voorhuis en bedekt haar daarmede, twee man blijven hipr als bewakers." Hij sloeg met zijn rijzweep in de lucht en ging daarop met vluggen tred heen in de richting van de rijlaan. De oude glazenmaker en Heinrich Schwarz zetten daarop weder hun hoofddeksel op en de eerste I zeide, terwijl hij de hand van den nieuwen bediende greep: „U heeft op het slot niet anders te doen dan den jongen Graaf te verplegen, o, bedien hem goed, opdat niet het verschrikkelijkste plaat vinde, wat gebeuren kan, namelijk, dat wij dezen booswicht als heer een meester op het slot zullen krijgen!" „Wat in mijn macht is en zoover mijn krachten reiken zal ik trachten te doen!" „Ik geloof u." Heinrich trad dicht op de kist toe en vestigde langen tijd zijn blik daarop. Het scheen, dat hij ook hier, zooals even te voren bij het graf van Graaf Anseim, zacht eenige woorden mompelde, Door den secretaris werd het volgende jaarver slag voorgelezen op de 1.1. gehouden vergadering. Financieel verslag der tuinbouwvereen. „De Een dracht" te Oudkarspel over het jaar 1931. Om een jaarverslag te schrijven over 1931 is moei lijk, tenminste wanneer men er eenige lichtpunten daarop keerde hij zich snel om, wisselde nog eenige woorden met Grauwer, beloofde hem zoo spoedig mogelijk te bezoeken en sloeg daarop ook den rij weg. in, die hem tred voor tred nader bracht tot de plaats, waar hij het wonderlijkste en zeldzaam ste zou beleven, de plaats, waar hij uit zijn jaren lange rust zou worden gestoord, waar hij zijn geluk of zijn noodlot zou tegengaan, hetgeen de toe komst echter in haar schoot verborgen hield. Doch, nog vóór hij het slot bereikte, zou hij een zeer gewichtigen bewoner van hetzelve, wellicht de allergewichtigste, leeren kennen. III. Heinrich Schwarz liep langzaam den weg langs, die naar het slot leidde, terwijl een zee van ge dachten, zijn hoofd bestormden. Dat het niet zon der strijd zou gaan, had hij stellig verwacht, en zich ook voorgesteld, maar dat hij, nog voor dat hij het eigenlijke strijdperk had betreden, de worsteling zou moeten beginnen, daarop had hij niet gerekend. Wat hij reeds had gehoord en gezien, had hem niet alleen tot de erkenning gebracht, dat uiterste voorzich tigheid moest worden betracht, en ook de grootste zelfbeheersching, maar de wijze waarop hij de eerste proef had doorstaan vervulde hem met moed en vertrouwen. En die moed was nog toege nomen, nadat hij van de waardin van het stations koffiehuis had vernomen, dat de kamerdienaar van den ouden Graaf Anseim, die alle reizen met dezen had meegemaakt door kleine attenties was te win nen en zijn gunst zou kunnen worden verkregen. Dit vertrouwen bij den op het slot zoo gewichtigen persoon te bereiken, zou voor de .naaste toekomst zijn eenig en doelbewust streven zijn. De weg werd wat stijler, de zon kwam hooger en mede door zijn innerlijke gewaarwordingen, deed de invloed der warmte zich nog meer gelden, zoodat hij al spoedig de zweetdroppels van zijn voorhoofd moest wisschen. De weg maakte opnieuw, maar nu in tegenover gestelde richting een scherpe bocht en nu zag onze wandelaar, toen hij de bocht was gepasseerd, een niet zeer groot, maar aardig nieuw gebouwd huis, onmiddellijk aan den grooten rijweg gelegen, dat door een groot boven de deur aangebracht herten gewei als een houtvesters woning was te herkennen, uit welke de arbeiders een kieed moesten halen, om daarmee de aan den schoot der aarde ontnomen looden kist te bedekken. (Wordt vervolgd).

Kranten Regionaal Archief Alkmaar

Nieuwe Langedijker Courant | 1932 | | pagina 9