De Twee Kleinzoons.
Nieuwstijdingen
op 1 October 1931 en nadien heeft weder ontslag
plaats gehad.
Van de groote gloeilampen en radio-fabriek is
bekend, dat de personeelsterkte daaled van boven
de 20.000 tot beneden 10.000.
De toestand is voor de ijzergieterij zeer somber
Een der groote
draadnagelfabrieken
is ingevolge een kartelovereenkomst gesloten.
Ook bij de
Hooglevens
is de productie verminderd moeten worden.
Wat de
Textielindustrie
betreft wordt medegedeeld dat het totaal aantal
arbeiders in twee jaren inkromp van 87000 tot 73
000, waarvan nog 18000 niet de volle week werkten.
Daarna onderging deze industrie nog den nadeeligen
invloed van den val va nhet Pond en de verhoogde
invoerrechten hebben voor Twente de 'moeilijk
heden verzwaard.
De wol- en juteindustrie
gingen in 1931 achteruit. In de
Kunstzijdeindustrie
liep het personeel in twee jaren terug van 11.000
tot 7000, deels door sterke rationalisatie.
Een industrie, die zwaar bedreigd wordt is de
glasindustrie
Het personeel verminderde in twee jaren van 4600
op 3200, waarvan 1000 een verkorten werktijd had
den.
Een groot deel van de diamantindustrie is voor goed
verplaatst naar elders.
De typografische bedrijven
ondervinden den invloed n,bijmzetion: uO.2f
ondervinden den terugslag der algemeene bedrijfs-
slapte in het verminderen der orders.
Nog tal van andere industrieën ondervinden de
gevolgen der depressie, en door concurrentie met het
buitenland, stek verminderden uitvoer, verminderde
waar. verminderde koopkracht, afbrokkeling van
prijzen, daling van het Pond enz.
De margarinefabrieken
krompen haar personeel in na den val van het Pond
De productie werd voor een deel naar Engeland
overgebracht.
Een nieuw verschijnsel is de vorming van groote
internationale concerns, die ook fabrieken in ons
land hebben, waarbij de directie telkenmale, als de
productie ingekrompen moet worden, voor de keuze
wordt gesteld, in welk land een of meer febrieken
zullen worden stil gezet.
In tal van industrieën werd overgegaan tot de
inkrimping van den werktijd.
Den omvang van de werkloosheid leeren ons de
.gegevens, van den Rijksdienst der Werkloosheids
verzekering en Arbeidsbemiddeling.
Bij 218 organen der openbare arbeidsbemiddeling
waren op 12 Maart jl. ingeschreven 226050 mannen
Opgemerkt moet echter, dat niet alle als werkzoe
kenden ingeschreven werkloos zijn. Het percentage
werkloozen der gesubsidieerde werkloozenkassen,
die de geheele week werkloos waren, bedroeg in de
week van 9 tot en met 14 Maart 24.1 procent tegen
20.3 procent in de overeenkomstige week van 1932.
In een volgend artikel wordt de vraag besproken
in hoeverre het mogelijk is, dat de Werkloosheid
voorloopig, ook zonder dat van vermeerdering van
werk sprake is, ware te beperken.
(Nadruk verboden.)
Plaatselijk
Nieuws
NOORDSCHARWOUDE.
Door den bekenden orgelist, den heer Jan Zwart
van Zaandam, zullen ook dit jaar weer orgelavon
den worden gehouden in de Groote Kerk te
Alkmaar.
De eerste orgelvoordracht zal worden gehouden
op Donderdag 9 Juni a.s. van acht tot negen uur.
Het programma voor dien avond bevat werken
vn Joh. Seb. Bach en van César Franck.
Wij hopen dat het dezen orgelvirtuoos aan be
langstelling niet zal ontbreken. De entree is f0.10
zoodat iedere muziekliefhebber dezen zoo beroemden
orgelist kan beluisteren en van zijn spel genieten.
Oudkarspel.
Blijkens een in dit nr. voorkomende advertentie
worde door de cinema van den heer, D(e Jong,
FEUILLETON
34)
„De dans begon opnieuw, gelukkigerwijs bleef het
priëel leeg en ook ik verliet mijn schuilhoek om
weg te sluipen, zonder van iemand afscheid te ne
men. Dat ik dien nacht slapeloos doorbracht is licht
te begrijpen. Des anderen daags bezocht ik het
eenige familielid, dat ik nog op deze wereld bezat.
Het was een nicht van mij, die met een ambtenaar
was getrouwd. Wij hielden van elkander en aan
haar vertelde ik, wat mij was wedervaren, maar ik
verzweeg haar, wat mijn plan was. Ik zeide haar,
dat een samengaan met mijn chef verder onmoge
lijk was, dat ik den dienst wilde verlaten en mij
naar Amerika begeven. Ik vroeg haar of zij mij
voor dat doel eenige honderden thalers kon leenen.
Zij ging haar man op zijn bureau bezoeken en
kwam spoedig met een bevestigend antwoord terug.
Nu ging ik direct naar de commandeerenden gene
raal, bad hem om mijn ontslag en verzocht hem om
redenen, die ik niet nader kon uiteenzetten, mijn
verzoek nog veertien dagen te willen geheim hou
den. Hij beloofde het mij. Een kalme rust was over
mij gekomen, ik kon het zelf niet begrijpen, dat ik
een zoo ernstige gebeurtenis in mijn leven zoo rustig
kon opnemen.
Na veertien dagen kwam de rose geparfumeerde
brief van Gravin Louise, waarin zij mij verzocht op
de bekende plaats van samenkomst te willen komen,
daar zij mij iets zeer belangrijks had mede te dee-
len. Zij ontving mij met klaagtonen en diepe smart,
doch zonder daarop te letten, haalde ik een zak
lantaarn onder mijn mantel te voorschijn en lichtte
daarmede achter een der kolommen van de groote
hal.
„Wat moet dat beteekenen?" riep zij met ontzet
ting.
„Ik zoek slechts Graaf Y., antwoordde ik, „ah,
daar is hij, achter de zuil verscholen, juist zooals
voor drie weken."
„Ik ging direct op hem toe, lichtte in zijn bleek
gelaat en zeide verder:
„De arme bloed kon wel door een jong meisje,
die standplaats heeft gekozen op het erf naast
het café van den heer Jansen, morgenavond een
gala-afscheidsvoorstelüng gegeven, waarbij als
hoofdnummer op het witte doek zal worden ge
bracht „De Zanger van Sevilla" een bijzonder
fijn geteekende film, die ons laat lachen, maar
ook diepe ontroering wekt.
Wij willen nu eens afwijken van den regel om
een inhoudsbeschrijving te geven. Men moet nu
zelf door aanschouwing maar eens oordeelen, of
wij teveel hebben gezegd, met. te beweren,, dat
de Directie met de mooiste en iheest hoogstaande
films komt.
Hierin kan men genieten van schitterende zang
en bijzonder fijn ge teekend spel, waardoor het 'n
lust is de afwikkeling van deze rolprent te vol
gen.
En ook nu zeggen wij weer niets te veel, want
het is de bekende en door vélen geliefde Ramon
Novarro die hierin de hoofdrol vervult.
Ook het bijprogramma is met zorg samenge
steld, en geeft weder de bekende zoo beschaaf
de films te aanschouwen.
Uit de rondgebrachte strooibiljetten heeft men
reeds kunnen lezen dat de aanvang is bepaald
op 8.30 uur nieuwe tijd, zulks ten gerieve van
hen die zich aan den ouden tijd( houden.
Tenslotte zouden wij de bioscoopliefhebbers nog
willen opwekken, om evenals den vorigen Zon
dag hun schreden naar deze inrichting te wen
den en in'rustige rust te genieten van al het
goede en mooie dat daar geboden wordt. Zij is
het ten volle waard en de Directie moge hierin
zien een waardeering van dat goede en mooie.
Voor nadere bijzonderheden verwijzen wij naar
de advertentie, na ér nog speciaal de aandacht
op te hebben gevestigd, dat men morgenochtend
zijn plaatsen reeds ,kan bespreken.
Oudkarspel.
A.s. Zondag zal jd°°r onze sportclub „Onder
ling Genoegen" wederom een tijdrit worden ge
houden over een traject van 90 kilometer.
Vertrek des morgens half tien vanaf de Ros-
kambrug.
Uit den Omtrek
Alkmaar.
Reeds zeven dagen heeft de groote geluidsfilm
„Ben Hur" in het bioscooptheater „Victoria" te
Alkmaar geloopen en wel met zoon overweldi
gend succes, dat de Directie over moest gaan,
tot het voor een week prolongeeren van deze
film, die uitmunt door de massaregie.
Zij, die het boek Ben Hur hebben gelezen,
zullen bij aanschouwing van deze rolprent ont-
waern, dat hier een schitterende levende oopie is
gemaakt van deze geschiedenis uit ver achter
ons liggende tijden.
Wij waren reeds eerder in de gelegenheid deze
film in het theater Tuschinski te Amsterdam te
zien en vol spanning, vol overgave houdt) men
de oogen gericht op de schitterende fotografieën,
die voor ons verrijzen.
Heeft men deze rolprent nog niet gezien, wij
zouden willen aanbevelen, brengt een bezoek aan
het Victoriatheater, want de film is het) meer
dan waard.
Voor nadere bijzonderheden leze men de adver
tentie voorkomende in dit nummer.
Koedijk.
.De alhier gehouden cabaret-avonden ten bate
van het plaatselijk crisiscomite hebben een batig
saldo van ruim 75 gulden opgeleverd.
dat hij hartstochtelijk beminde, gedupeerd wor
den, maar wanneer het een man is, dan zal hij zich
weten te wreken!" waarop ik hem een klap in
het aangezicht gaf.
„Wild sprong hij op, en was hij niet in civiel
geweest, hij zou mij met zijn sabel ongetwijfeld
hebben afgestraft, maar nu schreeuwde hij met van
woede verstikte stem:
„U weet zeker niet, dat hij, die zijn meerdere slaat,
eenzaam wordt Opgesloten."
„U is niet meer mijn meerdere, sinds heden mor
gen heb ik mijn gevraagd ontslag in den zak, ik
ben burger geworden en verwacht morgen meer van
U te hooren. En mij toen tot de op een bank neer
gezonken, haar gelaat door beide handen bedek
kende, Gravin wendende, zeide ik: „Gij, eerlooze,
schaamtelooze vrouw, u wil ik den raad geven met
uw nieuwen geliefde geen gelijk spel te spelen als
met mij, het zou kunnen zijn, dat gij er dan niet
zoo goed afkwaamt als dezen keer, voor mijn wraak
hebt gij niet te vreezen, omdat ik u veracht in het
diepst van mijn ziel." Na deze woorden verwijderde
ik mij.
„Nog dienzelfden avond werd het officierencorps
bijeen geroepen, het gebeurde met Graaf Y. me
degedeeld en eenstemmig was men van oordeel,
dat hij met mij zou moeten duelleeren.
„Het duel vond den volgenden morgen plaats, het
geluk was mij gunstig, ik kreeg slechts een lichte
wonde, doch mijn kogel trof mijn tegenstander
midden in het gelaat, zoodat hij nederstortte. Ik
moet helaas bekennen, dat ik zonder eenig berouw
de kampplaats verliet een uur later was ik reeds
op weg naar Parijs. Van Parijs ging ik naar Bor
deaux, waar ik mij naar Amerika inscheepte. En
hiermede is mijn verhaal ten einde."
„Voortreffelijk! Uitstekend! Het slot was uitmun
tend!" „riep de novellist begeesterd uit, „een zoo
hoogst belangrijke stof had ik stellig zelf niet kun
nen verzinnen; hoe dankbaar ben ik u, dat u mij
veroorlooft deze te benutten."
„Als titel zet u er dan boven: „Falsehood, thy
name is woman."
„Zeer goed: Onoprechtheid, je naam is vrouw,"
vertaalde Fiedler, waarmede hij te kennen wilde
geven, dat hij Engelsch verstond. „Heden avond nog
zal ik aan het eerste hoofdstuk beginnen."
Arme organist, had maar nooit dit besluit ge
nomen, nooit dit verhaal gehoord, dan zou het ook
niet uw ongeluk zijn geworden.
De waard bracht nieuwe flesschen, de glazen wer-
NEDERLANDSCHE SPOORWEGEN.
De loonsverlaging.
De hoofdbesturen van de vijf organisaties van
spoorwegpersoneel zullen as.. Dinsdag een bijeen
komst houden ter bespreking van het gewijzigde
voorstel van de directie der Nederlandsche Spoor
wegen inzake de loonsverlaging.
DE SCHATGRAVERIJ TE ZAANDAM.
Ontevredenheid onder de Zaiandamsche werklttozen
In overeenstemming met het opgemaakte pro
gramma, zijn zooals we met een enkel woord reeds
meldden, de werkzaamheden met de schatgraver!)
te Zaandam gisteren begonnen. Hoewel ten ge
meentehuize een terreinteekening is ingeleverd,
waarop precies is aangegeven, waar de schat moet
begraven liggen, zijn toch op drie plaatsen boringen
verricht waaruit afgeleid zou kunnen worden, dat
men toch niet zoo heel zeker van de zaak is. De
werkzaamheden worden met groote belangstelling
gevolgd. Voortdurend staan veel toeschouwers voor
het hek van de oude begraafplaats, om de geheim
zinnige bezigheid gade te salan.
Tot de beweegredenen die er toe geleid hebben,
opnieuw vergunning tot de sChatgraverij te geven,
behoorde ook, dat daardoor weer eenige Zaandam-
sche werkloozen een stuk brood konden verdienen.
Het is nu echter gebleken dat de arbeiders, die de
ingenieurs bij hun werk ter zijde staan van buiten
zijn gekomen en in dienst zijn van de firma die de
hulpmiddelen heeft geleverd. Over de aanneming
van vreemde krachten heerscht eenige ontstemming
vooral onder de werklooze Zaandamsche arbeiders.
Madame Sylvia heeft zich nog steeds niet laten
zien.
EEN LASTIG GEVAL.
Dood verklaarde juffrouw meldt zich bij den
Burg. Stand.
Gisterenmiddag vervoegde een juffrouw zich aan
een der loketten van den Burgerlijken Stand aan
den Singel te Amsterdam, die te kennen gaf, dat zij
haar papieren in orde wilde laten maken, aldus
lezen we in de „Msb."
De ambtenaar ging tusschen de paperassen zoe
ken en wie schetst zijn verbafeing toen hij ontdekte
dat de bewuste vrouw bij hem ingeschreven stond
als overleden. Dit was in Januari van dit jaar reeds
geschied.
Het was voor den ambtenaar een lastige geval en
teneinde raad belde hij de politie op, om nadere
inlichtingen. De politie begon toen onmiddellijk
haar bescheiden na te zien en na eenig zoeken
kwam inderdaad aan het licht, dat zij de betref
fende juffrouw als verdronken had opgegeven aan
den Burgelijken Stand. Het lijk werd in Januari uit
den Buitensingel opgehaald en pertinent door den
wettigen echtgenoot en eenige familieleden van de
vrouw herkend. Ter verduidelijking moet hier wor
den bijgevoegd, dat de vrouw reeds geruimen tijd
van haar man gescheiden leefde.
Om zich nu wettelijk van haar man te kunnen
scheiden, wilde de vrouw nu bij den burgerlijken
Stand haar papieren in orde laten maken.
De taak van de politie, om na te gaan wie er dan
wel verdronken is, is niet erg gemakkelijk, daar er
reeds na de begrafenis een half jaar verstreken is.
Tet eenige hoevast, voor haar schijnt de sprekende
geijkenis, tusschen de levende en de verdronken
vrouw.
DE RAMP VAN DE PHILIPPAR.
Messagiers weigert schadevergoeding.
Degenen, die ten gevolge van de ramp der „Ge
orges Philippar" lichamelijk letsel hebben bekomen
en de nagelaten betrekkingen van hen, die bij deze
ramp het leven verloren, zullen van de Messageries
Maritimes, wier eigendom het schip was geenerlei
schadeloosstelling ontvangen, tenzij de rechtbank in
anderen zin zou beslissen.
Een vertegenwoordiger van de „Daily Herald"
den gevuld, men stootte aan en men dronk op de
gezondheid der beide Amerikanen.
Heinrich en de jonge Tanner spraken zeer onder
houdend met elkander, en het bleek, dat zij weder-
keerig elkander niet ongenegen waren.
„Is het u, mijnheer Tanner, zooals zoo velen, ook
zoo gegaan, dat u van onder af uw carriere moest
maken?" vroeg de predikant.
„Wie zonder vermogen en zonder aanbevelingen
daar heen gaat, moet dat steeds. Duizenden gaan
in den maalstroom van het leven onder, slechts
weinigen vinden hun weg. Mij is het geluk van den
beginne af niet ongunstig geweest. Misschien heb
ik dat wel aan mijn persoon te danken, ik was li
chamelijk goed ontwikkeld, had een opgewekte na
tuur, en ik beschouwde den arbeid als het eenige
middel om vooruit te komen. Van Bordeaux reisde
ik naar Montevideo. Nadat de rest van mijn kleine
som was verteerd, gelukte het mij in een hotel een
betrekking te krijgen als kellner. Ik bleef er jaren.
Ne eene oneenigheid met de eigenaar van het
hotel vertrok ik naar Buenos-Ayres, waar ik werd
aangesteld als copist bij een zaakwaarnemer, een
makelaar. Van hier, waar het mij heelemaal niet
beviel, belandde ik in het hart van Argentinië, in
Cordova. In het begin ging het mij heel slecht en
voor de eerste maal leerde ik hier pas den nood
kennen. Maar spoedig veranderde mijn toestand. Ik
kwam bij een lijdenden ambtenaar van den Burger
lijken Stand, dien ik een tijd lang moest vervangen
en ik moest zelfs, nadat hij was gestorven, zijn
ambt waarnemen. Toch zou deze betrekking over
mijn toekomst beslissen. Tusschen Cordova en Bue
nos Ayres bestond een levendige handel. Een koop
man uit de laatste stad had zich met een dochter
van een zakenvriend in Cordova verloofd en trad
met haar in het huwelijk, voor welk doel ik de
trouwacte moest opmaken. Ik schreef een zeer goede
hand, hij informeerde naar mijn omstandigheden
en vroeg mij of ik lust had met hem naar Buenos
Ayres te gaan om daar een betrekking te aanvaar
den in zijn zaak. Wie was gelukkiger dan ik? Een
flink salaris werd mij toegezegd. Zoo kwam ik
weder in de stad terug waar ik reeds eenmaal was
geweest, won het vertrouwen van mijn patroon,
werd procuratiehouder, bekwam een aandeel in de
zaak, huwde met de zuster van mijn principaal,
werd zijn compagnon en toen hij stierf bestuurde
ik de zaak geheel alleen. Helaas moest ik mijn fa
milieleden, behalve mijn kleinzoon daar, overleven.
Mijn eoon, zijn vrouw, meerdere kleinkinderen zijn
heeft een onderhoud gehad met den juridischsn
adviseur der maatschappij, die verkaarde, dat de
maatschappij elke aanspraak van dien aard van tic-
hand zal wijzen. „Wij waren zelfs niet verplicht"
aldus de rechtsgeleerde raadsman, „de overlevenden
naar Frankrijk terug te brengen. Wij hebben dit
slechts gedaan op grond van moreele overwegin-
gen. De wet verplicht ons tot niets." Hij gaf toe,
dat de wet, waarop de maatschappij zich zal beroe
pen, dateert uit den tijd van Lodewijk XIV, toen er
uiteraard nog slechts zeilschepen bestonden. De
betreffende wet is als art. 216 opgenomen in het
Fransche wetboek van koophandel.a
Ook de heer Rastoul, de te Marseille zetelende
directeur der maatschappij, verkaarde dat geen
schadeloosstelling kan worden uitgekeerd. „Wan
neer de passagier zijn passagebiljet koopt", zoo zette
hij uiteen „wordt daardoor een soort contract door
hem gesloten. In dit contract wordt verklaard, dat
geen maatschappij verantwoordelijk wordt gesteld
voor verliezen, schade of eenigerlei ander gevolg van
zee- of oorlogsgevaren. De maatschappij behoudt
zich ook het recht voor, elke verantwoordelijkheid
van de hand te wijzen met betrekking tot verkeerde
handelingen of nalatigheid van den kapitein, den
loods, andere leden der bemanning of opvarenden
aan -boord van haar schepen onder welke omstan
digheden het ook zij."
VERSCHE VISCH NAAR FRANKRIJK.
Het contingent uitgeput.
Een officieel bericht uit Parijs, meldt, dat het
contingent versche visch, dat in het 2de kwartaal
van 1 April tot 30 Juni in Frankrijk uit Nederland
mocht worden ingevoerd is uitgeput.
Dientegevolge is de invoer tot en met 30 Juni
stopgezet.
Burgerlijke Stand
Gemeente OUDKARSPEL.
If.*."
(Ingeschreven ojver de maand Mei 1932.)
Geboren: Guutrudis Antonia, dochter van Cor
nells Molenaar en Trijntje Danenberg. Catharina
Maria, dochter van Theodorus Rijkes en Margare-
tha Loos. Annie Minke, dochter van Pleter Rus
ten burg en Feddigjen Duyf. Jan, zoon van Cor
nells Willem Eradus en Neeltje Kapitein. Hessel
Wijbe, zoon van Klaas Hoekstra en Geertje Dijkstra
Overleden: Ariaantje Joman, 76 jaar. Marie
Jes, oud 15 jaar, overleden te Alkmaar.
Ondertrouwd: Cornelis Brusus, 28 jaar, korporaal
machinist te den Helder, en Maria Petronella Dek
ker, 26 jaar.
Getrouwd: Martinus Dekker, 24 jaar, tuinbouwer
te Heerhugoiwaard en Maria Cornelia Dudok, 21 jaar
Adrianus Johannes de Wit, 29 jaar, tuinbouwer
te Warmenhuizen en Maria Engelina Prins 27 jaar.
Cornelis Jonker, 23 jaar, wissellooper te Schagen
en Maria Biesboer, 21 jaar. Cornelis Brusus en
Maria Petronella Dekker.
Loop der bevolking over de maand Mei.
Ingekomen personen:
J. Kalverdijk en gezin van Zuidscharwoude. naar
B 106. H. Rentenaar en echtgenoot® van Haren
karspel naar A 237. P. Meester van Harenkarspel
naar Koogpolder D 35. G. A. Zeeman van N.euwe
Niedorp naar A 190. J. Peijs van Zijpe naar
Spoorstraat A 19. A. Bakker van Barsingerhorn
naar A 356. K. Stam en echtg. van Zuidschar
woude naar Laanweg D 16.
Vertrokken personen: M. C. Dudok van A 112
naar Heerhugowaard. P. Duyf van A 288 naar
Castricum. M. Bierboer van A 230 naar Schagen
F. van Straaten en gezin van A 151 naar Noord-
scharwoude. M. P. Dekker van Kroonstraat B 57
naar Den Helder. J. de Ruiter van A 155 naar
Warmenhuizen. W. Ooijevaar van A 377 naar
Wognum.
SINT PANCRAS.
Burgerlijke Stand over de maand Mei 1932.
Geboren: Hendrik, zoon van Arend van Dijkhui
zen en Helena Elizabettha Schut.
Vertrokken personen:
K. v. d. Wal en gezin, naar Schiebroek. F.
allen voor mij heen gegaan. En eigenaardig, hoe
ouder ik werd, des te grooter verlangen kreeg ik
naar mijn vaderland. Nog voor mijn dood er heen
te kunnen gaan, was mijn eenige wensch. Ik kan
niet zeggen, dat het mij toenmaals zeer in Buenos
Ayres beviel. Mijn kleinzoon sprak ik zoo dikwijls
over het schoone Duitschland, dat ik ook in hem
de lust opwekte naar Europa te gaan. Sinds vier
weken wonen wij nu in de residentie; maar het
stille, luie leven bevalt ons beiden niet, wij moesten
weder iets te doen hebben. Op onze rondreizen in
de omgeving ontdekten wij hier een gunstig terrein
voor het stichten van een fabriek.
„Een enkele vraag nog," zoo wendde Fiedler zich
tot Tanner, moet u mij nog veroorloven, „heeft
u nooit meer iets van Gravin Louise gehoord?"
„Niet veel," antwoordde Mr. Tanner, „toen ik het
geld had opgespaard, dat mijn nicht mij had ge
leend, het was toen ik nog kellner was, zond ik het
haar terug en verzocht haar mij te schrijven, wat
zij wellicht over Gravin Louise nog wist mede te
deelen. Zij antwoordde mij omgaand en deelde mij
mee, dat Graaf Y. niet dood was, dat hij reeds lang
weder was hersteld, maar dat de eens zoo knappe
man tengevolge van het schot zoo verminkt was
in het gelaat, dat hij er afschuwelijk en afschrik
wekkend uitzag, Het huwelijk met Gravin Louise
was niet doorgegaan, de laatste had met haar
vader, nadat hij den staatsdienst had verlaten, zich
naar Italië begeven. Tegelijkertijd deelde mijn nicht
mij mede, dat haar hartewensch vervuld was en
dat de Hemel haar een dochter had geschonken.
Langen tijd daarna schreef ik haar nog eens weder
maar ik ontving geen antwoord. Vele jaren waren
heengegaan, ik was in dien tijd een welgesteld man
geworden, en nog eenmaal schreef ik een brief aan
mijn nicht. Ik verzocht haar mij haar toestand vol
ledig bloot te leggen, en of ik voor haar kinderen
iets kon doen. Ik informeerde verder naar deze en
gene bekende, vertelde haar mijn geheelen levens
loop en ^rachtte verder nog eenige inlichtingen m
te winnen omtrent Gravin Louise."
Heinrich hief plotseling het hoofd op; het laat
ste gedeelte van de vertelling van den Amerikaan
had hem getroffen en zijn belangstelling gaande
gemaakt. Hoe kon hem dit gedeelte bekend
althans, het scheen, dat hij dit reeds eerder hnfl
gehoord. En op eenmaal wist hij het: Deze brief
had hij onder de nagelaten brieven van zijn vader
gevonden.