Zuster Anna
Uit den Omtrek
De oplossing
Beperking der Werkloosheid door
verkorting van den Arbeidsduur
Plaatselijk Nieuws
Ondkarspel.
Zooals reeds aangekondigd hield de sportclub
,td. G." Op Zondag 12 Juni een onderlinge
tijdrit over 15 ronden in totaal 70.5 kilometer.
Begunstigd door heerlijk zomerweer werd door
de jongens gestart ongeveer half tien. Die ge
kozen weg was nu juist niet schitterend, te
noemen. Het warme weer had hierop wel eenigen
invloed en maakte den weg hier en daar mul en
los. Niettegenstaande dat werd er zeer goed
gereden. De snelste rijders bereikten een gemid
deld tempo van plm. 33 kilometer per uur, wat
zeer zekef vlug is te noemen, op een dergel-ij
ken weg, met tamelijk wat bochten, waarvoor
steeds moest worden ingehouden.
De zware weg liet zich echter gelden op en
kele renners, die na ongeveer 9 ronden gereden
te hebben, moesten opgeven. Vervolgens nog een
lekke band, zoodat nog slechts door twee renners
werd doorgereden.
Dit was zeer jammer, daar hierdoor de span
ning voor de renners en publiek tamelijk was ver
minderd. Na de 12e ronde gaf wederom een
renner op en werd de rit na de 13e ronde gestaakt
daar van Zijl nog maar alleen reed.
Voor dezen nog jeugdigen renner een prach
tige prestatie.
Wij hopen dat O. G. ons dezen zomer nog
op eenige tijdritten moge vergasten en de belang
stelling hiervoor nog grooter moge zijn. De me
dewerking van het publiek zal zeker de rege
ling zeer in de hand werken, wat ook jl. Zondag
in alle opzichten werd gewaardeerd
Breek op Langendijk.
De vorige week Maandag vergaderde ons plaat
selijk crisiscomite, van welke vergadering in dit
blad een kort verslag werd opgenomen.
Uit dit verslag is in de eerste plaats gebleken
wat in de afgeloopen maanden is verricht, wat
door ons comité is kunnen worden verstrekt en
hoe de gelden hiervoor zijn verzameld.
Het zal dunkt ons ieder lezer hebben getrof
fen dat de opbrengst van het eenvoudige Zater
dagmiddagbusje zoo'n groot bedrag is geweest.
Voor degenen, die het over het hoofd hebben
gezien, willen wij het bedrag hier nog even noe
men. Het was tot 31 Mei f805.971 of meer dan
de helft van onze totale ontvangsten. De macht
van het kleine treedt hier weer zeer scherp naar
voren en het is ons doel om hierop bij onze in
gezetenen nog eens extra de aandacht te vestigen
Laten wij toch met dit eenvoudige middel van
inzameling toch niet verslappen, ook niet in de
zomermaanden, maar laten wij allen medewerken
om in dezen zomer nog iets te sparen, opdat wij
in het aanstaande winterseizoen weer iets heb
ben om te geven aan diegenen, die door. den
nood der tijden het zwaarst worden getroffen.
Ieder doet dat natuurlijk naar de mate van
zijn kunnen, maar als wij in dieni geest allen
meewerken, dan kan een vrij groote som worden
bijeengebracht. Dat is in de afgeloopen maanden
zeer duidelijk gebleken.
'Wij brengen daarvoor dank aan de gevers en
ook aan de kinderen, die zoo trouw eiken Zater
dagmiddag met het busje zijn rondgegaan.
I Wij besluiten met een vriendelijken oproep
aan onze ingezetenen om allen zooveel mogelijk
mede te werken om zij het ook misschien met. een
klein bedrag mede te werken aan het groote doel
om elkanders lasten te dragen.
Broek op Langendijk, den 13 Juni 1932.
HET, QOMITE.
Noordseharwonde.
Beeds meermalen hebben wij de loftrompet ge
stoken over hen, die op zoo schitterende wijze
hebben medegewerkt en nog medewerken om den
naam van den Langendijk op kunstgebied met
gulden letteren te doen schrijven.
Vele, zeer vele lauweren zijn reeds geoogst
en nog steeds is geen einde gekomen aan den
stroom van onderscheidingen, die „moeten" wor
den toegekend als blijk van groote verdienste.
Zoo is het ook nu weer.
Zondag jl. heeft het R. K. Fanfarecorps „Ge
not door Kunst" onder leiding van den heer H.
Maas in de eere-afdeeling op het Groot R.
K. "Provinciaal Concours, gehouden te Haarlem
weer een prachtig succes behaald, namelijk: een
len prijs in den Concertwedstrijd met 391 pun
ten met lof der Jury. In den eerewedstrijd be
haalde het corps het hoogst aantal punten over
het geheele concours over beide secties, harmo
nie en Fanfare, met 201 punten maximum 210
punten.
Aan directeur en leden onze welgemeende fe
licitatie.
- Ondkarspel.
N.V.V. 3—D'.TB. 3. 2-9,
Zondagmiddag trok het derde per fiets naar N.
Niedorp om N.V.V. 3 te bekampen. Oijevaar was
zoo welwillend vlak voor het vertrek der spelers
afbericht te geven. Jonkers was daarna dadelijk
bereid in te vallen.
Even over half drie fluit de scheidsrechter
de elftallen op tot den strijd. Di.Tl.iS. komt met
het volgende elftal in het veld
J. Otsen
M. Vriesman, J. Rootjes
J. Kuiper A. de Wilj P. KJruijer
P. Kuilman, O. KJuilman, N. Jonkers, Jo Carnas,
G. Zeejnan.
Uit deze opstelling blijkt, dat de keeper,, links
back en de geheele voorhoede uit adspiranten
bestaan.
N.V.V. is versterkt met 3 spelers uit het 2de.
Nieuwe Niedorp won de toss en D|.T.S| trapt,
tegen zon af.
D.T.I3. zit er dadelijk, ondanks het warme weer
flink op en heeft reeds spoedig succes door een
schitterendd schot van den linksbuiten 01.
Na een goed opgezette aanval maakt de rechts
binnen het tweede doelpunt, door den bal in het
doel te loopen. 02.
N.V.V. niet ontmoedigd pakt flink aan en
heeft succes als Otsen een kalme bal ijskoud door
zijn handen laat loopen. 12.
Na nog eenige wederzijdsche aanvallen fluit
do scheidsrechter rust.
Hoewel D.T.S. een kleine voorsprong had zou
waarschijnlijk niemand gedacht hebben, dat zoo'n
groote nederlaag voor N.V.V. was weggelegd.
Na de rust ontwikkelt zich weer een vlug spel.
Reeds spoedig jaagt de linksbinnen het derde
doelpunt voor D'.T.S. in het net. 13.
Daarna is de beurt weer aan N.V.V. die Ot
sen voor de tweede maal het nakijken geeft. 23.
Daarna komt D.T.S. pas goed los en de stand
wordt opgevoerd" tot 29. De midvoor nam
er 1, de rechtsbinnen 1 en de linksbinnen. 4 voor
zijn rekening.
De ploeg heeft over het geheel genomen, een
schitterenden wedstrijd gespeeld, wat wel uit
den uitslag blijkt. De voorhoede was verreweg
het beste deel van de ploeg. N.BA 5, zegge en
schrijve vijf adspiranten.
De linksback moet er zorg voor dragen bij de
aanvallen niet steeds terug te loopen, terwijl de
rechtshalf nog wel eens terdege mag trainen.
Het behoeft geen betoog, dat het derde van
D'.T-iS. in uitstekende stemming huiswaarts trok
PIGBJA
De Burgemeester van Alkmaar jubileert
Het 121/g-jarig jubileum van burgemeester
"Wendelaar van Alkmaar, die tevens voorzitter
is van de Ver. van Ned, Gemeenten, werd Za
terdag in Alkmaar op grootsche wijze herdacht
De Raad kwam des middags in een buitenge
wone zitting bijeen om den jubilaris te huldi
gen. De zaal was geheel met genoodigden, on
der wie leden van het huldigingscomite, oud-
raadsleden, burgemeesters en secretarissen van om
liggende gemeenten en de hoofdambtenaren van
de verschillende takken van gemeentedienst.
De loco-burgemeester, de heer J. Westerhof,
hield een rede, waarin hij de verdiensten van den
burgemeester voor Alkmaar schetste en deed
uitkomen, wat onder zijn beleid op sociaal en
economisch gebied voor Alkm'aar tot stand was
was gekomen en kwam en er met nadruk op
wees, dat de burgemeester zijn woord bij zijn
installatie gesproken, dat hij er naar zou stre
ven, om de achterstand, die in Alkmaar in de
oorlogsjaren was ontstaan, zou trachten in te
halen, voor het grootste deel had ingelost.
Het verkeersvraagstuk werd onder zijn be
leid terdege onder handen genomen; scholen en
bruggen werden gebouwd en in de twaalf en
een half jaar-periode vermeerderde Alkmaar met
204G woningen. Ook de verhouding tusschen
Alkmaar en de buitengemeenten werd -'steeds
vriendschappelijker en spr. uitte den wensch,
mr. Wendelaar nog vele jaren de onbetwiste
kapitein van het schip „Alcmaria" zou blijven.
Hierna voerde de nestor van den raad; het
woord; de heer D. Govers, die de vriendschappe
lijke gevoelens van den Raad jegens den burge
meester vertolkte. Namens het gemeente-perso
neel sprak dr. Mol, directeur van den Keurings
dienst voor Waren, die belichtte, hoe het' ge-
meentepersoneel, in al zijn schakeeringen, in den
Durgemeester den rechtvaardigen chef ziet, tot
wien het, ook met zijn persoonlijke nooden kan
komen.
I Als stoffelijk blijk van waardeering bood hij
den burgemeester twee blauwe Djelftsche bor-
uen aan, waarop voorstellingen van de Waag
en het raadhuis, benevens een opdracht van
wie deze geschenken afkomstig waren.
De voorzitter van den Raad \had de burge
meester de hoogste onderscheiding van Je ge
meente, de groote gouden medaille 'aangeboden,
terwijl de nestor van den 'Raad, den jubilaris
had vereerd met een zilveren 'theeblad, waarop
de wapens van de fam. 'Wendelaar en van Alk
maar waren gegraveerd.
Na dr. Mol voerde in Raadszaal namens de
hoofdambtenaren de heer van de Vegte het woord,
die als stoffelijk blijk een album aanbood, met
de gemeentegebouwen, die tijdens het bestuurs
beleid van mr. Wendelaar tot 'stand zijn geko
men. -
De Kamer van Kpophandel bood leenige keu
rige boekensteunen aan.
Ook huldigde de gemeentesecretaris mr. Koel-
ma den burgemeester als een ^persoonlijkheid,
met wien prettig valt samen te werken.
Een aardig moment was de verschijning van
het kaasdragersgilde in het gildecostuum, welk
gilde bij monde van den heer Wolzak' den bur
gemeester op rijm huldigde en hem een groot
bloemstuk met twee Alkmaarsche kaasjes aan
bood.
Bloemstukken waren voorts ingekomen van
de vereeniging van Ned. Gemeenten, het Gemeen
tebestuur van Heiïoo; en dat van Limmen; be
nevens bloemstukken van tal van Alkmaarsche
corporaties. Die gemeente Bergen vereerde mr.
Wendelaar een ets, van den bekenden Berger
etser, G raadt van Roggen.
Mr. Wendelaar dankte alle sprekers. Djaarna
had in de trouwzaal vanhet raadhuis! de hul
diging namens het comité uit de burgerij plaats.
Die voorzitter van dit comité mr. G.(' B. van
der Feen de Lille was de tolk van de gevoelens
der burgerij en bood den burgemeester de tee-
kening aan van het ontwerp van den monumen
tale lantaarn, ontwerp van den architect Krop
holler te Wassenaar, welke lantaarn met een
toepasselijk opschrift op het kerkplein bij de
groote kerk geplaatst zal worden. Hierop volgde
een zeer druk bezochte receptie.
Des avonds werden concerten in den muziek-
tuin gegeven, waarna de brandweer den burge
meester een serenade met fakkellicht bracht en
eenige verlichte spuitdemonstraties gaf op het
voormalig gemeentelijk bolwerk.
Het feest eindigde met een schitterend vuur
werk. (Handelsblad.)
Er is tegenwoordig zoo heel veel, waar ik
niet t>ij kan, niet vermag te begrijpen. Dat zal
ten Jeele wel liggen aan mijn zeer beperkt in
zicht, alsmede aan de verwardheid van ons te
genwoordig economisch bestaan.
Zoo nu en dan pleeg ik notitie te nemen van
politieke redevoeringen, die van zgn. kopstukken
dan. Dat is in vele gevallen interessante lectuur.
Zoo trof me in een redevoering, gehouden ter
verdediging der door de regeering gevolgde cri-
sispolitiek, deze passage (vrij weergegeven):
,tMen diene te bedenken, dat het vermogen van
do Overheid beperkt is. Wat mogelijk is, wordt
gedaan. En onze agrariërs hebben zeker geen re
den tot klacht, de cijfers spreken in dezen een
duidelijke taal. Immers, wordt aan den land
en tuin douw nu reeds een stenu verleend, die te
stellen is op het enorme bedrag van 150 milli-
oen gulden.
Dat bedrag van 150 millioen aan steun, aan
land- en tuinbouw, hoe zit dat toch?' Ik weet
wel van een credietverleening door de overheid
aan onzen Noordhollandschen tuinbouw tot een
bedrag van 700.000 gulden.
Van steun aan andere tuinbouwcentra is mij
niets bekend.
Als men dan ook spreekt van 150 millioen aan
steun aan land- en tuinbouw verleend, verklaar
ik er niets van te begrijpen.
Natuurlijk heeft de politicus gelijk, men be
hoeft aan de juistheid van het cijfer niet te twij
felen.
Echter vermeen ik, dat het juister ware, van
steun aan den landbouw alleen te spreken.
Als ik beweer: Henri Ford en „Had, je me
maar" hebben samen een bom duiten, dan meen
ik niet te jokken, doch als ik zeg: schrap je de
laatste, dan geeft zulks op het totaal bedrag geen
noemenswaardig verschil, geloof ik duidelijker
en vollediger te zijn.
Zoo zie ik de kwestie van de 150 millioen.
Hier kan tot heden dan de tuinbouw
gevoegelijk buiten beschouwing blijven.
De tuinbouwer vraagt allen dag: Zuster Anna
ziet ge nog niets komen? En de gedienstige An
na roept nog iederen dag: ik zie nog wel niets,
doch ik hoop, zelfs groote hoop.
Nog hoop ik óp toeslag voor de bewaarkool.
Doch als ze dat zegt, verraadt het niet onvrien
delijk gezicht een zekere trek van zorg.
Ze hoopt verder op het tweede millioen.
Hebben Gedeputeerde Staten geen hoopvol
voorstel gedaan, om gemeenten, ./daartoe zelf niet
bij machte, bij te springen, teneinde haar deel in
het crediet te kunnen storten?
En dan het stuk in de „Nieuwe Rotterdam -
sche Courant" zelfs opgenomen in het Weekblad
Zoo wordt gehoopt, gewacht en nog eens ge
wacht. 1
Onderwijl roept de akker om nijvere handen,
die nu gedwongen rusten, en werken de tuin
bouwers en kleine boeren boven hun krachten.
Vandaag is me eenig licht in deze zaak opge
gaan.
Niets kan ik melden over den toeslag, nocl/
over het tweede millioen. Ja toch, dit weet ik,
dat den Haag en Alkmaar waar de zetels zijn
van de organisatie niet ophouden en steeds
weer vragen, wanneer dat tweede millioen be
schikbaar komt.
Dat is vandaag publiek gezegd door den voor
zitter van „St. Jozef" de veilingsvereeniging
te Medemblik.
„Ik hoor zoo dikwijls de klacht dat onze be
sturen zeker niet hard genoeg werken. Diati is
niet aangenaam en vooral niet als men weet,
dat het tegendeel het geval is."
Aldus de heer Schoenmaker van Medemblik,
bij gelegenheid van de eerste veiling, Maandag
13 Juni gehouden.
Ook sprak hij van de kwestie der garantieprij
zen en deel'de mede, dienzelfden morgen bericht
te hebben gekregen uit den Haag, in het belang
van de tuinders te willen zorgen, vooral nauw
keurig te boeken de hoeveelheden en product
soorten, alsmede de gemaakte prijzen, aangezien
de mogelijkheid bestond, dat er bij te geringe
opbrengst een bedrag zou worden beschikbaar ge
steld.
Dat is alles wel heel vaag, doch' geeft toch
eenig houvast.
Te Medemblik was men van meening, dat de
bedoeling in den Haag zou voorzitten, het veilen
en verzenden te laten doorgaan ge.woon en goed
enkele regelende bepaling te maken. Blijkt dan
achteraf, dat de gemaakte prijzen beneden pro
ductiekosten zijn gebleven, dan zou van staats
wege worden gesupleerd.
Het was naar de meening van de veilings-
menschen aldaar ondoenlijk een dusdanige prijs
regeling te treffen, die niet belemmerend op den
gang van zaken zou werken.
Stel eens, de regeering bepaalde een minimum
prijs voor vroege aardappelen. Hoe hoog moet
die zijn?
In de tweede plaats kan zich het geval voor
doen, dat de eene week slecht is, en een volgende
beduidend beter uitkomst geeft, ja zelfs zeer
bevredigend is. Wat moet nu gebeuren?
Het tekort van week A zal ik! maar zeggen,
bijpassen en de winst van week B, weer inhou
den 1
Hoe zou men een aardbeien-, een boonen- een.
tomatenprijs moeten vaststellen?
Wie is in staat een regeling voor bloemkool
van te voren vast te leggen, een artikel inzon
derheid voor de Streek van overwegend belang
Eu het is daarom naar de meening van de
voormannen „om de oost" dat men eerst na
verloop van eenigen tijd, als men een overzicht
over het geheel heeft verkregen, of van een deel
er toe wil overgaan de te vergoeden bedragen
vast te stellen.
Een nogal ingewikkelde geschiedenis.
Maar bij eenig nadenken lijkt de gevonden
oplossing" als ik dit zoo eens noemen mag
zekerheid is er allerminst niet onmogelijk.
IIET PLAN KEEGSTRA.
Door J. MEIJER Azn.
Directeur van het Centraal Bureau vooir Verificatie
en financieele Adviezen der Vereenijpng van
Nederlandsche Gemeenten.
Kort na het nemen van de in ons vorig artikel
genoemde besluiten, werd in de Tweede Kamer der
Staten-Generaal door Dr. J. v. d. Tempel een inter
pellatie gericht tot den Minister van binnenlandsche
Zaken en Landbouw, waarbij als punten IV en V
het volgende werd gevraagd:
Is de Regeering bereid het vraagstuk van de wet
telijke regeling der 40-urige arbeidsweek aanhangig
te maken bij Met Internationaal Arbeidsbureau?
Is de Regeerinig bered langs den weg van overleg
met belanghebbenden, eventueel door wettelijke
maatregelen, te bevorderen, dat ln de bedrijfstakken,
waar de omstandigheden dit practisch uitvoerbaar
maken, bij middel van verkorting van arbeidstijd
het aantal te werk gestelde arbeiders wordt uit
gebreid?
Is de Regeering bereid, ter bevordering van werk
verruiming en werkverschaffing, een algemeene
regeling te treffen ten aanzien van bijdragen van
Rijkswege in de kosten van door gemeenten tot het
verschaffen van werkgelegenheid te ondernemen
werken?
Met de Regeeringsverklaringen, welke hierop
volgden, nam Dr. J. v. d. Tempel geen genoegen.
Hij diende 3 moties in, Waarvan het resultaat even
wel was, dat zij werden verworpen!
Zoo komt dus het vraagstuk van de verkorting
van den arbeidsduur allereerst door economische
noodzakelijkheid in de onderneming zelve naar
vorende ondernemer is in tal van gevallen genoopt
zijn toevlucht tot dezen maatregel te nemen. De
crisis leidt er evenwel toe, dat ook in de kringen
der arbeiders uit algemeene overwegingen aandacht
aan het vraagstuk geschonken wordt; opheffing
van de wanverhouding tusschen productievermo
gen en verbruik door wettelijke regeling van de
40-urige arbeidsweek en door het van regeerings-
wege bevorderen langs den weg. van overleg met
belanghebbenden, dat het aantal te werk gestelde
arbeiders wordt uitgebreid bij middel van verkorten
van arbeidstijd. Maar wat dqaarbij niet ter sprake
kwam van het loonpeil.
Verlaging van loon.
In het maandblad „De Gemeente-financiën" van
10 Januari '32 wordt echter in een artikel van den
heer Keegstra deze kwestie wel besproken. De schrij
ver bepleit beperking van den arbeidsduur, ten einde
de werkgelegenheid te verruimen en het daardoor
mogelijk te maken nieuwe arbeidskrachten aan te
stellen. Maar aangezien daaruit verhooging van
kosten voortvloeit, meent de schrijver, dat het
nadeelige gevolg van den genoemden regel zal kun
nen voorkomen indien de werknemers bereid zijn
bij de instelling van den verkorten arbeidstijd ge
noegen te nemen met eenige vermindering van hun
arbeidsinkomsten. Hiertoe zullen zij bereid zijn
meent hij indien zij weten, dat de verkorte ar
beidstijd gepaard zal gaan met een evenredige uit
breiding van het personeel der onderneming. Of dit
laatste zoo positief gezegd kan worden, mag worden
betwijfeld, ook al is de hoop niet uitgesloten, dat
éénmaal de noodzakelijkheid van dezen maatregel
zal worden ingezien. Het spreekt vanzelf, dat de
vakvereenigingsbesturen een groote kracht in die
richting kunnen uitoefenen. Het zou inderdaad een
daad van groote beteekenis zijn. De schrijver meent,
dat het niet noodig zal zijn. dat de bonden tegen
over dergelijke plannen even afwijzend staan als
tegenover de voorstellen tot loons- en salarisver
minderingen zonder meer, omdat bij de verkorting
van den arbeidsduur, ook al gaat die gepaard met
vermindering van het arbeidsinkomen, de loon- en
salarisbasis niet wordt aangetast. Bovendien %ou
het naar de meening van genoemden schrijver niet
noodig zijn het totale arbeidsinkomen per week of
per maand in dezelfde mate te verminderen, als de
arbeidsduur, omdat de voorwaarde zou kunnen wor
den gesteld, dat de overheid tijdelijk, bij de invoe
ring een bijdrage verleent aan het bedrijf voor
eiken werknemer, die als direct gevolg van de ar-
beidsvermindering wordt aangesteld. Aldus weet de
werknemer, die het opheffen van de werkloosheid
niet alleen op hem wordt verhaald, maar dat daartoe
ook door den belastingbetaler naar billijke verhou
ding wordt bijgedragen. En de overheid heeft daar
voor middelen beschikbaar in den vorm van vrij
komende ondersteuningsgelden. M.a.w. de thans voor
werkloozenuitkeering beschikbare gelden zullen dan
dienen om deels de door den schrijver bedoelde bij
dragen aan de onderseming te verleenen.
De schrijver geeft dan met enkele voorbeelden
aan hoe het plan kan worden uitgewerkt en be
veelt het aan bij de overheidsorganen en bij allen,
die invloed hebben bij de overheid en bij de vak
organisaties.
Een belangwekkend voorstel.
De hoofdgedachte en de strekking van het plan
verdienen alleszins waardeering. Hoewel het tot
stand komen van de samenwerking tusschen de be
langhebbenden ongetwijfeld op vele moeilijkheden
zal stuiten, mogen pogingen om in de aangegeven
richting werkzaam te zijn, niet uitblijven, wil men
de verdere uitbreiding van de werkloosheid zooveel
als mogelijk is trachten te verhoeden. Zoo deze
zaak niet terstond en flink wordt aangepakt, is de
ellende in de naaste toekomst niet te overzien.
Moge dan daarbij, vooral van de Overheid, een
krachtig initiatief uitgaan en zij bereid gevonden
worden het loon- en salarisvraagstuk met de volle
medewerking der daarbij betrokken werknemers- en
werkgeversorganisaties onder de oogen te zien, dan
kan op den gezamenlijk vast te stellen grondslag
het plan van verkorting van arbeidsduur met een
zekere vermindering van loon gepaard gaande, uit
gewerkt worden.
De Overheid geve daarbij zelve het voorbeeld. Zij
breke met het tot dusver gevolgde stelsel van ont
slaan en op wachtgeld stellen, dat in de eerste jaren
toch geen noemenswaardige verlichting geeft en
maar al te dikwijls het trage functionneeren van
den dienst in de hand werkt. Zij verkorte daaren
tegen den arbeidstijd en stelle voor het verrichten
van den arbeid in den vrijgekomen tijd werkloo-
zen aan, zij het dan in lossen dienst. Op die wijze
werkt zij mede aan de beperking van de werkloos
heid en aan het op peil houden van de volkskracht.
Voor de openbare kas zullen daarvan de voordeelen
niet uitblijven.
Moge dan spoedig algemeen het nut van verkor
ting van den arbeidsduur, teneinde tot beperking
van de werkloosheid te komen, wórden ingezien en
maatregelen worden beraamd om te trachten het
hiervoren besproken denkbeeld te verwezenlijken.