Langs den weg
Raedtpraet
Binnenlandsch Overzicht
„Noordermarkibond"
SINT PANCRAS
DE SPREKENDE FILM VAN SINT
PANCRAS.
ZUIDSCHARWOU HEEFT HET
VERKORVEN.
HET CRISISsCOMITE KRIJGT EEN
SINTERKLAAS CADEAUTJE.
VELDWACHTER DE BOER WORDT EEN
SCHRIKBEELD VOOR DEN
AUTOMOBILIST.
WETHOUDER VAN KAMPEN CONTRA
BOON EN BIEZEVELDT.
Door een wat ongewone verre plaatsing
van de perstafel, zien we de heeren, door een
paar opengeschoven suitedeuren, als een
schilderij in lijst, of krijgen den indruk van
een spekende film, waarbij alleen te betreuren
valt, dat de auteurs, mogen zij dan al vol®
doende „photogénique" zijn, met steeds het
vereischte stemvolume blijken te willen of
kunnen ontwikkelen. Een bekend ingezetene,
op de publieke tribune aanwezig, moest zelfs
meermalen over de balie leunen, om een en
ander naar behooren te volgne, en zou het
ons eigenlijk niet verbazen, wanneer bij sup®
pletoire Begrooting geregeld zou worden de
aanschaffing van een luidsprekerinstallatie.
Dit zou dan weer een tegenpost zijn van de
overschotjes op de kwade posten, die, naar
de glundere gezichten van de heeren te oor®
deelen, een echtsgewaardeerde Sinterklaas®
verrassing waren.
Zooals we in ons praatje over Zuidschar®
woude al schreven, verwachtten wij, dat de
houding van deze Raad, in St. Pancras nog
wel even besproken zou worden. Met de
vereischte ernst releveerde de Voorzitter het
genomen besluit, en critiseerde de geste van
de Zuidscharwouder Edelachtbaren. Met
sippe gezichten hoorden de Raadsleden den
spreker aan, en is nu op den beroemden
Twuyverweg wel van toepassing de zegs®
wijze, van „het glas en de plas en de zaak,
die bleef zoo ze was." Want nu in diverse
Raden uitvoerig de overname besproken
wordt, zijn we nog nèt even ver.
Inmiddels geven wij den Langedijker cor®
respondent van de Alkmaarsche Courant
graag gelijk, als hij het wenschelijk acht, dat,
evenals bij de Begrooting van de Lichtbedrij®
ven een besluit wordt genomen, wanneer drie
van de vijf gemeenten zich er vóór verkla®
ren. We hebben nog geen eindDe plarn
nen tot het vormen van een Syndicaat tot
het bouwen van paalwoningen langs den
Twuyverweg (omdat er anders geen twee®
derden bebouwd komt, doordat er niet eens
zooveel grond langs den weg ligt; wat
indertijd schijnbaar over het hoofd
gezien is) schijnen nog in rudimen®
tairen vorm te zijn. Zoodat één der Zuid
scharwouder Raadsleden waarachtig nog wel
gelijk kon krijgen, toen hij beweerde, dat bij
het overnameplan tenminste het onderhouds®
bedrag „vast" stond. Want wat zullen de
heeren zeggen, als St. Pancras èen een eenigs®
zins „gepeperde" nota indient?
Wie dacht dat het Sintpancrasser Crisis®
comité was ingesluimerd vergist zich.
De heeren van het Werkcomité hebben
ze*fs een dusdanige activiteit betoond, dat bij
een persoonlijke bespreking in den Haag van
het Nationaal Crisiscomité een gift in natura
van f 800.verkregen werd, als het plaatse®
lijk comité f 200.— in de „groote" kas stortte.
Practisch kwam het dus hierop neer, dat een
gift van f600.netto verkregen zou kunnen
worden. Dat dit punt nog veel discussie zou
opleveren, hadden we eigenlijk niet verwacht.
Lr bleek voor enkele heeren nog een prin®
cipieel kantje aan te zitten. Zuiver gerede®
neerd, moeten we ook werkelijk Wethouder
van Kampen en meneer C. Duif volkomen
gelijk geven, als zij van oordeel zijn, da: een
crisiscomité, waarvan de bedoeling is ge®
weest, dat het van particuliere giften bestaan
zou niet bij de Gemeente behoort aan te
kloppen. We zullen geen oude koeien uit de
sloot halen, maar gelooven, wanneer het Cri®
sis®comité zich eens wendde tot plaatselijke
vereenigingen van alle richtingen, voor het
organiseeren van eenige ontspanningsavon®
den, desnoods met „bal na" voor de „iink®
schen" en „niet®neutraal" voor de andersden®
kenden, er ook nog wel wat „opgeschom®
meld" zou zijn. Inmiddels is nu de kloof tus®
schen „crisis®comité is particulier" en „ar®
menzorg is overheidszorg" alwéér kleiner ge®
worden, en is alweer bewezen, dat theorie en
practijk twee verschillende dingen zijn.
Hoofdzaak blijft voor ons, dat er nu „gehol
pen" zal worden waar het dan ook vandaan
komt en het is in Wethouder van Kam®
pen te prijzen, dat hij, blijkbaar om practi®
sche overwegingen, een tegenstander vóór®
stemmer werd. Aanmerkingen op de verdee®
ling blijven er altijd, maar de heeren van het
werkcomité kennen de bevolking wel zóó van
haver tot gort, dat de billijkheid betracht zal
worden, en we kunnen hen niet anders dan
van harte feliciteeren met het behaalde re®
sultaat.
Laten we ons niet in de kwestie van de
„benadeelde" benzinehandelaren maar niet
verdiepen. Het is altijd te probeeren. Lukt
het dan lukt het, en lukt het nietbest ge®
daan is genoeg gezorgd. Waarbij we niet wil®
len beweren, dat de heeren geen schade heb®
ben geleden. Maar we blijven „neutraal"
Wist je vroeger veel van maximumsnel®
heid? Als de hondensnor met de melkbussen
voorbijratelde, zeiden we: „Hard gaat is",
en de dillekriek „vloog" langs den weg. Maar
met de „stoomwagen" van notaris Bax uit de
Wieringerwaard kwamen ook de „werkelij®
ke" snelheden langs den weg, al reed het
ding ook niet harder dan een 20 K.M. per
uur, en toen meneer Gerbrand Eecen hier
een dertig jaar geleden met de eerste automo®
biel over de keien hobbelde, („Jasper en Me®
raike zullen hier in Noordscharwou op 10
December wat méér van vertellen) moet me®
nig eenvoudige ziel den ondergang dezer
booze wereld voorspeld hebben. En we
draaien nog, en prakicizeeren erover, om door
de stratosteer in één dag van Rotterdam
naar iNew®Vork vice versa te vliegen, wat
nu eigenlijk zoo'n gróót wonder ook weer niet
is, omdat er vooral de laatste jaren, al heel
wat naar de maan gegaan zijn, wat toch nog
een aardig stukje verder uit de buurt is.
Waarmee we maar hebben willen aantoonen,
dat snelheid „betrekkelijk" is. In Sint Pancras
gaan we verhoogen van 20 op 30 K.M. Meneer
M. Duif vond 20 K.M. „hard zat". Wij ook.
Maar maak 't ze maar wijs. Ze doen 't toch
niet.
En we hebben een rotsvast vertrouwen op
onzen ijverigen politieman, gezien het feit,
dat deze titularis met de chronometer dage®
lijksch geoefend heeft, en zelfs tijdens de
raadszitting met ernstig gelaat, een Schuur®
man en Jordens®editie zat te bestudeeren, en
naar wij aannemen zijn theoretische kennis
van de Motor- en Rijwielwet op zoodanig peil
gebracht heeft, om wanneer noodig den
verrasten delinquent te kunnen toebulderen.
„Kijk ik heb je. Dertig®en®een®halve Kilo®
meter". Je bent er gloeiend bij."
Meneer Muurlink was van oordeel, dat de
raadsleden geen automobilisten zijn. Was het
nu geen grandieose oplossing geweest, wan®
neer de geheele Raad na afloop der plechtig®
heid een tochtje met één der vrachtauto's van
den heer Wit gemaakt had, om zich van de
aard van diverse snelheden te overtuigen?
Jan Wit had dan wat ruim mogen rekenen,
ter vergoeding van de afwijzende beslissing,
dan had hij er tenminste nog wat aan ver®
diend. Blijft alleen de onvermijdelijke be®
keuring van de Boer, op grond van artikel
zooveel „zijnde een vierwielig motorrijtuig
niet voor personenvervoer ingericht."
Bemerken wij nog, dat de „bekende inge®
zetene", na het discours over de maximum®
snelheid van het tooneel verdween, waaruit
wij alzoo concludeeren, dat de aankoop van
een nieuwen wagen er wel niet vreemd aan
zal zijn.
Aan den anderen kant weten we ook eer®
lijk gezegd niet, waar de man het vandaan zal
moeten halen, daar het hier niet onzen open®
baren dorpspaedagoog betreft, die nogal „op
de praat" is, door den aankoop van een
mooien wagen, welks onderhoud, naar men
zegt, bestreden zou worden uit een cummu®
latie van functies, waaraan een bijzondere
vriendschap met den ex®burgervader van
Koedijk, annex werk®verschaffer", niet
vreemd zou zijn. Laat ze maar praten, mees®
ter, en denk maar: „Dat is de kift." Geen
weldenkend mensch, zal het je in zijn hart
kwalijk nemen, dat je 't aanneemt. Maar de
kruiwagen heeft wel een héél erg groot wiel
gehad, dat meneer Kikkert een dusdanig
„ruim" gebruik van zijn ambtelijke bevoegd®
heid heeft gemaakt. Een arbeidsbemidde
ling" is 't niet geweest. We zullen er in deze
rubriek niet op ingaan. Maar dat Burge®
meester Kikkert even „fout" is geweest, dat
zijn we eens, nietwaar?
We hebben onze blaadjes weer vol; want
de leeningen zijn noodig, en de heeren waren
het eens. De ondergrondsche kabel is tegen®
gevallen, en Wethouder van Kampen gaf lang
geen malsche critiek, wat de werkzaamheden
van de adviseurs betreft. Enfin, als je f 10000
verdient, moet je je maar wat laten aanleu®
nen nietwaar? Vermelden we nog, dat de heer
J. Kunst, het bekende Oudorper Raadslid, en
verslaggever van het Noordhollandsch Dag®
blad, op deze zitting zijn blad voor het laatst
vertegenwoordigde wegens vertrek naar Lim®
burg. We zullen dezen vriendelijken, hulp®
vaardigen collega slechts noode missen.
J. OBSERVER.
HET STEMPELLOKAAL.
(Alle rechten voorbehouden).
('n Levensliedje).
Daar zie 'k ze weer staan, bij het stempellokaal.
Ze wachten gedweë op hun beurt.
Ze hebben geen hoop, en ze weten geen raad,
Ze hangen daar maar, tot de deur opengaat
En dan schuiflen ze heen, en ze stempelen weer,
En dan gaan ze weer wèg.tot den volgenden keer. -
Er zijn er die zwijgen, die zijn al zóó ver,
Dat stempelen, wérk voor hen is,
Maar daar staat een kérel, die praat van zijn werk
Dat vroeger hij deed, en hij voelt zicli weer stérk.
Herinnering aan arbeid.het doet sorcis zoo goed.
En hij vloekt dan het lot, dat hem stempelen doet.
De vrouwen, die thuis zijn, zij trachten nog steeds
Met het weinige geld, véél te doen,
Zij reek'nen en hopen, het komt nog wel goed,
En sommigen spreken den stempelaar moed
„Je moet nog eens zoeken, 't wordt beter misschien"
Maar niet heeft hij later heur tranen gozien
En nog zijn er menschen, die zeggen, dat hij,
Die niet werkt, ook niet arbeiden wil,
Ze spraken van „luiwammes", zien op ze neer
Met liefdeloos oordeel Och, zeg het niet; meer!
Bezoek eens het stempellokaal, zi.e eens goed
En dank God, dat je zelf nog niet stemp elen moet.
Er is een mensch gestorven. Voor het
gróóte huis, rolt stil de statige koets aan
zwijgend wordt een kist erin gedragen, de
kransen aan weerszijden van het rijtuig be®
vestigd, volgkoetsen rijden voor. Familieleden
stijgen in, met moeite hun gevoelens verber®
gend, tot zij in de koets, onbezien zich aan
hun smart kunnen overgeven. De plechtige
stoet stelt zich in beweging, en dra is de
laatste rustplaats bereikt. Het was een goed
mensch, hij die heenging, een werker, een
man, die wat beteekende in de wereld, en
zich in zijn laatste oogenblikken nog had kun®
nen troosten met de gedachte, dat hij voor
zijn gezin gestreden had, en het naar men®
schelijke berekening, niet onverzorgd ach®
terliet. En de achterblijvenden achtten het
hun dure plicht, den afgestorvene door een
plechtige begrafenis, bloemen en kransen,
klokgelui en afscheidswoorden, de laatste eer
te bewijzen.
Er is wéér een mensch gestorven.Voor I
het kleine huisje zetten dragers een baar neer.
Een kist wordt zwijgend uitgedragen, op de j
baar geplaatst, en overdekt met een zwart j
kleed. Familieleden stellen zich op achter de
baar, met moeite hun gevoelens verbergend, j
tot zij dit niet meer kunnen. De stoet s te.lt j
zich in beweging en dra is de laatste rust® j
plaats bereikt. De dragers doen hun plicht, i
misschien méér nog dan anders, als ze voe® j
len, dat de wijze van ambtsvervulling nog
eenigszins kan aanvullen, wat hier ontbreekt.
Het was een goed mensch, hij die heenging,
een werker, een tobber voor zijn gezin, één j
uit de massa, en die zich in zijn laatste oogen®
blikken misschien met vertwijfeling heeft at® j
gevraagd, wat er van de zijnen zou worden.
Èn de achterblijvenden zouden óók graag j
den afgestorvene een plechtiger begrafenis, j
met het statige rijtuig en een enkele volg® i
koets gegund hebben, hem óók graag de laat®
ste eer bewezen hebben. Maar er was geen
geld, dus kon het niet.
De dood is rechtvaardig. Hij spaart jong
noch oud, rijk noch arm. Waarom maken de
menschen dan die onrechtvaardigheid?
Waarom standsverschil, zelfs wanneer het
nog slechts een zielloos overschot betreft?
Dit zijn van die momenten in het leven, die
een eenvoudig mensch niet begrijpt.
Gr.
Het lot van de provinciale rechtbanken
en de landelijke kantongerechten.
Geen verlaging van het peil van het
IJsselmeer. Jachtdrama's Allerlei.
Aan het behoud van de provinciale rechtbanken
en van de landelijke kantongerechten zijn vaak
groote plaatselijke- of streekbelangen verbonden.
Zoo is het te verklaren dat hier en daar geweldige
acties zijn ontketend tegen het voornemen van den
minister van justitie om niet minder dan zeven van
de bedoelde rechtbanken en 48 kantongerechten te
offeren aan deiK bezuinigingsgod. Met groote be
langstelling zal daarom op vele plaatsen zijn of
worden kennisgenomen van het voorloopig verslag,
uitgebracht op het desbetreffende wetsontwerp van
minister Donner. Welnu, bedoeld voorloopig verslag
is niet anders dan vernietigend. Als in zulk voor
loopig verslag gesproken wordt van „zeer vele leden"
dan moet men daaruit verstaan, dat de meerderheid
der betrokken af deeling hier wordt aangeduid.
Welnu, zeer vele leden hebben het ontwerp van mi
nister Donner „gelegenheidswetgeving van de slecht
ste soort" genoemd. Zij hebben met nadruk betoogd,
dat de voorstellen van den minister vitale belan
gen bedreigde en zij hebben geëischt, dat het ont
werp zou worden teruggenomen.
Men kan nooit weten tot wat in deze dagen een
nadrukkelijk beroep van de regeering op den nood
toestand kan leiden, maar objectief bezien, staan de
kansen van minister Donner om tot opheffing der
zeven provinciale rechtbanken en van 48 kanton
gerechten te geraken, zéér slecht. Zoodat er hier
en daar reden zal zijn tot verheugenis en herleving
van hoop.
Niet zoo bemoedigend is het gesteld met de zaak
der Noord-Hollandsche en andere boeren, die be
lang hebben bij een lager peil van het IJssel-meer.
De inpoldering der Zuiderzee zou voor hen een groot
voordeel hebben beteekend, als deze mede gebruikt
zou zijn geworden voor de ontwatering van hun
gronden. Het is voor Waterstaat een kleinigheid om
dartoe te geraken, maar Waterstaat heeft er niet
alles over te zeggen. Er is ook nog een Departement
van Oorlog, of: van Defensie eigenlijk. Oorlog
schrijft voor het IJsselmeer een bepaald peil voor,
hetwelk moet bevorderen, dat zoo noodig een
deel van Hloland geiiinundeerd, dus onder water
gezet, moet kunnen worden. En al is er thans geen
sprake van een oogenblikkelijk dreigend oorlogsge
vaar, tóch heeft de minister van Defensie gemeend
weigerachtig te moeten blijven tegenover verzoe
ken om alsnog vergunning te geven tot een ver
laging van het peil van het IJsselmeer.
Het jachtseizoen verloopt van het jaar al heel on
gelukkig. Een paar maal zijn er al ernstige onge
lukken voorgekomen. Op het einde der vorige week
is bij Varik weer een advocaat gedood, doordat zijn
eigen geweer per ongeluk afging.
Ernstiger nog komt ons het gebeurde te Egmand
voor, waar een konijnenstrooper, die overigens niet
gewapend was, werd doodgeschoten door een jacht
opziener. Men tracht dien jachtopziener nu te ex-
cuseeren met verwijzing naar zijn zenuwen, welke
hem al zoo dikwijls parten zouden hebben gespeeld.
Zoo iemand moet dan toch voor het 'vak als onge
schikt worden beschouwd. De zenuwachtige jacht
opziener zelve verklaart bovendien, dat hij uit nood
weer zou hebben gehandeld, maar eerstens was de
strooper, zooals we reeds zeiden, ongewapend, en
tweedens werd deze door het schot getroffen in het
dikste deel van zijn dij, datbij de meeste men
schen van achteren zit.
We benijden geenszins de taak van politiedie
naren. Hun ambt is ondankbaar en gevaarlijk,
maar daarom juist moet men er flinke kerels voor
uitkiezen. Er zijn er teveel in functie, die alleen
maar flink kunnen zijn met hun revolver. Als ze
zich dan eens te verantwoorden krijgen over het
gebruik of misbruik van hun wapen, dan heet het
zoo vaak, dat ze zich bedreigd hebben gevoeld in
een positie, welke een gewoon mensch als bijzonder
gevaarlijk kan herkennen. Of wel: hun revolver is
per ongeluk afgegaan en de kogel trof al weer
per ongeluk een zeer kwetsbare plek van het
slachtoffer, terwijl hij in de lucht en ter waar
schuwing heette te zijn afgeschoten! We herinneren
hiermee aan een paar bekende processen uit den
laatsten tijd.
Vooral van een dienaar van het recht mag wor
den geëischt, dat hij van de hooge waarde van een
mensch«ïleven overtuigd zij, en daarvan ook blijk
geve. De rechtbank heeft dezer dagen een af
schuwwekkend moordbedrijf berecht. Een 18-jarige
jongen, afkomstig uit een eenvoudig, maar streng
geloovig gezin, vermoordde te Onstwedde met be
hulp van een 21-jarigen vriend, zijn ouden groot
vader, teneinde dezen van een paar gespaarde gul
dens te berooven. Zij hebben weken het plan voor
bereid en meerdere personen wisten van de voor
genomen uitvoering, zonder dat iemand er van
kikte. De medeplichtige van den hoofddader had
zich zelf voor het luguber werk aangemeld. Hij was
kwaad geweest op zijn vriend, omdat hij van het
plan uit den mond van anderen had moeten ver
nemen! De jongens hoorden 15 jaar gevangenisstraf
tegen zich eischen.
Het is alles wel een triest beeld van de moderne
ontaarding der jeugd.
Bestuursvergadering van den Noordermarkt
bond, gistermiddag in het bëtaalkantoor.
Afwezig de heer Swager wegens ongesteldheid
Die voorzitter, de heer Ootjers, heet bij de ope
ning allen welkom, inzonderheid den eere-voorz.
den heer S. Brugman, welke deze vergadering
mede bijwoont. Verder hoopt de voorz. op een
spoedig herstel van den penningmeester, Spr.
memoreert den nog steeds slechten toestand in
hei tuinbouwbedrijf, ook nu gaat het met de
kool al weer zeer slecht. Omtrent dein tuinbouw
steun is spr. pessimistisch gestemd.
Die secretaris leest de notulen der vorige be
stuursvergadering, welke ongewijzigd worden
gesteld.
Die omzet heeft in September 75.583 gulden
bedragen en "in October 76.147 gulden.
Ingekomen is het accountantsrapport over het
le halfjaar 1932, waaruit blijkt dat het beheer
van den penningmeester in orde is geweest. Het
nadeelig saldo bedroeg 3.434 gulden. Hiet rapport
wordt voo rkennisgeving aangenomen.
Besloten wordt met de fa. van d. Hoorn een
abonnement aan te gaan voor de geregelde con
trole van het afmijntoestel
Van de veiling Purmerend en omstreken een
verzoek om adhaesiebetuiging aan het adres aan
de Prov. Commissie waarin aangegeven is dat de
minimumprijzen veel te laag zijn en daardoor
overname van onverkoopbare producten door de
Prov. Commissie geen steun aan den tuinbouw
be teekent en integendeel door middel' van het
half procent hooger marktgeld van de tuinders
nog een offer wordt gevraagd. Aangedrongen
wordt op een hooger bedrag dan 100.000 gulden
Voorz. toont eenige onjuistheden aan en acht
den maatregel van de provincie zeer sympathiek
Naar aanleiding van dit punt wordt gewezen
op het feit, dat er alle kans is dat de producten,
welke door de provincie worden overgenomen,
buiten den rijkssteun zullen vallen. Hieruit zou
volgen dat dan toch eigenlijk niets naar de pro
vincie zou moeten gaan, want,' dit kan slechts
schade voor de tuinders zijn. Naa naanleiding
hiervan wordt een breedvoerige bespreking gehou
den welke tot resultaat heeft, dat op de a.s.
vergadering der Prov. Commissie aan de orde zal
worden gesteld de vraag of het niet gewenscht
is, zoolang de tuinbouwsteunwet werkt, de mi
nimumprijzen buiten werking te'stellen.
De voorz. deelt mede dat een voorraad zilver
uienzaad beschikbaar is en verzoekt! de aange
sloten vereenigingen dit ter kennis van hun leden
te brengen en eventueels bestellingen op 'te ne
men.
Door den marktbetaalmeester is met het oog
op de groote drukte aan) het (kantoor wegens
de steunwet, verzocht, den leden te mogen be
kend maken, dat met ingang van 5 December
niet wordt uitbetaald, wat in de loopende kalen
derweek is geveild. Eerst Maandagmiddag wordt
begonnen met de uitbetaling van het geveilde
in de voorgaande week, desgewenscht kan men
een voorschot krijgen.
Het bestuur besluit op dit verzoek in te gaan
Naar aanleiding van opmerkingen over het niet
handhaven van minimumprijzen voor aardappelen
wijst de voorzitter erop, dat deze voor aardap
pelen nooit hebben bestaan. Wel is een poosje be
proefd om deze op 1 gulden te handhaven, wat
echter niet ko:n worden volgehouden. Voorstel
len voor de vergadering van de Prov. Commissie
zullen behalve hetgeen reeds besloten is, niet
worden ingediend.
Aan de orde is thans een algemeens bespreking
over de a.s. tuinbouwsteunwet. Gememoreerd
wordt het geringe bedrag, het bestuur verwacht
dat hierdoor de steun van geringe beteekenis zal
zijn en de hoop wordt uitgesproken dat de
commissie nog een weg zal weten te vinden om
ook te steunen de producten,, die den minimum
prijijs niet hebben opgebracht.
Mede wordt gesproken over de noodzaak om
de koolteelt in te krimpen,wat weliswaar een
zeer moeilijk punt is ,maa rwaaraan toch onze
organisaties hun aandacht aan dienen te schenken
Bij de rondvraag komen nog een paar meer
ondergeschikte punten in bespreking en wordt
nog besloten den marktbetaalmeester te verzoe
ken in de marktberichten ook aan te geven de
onverkoopbare hoeveelheid.
De eere-voorzitter de heer Brugman zegt dat
hem, ondanks de uiterst moeilijke omstandighe
den, getroffen hééft de amicale en prettige geest
op deze vergadering. Spr. hoopt spoedig weer
vergaderingen te mogen meemaken in betere tij
den Die voorzitter vraagt en verkrijgt mach
tiging ,om behoudens bij ingrijpende voorstellen
den 'bsechrijvingsbrief de ralgemeene vergadering
Provinciale commissie te behandelen met het Da
ge lijksch bestuur. Hierna sluiting.