KLEINE COURANT 't Vliegend Blaadje voor HelderTexel, Wierlngen en Anno Paulowna DE VIOOLSPELER, No. 3487 Woensdag 18 Juli 1906. 34ste Jaargang. Bureau: Spoorstraat. Teief. 59. Bureau: Konlngetr. 29. Intere.-Telef. 50. Abonnement Vliegend Blaadje p. 3 m. 50 et, fr.p. post 75 ct., Buitenl. f 1.25 g Zondagsblad 37*45 0.75 Modeblad 55»»»» 80» 0.90 Muzik. Bloemlezing »»»60>»»>85» 0.90 Voor 'k Buitenland bjj vooruitbetaling. VERSCHIJNT DINSDAG- EN VRIJDAGMIDDAG. Uitgevers: BEEKHOUT Co., te HELDER. Bureaux: Spoorstraat en Koningstraat. Aavertentlftn van 1 tot 4 regels25 Cent. Elke regel meer6 Be wy «-exemplaar2l/« Vignetten en groote letters worden w A.lvertentiën moeten uiterlijk des DINSDAGS- en VRIJDAGSMORGENS vóór 10 uur aan de Bureaux bezorgd zijn Uit het Buitenland. Indien er ééne zaak is die de gemoederen van dniseoden in beweging hield in heel Frankrijk en daarbuiten dan is bet zeker de Dreyfus-zzak geweest. Eindelek is dan het laatste bedrjjf van het treurspel afgespoeld en is de man die zooveel heeh ondergaan, door het Hof van Cassatie geheel in sjjn eer hersteld. De alotsin van het vonnis lnidt: (Het Hof) .overwegende dat van de beschuldiging tegen Dreyfua niets blijft bestaan •dat derhalve geen verwijzing behoort te worden uitgesproken; vernietigt hot vcroordeelend vonnis tverklaart dat door dwaling en ten onrechte haait.plaats gehad. ,en gelaat de openbaarmaking van dit vonnis in vjjftig dagbladen, ter keuze van Dreyfua". Maar men is verder gegaan in Frankrijk. De volksvertegenwoordiging heeft dat eer herstel nog duidelijker willen doen uitkomen. Minister Etienne diende in de Kamer de voorstellen in tot het herstellen in actieven dienst in het leger van Dreyfns en Picquart, de eerste als escadrons-ohef, de laatste als brigade*gaaeraal, beiden met het Legioen van Eer. Het voorstel werd met luid applaus begroet en de legeroommissie uit de kamer verklaarde zich er met algemeene stemmen voor. Mocht ook al bij de uitspraak van het Hof van Cassatio do belangstelling al zeer geria$«jjn geweest ma de saak in de kamer kwam, werden de hoofden weer warm. De kleine party die ondanks alles, nog altjjd niet van Dreyfns onschuld weten wil, keek met vlammende oogen de linkerzijde aan om te zien wat er volgen zon. En het onweer brak los. De afgevaardigde AUemane noemt gene raal Mercier, onder wie Dreyfns' veroordeeling plaats vond en- die nog altyd volhoudt goed te hebben gehandeld, >den schavuit die in den 8enaat zit". De afgevaardigde dePréssenié vroeg of een bende misdadigers als die de schold waren van Dreyfns' veroordeeling, langer ia het leger mochten blijv.. en W schuldigde voorts naast Mercier, Boudeflre, Qonse en anderen. De afgevaardigde Conti verweet de regeering dat zjj de officieren laat beleedigen, waarop de onderstaatssecretaris Sarraut hem een klap in 't gelaat gaf. Toen dacht president Briaeon seker dat het woer wel toekon, want Laaies vloog naar de linker zijde en de minister van oorlog moest door zyne vrienden gekalmeerd worden. Brisson zette den hoed op en hief daarmee de zitting op. Na de hervatting der zitting werd het ontwerp met -478 tegen 42 stemmen aange nomen. Meo< ziet het, slechts een heele, heeie kleine-minderheid verzat zich nog. Generaal Mercier, die altyd dreigde te spreken en die door vriend en vijand s daartoe uitgedaagd en aangezet werd, heeft ook niets gedaan. Toen het wetsont werp tot herstel van Picquart en Dreyfns en hunne bevordering,, in den Senaat (le kamer) in behandeling kwam, protesteerde hy tegen de behandeling door het Hof van Cassatie. Hy vond de wyze van prooesvaering niet in den haak, de rechters daar hadden on mogelijk hot heel dossier kunnen bestndeeren, hy bleef bjj sjjn eerste overtuiging enz. maar nieuwe dingen bracht hy niet. De minister legde nadrnk op het feit dat een man ver oordeeld werd op stukken, die hy niet heeft gekend. Toen Mercier weer wilde spreken, werd hem dit door rumoer belet. De Senaat nam het ontwerp op het wederindienststellea etc. van Dreyfas aan -mat 183 tegen 80 stemmen, dat betreflende Picquart met 186 tegen 26 ■temmen. Onder de ledsu van bet ministerie schynt geen eenstemmigheid te heerschen over de houding die dient aangenomen tegenover generaal Mercier. Minister Clemencau ver liet de zitting van den ministerraad een was zeer opgewonden. In de kamer gingen ■temmen op om de generaals die in de Dreyfussaak een rol hebben gespeeld voor raad aan het Legioen van Eer te en de Sennat heb De kamer (belasting») politiek hebben de regeering keurd en do zitting van beide regeerings- lichamen is daarop gesloten verklaard. Uit Rusland weinig nieuws. De comman dant van het Zwarte-zee-eskader, admiraal Tsjoeknin, is op zyn buitengoed bjj Sebasto- pol verradelyk doodgeschoten. De daders waren in matrozen-uniformmen brengt den moordaanslag in verband met het doodvonnis tegen luitenant Schmidt, dat indertyd door den admiraal werd bekrachtigd. In RnasUcho regeeringskringen gelooft men dat deze moord een reactionnaire uitwerking aal hebben op de beslissingen van den Csaar. Niet alleen tusschen Doe ma en Ry kwaad bestaat ver wijdering doch ook in den boezem van het kabinet is men het onoenB. Goremykin heeft meegedeold dat een viertal ministers hun ontslag hobben gevraagd. De kaïis op een ministerie uit de Doemaleden is weer verminderd men gelooft alleen nog dat een ministerie zal gevormd worden waarin eenige gematigde leden der Doema sullen zitting hebben. De in Warsohau vervrachte troebelen zyn niet gekomen. Wel zyn alle Joodsche winkels gesloten en is het verkeer op straat gering, doch ongeregeldheden vielen tot hiertoe niet voor. De Hamburgsche burgerschap heeft een door den Senaat voorgesteld wetsontwerp aau- genomen volgens hetwelk aan oude ambte naren en arbeiders in dienst van de stad een jaarlyksoh pensioen van minstens 200 mark wordt verzekerd. Do onderhandelingen tusschon Frankryk en Zwitserland over een te sluiten handelsver drag zyn afgesprongen. Er bestaat kans dat de onderhandelingen over het tolverdrag tnsschen Servië en Oosterijk-Hongerye spoe dig weer sullen worden hervat. Nieuwstydingen HELDER, 17 Juli 1906. Inkwartiering. Bljjkeus aankondiging van Burgemeester en Wethouders is de herziene iukwar- tieriugsljjst ter Secretarie dezer gemeente voor een ieder ter inzage nedergelegd. Men behoeft zich echter niet ongerust te maken, dat men in de komende dagen een paar ongenoodigde logeergasten zal hebben te ontvangen. De aankondiging betreft slechts een jaarljjks terugkeerende formaliteit. De luitenant ter zee 2e kl. P. M. Gallé is voor den tijd van eon jaar benoemd tot adjuncLdiraoleur bjj het Kon. Ned. Meteorologisch Instituut te Utrecht. In den ouderdom van 80 jaar is te Den Haag overleden du oud-kapitein ter zee W. H. Baron van Heerdt. Drankwet Met 1 Augustus treedt de bepaling van de Drankwet in werking, dat zonder ver lof in localiteiten geen wjjn, bier, limo nade, koffie of welke drank ook zal mogen worden getapt of geschonken. De aanvraag wordt ter openbare kennis gebracht en ieder heeft het recht binnen twee weken, nadat de bekendmaking is geschied, schriftelijke bezwaren bjj Burgem en Wetb. in te brengen. De proeven voor het brevet van seiner der le klasse bjj de zeemacht wor den afgenomen te Amsterdam na het door- loopen der opleiding aldaar. De examen-commissie is samengesteld, voor korporaal-seiner in Nederland, uit den chef van den dienst der draadlooze tele grafie, twee luitenants ter zee, waarvan een van de opleiding van seiners der lste klasse en een onderofficier, in Oost-Indië uit twee luitenants ter zee, die beiden een cursus in draadlooze telegrafie te Amster dam hebben doorloopen en een onderoffi- Minister Kraus. Minister Krans heeft weder het beheer van het departement van Waterstaat van miuister Veegens overgenomen. Verbrseding Ooaterdoksluis te Amsterdam. De tabriekscommissie der christeljjke metaalbewerkers heeft tot na toe ver zameld 25000 handteekeningen van Am sterdammers op een aan den raad te richten adres voor het verbroeden der Oosterdokslnis. In dat adres wordt er op gewezen dat het uitbljjven der verbree ding beteekent het in verval raken van rjjksmarinewerf, Nederlandsche scheeps bouwmaatschappij en Nederlandsche fa briek van werktuigen en spoorwegmate- rieel, waarbjj tevens het gezamenljjk per soneel dezer drie instellingen ten getale van 4000 moet te gronde gaan. Rembrandt op straat. Uit Amsterdam schrjjft men Nu wordt zjjn roem bevestigd in vele winkelkasten, onverschillig het bedrijf dat daarin zyn producten heeft uitgestaldnn roepen de kelen der venters zyn naam in alle straten waar schouwend volk loopt, dat misschien een «souvenir* wil De boekhandelaars giDgen voor, verbreiders van goeden en slechten smaak, met reproductiën, boekjes, kalenders, An sichtkaarten, tot in het oneindige. De sigarenwinkeliers volgden. Zjj bouwden pyramides van Rembrandt-sigaren en -sigaretten, en zetten daar bovenop als topbekroning zyn gekleurd gipsen beeld. Met hen wedy verden de banketbakkers en kruideniers, dank zy hun chocola-tabletten, elk bevattend een zjjner schilderyen in kleurendruk: Een handelaaar in lekker nijen liet »de Staalmeesters* naschilderen en ophangen in eene omgeving van zwart krip tusschen twee koperen kaarsen- kroontjes in heel stemmig, omdat we voor een doode feestvieren 1 En last not least verkoopt een modewinkelier van heden af speciaal bedachte Rembrandt-baretten voor dames. Maar daar bljjft hot nog niet by. Er is nu ook een volksdichter, oprecht Rembrandt- minnaar opgestaan. Zyn poflem, getiteld ■Feestlied ter gelegenheid van Het drie honderdjarig Herdenkingsfeest van Rem brandt van Rhjjn*, werd vandaag voor twee cent per exemplaar op straat verkocht, en roept onwillekeurig herinnering wakker aan Hahn's boekje, hoewel het aldus we willen der waarheid niet te kort doen geenszins bedoeld is. Hoort hoe hy zingt (wyze de Manne tjes-Schutters van Amsterdam) Heel netjes uitgedost, Met vroolyke gezichten, Gaan wjj naar 't Rembrandtplein Eerst onze schreden richten, Dan in een open bak, De straten rondgereden, Zingen op ons gemak Het Rembrandt-Feestlied mede. Hetwelk aldus luidt »Op mannen en vrouwen Zingt bly van geest, Op met uwe kinderen, Naar 't Rembrandt-Keest, Rrengt hem uwe hulde, Met zang en geschal, Want op zoo'n feestdag Is iedereen mal.* Idereen, behalve deze rjjrner. Da diamant industrie ta Amsterdam. In het officieel verslag der Kamer van Koophandel over den toestand van Am sterdam in 1905, lezen wy: »Uit verschillende opgaven kannen we vaststellen, dat over het jaar 1905 aan netto-loonen in de diamantnijverheid te Amsterdam ia uitbetaald f 21 000.000, waardoor, met inbegrip van molenhuur, schyvenschuren, het inkomen van commissi onnairs, kooplieden en fabrikanten, kan ge zegd worden, dat door den diamanthandel en njjrerheid dat jaar ongeveer f 26.000.000 vreemd kapitaal in Amsterdam is gebracht." Dit zyn respectabele cjjfers en wonder is het niet, dat steeds een overgroot aan tal jonge menschen dingt naar het zeer beperkt aantal betrekkingen, welke volgens overeenkomst tusschen den Bond en de Juweliers-vereeniging vantjjd tot tyd wor den toegankelyk gesteld. Blank en geel. Javaansche mannen en vrouwen die in de West niet konden aarden, zyn thans te Amsterdam. De menschen daar kunnen geen stap verzetten zonder te worden bemoeilijkt door op gyntjes beluste personen, en ook bemoeit zich een slag van volk met de bruintjes, dat afzettery der Oosterlingen beoogt. Men ontmoet ze arm in arm zwierend met kwartjesvinders, soutenears; het heele gezelschap geregeld stomdronken. 't Is zaak zegt „het Volk" o. ra. dat de politie de Javanen tegen zich zelf be schermt door hen aan het gezelschap dier „heeren" te ontrekken. B. en W. van Alkmaar hebben bjj openbare inschrijving aanbesteedhet boawen van een gemeente-slachthuis, op een terrein aan den Ryksweg van Alkmaar naar Helder, 46 inschrijvers. Laagste in schrijver E. Wienhoven te Schiedam voor f 149,300 A of f 148,000 B. De gunning is atragehouden. 700 pond spek verbrand. Vrijdagnacht brak een binnenbrandje uit by den slager Hoedjes, in de Schou tenstraat te Alkmaar. Drie politieagenten waren Bpoedig ter plaatse met de slangen- wa^en en bluschten den brand, die ontstaan was in het rookhok, met één slang op de waterleiding. Ongeveer 700 pond spek verbrandde of werd onbruikbaar. VisscheriJ-bericht. Urk, 18 Juli. In de week van 7 Juli tot heden zyn nog 20.000 stnks ansjovis aangebracht. Prjjs weder f 8.20 per dui zend stuks. De vangst is geëindigd. Te Scheveningen is ia de visaebere- haven, na een afwezigheid van vier weken teruggekeerd een sloep, die door den reeder H. den Dolk aldaar, ter haringrisscbery was uitgezonden. De bemanning bracht geen enkelen haring mede. Ter haringvisacherjj zjjnde, bewoerde het grootste deel der equipage, dat het vaartuig lek was, eu weigerde ronduit den schipper te gehoorzameu op zjjn bevel om de netten buiten boord te zetten. Men heeft den schipper gedwongen weer huiswaarts te keeren. Een deskundig onderzoek heeft nu plaats gehad eu vaD lekkage was niets te bespeuren dn gehele vleet ia o.a. kurkdroog uit het schip gelost. Als een eigenaardig maatschappelijk verschijnsel meldt de Z. Ct., dat gisteren het toelatingsexamen voor het gymnasium te Zutphen werd afgelegd door acht meisjes en slechts drie jongens. Fruitteelt. Behalve de groote boomgaarden, met verschillende' soorten appels- en pereboo- men treft men ten Zuiden der Streek ook zeer groote besseotuinen aan. Als een bewjjs dat zoo'n tuin nog al iets kan op brengen, kan het volgende dienen, dat door een ingezetene te Hem dezer dagen 4000 pond zwarte bessen uit zyn tuin zjjn verkocht tegen 17 cent per l/« Behalve dit teelt bedoeld persoon ook nog eene belaugryke hoeveelheid roode bessen. De lezingen over de oorzaak van en de wyze waarop een ernstig ongeluk met de Vanguard motor-omnibus op den Hand- crossheuvel, by Crawley by Looden plaats bid, loopen nogal uitéén. De volgende lezing schynt de juiste te zyn De omnibus verliet 's morgens vroeg Londen, om te Orpington een gezelschap pleizier-reizigers op te nemen, in bet ge heel vier-en-dertig, die op één dag heen eu terug wilden naar Brighton. Den ge noemden heuvel afgaande, trachtte chauffear de remmen aan te zetten. De vaart was toen ongeveer twaalf mylen per uur. Het gewicht van den omnibus en de steilheid van den heuvel schenen te veel te eischen van de remmen, die plotseling braken, zoo dat de bus met razende snelheid den henvel afvloog. De chauffeur deed zjjn best koers te houden, doch was daartoe niet by machte, en de bus, overhellende naar één zjjde, rende tegen een boom, met zooveel kracht, dat deze aan splinters vloog. Toen moet de vaart minstens vjjftig mylen per uur geweest zyn. Het tooneel na de hoteing was te ver schrikkelijk om te beschrjjven, volgens een dsr overlevenden. Een half doxjjn menschen was op slag dood, de anderen waren bjjna allen zwaar gewond. Het gekerm en ge steun was hartverscheurend. Volgens de laatste opgave waren acht menschen dadelyk dood, twee werden zoo ernstig gewond, dat er niet aan herstel te denken is, terwyl een twintigtal min of meer zwaar gekwetst werden. Een sensationeel proces is te Weenen gevoerd over den moord op de keukenmeid Marie Baier, gepleegd door twee kellnerinnen van hetzelfde restaurant waar de verslagene in betrekking was, Frederika en Marie Zeiler. De hoofdschul dige bleek Frederika te zyn. Zjj had een verbintenis met een operazanger, Prochaska fenaamd, en deed al het mogelyke om ezen uit eigenbelang aan zich te hechten. Daarvoor had zjj reeds op min of meer frandulense wyze 1400 fiorynen geleend en toen zjj vemam, dat Marie Baier een fortuintje van 10.000 fiorynen uit de loterjj getrokken had, rypte in haar het plan om zich dit toe te eigenen en Marie Baier te vermoorden. Zy wist haar zuster Marie over te halen haar daarby behulpzaam te zyn. De keukenmeid wilde van haar kleine vermogen gaan rentenieren en zegde daarom haar betrekking op. De kellnerin nen wisten in haar vertrouwen te dringen eu lokten haar mee naar Styrië, vanwaar zy afkomstig waren. By nacht gingen zy te voet door de bergachtige landstreek Raxe en daar werd de misdaad gepleegd. Achter elkaar liepen zjj langs een smal rotsachtig pad, toen Frederika, die de laatste was, de voor haar loopsnde Marie Baier plotseling van een style boog'» wierp, zoodat zy doodviel. Men vond het ljjk eerst eenige dagen later, maar niemand herkende het, want de verslagene was voor het eerst van haar leren in deze landstreek gekomen. Te Weenen merkte men de vermissing van Marie Baier niet dadelyk op, omdat Frederika Zeiler daar heen teruggekeerd was, de woning betrok ken had, die zy voor de gewezen keukenmeid had gehuurd en zich geheel voor Marie B&ier uitgaf. Toen zy evenwel trachtte bet vermogen van de vermoorde te lichten, dat voorloopig op de spaarbank was belegd, kwam het bedrog uit en de beide zusters Zeiler werden, verdacht van moord gear resteerd. Frederika legde voor de rechters een volledige bekentenis af en deed al het mogeljjke om haar zuster Marie te reddent door haar als geheel onkundig van het misdadige voornemen voor te stellen. De rechtbank veroordeelde Frederika ter dood en Marie tot 18 maanden gevangenisstraf. Prochaska, die als getuige verscheen, werd gedurende de zitting gearresteerd, verdacht - "itigheid. Rembrandt. l)e jongen die op 15 Juli 1606, (of misschien 1607), te Leiden geboren werd uit het huwelijk van Harmen Gerritu, (die naar zjjn woon plaats en molen aan den Ouden Uhijn ,Van Rhjjn* genoemd word) en Neeltje Willoins van Zuydtbroeck, zag als levensperiode voor zich uitverkoren den tyd toen de Republiek der Vcreenigde Nederlanden zioh in de volle kracht harer jonge jeugd bevond. Aanvankelijk bestemd voor de studie, toonde hij reeds vroeg een ongsmsszs aanleg voor de schilderkunst. Na een korten leertijd bjj den Leidschen schilder en burgemeester Jacob Isaiiesz, van Swanettbnrg, zette hjj zyne studie voort in het atelier van Pieter Lastman, eea Hollander, die Uome had bezocht, leerde by hem vooral op het gebied der compositie en lichtwerking veel, wat later in zyne werken tot uiting zou komen en vestigde zich, na zyn terugkeer uit Amsterdam, weder in zjjn geboortestad, om daar zelfstandig de knnst te beoefenen. De roem van zjjn schilder- en etswerk drong spoedig door tot in Amsterdam. In 1681 vestigde hy er zich. Zjjne ver wachtingen werden niet teleurgesteld. Oi.- middeljjk vloeide het werk hem van alle kunten toe, de ryke burgerij stelde er een eer in, door hem geportretteerd te worden. De talryku portretten, die hy in dien tijd maakte, zijn voor hum even zoovele pro- bleemenbjj zocht de mcnschenzielen t«- doorpeilen, in te dringen in hnn levenssfeer, hen op het doek to brengen niet alleen naar hun uiterlijke verschijning, maar ook naar hun innerlijk leven. Twee belangryke opdrachten, hem in dien tijd gedaan, gaven hom gelegenheid syn volle kunnen te ontplooien. De eerste betrof het portret van dc leden van het Amster- damsche Chirurgjjnsgilde, later bekend als •de Anatomische les van professor Tulp-, de andere het uitrukken van het vewk-l van Banning Cocq, heer van Purmerlaiid, een stuk dat onder den naam ,de Nacht wacht* wereldberoemd is geworden. In deze beide stokken, het eerste behoo- rendc tot d. giM., het tweede tot de schut ters tukken, reeds schitterend door de schoon heid van figuren en dótails op zich zelf, kwam een geest tot uiting, die zich verre boven het reeds hoogstaande niveau der toenmalige schilderkunst verheft, door de dramatische kracht, die er uit spreekt. Vóór Rembrandt's tjjd waren er gilden- en sckntterstnkken bij menigte gemaakt, maar geen zooals deze. In de Nachtwacht intus- schen had hy naar het oordeel zjjner tjjdgu- nooten U veel opgeoflerd aan den totoal-in- druk en u tetr verzuimd de af te beelden personen elk als een aisonderljjk portret te behandelen. Deze critiek kwam hom te staan op een dwaling in de gunst van het publiek, het krui dj e-roer-mjj-niet waar het materieel* be staan van den kunstenaar maar al te veel van afhangt. De portretbestelliagen verminder den, en hjj was meer dan vroeger aangewe zen op dc opbrengst van den verkoop zjjner etsen en schilderijen- Zijne groote zorgeloosheid en onnadenkend heid in geldzaken een eigenschap die on afscheidelijk schijnt van hel genie zjjn toomloose sushi tot het BoUusSioasBVsn van kostbare voorwerpen, (schilderyen, beeldhouw werken, etsen, gravures, wapens, instrumen ten, kostbaarheden, rariteiten enz,) en de aankoop van een huis terwyl hjj slechts een klein deel van de koopsom in contanten be zat, verhaastte zjjn financieelen ondergang. In 1658 werd hjj failliet verklaard, zijn inboedel, zjjn huis en zyn collecties kwamen onder den hamer, en als een berooid man stond hjj, 50 jaar ond, zonder middelen, failliet en insolvent, voor de noodzakelijkheid FEUILLETON. Vrjj bewerkt door AMO. in Dit was de inbond van het noodlottige pakket. Met het hoofd op de gekruiste armen rustende, zat Percival bjj de tafel en kermde, terwjjl onbeschrjjfeljjk leed zjjn hart ver schoorde. r Als dit waar is als dit alles bljjkt waar te zjjn dan moet ik Gwen dolin verliezen.' Dien geheelen nacht bluaf Percival ten prooi aan de onbeschrjjfeljjk bange smart, hem bereid door de groote teleurstelling, welke alle hoop zjjns levens vernietigde. Doch de eenige woorden, waarin zjjne smart uitdrnkking vond, waren .Ik moet Gwen- dolin verliezen.* Evëhals zjjn oom aarzelde hjj echter niet in de keuso van den te volgen weg. Hjj zou alles onderzoeken, elk bewjjs toetsen en wanneer zjjn vrees werd bewaarheid, wan neer alles waar bleek te zjjn, dan zon hjj liever afstand doen van eeretitels en rijk dommen, dan ten onrechte den gravenkroon van Asherton op zjjn hoofd te laten drukken. Den volgenden morgen werd Mr. Gale ontboden en geraadpleegd. De ontsteltenis van den advocaat was inderdaad zeer groot. rDit MsWlóa al ta rnunsta—htigi' zeide hjj. «Ik denk, dat het verstand van lord Kichard onder den invloed zjjner ziekte was verzwaktik ben er van overtuigd dat die vioolepelende en schilderende buitenlander uiet de wettig* zoon van lord Henry was. Dat zal ik nooit gelooven. Geen enkele recht - bank in geheel Engeland zoa dit als wettig bewjjs erkennen, en andors souden wjj eiken daim gronds aan de tegenpartjj be twisten. Hoe jammer, dat lord Richard al dien onzin aan het papier heeft toovertrouwd En in zjjne gedachten voegde Mr. Gale er bjj«Hoe jammer, dat Percival Craven zoo'n dwaas is, dat hjj die gebeurtenissen niet ge heim houdt ,Mr. Gale,* sprak Percival, zonder acht te slaan op de woorden van den advocaat, gjj zult zeker wel begrijpen, dat mjjn toe stand op dit oogenblik ondrageljjk is on dat ik geen minuut wil laten verloren gaan om deze zaak tot klaarheid te brengen. Wees zoo goed deze stnkken unmidddïyk over te schrjjven on »aar Schotland te vertrekken teneinde de waarheid of echtheid te onder zoeken. Bjj uw terugkeer naar Londen moet ge hot oordeel vragen van het opperste ge rechtshof. Mochten de rechten van mjjn neef onbetwistbaar sjjn, dan bljjft mjj niets over om te doen dan de onrechtmatige positie te verlaten en 't testament openbaar te maken, waarin aan mjj een jaargeld wordt toe gekend.* Er is een ding in uw voordeel, mylord. Ondersteld, dat al deze bewjjzen echt blijken te zjjn, dan bljjft toch nog de vraag naar den rechten persoon. Wie kan bewjjzen, dat die Enrioo Cellini één en deselfde persoon is als bet kind van Henry Asherton Bjj dien grooton afstand en zulk een lang tijds verloop en bjj bet ontbreken van alle levende getuigen, zal dit bewjjz moeiljjk geleverd kunnen worden. Wie kan bewjjzen, dat hjj niet een ander persoon is? En hoe dan met die twee jaren, welke op zee sjjn doorgo- Dat is reeds door mjjn oom onderzocht en geheel overeenkomstig do waarheied be vonden ik wil dit pnnt volstrekt niet meer aanroeren, Mr. Gale. Er is nog een papier, dat niet vermeld staat in don brief, en dat levert het bewjjs, dat mjjn overleden 'oom zelf te Palermo onderzoek hooft gedaan alles de waarheid bleek to zjjn, wat de knecht hem gezegd had. Er zjjn ook ver klaringen van het scheepsvolk van het ver ongelukte schip en van het tweede schip, waaruit duideljjk bljjkt, dat Enrico Cellini de ware persoon is en geen verwisseling heeft plaats gehad. Met vurig verlangen heeft mjjn oom geoocht naar bewjjzen om de aan spraken van mjjn neef voor ongeldig te kannen honden, maar hjj heeft ze niet kannen vinden. Hjj heeft die aansprmkon later niet meer betwjjfeld en ik zal er nooit in toestemmen, dat ze nu ia twjjfel getrokken Dan neemt ge den grond onder aw eigen 'ten weg, rajjnhoerl* sprak Mr. Gale boos. Hjj gebruikte nu deu titel «mylord* niet. ,Dzt vrees ik zelf ook, Mr. Gale! Maar als er eenige hoop mocht zjjn of twjjfel maar eorljjk dan verwacht ik, dat gjj mjj uw bjjstand zult verleunen.* «Zeer gaarne, zeer gaarne, mylord 1' ant woordde Mr. Gale eenigszins tevreden ge steld. *2k zal niets onbeproefd lzUtn en ik hoop ernstig dat het ons moge galakken die aanspraken ongeldig te maken. De oude lord werd mot veel staatsie bo- hjj in den familiekelder bjjgexet, keerde Mr. Gal* terug met de bevestiging van alles, wzt lord Richard had beleden, Encrico Cellini of beter ge zegd Henry Craven was onbetwistbaar de erfgenaam van den titel en de bezittingen der familie Asherton. Eu toen Percival alleen was, kermde hjj zacht, maar hartverscheurend-Ik moet Gwendolin verliezen! Ik moet Gwendolin verliezen VI. Lady Gwedolin Lascelles, de jongste doch ter van den markies van Avon more, werd in die laatse d-gea beschouwd als de onder de schoonen van Engeland, en lieftallige beminneljjkheid werd door geroemd. De jonge heeren uit de voornam* Londensche wereld gingen naar de opera, alleen om nn en dan bjj het rondkjjken een blik op de schoone dame te kunnen werpen. Familie van bniten, die Londen eens kwam besoeken, werd naar het Hydepark gebracht om lady Gweadolin in haar rijtuigje *ien, wanneer zjj rondreed als 't beweeg ljjk mid delpunt vzn aller blikken. Als er een avondpartij werd gegeven, sorgdo men om in het voorste gelid to komen, wanneer bet ryfuifi Tan '^y Avonmore op komst was. Lady Gwendolin regeerde als koningin der schoonheid. De dames in het geslacht Lasoellca waren schoon bjj erfeljjkheid, evenals die uit de familio Medici, doch in begaafdheid en ver stand evenaarden zjj volstrekt niet aan de dames vzn het bedoelde Italiaan sche geslacht. De oudste dochter van lord Avonmore was getrouwd met oen buitenlandschen prins de tweede dochter met een Schotse ben her tog, en de jongste, teven* de schoonste van de drie, was zooals wjj weten verloofd met Percival Craven, den erfgenaam van Asherton. Ach, Percival begreep maar al te goed, wat het gevolg sou wezen vzn sjjn maat- zchappeljjken val. Wal Gwendolin's zouden zeggen, dzt wist bjj reeds vooruit, hoe zou Gweadolin zelve zich houden onder deze beproering? Ziedaar de vraag, die hem haar vertrouwen in In dat sterke, Twee dagen na de begrafenis van zjjn vervoegde Percival Craven zioh te in ten huize vzn lord Avonmore. Hjj was bekend mot de gewone wjjze van het gezinlady Avonmore toonde zich nooit vóór twaalf unr; dolin ontbeet gowoonljjk vroeg in den met haar vader en maakte vervolgens met hem een rjjtoer in de omstreken der stad. Percival kooe dus den tjjd voor sjjn bezoek zóó, dzt zjjn verlooide weder thnis moest zjjn en hjj haar alloen kon spreken. Hjj behoefde in dit huis geen naamkaartje* te tooneniedereen kende hemook de kleine page, die voor hem de deur vaa Gwendolin's zitkamer opende en hem aan diende met de woorden»De graai vaa Asherton.' Gwendolin stond met den rug naar de deur gekeerd, bjj eon groote kooi met ver schillende vogels en hield eon prachtige, witte lelie in do hand. Zjj had groote liefi- hebberjj in vogels en bloemon. Zjj had haar rjjoostanm °°g uo, doek baar hoed, sweep en handschoenen lagen op een tafel. Haar rijk T>®1 m bevallige wanorde over bare schouders. Zoodra zjj Percival'* nzzm hoorde, keerde zjj zich om met een gelaat, dat van vreugde straalde, deljjk toelachende, zeide zjj: .Wee* welkom lord Asherton, wee* welkom I' Doch Percivzl greep de handen niet, die hem zoo vriendeljjk werden toegestoken, in tegendeel hjj maakte een afwerend gebaar. Percival!* riep zjj verbaasd, eenigszins vorwjjtend uit, doch boos werd zjj niet, want haar liefde werd slechts geëvenaard door trouwe hart, waarin zjj een onbepaald ver trouwen stelde, kon de liefde niet verkoelen, dzt wist zjj, maar toch werd zjj onaange naam aangedaan en wilde de reden van sjjno handolwjjso weten. Als verstjjfd van verbazing stond zjj een oogenblik stil. Toen riep zjj voor de tweede mzal«Percival Haar toon bracht hem tot besinning. Hjj nam hare handen in de zjjne en troonde hakr naast zich op de sofa. Daar zaten ze zjj aan zjj, en nn vertelde hjj, wat hjj haar zeggen moest: dat hjj geen graaf was, on dat hjj slechts vijfduizend pond sterling per jzar hmd om van te levea. Ach, Percival, wat spjjt mjj dat 1 Wat ■pjjt me dat om u, mjjn arme Percival I* Lieve Gwendolin, dit brengt toch verandering in je liefde voor mjj, niet waar Verandering in mjjne liefde? Waarom sou mjjne liefde veranderen Gjj waart Percival Graven toen wjj verloold werden, en gjj sjjt voor mjj nog steeds dezelide. Du* waarom sou dan myue Helde veranderen?* ,,Maar uw vader, uwe moeder!* Dat is ieU anders. Ja, zjj sullen wél veranderen in hunne plannen, en ik vree*, dat zjj ons nooit toestemming sullen geven voor ons huweljjk, Percival. Doch ik bljjt onveranderd dezelfde, mjjne liefde bljjft on veranderd nooit zal ik een ander man dan u tot mjjn echtgenoot nemen.' (Wordt vervolgd.)

Kranten Regionaal Archief Alkmaar

Vliegend blaadje : nieuws- en advertentiebode voor Den Helder | 1906 | | pagina 1