Helder, 12 Mei 1847. S C H U T T E R IJ. Helder, 15 Mei 1847. A A2TB E SSS D Iïr<£. BURGEMEESTER en ASSESSOREN tier Gemeente helder, verwittigen bij deze den daarbij belanghebbendendat de Kermis of Jaarmarkt in deze Gemeente, dit jaar zal aanvangen op j laandag den 5 Julij aanstaande, en dat de Loting voor de Kramers des Zaturdagavonds te voren aan het Raadhuis zal worden gehouden. Bedelaars en ha zardspelers zullen niet worden toegelaten. Burgemeester en Assessoren voornoemd: J. ir 'T V E L T. Ter ordonnantie van HEd. Achtb. J. SCHOON, Secr. De BURGEMEESTER der Gemeente Heldervestigt bij deze den aandacht op de Pulicatie betrekkelijk de oproe ping ter inschrijving voor da Schutterijwelke den 12den dezer heeft plaats gehad, met herinnering aan zoodanige ingezetenen, welke in den jare 1822 zijn geboren, of ouder zijnde, zich in vorige jaren niet hebben aangegeven, dat de inschrijving op den tersten Junij aanstaande wordt geslo ten, en de nalatigen aan de inschrijving, de daaruit voort- vtoeijende nadeelige gevolgen aan zich zeiven zullen te wijten hebben. De Burgemeester voornoemd J. ir 't VELT. Op Woensdag den 26 Mei 1847, des namiddags ten 2 ure, zal, onder nadere approbatie door den Staatsraad Gouverneur van de Provincie Noord-Holland, of, bij deszelfs absentie, door een der Leden van de Gedeputeerde Staten en in bijzijn van den Hoofd-Ingenieur van den Waterstaat aan het lokaal van het Gouvernement der Provincie te Haar lem worden aanbesteed lo. Het maken van een gedeelte OETERWERK aan het West- zaner Buitenland, 2o. Het BESCIIULPEN van den Weg in de Gemeente Hensbroek van af de grensscheiding tusschen die Gemeente en Opdam tot aan de Brug over de Ringvaart van den Heer Hugowaard, Deze Aanbestedingen zullen geschieden bij inschrijving en opbod. De bestekken op welke de bovengemelde Aanbestedingen zullen plaats hebben, zullen ter lezing liggen, boven en behalven aan het Gouverne ment van Noord-Holland, in de voornaamste Logementen en Kollijhuizen als te Amsterdam in het Logement het Wapen van Medemblik op den Dam, in het Noord-Hollandschc Koffijhuis, in de Kalyerstraatin het Koffijhuis hel Vosje bij het plein van de afgebroken Beurs in het Logement het Harlinger Veerhuis op de Texelsche Kadein de Nieu we Stads Herberg aan het IJ, in de Beerebijtbuiten de Utrechtsche poort en in de Bil, op den hoek van het Haarlemmerplein,' te Haarlem, in de Kroon in het Noord-Hollandsche Koffijhuis cn in het Bossche Koffijhuis-, te Alkmaar, in deu Rood en Leeuwin de Toelast en in het Wapen van Haarlemte Hoornin het Ongemaakte Schip en in den Doelenaan den Helder, in het Heeren-Logemcnt-, te Nieuwe Diep, bij Ihnen en in het Logement den Burg te Medenblik en te Enkhuizen in den Valk-, te Purmerende in den Vergulden Roskam; te Monnekendam, in den Doelen; te Edam, in het Heeren Logement; te Weesp, in den Roskam; te Muiden, in het Hof van Holland; te Naarden, bij Jurris- sente Utrecht, in den Nieuwen Bak; te Sliedrecht, in het Regthuis te Zaandam, in den Otter-, te Buiksloot, in het Roode Htrtop het Eiland Wieringen te Hippoliius Hoef, en op het Eiland Texel, aan het Oude Schildia de Zeven Provinciën, Zullende acht dagen vóór de aanbesteding de noodige aanwijzing in lo co geschieden, en wijders nadere informatien te verkrijgen zijn bij den Hoofd-Ingenieur Ede Kruijffte Haarlem, bij den Ingenieur A. B. Mmtz te Purmerende, omtrent bet eerstgemekleen bij den Ingenieur J. Orttte Alkmaar, aangaande het andere werk. BUITENLANDSCHE BERIGTEN. B E L G I E. BRUSSEL, 12 Mei. De Koning is naar Wiesbaden ver trokken. De Koningin heeft Z. M. tol Verviers uitgeleide gedaan. Over de ijzerbaan terugkeerende heeft de trein, op welke H. M. zich bevondbij het oprijden van de boog ie van Ans, eenen van Brussel komenden trein ontmoet, en zijn beide met een vreesselijken schok legen elkander aan gesloten. Verscheidene rijtuigen zijn daarbij verbrijzeld. De Koningin is onbezeerd gebleven, en op Laeken teruggeko men. De generaal Chazal is zwaar gekwetst en wordt te Luik verpleegd, even als een hoffourier, welken een arm is gebroken. De generaal dHane is aan het hoofd gewond. De van Brussel komende reizigers zijn wel door elkander geworpenmaar niet bezeerd. Naar do oorzaken van dit onheil is, gelijk ligtelijk kan worden vermoed, een naauw- keurig onderzoek bevolen. P R U I S S E N. BERLIJN, 6 Mei. Bij gelegenheid der aardappel-onlusten alhier had het volgende voorval plaats: Op de gendarmen- markt waren vele zakken aardappelen door het volk geroofd geworden. Men ging aan het deelener werd een kring gevormdin het midden daarvan plaatste zich de woordvoer der, vulde zijne muts met aardappelen en gaf ieder eene maat daarvan te beginnen met grijsaardsdaarnaar oude vrou wen, eindelijk aan kinderen. De armoedigst gekleeden kre gen het eerst hun deel, de jongsten en krachligslen het laatst. Toen te Berlijnbij gelegenheid der bovengemelde onlusten, een bakker voor het toeslroomend volk zijne deur sloot, riep hem een straatjongen (een Belijner gamin de Paristoe: Geef het brood maar door het sleutelgat Het brood was bij het stijgen in prijsafgenomen in grootte. BO HEMEN, PRAAG, 2 Mei. Volgens bijzondere mededcelingen zijn de plaatsen KommolauEger en Leitmeritz mede de loo- neelen van volks-oploopen geweest, vooral tegen buitenland- sche graankopers. Uit Eger vervolgde men hen met steen worpen, enz. lot aan Waldassen en te Leitmerijz 'sneed men eend koren-speculant de beide ooren af!Ook le Aussig vreesde men voor onlusten. In het Reuzengebergte mengt men meel met tarwe-stroo hakseldooreen enwaar ook dit ontbreekt, voedt men zich met tot poeder gestampt hooi en meel van haver. In de omstreken van Traulenau wordt het paardevleesch verkocht legen 2 tot 3 kreutzer het pond. Het gebeurde wijders, dezer dagen, dat een boer eene koe was afgestor ven naauwelijks had de vilder de huid van hel beest ge stroopt, of het volk viel als op hel vleesch en de koe was verdeeld en verdwenenvoordat de politie het wist.- Op onderscheidene plaatsen vindt men kinderen (sommigen van 2 tot 3 jaren)welke door de ouders (zekerlijk uil armoe de) zijn verlaten geworden.

Kranten Regionaal Archief Alkmaar

Weekblad van Den Helder en het Nieuwediep | 1847 | | pagina 2